donatieknop english

Autoriteit Persoonsgegevens weigert te onderzoeken of te handhaven

Op 6 maart jl. heeft OV-reiziger Michiel Jonker hoger beroep ingediend bij de Raad van State inzake de afwijzing van twee handhavingsverzoeken door de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). In juli 2018 verzocht Jonker in twee handhavingsverzoeken de AP om onderzoek en handhaving inzake:

  1. Het weigeren van de terugbetaling van resterend saldo op anonieme OV-chipkaarten als de houder zijn NAW-gegevens niet aan Nederlandse Spoorwegen (NS) verstrekt;
  2. Het weigeren van internationale treintickets door NS-medewerkers aan stationsbalies als kopers hun NAW-gegevens niet aan NS verstrekken;
  3. Het in rekening brengen, sinds 2 juli 2018, van extra “servicekosten” als houders van anonieme OV-chipkaarten contant betalen voor het opwaarderen van het saldo op deze kaarten.
  4. De weigering door vervoerbedrijf Connexxion van privacyvriendelijke, contante betaling voor eenmalige buskaartjes in de bus.

De AP weigerde deze inbreuken op de privacy serieus te onderzoeken, omdat volgens de AP een "globaal (bureau)onderzoek" reeds uitwees dat er geen sprake was van enige overtreding. Jonker bestrijdt dat, omdat er ofwel zonder aangetoonde noodzaak persoonsgegevens worden verwerkt (1, 2, 4), ofwel zonder aangetoonde noodzaak reizigers die hun privacy willen behouden, worden gediscrimineerd ten opzichte van reizigers die hun persoonsgegevens afstaan (3).

Met betrekking tot de verkoop van internationale treintickets (2) heeft Jonker in februari 2020 geconstateerd dat NS ter zitting van de rechtbank (op 16 december 2019) heeft gezwegen over het feit dat er bij veel internationale tickets die NS aan klanten verkoopt, sinds november 2019 wel degelijk van klanten geëist wordt dat zij hun naam en soms ook hun geboortedatum door NS laten verwerken in een digitaal systeem. Het eerdere "ATB-systeem" waarmee voorheen anoniem tickets konden worden verstrekt is toen uitgeschakeld, en nu moeten klanten verplicht met het zogeheten "Atlantis"-systeem een "Homeprint" aanschaffen.

Jonker: "NS vindt van zichzelf dat NS daar niet verantwoordelijk voor is, omdat dit in opdracht zou gebeuren van buitenlandse vervoerbedrijven. Maar NS is als verwerker wel mede-verantwoordelijk en moet zich aan de AVG houden. De AP heeft zichzelf eerst ten onrechte onbevoegd verklaard op dit punt. Toen ik dat had ontzenuwd, vond de AP opeens dat mijn handhavingsverzoek hier niet over ging. En de rechtbank zei vervolgens dat mijn handhavingsverzoek "te onbepaald" was, hoewel ik aan de AP specifiek materiaal had aangeleverd waaruit bleek dat het anonieme systeem zou worden uitgeschakeld. Ze draaien zich in duizend bochten om redenen te vinden om mijn handhavingsverzoek af te wijzen."

Om het risico te verminderen dat het ATB-systeem niet technisch ontmanteld wordt voordat de AP alsnog onderzoek heeft gedaan, heeft Jonker bij de Raad van State tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend (een soort kort geding). Hij wil dat de rechter de AP opdraagt om de privacyvriendelijke infrastructuur van het ATB-systeem te beschermen zolang er nog geen onderzoek is gedaan. Het verzoek zal vooralsnog op 30 april 2020 door de Raad van State worden behandeld.

Bij Connexxion is volgens Jonker ten eerste niet aangetoond dat de "sociale veiligheid" op buslijnen in zijn regio gevaar loopt, en ten tweede is er volgens hem ook niet aangetoond dat het weigeren van contante betaling, als één maatregel in een pakket van 23 maatregelen, op die lijnen effect heeft op de veiligheid. Jonker: "Ze roepen het woord 'veiligheid' en vinden dat ze dan voor alle buslijnen in heel Nederland iets hebben aangetoond. Maar dan kan ik net zo goed gaan roepen dat alle CV-ketels gevaarlijk zijn en daarom moeten worden afgeschaft. Deze quasi-paranoia van een club van overheden en vervoerbedrijven die al onze persoonlijke OV-data in handen wil krijgen, wordt door de AP en de Rechtbank Gelderland klakkeloos geaccepteerd. Dat is in strijd met artikel 5 AVG, waarin staat dat er een noodzaak en een welbepaald doel moeten worden aangetoond."

Het volledige hoger-beroepschrift van Jonker staat HIER online (getiteld "Lof der individualiteit - privacy, connectiviteit en autoritair denken", 191 pp).

Jonker wordt in beide zaken gesteund door Privacy First en Maatschappij Voor Beter OV (www.voorbeterov.nl).

(door omstandigheden is dit bericht met vertraging gepubliceerd)

Update 26 juni 2020: de voorzieningenrechter bij de Raad van State heeft op 12 juni jl. uitspraak gedaan en Jonkers verzoek afgewezen. Voor de uitspraak, zie https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RVS:2020:1379. Jonker: "Het is jammer, maar in ieder geval heeft mijn verzoek om voorlopige voorziening ertoe geleid dat de voorzieningenrechter vragen aan NS heeft gesteld die de AP nooit wilde stellen. Uit het antwoord van NS blijkt dat er al in 2018 door NS en andere vervoerbedrijven een besluit is genomen om het privacyvriendelijke ATB-systeem voor ticketverkoop te gaan afschaffen. Vanwege het door mij betaalde griffierecht is het wel erg duur om als burger op die manier aan waarheidsvinding te moeten doen, omdat de AP haar taak op dat punt niet wil vervullen. Maar nu dit feit bekend is, kan ik dat meenemen in de bodemprocedure."

In de bodemprocedure heeft Jonker naar aanleiding van de uitspraak van de voorzieningenrechter op 22 juni jl. een nadere motivering ingediend, waarin de reikwijdte van zijn handhavingsverzoek centraal staat. Voor de tekst van die motivering, klik HIER (pdf).

Update 26 november 2020: de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft aangekondigd drie hoger beroepen van Jonker inzake privacy in het openbaar vervoer ter zitting te zullen behandelen op maandag 8 februari 2021. Het betreft de volgende zaken:

- Contante betaling in de bus; AP en Connexxion (zaaknr. 2020-01625)
aanvang: 9:30u.

- Aanschaf internationale treintickets, restsaldo OV-chipkaart, servicekosten OV-chipkaart; AP, NS en mogelijk anderen (zaaknr. 2020-01629)
aanvang: 10:30u.

- Privacy-discriminatie bij OV-chipkaart; de-anonimisering van "anonieme" OV-chipkaart (zaaknr. 2019-07478)
aanvang: 11:30u.

Alle drie de zaken worden behandeld in het gebouw van de Afdeling bestuursrechtspraak aan de Kneuterdijk 22 in Den Haag.

Gepubliceerd in Mobiliteit

Michiel Jonker: "Contante betaling waarborgt de privacy van bioscoopbezoekers."

De Arnhemse privacy-activist Michiel Jonker heeft bij de Rechtbank Gelderland beroep ingediend tegen de weigering van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) om handhavend op te treden tegen de weigering van arthouse-bioscoop Focus Filmtheater in Arnhem om contante betaling te accepteren. De bioscoop eist sinds de verhuizing naar een pand dat miljoenen heeft gekost, pinbetaling bij aankoop van filmkaartjes aan de kassa. Daarmee dwingt de bioscoop bezoekers tot het laten verwerken van hun persoonsgegevens.

Jonker is het daar niet mee eens en heeft om die reden in augustus 2018 een handhavingsverzoek bij de AP ingediend. De AP heeft dat verzoek in november 2019 afgewezen omdat volgens de AP niemand verplicht is om contant geld als wettig betaalmiddel te accepteren. Ook stelt de AP dat de bioscoop middels haar algemene voorwaarden een "contract" met de bioscoopbezoekers tot stand brengt, waaruit een noodzaak zou voortvloeien om persoonsgegevens van de bioscoopbezoekers te verwerken.

Volgens Jonker is er in geval van toonbankbetalingen in een aantal gevallen echter wel degelijk een plicht om contant geld te accepteren. Hij beroept zich daarbij op informatie van een expert van de Nederlandsche Bank. "Focus Filmtheater is een arthouse-bioscoop die films vertoont over gevoelige onderwerpen, en wordt nota bene voor een deel met gemeenschapsgeld gefinancierd," zegt Jonker. "Het gaat hier om de maatschappelijke participatie van mensen. Het moet niet mogelijk zijn dat achteraf door middel van profilering wordt achterhaald voor welke films iemand in de loop der tijd belangstelling heeft getoond. Als deze bioscoop privacyvriendelijke contante betaling mag weigeren, dan is dat het signaal dat iedereen afhankelijk mag worden gemaakt van niet-anonieme methoden om betalingen te doen - via pin of via internet. Dan moet je gaan nadenken wat andere mensen, autoriteiten of geautomatiseerde systemen voor conclusies kunnen trekken over jouw keuze om wel of niet bepaalde films te zien. Dat geeft aan deze zaak een grote lading."

In de documenten die Jonker in de bezwaarprocedure heeft opgevraagd, heeft hij ook aanwijzingen aangetroffen dat er onvoldoende waarborgen zijn met betrekking tot de persoonsgegevens die via de website van de bioscoop worden verzameld. "Als je een bioscoopkaartje koopt, kunnen je gegevens worden verwerkt door op zijn minst zeven bedrijven in vijf landen. Eén van die bedrijven is Google, en de kleine lettertjes in de algemene voorwaarden van Google geven dat bedrijf zeer veel vrijheid om de verzamelde gegevens met derden te delen in zo'n beetje alle landen ter wereld. Het is niet duidelijk of er tijdige en adequate anonimisering plaatsvindt. Zoals het er nu staat, is het een vrijbrief voor privacy-aantasting."

Voor de volledige tekst van Jonkers beroepschrift, klik HIER (pdf, 94 pp).

Privacy First steunt Jonker in deze zaak.

Media:
Security.nl, 7 januari 2020: Rechtszaak over Arnhemse bioscoop die contant geld weigert
Privacyweb, 7 januari 2020: Rechtszaak tegen weigering van contant geld door bioscoop
Sargasso.nl, 8 januari 2020: Rechtszaak tegen weigering contant geld door bioscoop
FOK Nieuws, 8 januari 2020: Rechtszaak tegen weigering van contant geld door bioscoop
AVROTROS Radar, 8 januari 2020: Niet contant kunnen betalen: inbreuk op je privacy? (inclusief opiniepoll)
Potkaars.nl, 8 januari 2020: Michiel Jonker - War on Cash in de Bioscoop (video-interview en podcast) 
Café Weltschmerz, 8 januari 2020: Profileren op basis van bioscoopbezoek – Rico Brouwer en Michiel Jonker (video-interview)
Emerce, 10 januari 2020: Rechtszaak tegen weigering van contant geld door bioscoop
De Gelderlander, 16 januari 2020: Privacystrijder blijft vechten voor betalen met contant geld bij filmhuis in Arnhem
FOK Nieuws, 17 januari 2020: Q&A met privacy-activist Michiel Jonker.
Tweakers, 6 februari 2020: Interview met Michiel Jonker - privacyactivist uit idealisme en irritatie.

Gepubliceerd in Financiële privacy & PSD2

Rechtbank behandelt beroep van OV-reiziger inzake vier structurele privacy-inbreuken. Autoriteit Persoonsgegevens weigert deze inbreuken te onderzoeken of te handhaven.

Op 16 december 2019 zal de Rechtbank Gelderland in twee direct op elkaar volgende rechtszittingen de beroepen van Michiel Jonker behandelen tegen de afwijzing van twee handhavingsverzoeken door de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). In juli 2018 verzocht Jonker in twee handhavingsverzoeken de AP om onderzoek en handhaving inzake:

  1. De weigering door vervoerbedrijf Connexxion van privacyvriendelijke, contante betaling voor eenmalige buskaartjes in de bus.
  2. Het weigeren van de terugbetaling van resterend saldo op anonieme OV-chipkaarten als de houder zijn NAW-gegevens niet aan Nederlandse Spoorwegen (NS) verstrekt.
  3. Het weigeren van internationale treintickets door NS-medewerkers aan stationsbalies als kopers hun NAW-gegevens niet aan NS verstrekken.
  4. Het in rekening brengen, sinds 2 juli 2018, van extra “servicekosten” als houders van anonieme OV-chipkaarten contant betalen voor het opwaarderen van het saldo op deze kaarten.

De AP weigerde deze inbreuken op de privacy serieus te onderzoeken, omdat volgens de AP een "globaal (bureau)onderzoek" reeds zou hebben uitgewezen dat er geen sprake was van enige overtreding. Volgens de AP is de verwerking van persoonsgegevens in sommige gevallen niet aangetoond en zou daar dus geen sprake van zijn (2, 3, 4). Met betrekking tot de verkoop van internationale tickets van buitenlandse vervoerbedrijven door NS verklaarde de AP zichzelf eerst ten onrechte onbevoegd, maar beweert nu, nadat Jonker daartegen bezwaar maakte, dat Jonker op dit punt niet om handhaving zou hebben verzocht. Met betrekking tot de weigering van contante betaling in de bus (1) vindt de AP dat de inbreuk op de privacy acceptabel is. Ook wekt de AP, in navolging van Connexxion, de schijn dat er allerlei andere privacyvriendelijke betaalmogelijkheden voorhanden zijn, terwijl er in Jonkers woonplaats Arnhem slechts één plek is waar dat kan, maar dan wel tegen betaling van een extra toeslag. Jonker vindt dat er op die manier sprake is van privacy-discriminatie: het nadelig behandelen van mensen die met privacy willen blijven reizen.

Jonker: "Het gaat in deze zaken om drie dingen. Ten eerste dat mensen met behoud van privacy van het openbaar vervoer gebruik kunnen maken, niet alleen in een vergezochte theorie, maar ook gewoon in de dagelijkse praktijk. Het gaat er dan om dat er voldoende verkooppunten zijn waar je contant kunt betalen voor alle soorten vervoerbewijzen, en zonder dat je een extra toeslag hoeft te betalen ten opzichte van reizigers die er noodgedwongen in berusten dat hun persoonsgegevens zonder hun instemming worden verwerkt. En dat vervoerbedrijven ook geen reizigers misleiden, of stiekem hun gegevens verzamelen.

Ten tweede gaat het erom dat vervoerbedrijven niet met willekeur persoonsgegevens mogen verzamelen, als ze maar met wat algemene kreten zwaaien, bijvoorbeeld "veiligheid" of "fraudepreventie", zonder duidelijk te maken om welk specifiek, concreet probleem het nu eigenlijk gaat.

Ten derde gaat het erom dat de AP als toezichthouder en handhaver niet zomaar mag weigeren om iets te onderzoeken. Nu trekt de AP uit haar eigen weigering om het te onderzoeken, de conclusie dat er dus niks aan de hand is. Dat is alsof een politie-agent na de melding van een inbraak weigert het betreffende huis binnen te stappen, maar in plaats daarvan zegt: ik ga daar niet naar binnen, dus ik zie geen inbraak, dus er is geen inbraak, dus ik hoef daar niet naar binnen te gaan. Daar is een heel simpel woord voor: wegkijken. Veel Nederlandse toezichthouders, waaronder de AP, hebben nogal de neiging weg te kijken en op die manier aan struisvogelpolitiek te doen. Maar we betalen die toezichthouders wel van ons belastinggeld. Dat doen we niet om ze te laten wegkijken."

Gevraagd of hij bijvoorbeeld "veiligheid" dan geen serieus thema vindt, antwoordt Jonker: "Natuurlijk vind ik dat een serieus thema. Juist daarom verdient het een serieuze behandeling. Maar dat is iets heel anders dan het thema veiligheid misbruiken om precies te gaan bijhouden welke routes miljoenen onschuldige reizigers op welke momenten afleggen. Ik ben voor een serieuze analyse van concrete veiligheidsproblemen, gevolgd door maatwerk om die specifieke problemen ook echt tegen te gaan. Connexxion heeft niet aannemelijk gemaakt dat contante betaling de veiligheid op zelfs maar één buslijn in de regio serieus in gevaar zou brengen. Ik woon al meer dan twintig jaar in Arnhem. Ik ging met lijn 3 naar de dierentuin, op een mooie, zonnige ochtend. Nooit geweten dat dat onveilig was... Het moet proportioneel blijven. Maar proportionaliteit kan heel subjectief worden opgevat. Dan mag je als vervoerbedrijf alles van reizigers eisen. Dat is op dit moment de basishouding van de AP. Als vervoerbedrijven iets willen, vindt de AP het dus nodig, en wil daarom niet handhaven of serieus onderzoeken."

Gevraagd naar zijn verwachtingen over de rechtszaken, antwoordt Jonker: "Sinds de uitspraken van de Rechtbank Gelderland in twee andere beroepsprocedures, op 5 september van dit jaar, ben ik zeer sceptisch over de kwaliteit van de rechtspraak van deze instantie. Tegen die uitspraken ben ik in hoger beroep gegaan bij de Raad van State. Ik heb de rechtbank verzocht om met de behandeling van deze nieuwe zaken te wachten tot de Raad van State uitspraak heeft gedaan, om een zinloze herhaling van zetten te voorkomen. Ook zijn er inmiddels prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over reisgegevens van OV-gebruikers. Dat wil ik ook graag afwachten, om alle partijen tijd en geld te besparen. Maar de rechtbank heeft dat verzoek helaas meteen afgewezen."

De rechtszittingen vinden plaats op 16 december 2019 om 10:30 uur in de Rechtbank Gelderland, Walburgstraat 2-4 te Arnhem. Klik HIER voor het beroepschrift van Jonker in de zaak over de weigering van contante betaling in de bus door vervoerbedrijf Connexxion (pdf).

Jonker wordt in beide zaken gesteund door Stichting Privacy First en Maatschappij Voor Beter OV.

Update 17 december 2019: de twee rechtszaken werden op 16 december jl. behandeld door een meervoudige kamer van de rechtbank. Een vertegenwoordiger van Privacy First was als toehoorder aanwezig. Jonker had een enkele pleitnota voor beide zittingen gemaakt, maar de rechter stond hem niet toe die voor te lezen. Desgevraagd verwees de voorzittende rechter naar het "te ruste leggen" van de zogeheten "Nieuwe zaaksbehandeling" per 13 februari 2018, en gaf aan dat de rechtbank inmiddels werkt aan de hand van de zogeheten "professionele standaard", waarin niet meer is voorzien in de mogelijkheid voor partijen om een schriftelijk voorbereid pleidooi te houden. Jonker: "Natuurlijk moest ik daar ter zitting in berusten, immers de rechter bepaalt wat er ter zitting mag worden ingebracht. Maar het is een teken aan de wand hoe het er met onze rechtspraak voorstaat. Mijns inziens is het weigeren van pleidooien in strijd met artikel 6 van het EVRM (recht op een eerlijk proces), omdat in zo'n pleidooi de omstandigheden van het concrete geval en de ethische implicaties daarvan rechtstreeks kunnen worden verduidelijkt en bespreekbaar gemaakt. Achteraf heb ik op internet proberen na te gaan wat daarover te vinden is. In een publicatie van het Ministerie van Binnenlandse Zaken uit 2015 ("De praktijk van de Nieuwe zaaksbehandeling in het bestuursrecht") bleek dat sommige rechters mijn mening op dit punt delen." Voor de pleitnota van Jonker, klik HIER (pdf).

Tijdens beide zittingen werd eerst Jonkers verzoek behandeld om de zaken aan te houden in afwachting van uitspraken van het Hof van Justitie van de EU (HvJ EU) en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) over met name de eisen die moeten worden gesteld aan het aantonen van een noodzaak voor de verwerking van persoonsgegevens in het openbaar vervoer. De AP, NS en Connexxion zagen geen aanleiding om de zaken aan te houden. De rechtbank gaat het overwegen en zal partijen t.z.t. op de hoogte stellen van zijn standpunt.

In de eerste zitting kwam naast de vraag of er een noodzaak voor de privacy-inbreuken is aangetoond, ook de vraag aan de orde naar de precieze omvang van de verantwoordelijkheid van verwerkingsverantwoordelijken zoals NS. Is NS verantwoordelijk voor het gedrag van haar eigen baliemedewerkers, als die zonder noodzaak NAW-gegevens opeisen bij de aankoop van internationale treintickets? Jonker betoogde van wel, en op dit punt leek de AP het met hem eens te zijn. Daarnaast betoogde Jonker dat de verantwoordelijkheid voor gegevensverwerking niet mag worden zoekgemaakt tussen (binnenlandse of buitenlandse) "verwerkingsverantwoordelijken" en "verwerkers".

Voor het eerst deed NS zelf een uitspraak over het doel waarmee NS legitimatie eist wanneer iemand het restsaldo op een anonieme OV-chipkaart terugvraagt. Volgens NS is dat om een "drempelverhogend effect" te creëren om personen af te schrikken die een gestolen anonieme OV-chipkaart proberen in te leveren. Jonker wees erop dat, als dit klopt, er sprake is van een illegale handeling van NS, omdat het eisen van legitimatie om mensen af te schrikken, niet rechtmatig is en NS daartoe ook niet bevoegd is. Ook wees Jonker erop dat in geval van het teruggeven van saldo van meer dan dertig euro, er in opdracht van NS wel degelijk persoonsgegevens worden verwerkt, namelijk door Translink Systems (TLS).

Met betrekking tot het in rekening brengen van zogeheten "servicekosten" bij het contant betalen voor het opladen van anonieme OV-chipkaarten met bankbiljetten aan de balie, zonder dat er gelijkwaardige, privacyvriendelijke alternatieven zijn, werden er geen nieuwe argumenten ingebracht.

In de tweede rechtszitting ging het onder andere over de vraag of de noodzakelijkheid voor het verwerken van persoonsgegevens ten behoeve van de uitvoering van een contract (art. 6 lid 1 onder b AVG) afgeleid kan worden uit willekeurige, algemeen geformuleerde doelen die een verwerkingsverantwoordelijke (Connexxion) heeft vastgesteld, of dat er ook sprake moet zijn van een objectiveerbare, materiële noodzaak. Jonker betoogde dat uit de aangeleverde documentatie geen noodzaak viel af te leiden voor het weigeren van contant geld in de regio Arnhem-Nijmegen. Connexxion betoogde dat het niet nodig was om zo'n noodzaak voor deze regio aan te tonen, en zelfs niet eens om een "risicoprofiel per regio of per buslijn" op te stellen. Ook zag Connexxion voor zichzelf geen plicht of verantwoordelijkheid om te zorgen voor alternatieve, toegankelijke manieren voor privacyvriendelijk betalen. Dit omdat de verkooppunten volgens Connexxion niet door haarzelf worden bepaald, maar door de Stadsregio Arnhem-Nijmegen. Jonker betoogde dat een verwerkingsverantwoordelijke bij het treffen van maatregelen die een inbreuk vormen op de privacy, zelf verantwoordelijk blijft voor het zorgen voor een alternatief (subsidiariteitsbeginsel).

Ten slotte wees Connexxion erop dat Jonker niet verplicht is om het OV te gebruiken. Jonker reageerde dat het OV geen "winkel met prullaria" is, maar een essentiële publieke nutsfunctie waarvan hij en talloze andere mensen afhankelijk zijn om maatschappelijk te kunnen participeren.

Voorafgaand aan de zitting had Connexxion schriftelijk verzocht om Jonker te veroordelen tot het vergoeden van haar proceskosten vanwege "kennelijk onredelijk gebruik van het procesrecht". Na een vraag hierover van één van de rechters trok Connexxion dat verzoek aan het eind van de zitting in.

Gevraagd naar zijn indruk over de zittingen, zei Jonker: "Als je kijkt naar de letter van de wet en de bedoeling van de wetgever, sta ik sterk. Maar ik weet inmiddels uit ervaring dat dat niet alles zegt over de uitkomst van rechtszaken. Het zal er mede van afhangen of de rechters bereid zijn om niet alleen te kijken naar theoretische, algemene, niet-onderbouwde verhalen van NS en Connexxion, maar ook naar hoe het in de feitelijke praktijk functioneert, en naar de manier waarop de verschillende inbreuken op de privacy elkaar versterken. Cumulatief ontstaan er daardoor grote effecten waardoor er van de privacy weinig overblijft."

Update 6 februari 2020: de rechtbank Gelderland heeft op 4 februari jl. uitspraak gedaan in beide zaken, en deze op 5 februari gepubliceerd. De rechtbank verklaarde beide beroepen ongegrond, waarbij de rechtbank de argumentaties van de AP volgde.

Jonker: "Wat ik al vermoedde, is opnieuw gebeurd: de rechtbank heeft de argumentatie van de AP overgenomen en herhaalt die nog eens, maar gaat niet in op argumenten die ik daartegenin heb gebracht. Daar zwijgt de rechtbank over, of hij verwerpt ze zonder inhoudelijk te onderbouwen waarom.

Gevraagd naar een voorbeeld, antwoordt Jonker: "Als het bijvoorbeeld gaat om de weigering van contante betaling in de bus, dan verwijst de rechtbank, net als de AP, naar een door een conglomeraat van overheden en vervoerbedrijven gezamenlijk opgesteld "Actieprogramma Sociale Veiligheid in het OV", maar negeert wat ik over de inhoud van dat plan heb gezegd. Ik heb aangevoerd dat uit dat de tekst van dat plan geen noodzaak blijkt voor de weigering van contante betaling in de bus. De rechtbank stelt: er is een plan, daarin wordt een doel genoemd, en dus is de verwerking van persoonsgegevens nodig. Dat is geen rechtspraak, maar het napraten van een bestuursorgaan. De rechtbank stelt zich op deze manier niet op als een onafhankelijke uitlegger van de wet, maar als een verlengstuk van een conglomeraat van polder-organisaties, en als advocaat van de bestuurlijke consensus die binnen dat conglomeraat is gevormd. Die consensus is kennelijk dat reële privacy, zoals die tot 2014 in het OV bestond, mag en moet worden afgeschaft. Als de bestuursrechtspraak zo functioneert, kun je de scheiding der machten net zo goed opheffen. En dan kan ik beter mijn wetskennis aan de wilgen hangen en me omscholen door middel van een cursus 'Hoe kom ik in het gevlei bij machthebbers'. We zien hier dat de afbraak van de rechtsstaat zich in het hoofd van de rechters al voltrokken heeft, zonder dat zij dat zelf willen beseffen."

Gevraagd naar zijn volgende stappen, geeft Jonker aan in hoger beroep te zullen gaan bij de Raad van State. "Ik had verzocht om beide zaken aan te houden in afwachting van een uitspraak van de Raad van State in de zaak over privacy in het OV waarover de rechtbank op 5 september vorig jaar uitspraak deed, omdat die op enkele cruciale punten overlapt met de huidige zaak. De rechtbank heeft dat verzoek afgewezen omdat de zaken niet op alle punten met elkaar overeenkomen. Maar dat was ook niet mijn betoog. Het gaat immers om verschillende zaken. Ik had betoogd dat de uitkomst van de huidige zaken voorspelbaar is als de Raad van State mijn hoger beroep ongegrond zou verklaren, en dat het dus zin had om af te wachten of dat gebeurt. Maar nu ben ik dus genoodzaakt om voorafgaand daaraan weer twee separate procedures bij de Raad van State aan te spannen, en daarvoor griffierechten te betalen. Op deze manier werpt de rechtbank voor de burger een zo groot mogelijke hindernis op om tot zijn recht te komen. Deze mentaliteit is een zorgwekkende ontwikkeling met het oog op het behoud van de rechtsstaat. Het enige wat ik nu kan doen, is hopen dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State anders met de materie omgaat, en dat ondertussen de publieke opinie in toenemende mate wakker wordt over wat hier aan het gebeuren is. Niet alleen met onze privacy, maar ook met onze rechtsstaat."

Zie voor de volledige uitspraken van de rechtbank op rechtspraak.nl ECLI:NL:RBGEL:2020:619 en ECLI:NL:RBGEL:2020:622.

Media:
Omroep Gelderland, 5 februari 2020: Arnhemse privacystrijder krijgt van rechter ongelijk over anoniem reizen
De Gelderlander, 5 februari 2020: Arnhemse privacyvechter Jonker vangt bot in zaak over anoniem reizen met het ov
Security.nl, 5 februari 2020: Arnhemmer verliest zaken over privacy in het openbaar vervoer
Tweakers, 6 februari 2020: Interview met Michiel Jonker - privacyactivist uit idealisme en irritatie.

Update 10 maart 2020: op 6 maart jl. heeft Jonker bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State hoger beroep ingediend tegen de beide uitspraken van de rechtbank. In zijn hoger beroep gaat Jonker ook in op fundamentele vragen met betrekking tot "connectiviteit" en "autoritair denken". Jonker: "Na de uitspraken van de rechtbank op 4 februari jongstleden, was het me duidelijk dat er sprake is van twee fundamentele problemen als het gaat om rechtspraak over privacy. Het eerste probleem is de trend om de digitalisering van alles kritiekloos te omarmen, in plaats van daarin bewuste keuzes te maken: wat wel, en wat (nog) niet? En zo ja, hoe kan privacy dan op een reële manier worden gewaarborgd? Dat wordt dan 'connectiviteit' genoemd. Helaas hollen niet alleen bedrijven en ministeries achter die trend aan, maar ook de toezichthouder en sommige rechters.

Het tweede probleem is de autoritaire manier van denken die daarmee gepaard gaat, maar waarvan de toezichthouder en sommige rechters zich onvoldoende bewust lijken te zijn. De mens wordt gereduceerd tot een instrument voor de verwezenlijking van digitale ambities, en wordt dan niet langer gezien als een individu met een vrije wil, verantwoordelijkheid en rechten. In combinatie met elkaar leiden deze twee trends tot een totalitaire inrichting van de maatschappij, als er niet tijdig grenzen aan worden gesteld. Ik hoop dat de Raad van State dat nu zal doen, met verwijzing naar artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Dat beschermt het privéleven, wat meer is dan alleen persoonsgegevens."

Daarnaast heeft Jonker voor één van de vier onderdelen van zijn hoger beroep tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend, waarin hij de Raad van State verzoekt om de AP te gelasten snel in te grijpen om het technisch buiten werking stellen van het zogeheten "ATB-systeem" voor de verkoop van internationale treintickets vooralsnog te stoppen, totdat de AP daar onderzoek naar heeft gedaan, in samenwerking met andere toezichthouders binnen de EU.

Jonker: "De AP en de rechtbank hebben feiten genegeerd die ik al op 31 januari 2019 onder de aandacht van de AP bracht, namelijk dat NS en andere railvervoerbedrijven aantoonbaar voornemens waren het ATB-systeem af te schaffen. Met dat systeem worden al tientallen jaren privacyvriendelijke, internationale treintickets verkocht. In februari 2020 bleek mij dat het ATB-systeem in november 2019 is afgeschaft. Als gevolg daarvan word ik nu verplicht om bij treinreizen naar Duitsland of Frankrijk mijn naam op te geven als ik een ticket koop, en die naam wordt dan verwerkt in een systeem. Als ik naar Frankrijk ga moet ik ook nog mijn geboortedatum opgeven. In de rechtszitting op 16 december 2019 heeft NS daar echter over gezwegen. Op die manier heeft NS niet alleen in samenwerking met andere vervoerbedrijven de privacy bij die tickets afgeschaft, maar ook heeft NS de rechtbank op dit punt willens en wetens misleid. Ik wil dat de Raad van State de AP verplicht om de afschaffing van het ATB-systeem nu alsnog te gaan onderzoeken, en om van de vervoerbedrijven te verlangen dat die het ATB-systeem als infrastructuur technisch in stand houden totdat het onderzoek is voltooid, zodat er geen onomkeerbare situatie ontstaat."

Voor het volledige hoger-beroepschrift van Jonker, getiteld "Lof der individualiteit - privacy, connectiviteit en autoritair denken", klik HIER (pdf, 191 pp).

Update 26 november 2020: de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft aangekondigd drie hoger beroepen van Jonker inzake privacy in het openbaar vervoer ter zitting te zullen behandelen op maandag 8 februari 2021. Het betreft de volgende zaken:

- Contante betaling in de bus; AP en Connexxion (zaaknr. 2020-01625)
aanvang: 9:30u.

- Aanschaf internationale treintickets, restsaldo OV-chipkaart, servicekosten OV-chipkaart; AP, NS en mogelijk anderen (zaaknr. 2020-01629)
aanvang: 10:30u.

- Privacy-discriminatie bij OV-chipkaart; de-anonimisering van "anonieme" OV-chipkaart (zaaknr. 2019-07478)
aanvang: 11:30u.

Alle drie de zaken worden behandeld in het gebouw van de Afdeling bestuursrechtspraak aan de Kneuterdijk 22 in Den Haag.

Gepubliceerd in Mobiliteit

Busreiziger Michiel Jonker heeft een rechtszaak aangespannen tegen de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), vanwege de weigering van de AP om handhavend op te treden tegen vervoerbedrijf Breng/Connexxion. Connexxion weigert, net als veel andere Nederlandse vervoerbedrijven, sinds medio 2018 om in de bus betaling van kaartjes met contant geld te accepteren. Volgens Jonker is dit een schending van zijn privacy, omdat dit hem als busreiziger verplicht tot pinbetaling, waarbij zijn persoonsgegevens worden verwerkt. Jonker diende hierover in juli 2018 een handhavingsverzoek in bij de AP.

De AP weigerde vervolgens te handhaven. Volgens de Autoriteit is er sprake van een "overeenkomst" (contract) tussen Connexxion en Jonker, omdat Connexxion de weigering van contante betaling in de algemene voorwaarden heeft opgenomen. Volgens de AP leveren de door het vervoerbedrijf opgestelde algemene voorwaarden een wettelijke grondslag op voor het verwerken van persoonsgegevens (artikel 6 lid 1 onder b AVG). Tevens stelt de AP dat het doel van "sociale veiligheid" in het OV de verwerking van persoonsgegevens rechtvaardigt.

Jonker bestrijdt dit. Volgens hem is er geen sprake van een vrijwillig aangegaan contract, gezien zijn afhankelijkheid van het openbaar vervoer en het monopolie van Connexxion op de betreffende buslijnen. Ook stelt Jonker dat een vaag en algemeen geformuleerd doel zoals "sociale veiligheid" een generieke aantasting van de privacy op alle Nederlandse buslijnen niet rechtvaardigt. Volgens Jonker moet er gekeken worden naar de werkelijke veiligheidsproblematiek in specifieke regio's en op specifieke buslijnen.

Jonker: "Zoals het nu toegaat, kan een willekeurige groep bedrijven, al dan niet in samenwerking met bijvoorbeeld een ministerie of de leiding van de politie, eenzijdig zo'n beetje elke aantasting van privacy doordrijven, zonder serieus te onderbouwen waarom dat nodig zou zijn. En de AP vindt dat prima, want die is er kennelijk niet voor de burgers, maar voor degenen die de rechten van burgers onder de voet willen lopen. In mijn handhavingsverzoek en in mijn bezwaarschrift heb ik de zaak zorgvuldig beargumenteerd, maar de AP negeert het overgrote deel van mijn argumenten. Helaas kom je dan weer bij de rechter terecht."

Eerder heeft Jonker al verschillende rechtszaken op het gebied van privacy gewonnen, inzake de Arnhemse adresgebonden afvalpas, en inzake de OV-chipkaart van NS. Jonker: "Er lopen nu in totaal zes zaken van mij bij de AP, die telkens weigert zijn wettelijke handhavingstaak uit te voeren. Hoewel ik over juridische achtergrondkennis en een aantal andere vaardigheden beschik, valt dit voor een normaal mens uiteindelijk niet vol te houden. Met haar weigerachtigheid maakt de AP van privacy in de praktijk een lachertje. De vraag is nu wat de rechter vindt. Als die het ook wel best zou vinden, is het voorlopig einde verhaal voor de privacy, dan kunnen we die illusie overboord gooien. De AVG zou in dat geval weinig voorstellen. Maar of dat zo is, ga ik eerst wel grondig uitzoeken door het aan de Nederlandse rechter voor te leggen, maar desnoods ook aan de Europese rechter."

Jonker wordt in deze zaak gesteund door Stichting Privacy First en Maatschappij Voor Beter OV.

Gepubliceerd in Mobiliteit

Privacy First in hoger beroep in rechtszaak anoniem betalen en parkeren


Afgelopen week heeft de rechter uitspraak gedaan in mijn zaak voor het behoud van het recht om cashbetalingen te kunnen blijven doen bij overheidsdiensten. Dit vanuit de idee dat ik anonieme betalingen wil kunnen doen in het geval mijn persoonsgegevens hierin betrokken worden en dat ik geen keuzevrijheid heb bij het afnemen van een monopolistische overheidsdienst. Mijn irritatie over de onstuitbare controlewaanzin van overheden, goedbedoeld ambtelijk amateurisme en het vilein omdraaien van rechtsprincipes zijn de redenen om in vele zaken (maar zeker in deze zaak) de rechter in te zetten. De rechter besloot echter dat er in deze zaak geen inbreuk zou zijn op de privacy en heeft de zaak daarmee terzijde geschoven zonder de principiële en inhoudelijke kant in behandeling te nemen.

Na 10 jaar principiële rechtszaken voeren kan ik wel concluderen dat ons rechtssysteem zich niet kan verweren tegen politieke en ambtelijke uitholling van binnenuit. Er ontbreekt een belangrijke check & balance, namelijk toetsing van wetgeving aan de Grondwet door een onafhankelijk rechterlijk college zoals in Duitsland het Constitutionele Hof in Karlsruhe. Steeds weer duiken Nederlandse rechters in dit soort zaken weg vanuit de argumentatie dat zij niet “over” de wetgeving heen recht kunnen spreken, dat de gekozen route bestuursrechtelijk hetzij strafrechtelijk aangevlogen had moeten worden, dat Privacy First of daarvoor optredende eisers niet ontvankelijk zijn om de rechtszaak te voeren en zo nog meer redenen om maar vooral niet tot een principiële uitspraak te hoeven komen. Verder en verder glijdt Nederland daardoor af in plaats van juist sterker uit de strijd te komen vanuit nieuwe technologie en mogelijkheden om eeuwenoude rechtsprincipes te beschermen.

Zo ook weer in onze zaak om anoniem (cash) te kunnen betalen voor parkeren. Privacy First gaat hierbij uit van het recht op anonimiteit in de openbare ruimte en het recht op anonieme betaling met contant geld danwel een ander waterdicht technologisch alternatief. Opvallend aan deze zaak (en ook onze eerdere zaak over trajectcontroles) is dat de rechter niet inhoudelijk wenst te toetsen. De rechter beargumenteert ten onrechte dat de privacy hier niet in het geding is en komt daardoor niet aan toetsing toe. De rechter ontduikt daarmee zijn rechterlijke verantwoordelijkheid, als een soort juridische struisvogelpolitiek.

In de optiek van Privacy First is het recht op privacy hier wel degelijk in het geding: middels kentekenparkeren heeft de overheid immers onbeperkt zicht op wie waar en wanneer in Nederland parkeert. Dit is in strijd met het recht van burgers om in eigen land vrij en anoniem te kunnen reizen en parkeren. Dit wordt nog verergerd door het gebrek aan contante betaalmogelijkheid: middels elektronische betaling is immers traceerbaar wie waar en wanneer parkeert. Daarmee vormt verplicht kentekenparkeren met verplichte elektronische betaling een dubbele privacyschending.

De arrogante overheidshouding is stuitend als men bedenkt dat de Hoge Raad reeds bepaald heeft dat invoering van het kenteken niet verplicht mag worden gesteld en de Nederlandse gemeenten hier gewoon mee doorgaan en een reis- en verblijfsdatabase optuigen buiten het zicht van de burger. Privacy First heeft daarom in kort geding geëist om dit gedrag van gemeenten te verbieden, waarna de rechter dit afwees wegens zogenaamde “complexiteit”... complex van wat en voor wie? De huidige bodemprocedure bij de belastingrechter heeft meer dan een jaar geduurd, met maar liefst twee rechtszittingen en tussentijdse verwijzing van enkelvoudige naar meervoudige kamer (vanwege de complexiteit van deze principiële zaak van groot maatschappelijk belang). Met als resultaat echter opnieuw een oppervlakkig en halfslachtig vonnis waarin vrijwel niets inhoudelijk en kritisch wordt getoetst, het zogenaamde “ontwijk- of struisvogelvonnis” dat wij inmiddels gewend zijn bij principiële (privacy)zaken.

Privacy First gaat nu in hoger beroep en hoopt dat het Hof Amsterdam wél in staat zal zijn (en de rechterlijke moed zal hebben) om alsnog een kritische uitspraak te doen. Het gaat in deze zaak immers om principiële kwesties die de hele bevolking aangaan: anonimiteit in de openbare ruimte en het recht om contant te betalen. Nieuwe technologie zou voor deze uitgangspunten ingezet moeten worden in plaats van deze uit te hollen en te vernietigen. Contant geld is een wettig betaalmiddel. In monopoliesituaties hebben burgers het recht om te kunnen kiezen tussen elektronische en contante betaling, zo luidt de formele Nederlandse consensus. In 2015 verscheen hierover een uitvoerig rapport van het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB) waarin dit standpunt unaniem wordt onderschreven door alle Nederlandse organisaties die zich met betaalverkeer bezighouden, waaronder de Nederlandsche Bank.

Kentekenparkeren is een monopoliesituatie: de parkeerder kan hiervoor maar bij één partij terecht. Reeds daarom zou contante betaling mogelijk moeten zijn. Dit is immers het enige betaalmiddel dat anonimiteit garandeert. Contant geld is bovendien een kwestie van Europees recht. In hoger beroep zal Privacy First dan ook trachten te bewerkstelligen dat deze kwestie aan het Europees Hof van Justitie in Luxemburg wordt voorgelegd. Hierover bestaat immers nog geen jurisprudentie, terwijl deze kwestie voor alle Europeanen van belang is en steeds belangrijker wordt naarmate cash geld steeds meer wordt uitgebannen en het recht op anonieme betaling steeds meer onder druk komt te staan. In de huidige uitspraak van de rechtbank Amsterdam valt niets van dit alles terug te lezen. Het is een wereldvreemd vonnis dat totaal los lijkt te staan van de juridische en feitelijke realiteit.

Privacy First vraagt zich inmiddels af: is de Nederlandse rechterlijke macht eigenlijk wel geëquipeerd voor dit soort zaken? Is er bij de rechterlijke macht voldoende kennis aanwezig van het privacyrecht en ICT-kennis om deze zaken goed en grondig te kunnen behandelen? Beseft de rechterlijke macht welke implicaties het heeft om dit soort privacyschendende ontwikkelingen volstrekt ongemoeid te laten? Tot welk soort maatschappij gaat dit leiden? Privacy First staat voor Nederland Privacy Gidsland en de inzet van nieuwe technologie ter versterking van de rechtsstaat. Vanuit principes. Niet vanuit politiek opportunisme.


Bas Filippini,
voorzitter Stichting Privacy First


Lees hier de hele uitspraak van de rechtbank Amsterdam op rechtspraak.nl.

Gepubliceerd in Columns

Privacy First vecht kentekenparkeren aan bij rechtbank Amsterdam 

Kentekenparkeren zonder contante betaling is dubbele privacyschending 

Begin dit jaar oordeelde de Hoge Raad dat de Belastingdienst jarenlang op onrechtmatige wijze de locatiedata van alle automobilisten in Nederland heeft verzameld. De Belastingdienst deed dit middels een groot netwerk van ANPR-camera’s (nummerplaatregistratie) langs de Nederlandse snelwegen. Volgens de Hoge Raad bestond hiervoor echter geen wettelijke basis. Daarmee vormde deze praktijk van de Belastingdienst een massale privacyschending.

Ook op lokaal niveau wordt het reisgedrag van automobilisten al jarenlang op onrechtmatige wijze geregistreerd: middels kentekenparkeren heeft de gemeentelijke belastingdienst volledig zicht op wie waar en wanneer parkeert. Maar ook hier ontbreekt een specifieke wettelijke basis zoals door de Nederlandse Grondwet en art. 8 EVRM (het recht op privacy) worden vereist. Voor verplicht kentekenparkeren bestaat bovendien geen enkele maatschappelijke noodzaak. Verder ontbreekt bij kentekenparkeren de mogelijkheid om contant of anderszins anoniem te kunnen betalen. Daarmee vormt kentekenparkeren een meervoudige privacyschending.

Invoering kenteken niet verplicht

Begin 2015 won Privacy First haar eerste rechtszaak tegen kentekenparkeren: sindsdien zijn automobilisten niet meer verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Begin 2016 werd dit oordeel bevestigd door de Hoge Raad. Wie geen kenteken invoert, ontvangt echter nog steeds een parkeerboete die pas na bezwaar (met betalingsbewijs) wordt vernietigd. “Zo wordt je als goedwillende burger dus nog steeds gestraft als je anoniem wilt kunnen parkeren. Het is Kafka”, aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini. “De Hoge Raad is duidelijk: verplichte invoering van kentekens mag niet. Kentekenparkeren dient dus te worden afgeschaft”, aldus onze advocaat Benito Boer. Daartoe diende onlangs een kort geding van Privacy First om anoniem parkeren mogelijk te maken zónder invoering van het kenteken en mét anonieme betaalmogelijkheid. Het Hof Amsterdam verklaarde deze zaak echter niet-ontvankelijk wegens de complexiteit ervan. Daarmee stuurde het Hof aan op een nieuwe bodemprocedure waarin alle openstaande rechtsvragen alsnog behandeld kunnen worden. Een dergelijke procedure zal aanstaande donderdag plaatsvinden bij de rechtbank Amsterdam. Naast de vraag of kentekenparkeren rechtmatig is, zal in deze zaak met name het gebrek aan contante of anonieme betalingsmogelijkheden centraal staan. In april 2016 organiseerde Privacy First een publieksdebat over deze thematiek.   

Rechtszitting bij rechtbank Amsterdam

Privacy First nodigt u hierbij van harte uit om bij de openbare rechtszitting aanwezig te zijn. Deze zal plaatsvinden op donderdagochtend 29 juni as. om 9.00u bij de rechtbank Amsterdam: zaak L.T.C. Filippini vs. gemeente Amsterdam, zaaknr. AMS 16/1758 PARKBL. Adres: Fred. Roeskestraat 73, gebouw G (Parnas). NB: dit is de nieuwe tijdelijke locatie van de rechtbank. Klik HIER voor een routebeschrijving.

Wilt u ons graag steunen bij het voeren van deze rechtszaak? Maak dan een donatie aan Privacy First over o.v.v. “privacyparkeren” t.n.v. Stichting Privacy First te Amsterdam, IBAN: NL95ABNA0495527521.

Update 29 juni 2017: de rechtszitting vanochtend was relatief lang en grondig. De uitspraak van de rechtbank staat vooralsnog gepland op 10 augustus as.

Update 30 juni 2017: naar aanleiding van de rechtszaak verscheen vandaag een lezenswaardig artikel op de website van Trouw.

Update 10 augustus 2017: het vonnis van de rechtbank is 6 weken uitgesteld.

Update 21 september 2017: het vonnis van de rechtbank is opnieuw 6 weken uitgesteld.

Update 27 oktober 2017: de rechtbank heeft de zaak helaas afgewezen. Lees HIER het commentaar van Privacy First voorzitter Bas Filippini. Privacy First gaat nu in hoger beroep bij het Hof Amsterdam.

Update 11 februari 2019: ook het Hof Amsterdam heeft de zaak helaas afgewezen. Lees HIER ons commentaar. Privacy First bezint zich op juridische vervolgstappen.

Gepubliceerd in Kentekenparkeren

In hoeverre bestaat er een recht op contante of anderszins anonieme betaling? Hoe kan dit recht juridisch worden versterkt en technisch worden gerealiseerd?

Op donderdagavond 7 april 2016 vond op de kantoorlocatie van Privacy First (Volkshotel, Amsterdam) een enerverend publieksdebat plaats over het recht op anonieme betaling. Privacy First organiseerde dit debat omdat anoniem betalen steeds meer onder druk komt te staan. Contant betalen wordt uitgebannen, zonder dat daar anonieme digitale alternatieven voor in de plaats komen.

Privacy First voorzitter Bas Filippini opende de avond en het debat werd geleid door moderator Ancilla Tilia (columnist FD). Voor het debat waren een viertal gastsprekers uitgenodigd: Vincent Jansen (Innopay – Payments & Digital Identity), Bram Scholten (DNB), Eric Verheul (KeyControls/Radboud Universiteit Nijmegen) en Olivier Oosterbaan (Leopold Meijnen Oosterbaan Advocaten).

Publieksdebat onder leiding van Ancilla Tilia

Ancilla Tilia begon de avond met haar column voor het Financieel Dagblad ‘Ik ben niet mijn bankrekening’, waarin zij zich afvraagt: ‘Wie komt er op voor het behoud van contant geld?’


Bas Filippini – voorzitter Privacy First

Vervolgens was het woord aan Privacy First voorzitter Bas Filippini. In zijn voorwoord benadrukte Filippini dat privacy niet alleen zij aan zij staat met veiligheid, maar dat het een basisprincipe is van onze democratische rechtsstaat. Het is een fundamenteel recht om anoniem te kunnen zijn in de openbare ruimte. Het recht op anonieme betaling vormt hier een belangrijk onderdeel van. We zijn de laatste jaren echter gegaan van ‘Cash is King naar Cash is Crimineel’. Filippini is benieuwd of er privacyvriendelijke alternatieven bestaan voor bankbiljetten en klinkende munten, en om te kijken of technologie het principe van anoniem betalen kan ondersteunen in plaats van ondermijnen.

Cash is king


Olivier Oosterbaan – Leopold Meijnen Oosterbaan Advocaten

Olivier Oosterbaan zet zich onder meer in voor privacy en tegen identiteitsdiefstal. Tijdens het publieksdebat legt hij een paar mogelijke verwerkingsgrondslagen uit in het kader van de Wet bescherming persoonsgegevens en de balans met de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Zo vertelt hij wie er mogelijk allemaal bij een parkeertransactie betrokken zijn en welke gegevens er worden gedeeld. Daarnaast laat je hiermee de gemeente weten dat je op een bepaalde plek gedurende een bepaalde periode bent geweest. Maar ook bij sommige winkels kan je alleen nog met pin betalen en laat je de bank daardoor weten dat je op een bepaalde plek bent geweest.


Vincent Jansen – InnoPay en Digital Identity

Vincent specialiseert zich in innovatief betalen en dat heeft in zijn kader weinig met cash geld te maken. Hij geeft een inleiding over context: hoe meer context je geeft aan een betaling, hoe minder anoniem je zult zijn.

Cash geld
In deze context: hoe vaker je bij een winkel komt, hoe meer informatie je deelt met de ontvangende partij, bijvoorbeeld wanneer je elke week bij je lievelingskoffietentje komt: op den duur weet men dat je daar elke week een lekkere latte macchiato komt halen. Door meer context te geven verdwijnt een deel van je anonimiteit.

Pinnen
Wanneer je gaat pinnen, krijgt de ontvangende partij informatie: op het bonnetje staan bijvoorbeeld de laatste cijfers van je bankrekeningnummer en je pasnummer. Hierdoor kan de ontvangende partij weten dat je een terugkerende klant bent. Als klant krijg je niet veel meer informatie dan wanneer je contant betaalt: je weet bijvoorbeeld de naam van de winkel en waar deze gevestigd is. Het verschil tussen pinnen en contant betalen is dus voornamelijk dat er een betaaldienstverlener tussen zit, die moet weten wie er wil betalen en aan wie er betaald moet worden. Hierbij dient de betaaldienstverlener te weten op welke tijd en bij welke vestiging je bijvoorbeeld bent en daarbij ontstaat een hele hoop data.

Overschrijving
Hoe zit het dan bij betaling door middel van overschrijving? Hierbij heb je indien je geld wilt overmaken veel informatie nodig van de begunstigde. Wat opmerkelijk is, is dat de begunstigde ook veel informatie krijgt, zoals het rekeningnummer, de tenaamstelling en ook de adresgegevens en woonplaats van de verzender.

Trends

  • Crypto-currency als trend, het fenomeen dat je eigenlijk een soort van online cash kunt hebben. Dit is niet anoniem, maar een zekere vorm van pseudonimiteit waar geen bank tussen zit en waar we met zijn allen vaststellen wie het geld heeft en waar het zich bevindt. Het is een trend die relatief jong is, maar waar veel potentie in zit, in de vorm van het hebben van 'digitaal cash'.

  • Een ander fenomeen is om reguliere transacties in de huidige betaalstructuur te pseudonimiseren. Dit is een generieke trend, waarbij gegevens niet meer te relateren zijn en waarbij er minder statische gegevens met de transactie worden meegegeven.

  • Een andere trend vanuit de Europese Commissie is de Payment Service Directive die in 2018 van kracht zal zijn. Hierbij krijgen banken de opdracht om, als de klant dat wil, een rekening open te stellen voor betaaldiensten en informatiediensten. Anders gezegd: ik moet een provider vertellen dat jij namens mij naar mijn afschriften kunt kijken, in al mijn bankrekeningen, om bijvoorbeeld mijn budgetcoach te worden. Wat er echter waarschijnlijk gaat gebeuren is dat bankgegevens elders geraadpleegd kunnen worden en zullen worden opgeslagen.

  • De laatste trend die benoemd wordt is Social Payments, voornamelijk in de peer-to-peer sfeer dat betalen steeds meer een onderdeel wordt van interactie en dat het juist heel 'cool' en leuk kan zijn om een betaling te verrijken met context. Zodat het gaat leven in de bankomgeving, door te vermelden waarom je betaalt, waar het was en hierbij bijvoorbeeld een leuke foto te plaatsen. Een ander fenomeen is dat IBANS (wat lastige dingen zijn) mogelijk vervangen zullen worden door 06-nummers en e-mailadressen, die ook weer extra herleidbaarheid met zich meebrengen.

Wie komt er op voor contant geld

Bram Scholten – De Nederlandsche Bank

Sinds 2012 maakt De Nederlandsche Bank (DNB) zich zorgen over de druk op contant geld. In de jaarverslagen van DNB wordt het belang van contant geld dan ook onderstreept. Bram Scholten stelt dat contant geld een bescherming van privacy geeft. Hij citeert uit het DNB jaarverslag van 2012: ‘In deze tijd waarin de samenleving langs elektronische weg steeds meer de persoonlijke levenssfeer binnendringt blijft daaraan behoefte bestaan’. De Nederlandsche Bank heeft zich ingezet om met marktpartijen zoals Detailhandel Nederland en de Nederlandse Betaalvereniging, die de banken vertegenwoordigd, in november 2015 in het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB) in eigen kring uit te dragen dat voor toonbankbetalingen (betalingen buiten de deur) contant betalen mogelijk blijft. Daarmee wordt dus afstand genomen van het feit dat er soms geen contante betalingen meer mogelijk zouden zijn. De Nederlandsche Bank heeft gemeten dat de helft van alle betalingen nog met contant geld wordt gedaan.

Contant geld is positief

Contant betalen is natuurlijk een mogelijkheid om anoniem te betalen. Als wij een recht zouden hebben om contant te betalen, dan zouden wij ook een rechtmatige mogelijkheid hebben om anoniem te betalen. In wezen is het zo dat in het Burgerlijk Wetboek contant betalen als de gewone manier van betalen wordt beschreven. Er moeten in principe nadere afspraken gemaakt worden om af te wijken van de wet om contant te betalen. In het rapport van het MOB is dan ook gesteld dat met name in situaties waarin er sprake is van een lokaal monopolie, zoals een apotheek in een gebied waar geen andere apotheken zijn, als je daar niet contant zou kunnen betalen, dan zou dit bepaalde mensen kunnen duperen, omdat mensen niet meer kunnen krijgen wat ze nodig hebben. Het MOB ziet dit als onwenselijk en vraagt zich ook af of het rechtmatig is om contant geld te weigeren. Dit is een open vraag en in wezen ook een vraag op het gebied van Europees recht, omdat op Europees niveau is vastgelegd dat contant geld een wettig betaalmiddel is. Er bestaat echter nog geen jurisprudentie van het Europees Hof van Justitie hoe dit moet worden toegepast en wat het begrip 'wettig betaalmiddel' precies inhoudt. Dat leent zich dus wellicht voor een proefproces.

Contant is anoniem

Eric Verheul – Radboud Universiteit Nijmegen & Digital Security Group

Eric hield een presentatie over online betalen en online aanloggen. Wat gebeurt er precies wanneer je iets afrekent in een webshop? Bijvoorbeeld: Jan Jansen koopt iets in een webshop, wat hij precies aanschaft kan iets zeggen over hem als persoon, misschien is het wel iets waarvoor hij zich schaamt en waarvan hij niet wil dat iedereen het weet. Het zou ook kunnen dat die informatie bijzondere persoonsgegevens bevat. Wanneer je online betaalt, dan weet de bank wie jij bent en aan wie je betaalt. Dit kan vanuit privacy-oogpunt nadelig zijn, maar qua veiligheid prettig zijn. Hierdoor kan een bank bijvoorbeeld zien dat een betaling frauduleus is en deze betaling stopzetten. Daarnaast kan het voor de webshop handig zijn om je rekeningnummer te weten, wanneer zij bijvoorbeeld geld terug willen storten.

Dit staat in relatie met een online applicatie: je hebt bijvoorbeeld DigiD om te kunnen inloggen bij de Belastingdienst. Daarbij geldt dezelfde problematiek als met online betalingen, omdat je hierbij jezelf identificeert met bijvoorbeeld je naam of in sommige gevallen een pseudoniem. Zo’n toegangsdienst weet jouw identiteit en tot welke website jij toegang zoekt. En zo’n toegangsdienst zou bijvoorbeeld gehackt kunnen worden. Steeds meer zorginstellingen gaan werken met DigiD, maar hoe wenselijk is het dat DigiD weet dat jij een GGZ-instelling bezoekt? En wat als bijvoorbeeld een bank zo’n toegangsdienst verleent, hoe wenselijk is het dat zo’n partij dat allemaal weet? In de parallel met de fysieke wereld: dan weet iemand welke fysieke winkels jij allemaal bezoekt. Digitaal is het momenteel heel vanzelfsprekend dat dat allemaal zo gaat.

In 2014 hebben we een nieuwe techniek ontwikkeld: polymorfe pseudonimisering. Het werkt eigenlijk op dezelfde manier als bijvoorbeeld DigiD of een andere toegangsdienst, je moet alleen een speciale kaart laten zien en het bijzondere van die kaart is dat de toegangsdienst die die kaart leest niet je identiteit kan achterhalen, maar alleen versleutelde pseudoniemen kan aflezen. Hiermee verleent de toegangsdienst wel toegang tot een website, de website die je bezoekt weet met wie hij te maken heeft, maar de toegangsdienst heeft niet meer jouw (persoons)gegevens. Deze dienst zou je ook kunnen gebruiken voor online betalen, door bijvoorbeeld een encrypted e-wallet te vullen met geld. Met een bank kun je wel geld overmaken naar die e-wallet, maar de bank weet niet meer met wie hij precies te maken heeft, omdat de e-wallet is gepseudonimiseerd.


Na afloop van de inleidingen en presentaties volgde een publieksdebat, waarbij diverse vragen werden beantwoord en enkele aanbevelingen werden gegeven:

Aanbevelingen:

  • Kijk naar het digitale betalingsverkeer en hoe dit privacyvriendelijker gemaakt kan worden.
  • Contant betalen moet mogelijk blijven voor toonbankbetalingen (betalingen buiten de deur).

Een greep uit de vragen vanuit het publiek aan de gastsprekers:

In hoeverre is een prepaid creditcard een anoniem betaalmiddel?

  • Voor een prepaid creditcard wordt identificatie gevraagd.
  • Vaak moet ook een prepaid creditcard worden geactiveerd voor specifieke betalingen.

Hoe staan jullie er tegenover dat het briefje van 500 euro wordt uitgefaseerd?

  • Het zal niet nuttig zijn in het kader van terrorismebestrijding.

 

Klik HIER voor de uitnodiging (pdf) die Privacy First voor dit evenement aan haar netwerk verzond. Wilt u voortaan ook een uitnodiging voor onze evenementen ontvangen? Stuur ons dan een bericht, dan zetten wij u op onze mailinglist!

Gepubliceerd in Evenementen

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
Control Privacy
Procis

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon