donatieknop english

Vanmiddag vindt in de Tweede Kamer een belangrijk debat plaats over de invoering van Passenger Name Records (PNR): massale, jarenlange opslag van allerlei gegevens van vliegtuigpassagiers ter veronderstelde bestrijding van misdaad en terrorisme. Privacy First heeft hier grote bezwaren tegen en stuurde eind vorige week onderstaande brief naar de Tweede Kamer. Het Kamerdebat vanmiddag stond eerder geagendeerd op 14 mei 2018, maar werd toen (na een vergelijkbare brief van Privacy First) tot nader order geannuleerd. Na een nieuwe schriftelijke vragenronde vindt het debat nu alsnog plaats. Hieronder volgt de volledige tekst van onze actuele brief:


Geachte Kamerleden,

Maandagmiddag 11 maart as. debatteert u met minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) over de Nederlandse implementatie van de Europese richtlijn inzake Passenger Name Records (PNR). Zowel de Europese PNR-richtlijn als de beoogde Nederlandse implementatiewet zijn in de optiek van Privacy First juridisch onhoudbaar. Hieronder zetten wij dit kort voor u uiteen.

Vakantieregister

In het PNR-wetsvoorstel van de minister zullen talloze gegevens van alle vliegtuigpassagiers met vertrek of aankomst in Nederland 5 jaar lang in een centrale overheidsdatabank bij de nieuwe Passenger Information Unit worden bewaard en gebruikt ter voorkoming, opsporing, onderzoek en vervolging van misdrijven en terrorisme. Gevoelige persoonsgegevens (waaronder naam- en adresgegevens, telefoonnummers, emailadressen, geboortedata, reisdata, ID-documentnummers, bestemmingen, medepassagiers en betaalgegevens) van vele miljoenen passagiers zullen daardoor jarenlang beschikbaar zijn t.b.v. datamining en profiling. In wezen wordt iedere vliegtuigpassagier hierdoor behandeld als potentiële crimineel of terrorist. In 99,99% van de gevallen betreft het echter volstrekt onschuldige burgers, voornamelijk vakantiegangers en zakenreizigers. Dit vormt een flagrante schending van hun recht op privacy en vrijheid van beweging. Vorig jaar heeft Privacy First dit reeds betoogd in de Volkskrant en bij BNR Nieuwsradio. Wegens privacybezwaren bestond er de laatste jaren veel politieke weerstand tegen dergelijke massale PNR-opslag en werd dit sinds 2010 diverse malen verworpen door zowel de Nederlandse Tweede Kamer als het Europees Parlement. In 2015 waren ook de Nederlandse regeringspartijen VVD en PvdA nog mordicus tegen. VVD en PvdA spraken destijds van een "vakantieregister" en dreigden zélf naar het Europees Hof van Justitie te stappen als de Europese PNR-richtlijn zou worden aangenomen. Na de aanslagen in Parijs en Brussel leken veel politieke bezwaren echter als sneeuw voor de zon verdwenen en werd de PNR-richtlijn in 2016 alsnog een feit. Tot op heden is de juridisch vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit van deze richtlijn echter nog steeds niet aangetoond.

Europees Hof

In de zomer van 2017 deed het Europees Hof van Justitie een belangrijke uitspraak over het vergelijkbare PNR-verdrag tussen de EU en Canada. Het Hof verklaarde dit verdrag ongeldig wegens strijd met het recht op privacy. Het Hof stelde hierbij onder meer dat “gegevens van een luchtreiziger na diens vertrek slechts mogen worden bewaard indien op grond van objectieve criteria kan worden aangenomen dat deze luchtreiziger een risico kan vormen in het kader van de strijd tegen terrorisme en ernstige grensoverschrijdende criminaliteit.” (Zie Advies 1/15 (26 juli 2017), par. 207.) Door deze uitspraak staat sindsdien de Europese PNR-richtlijn juridisch op losse schroeven. De Nederlandse regering heeft daarom terechte “zorgen over de toekomstbestendigheid van de PNR-richtlijn” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 23). Privacy First verwacht dat de huidige PNR-richtlijn binnenkort ter toetsing aan het Europees Hof van Justitie zal worden voorgelegd en onrechtmatig zal worden verklaard. Daarna zal dezelfde situatie ontstaan als enkele jaren geleden bij de Europese telecom-bewaarplicht: zodra deze Europese richtlijn ongeldig is verklaard, zal de Nederlandse implementatiewetgeving in kort geding buiten werking worden gesteld.

Massa surveillance

Het huidige Nederlandse PNR-wetsvoorstel lijkt bij voorbaat onrechtmatig wegens gebrek aan aantoonbare noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit. Het wetsvoorstel komt neer op massa-surveillance van grotendeels onschuldige burgers; reeds in de Tele2-zaak (2016) verklaarde het Europees Hof dit type wetgeving illegaal. Bij de VN Mensenrechtenraad deed Nederland vervolgens de algemene toezegging “to ensure that the collection and maintenance of data for criminal [investigation] purposes does not entail massive surveillance of innocent persons.” Nederland lijkt die belofte nu te verbreken. Bij iedere passagier worden immers talloze volstrekt overbodige data opgeslagen die jarenlang door allerlei Nederlandse, Europese en zelfs niet-Europese overheidsinstanties kunnen worden gebruikt. Bovendien is de effectiviteit van PNR tot op heden nooit aangetoond, aldus ook de minister zelf: “statistische onderbouwing is niet voorhanden” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 8). Het risico op onterechte verdenkingen en discriminatie (door feilbare algoritmes bij profiling) is bij het voorgestelde PNR-systeem levensgroot, wat tevens de kans op vertragingen en gemiste vluchten bij onschuldige passagiers verhoogt. Tegelijkertijd zullen gezochte personen vaak onder de radar blijven en alternatieve reisroutes kiezen. Verder wordt in het wetsvoorstel met geen woord gerept over de rol en mogelijkheden van geheime diensten, terwijl die onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten directe, afgeschermde toegang tot de centrale PNR-databank zullen krijgen. Meest kwalijke aspect aan het Nederlandse PNR-wetsvoorstel is echter dat dit twee stappen verder gaat dan de PNR-richtlijn zelf: Nederland kiest er immers zélf voor om ook de data van passagiers op alle intra-EU vluchten op te slaan. Onder de PNR-richtlijn is dit niet verplicht, en had Nederland dit bovendien kunnen beperken tot louter vooraf geselecteerde (risico)vluchten. Dit zou in lijn geweest zijn met het advies van de meeste experts op dit terrein: targeted i.p.v. mass surveillance, zo gericht mogelijk, oftewel louter gericht op die personen waarop een redelijke verdenking rust, conform de principes van onze democratische rechtsstaat.

Advies Privacy First

Privacy First adviseert u hierbij met klem om het huidige wetsvoorstel te verwerpen en dit desgewenst te vervangen door een privacyvriendelijke versie. Mocht dit ertoe leiden dat Nederland door de Europese Commissie voor het EU Hof van Justitie zal worden gedaagd wegens gebrek aan implementatie van de huidige Europese PNR-richtlijn, dan verwacht Privacy First dat Nederland deze zaak glansrijk zal winnen. Van EU-lidstaten mag immers niet worden verwacht dat zij privacyschendende EU-regels implementeren. Dit geldt eveneens voor de nationale implementatie van relevante resoluties van de VN Veiligheidsraad (in casu UNSC Res. 2396 (2017)) die op gespannen voet staan met internationale mensenrechten. Privacy First heeft in dit verband reeds gewaarschuwd voor misbruik van het Nederlandse (ook voor PNR gebruikte) TRIP-systeem door andere VN-lidstaten. Nederland heeft hierin een eigen grondwettelijke en internationaalrechtelijke verantwoordelijkheid.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Hoogachtend,

Stichting Privacy First


Update 19 maart 2019: vandaag heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel helaas vrijwel ongewijzigd aangenomen; slechts GroenLinks, SP, PvdD en Denk stemden tegen. Een principiële motie van GroenLinks en SP om een rechtszaak van de Europese Commissie tegen de Nederlandse regering over de Europese PNR-richtlijn uit te lokken werd helaas verworpen. Enig lichtpuntje is de breed aangenomen motie ter juridische herbeoordeling en mogelijke herziening van de PNR-richtlijn op Europees politiek niveau. (Slechts PVV en FvD stemden tegen deze motie.) Volgende halte: Eerste Kamer.

Gepubliceerd in Wetgeving

Hof Amsterdam wijst nieuwe zaak tegen kentekenparkeren desondanks af. Privacy First bezint zich op vervolgstappen.

In het hoger beroep van de voorzitter van Privacy First tegen kentekenparkeren heeft het Hof Amsterdam het helaas niet aangedurfd om kentekenparkeren en het gebrek aan contante (anonieme) betaalmogelijkheid onrechtmatig te verklaren, zo bleek eind vorige week (pdf). Weliswaar onderkent het Hof expliciet “het belang van handhaving van de mogelijkheid om contant te betalen” en verwijst het Hof daarbij ook naar instanties zoals de Nederlandsche Bank (DNB) die dit belang eveneens onderschrijven. Tegelijkertijd stelt het Hof echter dat de huidige wetgeving de (gemeentelijke) overheid niet zou verplichten om contante of anonieme betaling van parkeerbelasting mogelijk te maken. Het Hof verwijst hierbij o.a. naar een verouderde uitspraak van de Hoge Raad uit 2005 en naar oude, summiere Europese wetgeving. Het Hof Amsterdam oordeelt tevens dat het verouderde (nationale) Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen (2001) geen recht op een anoniem betaalmiddel impliceert. Niettemin suggereert het Hof dat anonieme betaling mogelijk zou zijn middels een ongeregistreerde prepaid creditcard. Privacy First acht dit oordeel (inclusief laatstgenoemde suggestie) van het Hof Amsterdam onjuist en overweegt juridische vervolgstappen richting zowel de Hoge Raad als het Europees Hof van Justitie. Privacy First voelt zich hierbij gesterkt door de actuele maatschappelijke discussie en recente politieke oproepen om contant geld te handhaven en contante betalingsmogelijkheden te verbeteren, met name ook bij lokale overheden. Onlangs nam de Tweede Kamer hier unaniem een motie over aan. Verdere parlementaire moties en mogelijke wetswijzigingen ter behoud en versterking van contant geld liggen in het verschiet.

Gebrekkig oordeel Hof Amsterdam over rechtmatigheid van kentekenparkeren

Over de rechtmatigheid van (het systeem van) kentekenparkeren oordeelt het Hof Amsterdam niet eenduidig: eerst oordeelt het Hof dat kentekenparkeren als zodanig een “niet-verboden inmenging” in het recht op privacy vormt, waarmee het Hof dus enerzijds erkent dat sprake is van een inmenging (inbreuk), maar dat deze niet verboden zou zijn. Vervolgens overweegt het Hof echter dat überhaupt geen sprake zou zijn van een inmenging, om vervolgens alsnog “hypothetisch” te oordelen dat de betreffende inmenging gerechtvaardigd zou zijn en dus geen schending (ongerechtvaardigde inbreuk) op het recht op privacy zou vormen. Privacy First acht deze argumentatie onbegrijpelijk en vooral ook onjuist. Het Hof toetst bovendien nauwelijks (en foutief) aan noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit, terwijl deze hele zaak daar nu juist om draait. Daarnaast laat het Hof talloze ingebrachte bezwaren tegen kentekenparkeren onbenoemd, waaronder het gebrek aan een specifieke, met privacywaarborgen omgeven rechtsbasis voor kentekenparkeren in nationale wetgeving, het feit dat parkeerdata voor andere doelen wordt gebruikt en kan worden misbruikt (function creep), het feit dat "efficiency" geen juridische rechtvaardiging kan vormen voor inperking van het recht op privacy, etc.

Invoering van kenteken bij parkeren blijft vrijwillig

In deze zaak staat een aantal nieuwe principiële rechtsvragen rond kentekenparkeren en het recht op contante betaling centraal. Door de huidige uitspraak van het Hof Amsterdam blijven dan ook de eerdere (door de Hoge Raad bevestigde) uitspraken dat invoering van het kenteken bij parkeren niet verplicht is, onaangetast. Kentekenparkeren is en blijft daarmee dus vrijwillig: een eventuele parkeerboete bij niet-invoering van een kenteken dient in bezwaar en beroep te worden vernietigd, mits de parkeerder kan aantonen dat voor het parkeren betaald is.

Recht op anonimiteit in openbare ruimte

Privacy First voert deze zaak ter behoud en versterking van het recht op anonimiteit in de openbare ruimte. Dit recht staat de laatste jaren in toenemende mate onder druk en dreigt inmiddels illusoir te worden. Indien nodig zal Privacy First deze zaak daarom voortzetten tot aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.


Lees HIER de hele uitspraak van het Hof Amsterdam d.d. 5 februari jl. in geanonimiseerde pdf (op 8 februari jl. door Privacy First ontvangen).

Update 3 maart 2019: de uitspraak van het Hof is inmiddels ook gepubliceerd op rechtspraak.nl. Privacy First beraadt zich nog op mogelijke vervolgstappen.

Gepubliceerd in Kentekenparkeren

De uitzending van De Wereld Draait Door van 28 januari jl. waarbij theatergroep de Verleiders aan tafel zat, zorgde voor een (hevige) discussie. In het aankaarten van de huidige thema’s die spelen is er door de theatergroep een creatieve vrijheid genomen. Privacy First is blij dat door deze opschudding het thema privacy weer op de agenda staat. In het gesprek werden een aantal prangende kwesties aangesneden die heden ten dage spelen en hoog op de agenda van Privacy First staan. Hieronder een kleine opsomming:


SyRI – Systeem Risico Indicatie

Het Systeem Risico Indicatie (SyRI) koppelt op grote schaal persoonsgegevens van onverdachte burgers uit databanken van overheden en bedrijven. Een geheim algoritme voorspelt vervolgens of zij een risico vormen om één van de vele wetten die het systeem beslaat te overtreden. Leidt de analyse van SyRI tot een risicomelding, dan wordt een burger opgenomen in het zogeheten Register Risicomeldingen, dat inzichtelijk is voor een groot aantal overheidsinstanties.

SyRI is een ‘black box’ die grote risico’s bevat voor de democratische rechtsstaat. Het is voor een burger die zonder enige aanleiding door SyRI kan worden doorgelicht, volstrekt onduidelijk welke gegevens daarvoor worden gebruikt, welke analyses daarmee worden uitgevoerd en wat hem of haar al dan niet tot risico maakt. Bovendien is de burger door de heimelijke werking van SyRI ook niet in staat om een onjuiste risicomelding te weerleggen. Over SyRI is de Staat gedagvaard door een grote coalitie die bestaat uit de Stichting Platform Bescherming Burgerrechten, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM), Stichting Privacy First, Stichting KDVP, de Landelijke Cliëntenraad (LCR) en FNV. Auteurs Tommy Wieringa en Maxim Februari hebben zich op persoonlijke titel als eisers bij de zaak aangesloten.

ANPR – Automatic Number Plate Recognition

Sinds 1 januari jl. is de Wet vastleggen en bewaren kentekens door politie (wet ANPR) in werking. Hierbij maakt de politie gebruik, op honderden locaties, van zogenoemde ANPR-camera’s. Door deze wet kunnen de kentekens van alle auto's in Nederland (oftewel ieders reisbewegingen) door middel van cameratoezicht vier weken in een centrale politiedatabank worden opgeslagen voor opsporing en vervolging. Iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte. Dit is totaal niet noodzakelijk, volstrekt disproportioneel en bovendien ineffectief. Deze wet is daarom in strijd met het recht op privacy en daarmee onrechtmatig.

Privacy First is in voorbereiding om de Staat te dagvaarden en deze wet door de rechter onrechtmatig te laten verklaren.

Onschuldpresumptie

Privacy First constateert dat in rap tempo wetgeving wordt geproduceerd die de democratische rechtsstaat aantast en die overheden, politie en geheime diensten steeds grotere bevoegdheden geeft. Waarbij steeds meer gegevens worden opgeslagen "voor het geval dat", in plaats van dat er een redelijke verdenking op een persoon is. De onschuldpresumptie is een rechtsbeginsel waar flink aan wordt getornd en dat bescherming behoeft.

Contant geld

Privacy First pleit al jaren voor de bescherming van contant geld; dit is immers het enige betaalmiddel dat anoniem is. Wij zien dat in steeds grotere mate contante betalingen niet meer worden geaccepteerd. In verschillende rechtszaken (zoals over kentekenparkeren) heeft Privacy First gepleit voor het behoud van contante betaalmogelijkheden.

PSD2 – Payment Service Directive 2

Vanaf begin 2019 wordt in Nederland PSD2 van kracht (Payment Service Directive 2). Met deze nieuwe Europese bankenwet kunnen consumenten hun bankgegevens delen met andere partijen dan hun eigen bank. Hiervoor moet de consument eerst uitdrukkelijke toestemming geven. Hierna moet de bank alle transactiedata van de consument (rekeninghouder) met een externe partij (financiële dienstverlener) delen voor een periode van 90 dagen, waarna de consument zijn toestemming kan vernieuwen. Tevens kan de consument zijn toestemming op ieder moment intrekken.

PSD2-keurmerk voor transparantie

Privacy First wil dat consumenten eerlijk en transparant geïnformeerd worden over wat er met hun gegevens gebeurt. In plaats van lange privacy-statements pleit Privacy First voor onafhankelijke informatie op één A4, waarbij door consumenten vastgestelde informatie wordt geboden. Consumenten kunnen immers zelf het beste bepalen welke informatie zij waardevol vinden bij het maken van een keuze. Gedurende 2018 werkte Privacy First aan dit initiatief samen met de Volksbank en andere partners uit de financiële sector.

PSD2-me-niet-register

Privacy First is verbaasd dat er geen aandacht is geweest voor de rol van “bijzondere persoonsgegevens” in transactiedata. Deze gegevens mogen alleen onder strikte voorwaarden gedeeld worden en moeten dus gefilterd kunnen worden. Ook consumenten die niet willen dat hun gegevens door anderen worden gedeeld met financiële dienstverleners moeten de mogelijkheid krijgen dit te voorkomen. Daarom wil Privacy First een opt-out register voor PSD2, vergelijkbaar met het bel-me-niet-register.

Gepubliceerd in Metaprivacy
woensdag, 02 januari 2019 14:57

Nieuwjaarscolumn Privacy First

Stand van zaken 

Een Nieuwjaarscolumn schrijven over de stand van zaken met betrekking tot privacy en de bescherming van een ieders persoonlijke levenssfeer valt me dit jaar zwaar. Op enkele lichtpuntjes na is de privacy in Nederland en de rest van de wereld in zeer zwaar weer terecht gekomen. Na de onthullingen van Snowden in 2013 leek de wereld wakker te worden geschud inzake het gebruik en misbruik door geheime diensten van ieders bewegingen op internet en online in het algemeen. Ook het toenemend aantal datalekken, hacks bij overheden en bedrijven zouden tot inkeer leiden dat grootschalige en centrale opslag van data niet de oplossing is. De Arabische lente in 2015 zou een grootschalige verandering brengen door het vrije gebruik van (social) media welke nog niet eerder vertoond was.

De Europese Unie stemde met succes tegen uitwisseling van data en reisbewegingen, bereidde de huidige AVG-wetgeving voor en leek onder aanvoering van het privacy-alerte Duitsland het lichtende alternatief voor de wereld te kunnen worden. Helaas liep het anders. Onder Obama werd Snowden weggezet als verrader, klokkenluiders moesten voortaan harder worden aangepakt, Julian Assange moest onderduiken en het vermoorden van verdachten zonder vorm van proces met drone-aanvallen werd op grote schaal ingevoerd. Buitengerechtelijke executies met collateral damage... terwijl de discussie over waterboarding ging... Dergelijke side-way discussies zijn inmiddels gemeengoed in de politiek alsmede het framen en blamen (vaak op de persoon in plaats van de inhoud) van de gepolariseerde tegenstanders in het debat.

Als wij vanuit Privacy First terugkijken op 2018 zien we een groot aantal gebieden waarin de privacy-afbraak duidelijk zichtbaar is:

Overheid & privacy

Dit jaar is het referendum inzake de Sleepwet gehouden en is vervolgens het referendum direct afgeschaft. In een tijd van ongekende technische mogelijkheden om referenda op velerlei wijze in te zetten in een shared democracy. Ongekend. Met het referendum is verder niets gedaan, de Sleepwet werd gewoon ingevoerd en een belangrijk rapport inzake het functioneren van de AIVD werd achtergehouden door de minister. Dat vindt men anno 2018 niet meer iets om zich druk over te maken en kan zonder consequenties gebeuren. Ook het recente Staatscommissierapport van Remkes zal wellicht in de welbekende la verdwijnen.

Angst voor behoud van positie en de politieke waan van de dag regeert in de incidentgedreven cultuur om geen fouten te maken bij de heren en dames “beroepspolitici”. Het woord zegt het al: eerst je baan of beroep en dan pas de vertegenwoordiging van de burger. Incidenten worden telkens uitvergroot om dwingende en verruimde wetgeving door te drukken. Zonder toetsing aan uitgangspunten zoals noodzaak & doelbinding, subsidiariteit en proportionaliteit. De overheid staat steeds verder van de burger, deze wordt niet vertrouwd maar wordt wel geacht volledig transparant te zijn voor diezelfde overheid. Een overheid die ook telkens weer zaken te verbergen blijkt te hebben voor de burger. Een overheid die vanuit de wetgeving verplicht is privacy te beschermen en zelfs te promoten, maar helaas zelf nog steeds de grootste privacyschender is.

Medische wereld & privacy

In deze hoek was het echt raak in 2018. Middels verschillende gecoördineerde media offensieven worden wij vanuit de EU en in de lidstaten bestookt met de voordelen van het afstaan van ons recht op lichamelijke integriteit en onze menselijkheid. Het delen van biometrische gegevens met de VS gaat onverminderd door. Verder was er de roep om verplichte DNA-databanken vanuit de politie, het verplicht vaccineren, het nut van smart medicijnen met chips en het verder uitfaseren van alternatieve geneeswijzen. Vervolgens de voorzichtige start met genetische tests van verzekeringsmaatschappijen, het steeds verder opheffen van het medisch geheim door zorgverzekeraars, de wet op orgaandonatie en de popularisering van het chippen van mensen (de cyborg als hoogste ideaal in de Silicon Valley propaganda), om maar een aantal zaken te noemen.

Wanneer wordt de burger verplicht gechipt? Alle (huis)dieren in de EU zijn u al voorgegaan. En dan nu weer het Elektronisch Patiëntendossier, eerst afgeschoten in de Eerste Kamer en via een omweg weer terug op de agenda bij de minister met ferme taal. Het wordt gewoon vanuit commerciële belangen door de strot geduwd bij de huisartsen en alternatieven zoals Whitebox worden niet serieus genomen. De invloed van Big Pharma middels lobby in overheidslichamen en zitting in overheidswerkgroepen is sterk voelbaar. In nauwe samenwerking met enkele ICT-bedrijven met hun ideaal van grote en gecentraliseerde netwerken en systemen. Hun kerstbonus en groei over de rug van onze vrijheid en welzijn.

Media & privacy

We kunnen “fakenews” natuurlijk niet overslaan. Belangrijk voor het hebben van privacy is dat je je eigen mening kunt vormen en dat je de mening van anderen respecteert en daarvan kunt leren. Tevens is een onafhankelijke pers aan linker- en rechterzijde van het spectrum essentieel in een democratische rechtsstaat. Deze heeft als taak de gekozen en ongekozen vertegenwoordigers uit de politiek en overheid te controleren op hun functioneren. De journalistiek en pers moet daarom tot in de haarvaten van de samenleving kunnen doordringen, met andere woorden van lokaal nieuws t/m landelijk en globaal nieuws.

Sinds het ontstaan van onze nieuwsgaring is op feiten gebaseerd nieuws al een lastige opgave. Persdienst, PR of propaganda is niet altijd gemakkelijk uit elkaar te houden. Ook in deze tijd van snelle technologische veranderingen met nieuwe mogelijkheden zullen deze weer tegen het licht van de principes van de journalistiek gehouden moeten worden. Daarin niets nieuws. Wat wel nieuw is, is dat de Europese Unie en onze eigen minister denken zich bezig te moeten houden met uitbestede censurering van nieuws via feitelijk bewezen onbetrouwbare, globale social media bedrijven.

Waar Facebook & Google zich in de rechtszaal moeten verantwoorden voor het verspreiden van Nepnieuws en censurering van accounts wordt de controle daarop aan hen uit handen gegeven door onze eigen overheid. De privacyschenders en nepnieuwsverspreiders als hoeders van onze privacy en journalistiek. De wereld op zijn kop. Deze minister en overheid ondergraven de rechtsstaat met deze uitbesteding en dedain voor de zelfdenkende burger. Tijd voor een structurele verandering van onze media vanuit nieuwe technologie zoals blockchain en een door de overheid op te zetten Mediabureau dat alle media subsidieert middels een bijdrage van de burger, op basis van hun bereik en leden. Alle media dus, ook de zogenaamde alternatieve media. In plaats van deze media weg te censureren.

Finance & privacy

Ook op financieel vlak is de uitholling van je privacy steeds meer een feit. Feit is dat de Belastingdienst al in detail het uitgavenpatroon kent van alle bedrijven en burgers. En nu via de nieuwe Sleepwet real-time deze informatie wettelijk gedekt kan doorspelen aan de diensten (de AIVD kijkt met u mee). Daarnaast wordt de introductie van een goedbedoeld initiatief als PSD2 volkomen ondoordacht en privacy-onvriendelijk ingevoerd; aan de basisvoorwaarden inzake het eigenaarschap van de bankdata (van de burger / rekeninghouder) wordt geen invulling gegeven. Simpele principes als selectieve deling van bankgegevens in type betalingspost of per periode zijn niet mogelijk. Ook worden betalingsgegevens van derden die geen toestemming geven meegezonden.

De campagne “cash = crimineel” gaat onverminderd door. Het recht op cash en anoniem betalen verdwijnt, ondanks waarschuwingen van nu ook DNB dat de rol van cash cruciaal is in onze samenleving. Onze opinie in brede zin is reeds eerder in ons publieksdebat over dit thema weergegeven. Een laatste ontwikkeling is verdergaande koppeling middels Big Data en profiling in de incasso- en overheidswereld. Het financieel afsluiten van burgers van het elektronisch geldsysteem als nieuwe vorm van boete in plaats van boetes betalen ligt steeds meer op de loer. In China wordt hier al volop mee geëxperimenteerd en ook binnen Europa gaan er stemmen op in deze richting, vanuit (vermeend) terrorisme. Het zal met andere woorden in de toekomst steeds lastiger worden je stem te verheffen en je te organiseren tegen machtsmisbruik van overheden en bedrijven: met 1 druk op de knop kun je niet meer pinnen, reizen of enige online handeling verrichten en ben je als elektronische paria verbannen uit de maatschappij.

Openbare ruimte & privacy

In 2018 is de privacy in de openbare ruimte steeds verder bergafwaarts gegaan. Waar Nederland te klein was 20 jaar geleden met de ID-plicht zijn alle overheden en gemeenten in Europa momenteel bezig met zogenaamde “smart” city concepten. Als je vervolgens vraagt wat de voordelen en het nut hiervan zijn anders dan dat de burger permanent in het vizier komt, wordt er vaag wat over verkeersproblematiek geroepen en dat de killer-applicaties pas zichtbaar worden als het netwerk van beacons er ligt. Er is met andere woorden geen enkel hard cijfer te geven inzake de noodzaak, subsidiariteit en proportionaliteit en al zeker niet afgezet tegen basale burgerrechten als privacy.

Om een greep te noemen:

  • ANPR wetgeving per 1 januari 2019 (alle vervoersbewegingen op de openbare weg 4 weken in een centrale politiedatabank)
  • Reis- en verblijfsdatabase van alle vervoersbewegingen van Europese burgers en kilometerheffing per 2023
  • Noodchips verplicht in elk voertuig met 2-weg communicatievoorbereiding (afluister- en volgapparatuur in de volksmond) per 1 januari 2019
  • Camera’s & 2-weg communicatie in de openbare ruimte, onder andere ingebouwd in straatlantaarns via invoering “Smart City”
  • Besluit tot extra camera’s in het openbaar vervoer per 2019
  • Invoering Smart City en invoering van unlimited “beacons” (klinkt zoveel beter dan elektronische concentratiekamp-palen)
  • Het koppelen van alle verkeerscentrales en meldkamers (ook beveiligingsbedrijven voor privé).

De burger wordt permanent gecontroleerd en in de gaten gehouden door onzichtbare en onbekende ogen.

Privédomein & privacy

Dat overheid en bedrijven graag een kijkje achter de voordeur willen nemen weten we al lang, maar de mate waarmee dit afgelopen jaar werd gepromoot is buiten elke proportie. Om te beginnen met de energiebedrijven, welke verplicht “slimme meters” door de strot van burgers duwen. Via een “afspraak voor het plaatsen van een slimme meter” waar je niet om gevraagd hebt is het vrijwel onmogelijk om uit de handen van de paarse krokodil te blijven. Na meerdere afzeggingen van mijn kant en telefoontjes naar Nuon bleven ze gewoon doorduwen. Ik heb er nog steeds geen en daar zal het ook bij blijven.

Dit jaar was wederom het jaar van Silicon Valley, waar enkele ongekozen dictatoriale bestuurders met de macht van landen, hun utopieën aan de burger willen wegzetten als trendy en modern. Zelfrijdende auto’s halen de autonomie en plezier van de burger weg (op miljoenen verkeersbewegingen per dag is het aantal ongelukken zeer klein) terwijl ieder kind al kan zien dat een mengvorm de enige optie is. Uitermate enge 1984 implementaties zijn de zogenaamde Smart Speakers van deze social media bedrijven. Ook de speelgoed wereld duikt met Smart Toys in deze enorme behoefte die we allemaal schijnen te hebben. Wat deze ontwikkeling gaat betekenen voor onze privacy laat zich raden. Manipulatie en afpersing middels zaken uit het privéleven zullen sterk toenemen, in combinatie met gemanipuleerde feiten en beelden.

Kinderen & privacy

Kinderen hebben de toekomst en bovenstaande zaken beloven niet veel goeds voor onze kinderen en jeugd. Schermverslaving neemt sterk toe en opgevoed in propaganda en nepnieuws zou er veel meer aandacht aan het vormen van een eigen mening en eigen verantwoordelijkheid gegeven moeten worden. In het onderwijs worden gedachteloos centrale leerlingvolgsystemen ingevoerd, informatie uitgewisseld met ouders en staat het digibord en Ipad tegenwoordig centraal. Het eerste wat kinderen dagelijks zien is een scherm met Google erop... Big Brother.

De online afhankelijkheid van social media en internet leidt tot impulsgedreven, “waan van de dag” kinderen, los van enig historisch besef of onderliggende verbanden. Ook op universiteiten wordt steeds eenzijdiger gedacht en worden niet lekker liggende meningen geëxcommuniceerd. Oorzaken van problemen worden niet bestudeerd, het boek niet gelezen, maar wel een mening erover. Schreeuwen vanuit de geldende zelfcensuur, anders lig je niet lekker in de eigen groep. Hetzelfde patroon zie je in de huidige politieke meningsvorming inzake diverse onderwerpen waar een op feiten gebaseerde discussie niet meer mogelijk is. En waar de mening van de burger als irrelevant wordt gezien. Essentieel voor de ontwikkeling van een gezonde democratie is goed onderwijs met name gericht op eigen meningsvorming en een kritische en zelfreflecterende geest in plaats van volgend robotdenken.

Enkele positieve zaken?

Het is erg lastig aan te geven waar nu de positieve ontwikkelingen op het vlak van privacy liggen. Feit is dat door de invoering van de AVG met bijbehorende potentiële boetes privacy meer in het vizier van bedrijven en burgers is gekomen dan de onthullingen van Snowden. Het gevaar van de AVG daarentegen is dat het privacy beperkt tot databescherming en administratieve rompslomp.

Een andere positieve ontwikkeling is dat we steeds meer initiatieven zien (weliswaar nog kleinschalig) waar bedrijven en overheden privacybescherming als zakelijke of PR-kans zien, getuige ook het aantal inschrijvingen voor de Nederlandse Privacy Awards 2019. Thema’s die hierin terugkomen zijn tools voor anonieme communicatie (mail, search, browser), mogelijke alternatieven voor sociale netwerken (berichtendiensten à la Whatsapp, Facebook, Instagram en Twitter) op basis van abonnementen en blockchain en “privacy by design” projecten bij grote organisaties en bedrijven.

Privacy First heeft enkele top advocaten pro deo aan zich gebonden die bereid zijn op te treden in onze rechtszaken. Wat we daarbij wel zien is dat de rechterlijke macht het lastig vindt om buiten de gebaande paden vooruitstrevende uitspraken te doen in de verschillende rechtszaken, zoals kentekenparkeren, trajectcontrole, ANPR, Sleepwet etc. Privacy First wordt al jaren zwaar ondergefinancierd en veel van onze sympathisanten vinden het onderwerp toch ook een beetje eng, waardoor men ons wel moreel steunt maar niet durft te doneren. Je loopt toch in de kijker als je je bezighoudt met zaken als privacy. Zo erg is het dus al, angst en zelfcensuur... twee slechte raadgevers! Hoog tijd voor een overheid die serieus met privacy aan de slag gaat.

Staatkundige vernieuwing moet urgent op de agenda

Privacy First is groot voorstander van staatkundige vernieuwing (zie onze eerdere Nieuwjaarscolumn in 2017 inzake “shared democracy”), uitgaande van de principes van de democratische rechtsstaat en de universele verklaring van de rechten van de mens van de VN. Onze democratie is pas 150 jaar oud en moet aangepast worden aan deze tijd en daarmee moet de inrichting van de EU en lidstaten structureel veranderen. Met daarin een centrale en actieve rol voor de burger. Overheden moeten technologische ontwikkelingen centraal stellen in uitvoering en beleid ter versterking van de democratie en daarmee een antwoord formuleren op de centralisatie van de daarmee gepaarde macht bij grote multinationals en overheidsdiensten.

Privacy First stelt dat het opzetten van een ministerie van Technologie na industrie en landbouw de hoogste prioriteit geniet om bij te blijven bij de razendsnelle ontwikkelingen en hier adequaat beleid op te kunnen voeren. Vanuit een onafhankelijke rol en toetsing aan het EVRM en de Grondwet in de lidstaten. Zonder slachtoffer te worden van de toenemende lobby in deze sector. Het wordt tijd voor een minister van ICT & Privacy, die alle ontwikkelingen integraal volgt en optreedt met voldoende bevoegdheden, in combinatie met een Constitutioneel Hof ter toetsing van de kernwaarden van onze democratische samenleving en Grondwet.

De burger moet gefaciliteerd worden in privacybescherming en privacyvriendelijke alternatieven voor de huidige diensten van de techbedrijven. Privacy First heeft al een aantal tips voor 2019 voor de gewone burger:

  • Let op zogenaamde “Smart” initiatieven op basis van Big data & Profiling; ver van weg blijven!
  • Let op Cash = crimineel campagne; blijf minimaal 50% van alle uitgaven anoniem en in cash betalen!
  • Let op je communicatie via onder andere Google, Apple, Facebook en Microsoft. Zoek of ontwikkel nieuwe platformen, gebaseerd op Quantum AI encryptie en gebruik alternatieve (TOR) netwerken en zoekmachines
  • Let op je medische gegevens en lichamelijke integriteit. Gebruik je recht om geen medische informatie te laten uitwisselen anders dan met Whitebox-achtige initiatieven
  • Let op je recht om anoniem te kunnen zijn thuis en in de openbare ruimte. Voer campagne tegen kilometerheffing, chips in je kentekenplaat, ANPR en kentekenparkeren
  • Let op je juridische rechten om zelf rechtszaken te voeren bijvoorbeeld tegen persoonlijke afvalpassen, camera’s etc
  • Let op “slimme” meters, speakers, speelgoed en andere “slimme” zaken in je huis welke aangesloten zijn op internet. Koop alleen “privacy by design” oplossingen met “privacy enhanced” technologie!

Zomaar wat tips. Nederland en Europa als Privacy gidsland in de wereld, met baanbrekende initiatieven en oplossingen voor huidige schijnbare tegenstellingen inzake privacy en veiligheid, dat is het streven van Privacy First. We zijn er echter nog ver vandaan en raken steeds meer uit koers. Mede omdat een integrale visie op onze maatschappij en democratie 3.0 ontbreekt. Dus dobberen we stuurloos verder, stapje voor stapje in de manipulatiemachine van grote bedrijven en eigenbelang bij overheden. We hebben nog vele gele hesjes nodig voordat er iets verandert. Privacy First wil graag bijdragen aan het vormen en uitdragen van een integrale, positieve toekomstvisie. Vanuit de principes van onze samenleving en de verhoging van onze vrijheid in gebondenheid. We zullen het samen moeten doen. Steun Privacy First actief met een gulle donatie voor je eigen vrijheid en die van je kinderen in 2019!

Op een open en vrije samenleving! Ik wens iedereen veel privacy in 2019 en verder!


Bas Filippini,
voorzitter Privacy First

Gepubliceerd in Columns

"Met kentekencamera’s binden politie en justitie de strijd aan met criminelen. Maar de camera’s boven en langs (snel)wegen registreren de gegevens van élke weggebruiker. Informatie die, zo is de bedoeling, straks vier weken lang bewaard mag worden. Privacy-organisaties zijn hier mordicus tegen en bereiden een rechtszaak voor.

Voortvluchtige criminelen, autodieven, inbrekers. Het zogeheten ANPR-systeem moet de kans dat de politie ze aanhoudt, aanmerkelijk vergroten. ANPR staat voor automatic numberplate recognition. Kort gezegd: nummerplaatherkenning. De camera’s maken opnames van kentekens. Die worden vergeleken met gegevens in politiecomputers over mensen die worden gezocht of boetes hebben openstaan. Komt de naam in de politiebestanden voor, dan kan de automobilist beboet of aangehouden worden.

De camera’s hangen al jaren boven snelwegen, op dit moment zijn het er naar schatting 450. Daarnaast zijn ongeveer 150 politieauto’s voorzien van mobiele ANPR-camera’s. En sinds dit jaar zijn provinciale wegen verspreid over het hele land voorzien van tweehonderd ANPR-camera’s. (...)

Wetsvoorstel

Tot nog toe worden de miljoenen kentekengegevens van weggebruikers die in geen enkel bestand voorkomen onmiddellijk, of in ieder geval binnen 24 uur gewist. Maar op aandringen van politie en justitie keurden Tweede en Eerste Kamer vorig jaar een wetsvoorstel goed dat voorziet in het bewaren van gegevens voor een periode van vier weken. Hierdoor kan de politie langer gebruikmaken van de gegevens bij de opsporing van een misdrijf of voor de aanhouding van voortvluchtige personen.

Gegevens

Privacyvoorvechters waarschuwen dat ook onschuldige burgers in de systemen van politie belanden. Zoals Privacy First, een onafhankelijke stichting met als doel het bevorderen van het recht op privacy. Directeur Vincent Böhre is er honderd procent van overtuigd dat de nieuwe wet de rechten van burgers schendt. “Het gaat om honderden camera’s die gegevens van weggebruikers registreren. Als je die massaal voor een periode van een maand opslaat voor opsporing en vervolging, dan behandel je de hele bevolking bij voorbaat als potentiële criminelen. Of als terroristen, want de databank zal ook door de AIVD gebruikt worden. Zij krijgt rechtstreeks toegang tot die databank”, aldus Böhre.

Maar als ik niks te verbergen heb, dan is het toch niet erg dat mijn gegevens worden opgeslagen?
Böhre: “Laat ik het omdraaien. Als je niets te verbergen hebt, dan ben je onschuldig, en dan hoeven je gegevens ook niet te worden opgeslagen. Mensen die niks te verbergen hebben, moeten buiten het vizier van politie en justitie blijven en zich in alle vrijheid door Nederland kunnen begeven en reizen. Nu is het zo dat als je niet op een zoeklijst van politie en justitie staat je gegevens binnen 24 uur worden gewist. Daar kunnen we mee leven, al zou onmiddellijk wissen beter zijn.”

Inwerkingtreding

De nieuwe wet, die het opslaan van gegevens voor maximaal vier weken moet bestendigen, is nog niet van kracht. De Raad van State heeft het uitvoeringsbesluit dat minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) eerder dit jaar nam onlangs van advies voorzien. “Wij hebben dat advies inderdaad ontvangen”, zegt een woordvoerder van het ministerie. “Over de inhoud ervan kunnen we nu nog geen mededelingen doen. Ook over de datum van inwerkingtreding kunnen we niets zeggen. Daarover moet nog besluitvorming plaatsvinden.” (...)

Rechtszaak

Böhre vreest dat het aantal ANPR-camera’s de komende jaren alleen maar zal toenemen. “Hoe ver willen we gaan met dit soort technologie? Nogmaals, ik vind dat we moeten proberen om de samenleving zo in te richten dat onschuldige burgers zo veel mogelijk buiten het vizier van opsporings- en inlichtingendiensten blijven en dat ze zich vrij kunnen wanen.”

Zodra bekend is hoe de nieuwe wet er precies uit zal zien, spant Privacy First samen met het Platform Bescherming Burgerrechten een rechtszaak aan. “We verwachten dat andere organisaties zich bij ons aansluiten.”


Bron: BN/DeStem 17 november 2018: https://www.bndestem.nl/breda/gegevens-langer-opslaan-mensen-moeten-buiten-het-vizier-van-justitie-kunnen-blijven~a1bd3356/.

Gepubliceerd in Wetgeving

"Elke auto op de weg wordt straks heel precies bekeken door de Belastingdienst. Miljoenen foto’s van automobilisten stromen vanaf komend jaar maandelijks bij de dienst binnen, op jacht naar een kleine groep ontduikers van de motorrijtuigenbelasting.Dat staat in de Prinsjesdagstukken, enigszins weggestopt in het wetsvoorstel 'Overige Fiscale Maatregelen'.

De Belastingdienst mikt er op het systeem al vanaf 1 januari 2019 werkend te hebben. Het nummerbord van elke automobilist op de openbare weg wordt gescand. De fiscus krijgt dan al die miljoenen foto's om te bepalen of de motorrijtuigenbelasting goed is betaald.

Belastingdienst is watching you

Voor 2017 maakte de Belastingdienst al gebruik van de camerabeelden. Maar de Hoge Raad floot de Belastingdienst toen terug. Er was namelijk geen wettelijke basis voor het verzamelen en verwerken van de camerabeelden. Die wettelijke basis gaat er nu dus wel komen, staat in het Belastingplan 2019.

Heel precies houdt het plan in dat het kenteken, de locatie, de datum en het tijdstip waarop de foto gemaakt is, door de Belastingdienst mag worden verzameld en verwerkt. Daarvoor kan de Belastingdienst onder andere gebruik gaan maken van de snelwegcamera's van de politie. Die kom je tegenwoordig overal tegen, in totaal hangen er in Nederland al zo'n 800.

(...)

'Privacy in het geding'

De inzet van de camera's is omstreden; het grootschalig verzamelen van kentekengegevens wordt gezien als flinke inbreuk op de privacy van automobilisten.

Vincent Böhre van Privacy First maakt zich zorgen. "Je gaat alle kentekengegevens verzamelen om een relatief kleine groep te kunnen pakken. Er wordt beloofd dat de gegevens van automobilisten die netjes hebben betaald binnen 24 uur worden verwijderd, maar eerder bleek al een keer dat de Belastingdienst daar niet goed mee omgaat. (...) Alles aan deze wet lijkt een opstapje tot meer controle met camera's. Het wordt dan nu voor doel A gebruikt, maar je zult zien dat uiteindelijk doel B tot en met Z erbij worden gehaald."

De Belastingdienst zelf laat in een reactie weten dat het op vooralsnog echt alleen gaat om de motorrijtuigenbelasting. De dienst zegt daar wel eerlijk bij: er loopt al een onderzoek om te bekijken of de beelden ook gebruikt mogen worden om privé-gebruik van leaseauto's te controleren."

Lees het hele artikel bij RTL Nieuws en RTL-Z. Klik HIER voor het interview met Privacy First in het RTL Journaal (vanaf 6m46s).

Update 22 september 2018: zie tevens de reportage van EenVandaag via https://eenvandaag.avrotros.nl/item/belastingdienst-mag-omstreden-camera-inzetten-in-jacht-op-fraudeur/.

Gepubliceerd in Cameratoezicht

Handhavingsverzoek bij Autoriteit Persoonsgegevens over drie nieuwe privacyschendingen 

Naar aanleiding van drie nieuwe pogingen van Nederlandse Spoorwegen om de privacy van treinreizigers te schenden, heeft NS-klant Michiel Jonker deze week een handhavingsverzoek ingediend bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Het betreft:

  • ŸHet weigeren van de terugbetaling van resterend saldo op anonieme OV-chipkaarten als de houder zijn NAW-gegevens niet aan NS verstrekt;
  • ŸHet weigeren van internationale treintickets door NS-medewerkers aan stationsbalies als kopers hun NAW-gegevens niet aan NS verstrekken;
  • ŸHet in rekening brengen, sinds 2 juli 2018, van extra “servicekosten” als houders van anonieme OV-chipkaarten contant betalen voor het opwaarderen van het saldo op deze kaarten.

Sinds juli 2014 heeft Nederlandse Spoorwegen (NS) al eerder op diverse manieren de aanval ingezet op de privacy van Nederlandse treinreizigers. Het ging toen onder andere om:

  • Het discrimineren van houders van anonieme OV-chipkaarten in de voordeeluren;
  • ŸHet eisen van de-anonimisering van de anonieme OV-chipkaarten bij service-verlening door NS (bijvoorbeeld geld terug bij vertraging);
  • ŸHet aanbrengen van twee unieke pasnummers op elke anonieme OV-chipkaart, waardoor de anonimiteit van die kaarten wordt aangetast.

Als reiziger die zijn privacy wilde behouden, verzocht Jonker herhaaldelijk aan de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) om deze overtredingen te onderzoeken en handhavingsmaatregelen te nemen. Jonker won daarover reeds verschillende rechtszaken tegen de AP, die aanvankelijk weigerde de meldingen zelfs maar te onderzoeken.

Bij de beoordeling van de nieuwe schendingen door NS zal de onlangs in werking getreden Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) een belangrijke rol spelen. Een ander onderwerp dat centraal zal staan, is het recht op betaling met contant geld als wettig betaalmiddel dat tevens de privacy beschermt.

Jonker: “In al deze zaken gaat het om de vraag of gebruikers van het Nederlandse OV recht hebben op een reële, effectieve bescherming van hun privacy. Die vraag is actueler dan ooit, als je ziet hoe er met mensen wordt omgegaan in situaties waarin de privacy niet adequaat wordt beschermd. Dan valt niet alleen te denken aan China met zijn Sociale Kredietscore, of de Verenigde Staten met hun “No Fly”-lijsten, maar ook aan Europese landen waarin de afgelopen jaren wetten zijn aangenomen die het de overheid mogelijk maken reizigers te bespieden die niet worden verdacht van enig strafbaar of risicovol gedrag. Bijvoorbeeld Frankrijk met zijn permanente noodtoestand en Nederland met de Sleepwet.”

Jonker wordt ook in deze nieuwe zaak gesteund door Stichting Privacy First en Maatschappij Voor Beter OV.

Media:
https://www.security.nl/posting/569517/Treinreiziger+wil+dat+privacytoezichthouder+optreedt+tegen+NS
https://tweakers.net/nieuws/140841/privacy-first-en-treinreiziger-willen-dat-ns-beleid-anonieme-chipkaarten-aanpast.html 
https://www.liberties.eu/en/news/ns-privacy-fight-passenger-privacy/15444


Update 23 juli 2018: Na indiening van het handhavingsverzoek bij de AP heeft Jonker nog een verdere schending van de privacy in het OV geconstateerd, eveneens met betrekking tot het ontmoedigen van contante betaling voor vervoerbewijzen. In bussen in verschillende Nederlandse regio's wordt sinds 1 juli 2018 contante betaling geweigerd, zodat reizigers in de bus worden gedwongen daar te pinnen of hun creditcard te gebruiken, en daarmee hun persoonsgegevens te laten verwerken. Dit blijkt te berusten op een landelijk gemaakte afspraak tussen vervoerbedrijven. Op 21 juli jl. heeft Jonker zijn handhavingsverzoek daarom aangevuld met een verzoek aan de AP om in dat kader ook deze privacyschending te onderzoeken en te beëindigen.

Jonker: "Markant is dat de branche-organisatie Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) muisstil is over deze landelijke afspraak, en dat de maatregel midden in de zomerperiode is ingevoerd. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat er wordt geprobeerd de weigering van een wettig betaalmiddel geruisloos in te laten gaan. Ik heb de AP met een beroep op de WOB gevraagd mij te informeren over alle communicatie die hierover met of door de AP achter de schermen heeft plaatsgevonden."

Media: https://www.security.nl/posting/570899/AP+gevraagd+op+te+treden+tegen+weigeren+contant+geld+in+bus
https://nieuws.nl/algemeen/20180723/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus/
https://radar.avrotros.nl/nieuws/detail/bezwaar-ingediend-tegen-verdwijnen-contant-geld-uit-bus/
https://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2320576/Arnhemmer-wil-buskaartje-contant-betalen
https://www.transport-online.nl/site/93550/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-in-bus/ 
http://www.welingelichtekringen.nl/anp/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus
https://panorama.nl/nieuws/binnenland/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus
http://www.dvhn.nl/binnenland/Klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus-23396995.html
http://www.lc.nl/binnenland/Klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus-23396571.html
https://www.nd.nl/nieuws/actueel/binnenland/klacht-wegens-weigering-contante-betaling-bus.3076549.lynkx
https://www.metronieuws.nl/in-het-nieuws/2018/07/bezwaar-ingediend-tegen-verdwijnen-contant-geld-bus 

Gepubliceerd in Mobiliteit

Vanmiddag vindt in de Tweede Kamer een belangrijk debat plaats over de invoering van Passenger Name Records (PNR): massale, jarenlange opslag van allerlei gegevens van vliegtuigpassagiers ter bestrijding van misdaad en terrorisme. Privacy First heeft hier grote bezwaren tegen en stuurde dit weekend onderstaande brief naar de Tweede Kamer. Beluister tevens het interview hierover met Privacy First vanochtend op BNR Nieuwsradio:

  (bron: BNR)

Update 14 mei 2018, 10.15u: zojuist is het Kamerdebat geannuleerd en "tot nader order uitgesteld".  

 

Geachte Kamerleden,

Deze maandagmiddag debatteert u met minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) over de Nederlandse implementatie van de Europese richtlijn inzake Passenger Name Records (PNR). Zowel de Europese PNR-richtlijn als de beoogde Nederlandse implementatiewet zijn in de optiek van Privacy First juridisch onhoudbaar. Hieronder zetten wij dit kort voor u uiteen.

Vakantieregister

In het PNR-wetsvoorstel van de minister zullen talloze gegevens van alle vliegtuigpassagiers met vertrek of aankomst in Nederland 5 jaar lang in een centrale overheidsdatabank bij de nieuwe Passenger Information Unit worden bewaard en gebruikt ter voorkoming, opsporing, onderzoek en vervolging van misdrijven en terrorisme. Gevoelige persoonsgegevens (waaronder naam- en adresgegevens, telefoonnummers, emailadressen, geboortedata, reisdata, ID-documentnummers, bestemmingen, medepassagiers en betaalgegevens) van vele miljoenen passagiers zullen daardoor jarenlang beschikbaar zijn t.b.v. datamining en profiling. In wezen wordt iedere vliegtuigpassagier hierdoor behandeld als potentiële crimineel of terrorist. In 99,99% van de gevallen betreft het echter volstrekt onschuldige burgers, voornamelijk vakantiegangers en zakenreizigers. Dit vormt een flagrante schending van hun recht op privacy en vrijheid van beweging. Onlangs heeft Privacy First dit ook in de Volkskrant betoogd. Wegens privacybezwaren bestond er de laatste jaren veel politieke weerstand tegen dergelijke massale PNR-opslag en werd dit sinds 2010 diverse malen verworpen door zowel de Nederlandse Tweede Kamer als het Europees Parlement. In 2015 waren ook de Nederlandse regeringspartijen VVD en PvdA nog mordicus tegen. VVD en PvdA spraken destijds van een "vakantieregister" en dreigden zélf naar het Europees Hof van Justitie te stappen als de Europese PNR-richtlijn zou worden aangenomen. Na de recente aanslagen in Parijs en Brussel leken veel politieke bezwaren echter als sneeuw voor de zon verdwenen en werd de PNR-richtlijn in 2016 alsnog een feit. Tot op heden is de juridisch vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit van deze richtlijn echter nog steeds niet aangetoond.

Europees Hof

In de zomer van 2017 deed het Europees Hof van Justitie een belangrijke uitspraak over het vergelijkbare PNR-verdrag tussen de EU en Canada. Het Hof verklaarde dit verdrag ongeldig wegens strijd met het recht op privacy. Het Hof stelde hierbij onder meer dat “gegevens van een luchtreiziger na diens vertrek slechts mogen worden bewaard indien op grond van objectieve criteria kan worden aangenomen dat deze luchtreiziger een risico kan vormen in het kader van de strijd tegen terrorisme en ernstige grensoverschrijdende criminaliteit.” (Zie Advies 1/15 (26 juli 2017), par. 207.) Door deze uitspraak staat sindsdien de Europese PNR-richtlijn juridisch op losse schroeven. De Nederlandse regering heeft daarom terechte “zorgen over de toekomstbestendigheid van de PNR-richtlijn” (zie recente Nota naar aanleiding van verslag, p. 23). Privacy First verwacht dat de huidige PNR-richtlijn binnenkort ter toetsing aan het Europees Hof van Justitie zal worden voorgelegd en onrechtmatig zal worden verklaard. Daarna zal dezelfde situatie ontstaan als enkele jaren geleden bij de Europese telecom-bewaarplicht: zodra deze Europese richtlijn ongeldig is verklaard, zal de Nederlandse implementatiewetgeving in kort geding buiten werking worden gesteld.

Massa surveillance

Het huidige Nederlandse PNR-wetsvoorstel lijkt bij voorbaat onrechtmatig wegens gebrek aan aantoonbare noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit. Het wetsvoorstel komt neer op massa-surveillance van grotendeels onschuldige burgers; reeds in de Tele2-zaak (2016) verklaarde het Europees Hof dit type wetgeving illegaal. Bij de VN Mensenrechtenraad deed Nederland in dit verband vorig jaar de algemene toezegging “to ensure that the collection and maintenance of data for criminal [investigation] purposes does not entail massive surveillance of innocent persons. Nederland lijkt die belofte nu te verbreken. Bij iedere passagier worden immers talloze volstrekt overbodige data opgeslagen die jarenlang door allerlei Nederlandse, Europese en zelfs niet-Europese overheidsinstanties kunnen worden gebruikt. Bovendien is de effectiviteit van PNR tot op heden nooit aangetoond, aldus ook de minister zelf: “statistische onderbouwing is niet voorhanden” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 8). Het risico op onterechte verdenkingen en discriminatie (door feilbare algoritmes bij profiling) is bij het voorgestelde PNR-systeem levensgroot, wat tevens de kans op vertragingen en gemiste vluchten bij onschuldige passagiers verhoogt. Tegelijkertijd zullen gezochte personen vaak onder de radar blijven en alternatieve reisroutes kiezen. Verder wordt in het wetsvoorstel met geen woord gerept over de rol en mogelijkheden van geheime diensten, terwijl die onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten directe, afgeschermde toegang tot de centrale PNR-databank zullen kunnen krijgen. Meest kwalijke aspect aan het Nederlandse PNR-wetsvoorstel is echter dat dit nog twee stappen verder gaat dan de PNR-richtlijn zelf: Nederland kiest er immers zélf voor om ook de data van passagiers op alle intra-EU vluchten op te slaan. Onder de PNR-richtlijn is dit echter niet verplicht, en had Nederland dit bovendien kunnen beperken tot louter vooraf geselecteerde (risico)vluchten. Dit zou in lijn geweest zijn met het advies van de meeste experts op dit terrein: targeted i.p.v. mass surveillance, zo gericht mogelijk, oftewel louter gericht op die personen waarop een redelijke verdenking rust, conform de principes van onze democratische rechtsstaat.

Advies Privacy First

Privacy First adviseert u hierbij met klem om het huidige wetsvoorstel te verwerpen en dit desgewenst te vervangen door een privacyvriendelijke versie. Mocht dit ertoe leiden dat Nederland door de Europese Commissie voor het EU Hof van Justitie zal worden gedaagd wegens gebrek aan implementatie van de huidige Europese PNR-richtlijn, dan verwacht Privacy First dat Nederland deze zaak glansrijk zal winnen. Van EU-lidstaten mag immers niet worden verwacht dat zij privacyschendende EU-regels implementeren. Nederland heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Hoogachtend,

Stichting Privacy First

Gepubliceerd in Wetgeving

"Als het aan de Tweede Kamer ligt, kunnen de vluchtgegevens van alle Nederlanders binnenkort voor vijf jaar worden opgeslagen in een overheidsdatabase.

Woensdag debatteert de Kamer over het wetsvoorstel dat dit mogelijk maakt. De Kamer is in ruime meerderheid voor, maar tegenstanders waarschuwen voor ‘ernstige en disproportionele’ schending van de privacy van burgers.

De nieuwe wet verplicht luchtvaartmaatschappijen de gegevens van alle passagiers standaard aan te leveren. Daardoor ontstaat er een database waarin passagiersgegevens maximaal vijf jaar mogen worden bewaard. Minister Grapperhaus van Justitie is verplicht de wet in Nederland uit te voeren, op basis van een Europese richtlijn die in 2016 werd aangenomen in het Europees Parlement.

(...)

Volgens Vincent Böhre van belangenorganisatie Privacy First is de wet verre van proportioneel. Hij wijst erop dat veruit de meeste vliegende reizigers op vakantievluchten zitten. ‘Voor minder dan 1 procent van de passagiers maak je 100 procent collectief verdacht.’ Böhre hekelt daarnaast de enorme hoeveelheid informatie die in de database zal worden opgeslagen. ‘Reisinformatie zegt ontzettend veel over wie je bent en wat je doet. Je kunt een heel profiel van mensen maken aan de hand van hun bewegingen. Het is een grote inbreuk op de privacy.’

Gerrit-Jan Zwenne, hoogleraar recht en informatiemaatschappij aan de Universiteit Leiden, denkt dat de wet veel problemen met zich mee kan brengen. (...) De hoogleraar benadrukt dat de wet ook in strijd kan zijn met eerdere uitspraken van het Hof van Justitie van de Europese Unie. ‘Vergelijkbare wetten zijn door het hof al eerder geannuleerd.’ Het is volgens hem denkbaar dat hetzelfde gebeurt met deze wet. De wet zou dan over een paar jaar alweer aangepast moeten worden. (...)

Wat zeggen je reisgegevens over jou? ‘Meer dan je zou denken’, zegt Vincent Böhre van Privacy First. ‘Je wilt in ieder geval niet dat ze in verkeerde handen vallen.’ Drie voorbeelden:

Iemand thuis?

De database bestaat uit vertrek- en terugkomstinformatie van miljoenen mensen. Er staat dus in wanneer mensen van huis weg zijn. Böhre: ‘Dat is behoorlijk gevaarlijk. Je kunt eruit afleiden wanneer iemands huis verlaten is. Dat is hele nuttige data voor criminelen. Omdat nu alle data van miljoenen mensen elektronisch wordt opgeslagen levert dat een risico op hacks op. Dat is een risico dat iedereen aangaat.’

Intieme informatie

In het register wordt ook opgeslagen met wie iedereen reist. Er staat ook in naast wie je op de stoel zit. Böhre: ‘Daaruit kun je de relaties tussen mensen afleiden. En dat breekt in op je privacy. Mensen kunnen allerlei redenen hebben om hun relaties verborgen te willen houden. Het kunnen geheime relaties zijn waarmee mensen zelfs gechanteerd kunnen worden. Het zijn heel gevoelige data. Je hele sociale leven kan in die data verstopt zitten.’

Medische redenen

De meeste mensen reizen met het vliegtuig om vervolgens langere tijd ergens te verblijven. Uitzonderingen daarop kunnen opvallen in de data. Böhre: ‘Mensen die naar een ongewoon land gaan voor een korte periode, reizen vaak voor een medische ingreep. Medische informatie behoort tot de meest gevoelige. Zulke informatie wil je privé houden, de mogelijkheid dat het nu in een grote database komt waarin allerlei patronen te ontdekken zijn, brengt dat in gevaar.’"

Bron: Volkskrant 25 april 2018, pp. 6-7. Lees hier het volledige artikel: https://beta.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/mag-de-overheid-straks-uw-reisgegevens-voor-vijf-jaar-bewaren-~b0f514e2/.

Gepubliceerd in Wetgeving

Op 21 november jl. nam de Eerste Kamer een controversieel wetsvoorstel aan waardoor de reisbewegingen van iedere automobilist 4 weken in een centrale politiedatabank zullen belanden. Privacy First start een rechtszaak om dit wetsvoorstel onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met het recht op privacy.

Massale privacyschending

Vast beleid van Stichting Privacy First is om massale privacyschendingen bij de rechter aan te vechten en onrechtmatig te laten verklaren. Privacy First deed dit de laatste jaren reeds met succes bij de centrale opslag van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet en de opslag van ieders communicatiegegevens onder de Wet bewaarplicht telecommunicatie. Een actueel wetsvoorstel dat zich bij uitstek voor een dergelijke rechtszaak leent is het wetsvoorstel van minister Grapperhaus inzake Automatic Number Plate Recognition (automatische nummerplaatherkenning, ANPR). Onder dit wetsvoorstel zullen de kentekens van alle auto's in Nederland (oftewel ieders reisbewegingen) door middel van cameratoezicht vier weken in een centrale politiedatabank worden opgeslagen voor opsporing en vervolging. Iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte. Dit is totaal niet noodzakelijk, volstrekt disproportioneel en bovendien ineffectief. Het wetsvoorstel is daarom in strijd met het recht op privacy en daarmee onrechtmatig.

Oud wetsvoorstel

Het huidige ANPR-wetsvoorstel werd reeds in februari 2013 bij de Tweede Kamer ingediend door voormalig minister Opstelten. Voorheen was ook minister van Justitie Hirsch Ballin al in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit voorstel echter controversieel. De ministers Opstelten en Van der Steur deden er in het huidige wetsvoorstel alsnog drie scheppen bovenop: 4 weken opslag van ieders reisbewegingen. Wegens privacybezwaren lag de parlementaire behandeling van dit wetsvoorstel vervolgens jarenlang stil, maar werd daarna alsnog door de Tweede en Eerste Kamer heen geloodst. Het wetsvoorstel past echter allang niet meer in deze tijd: het is reeds ingehaald door Europese rechtspraak waardoor dit type wetgeving (massale opslag van gegevens van onschuldige burgers) onrechtmatig is verklaard. Bovendien heeft de ANPR-praktijk in binnen- en buitenland reeds uitgewezen dat massale ANPR-opslag niet werkt.

Rechtszaak

Privacy First zal nu (in coalitie met andere maatschappelijke organisaties) een rechtszaak beginnen om de nieuwe ANPR-wet buiten werking te laten stellen. Privacy First heeft daartoe via Pro Bono Connect het gerenommeerde advocatenkantoor CMS ingeschakeld. De eerste formele processtap is gisteren genomen: per brief (PDF) heeft Privacy First aan minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) om overleg ex art. 3:305a BW gevraagd. Mocht dit overleg niet tot intrekking van het ANPR-wetsvoorstel leiden, dan valt onverbiddelijk het zwaard van Damocles: Privacy First c.s. zullen dan de Nederlandse Staat in kort geding dagvaarden om de wet buiten werking te laten stellen wegens strijd met Europees privacyrecht. Gezien de Europese en Nederlandse jurisprudentie terzake achten Privacy First c.s. de kans op een succesvolle rechtsgang buitengewoon hoog.


Update 20 december 2018: vandaag heeft de overheid aangekondigd dat de wet ANPR per 1 januari 2019 in werking zal treden. Het kort geding tegen de wet zal nu z.s.m. plaatsvinden bij de rechtbank Den Haag.

Gepubliceerd in Rechtszaken
Pagina 1 van 14

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon