donatieknop english

"De politie grijpt naar drones als opsporingsmiddel, omdat de onbemande vliegtuigjes handig zijn bij het pakken van inbrekers en wiettelers. Tegelijk zwelt de kritiek aan, omdat de drones in het grootste geheim zijn ingezet boven tientallen plekken in ons land.
(...)
Uitgerust met camera's zijn de lichte vliegtuigjes een waardevol wapen in de criminaliteitsbestrijding. Met de beelden vanuit de lucht worden live vluchtauto's gevolgd, inbrekers gepakt, wietkwekerijen opgespoord of luchtfoto's van de plaats van een misdrijf gemaakt. Al dan niet met hulp van camera's die warmtebeelden kunnen maken. De toestellen kunnen uit de hand worden gelanceerd en maken amper geluid. Daarmee zijn ze vaak geschikter dan de lawaaiige politiehelikopters.

Tel daarbij op dat er dijkinspecties mee kunnen worden uitgevoerd én dat de brandweer bij heidebranden als in Bergen brandhaarden kan ontdekken. Alle reden voor politie en justitie om apetrots te zijn op hun nieuwe opsporingsmiddel. Ze willen het wel van de daken schreeuwen, zou je denken. Maar niets is minder waar. Er is geen opsporingsdienst die erover wil vertellen.

,,Wij geven hierover geen commentaar,'' klinkt het bij de nationale politie. Bij justitie is dat niet anders. Al vertelt woordvoerder Wim de Bruin wel waaróm justitie zwijgt. ,,Het gaat om een bijzonder opsporingsmiddel en daarover doen wij in het belang van het gebruik daarvan geen verdere toelichtingen.''

Onduidelijk

Daarmee blijft het mysterie in stand. Want de gemiddelde Nederlander heeft geen weet van deze civiele inzet van een militair middel, dat vanaf de grond wordt bestuurd. Zo is onduidelijk hoe nauwkeurig kan worden gefilmd en wat er met camerabeelden gebeurt.

Bovendien wordt pas ná de inzet van een drone bekendgemaakt dat het middel is ingezet. En dan nog slechts met een publicatie in de Staatscourant, niet het meest leesdichte medium van Nederland.

Wat daarmee wél bekend is, zijn de locaties waar de drones sinds 2009 hebben gevlogen, althans grotendeels.

Uit bekendmakingen in de Staatscourant blijkt dat de vliegtuigjes op allerlei plekken in ons land zijn ingezet, ten minste op veertig verschillende plaatsen verspreid over het land. Het ging om zeker 132 verschillende vliegdagen sinds 2009.

Werd het middel aanvankelijk sporadisch ingezet, in 2012 gebeurde dit al op zeker 82 dagen. Dit jaar staat de teller op 32 dagen, op zes verschillende plekken.

Op sommige locaties, zoals boven de hele stad Amersfoort, vloog zelfs twintig dagen achtereen een drone. Waarom, is meestal volstrekt onduidelijk.

In de schamele toelichtingen is soms te lezen dat het ging om `ondersteuning bij strafrechtelijk onderzoek'. Dan weer ging het om de heidebrand bij Bergen in 2010, en soms om onrustige jaarwisselingen, zoals in Culemborg, Veen en Aalburg in 2009, 2010 en 2011.
(...)
Controleerbaar

De onrust heeft ook politiek Den Haag bereikt. D66-Kamerlid Gerard Schouw wil duidelijkheid van de minister. ,,We hebben geen idee waarom die drones de lucht in gaan. Ik snap dat het een handig middel kan zijn, maar er moet wel een wettelijke basis liggen. En het moet controleerbaar zijn. Nu weten we nagenoeg niets. Is onze privacy in het geding, bijvoorbeeld? Hoe nauwkeurig worden nietsvermoedende burgers gefilmd? Joost mag weten wat die dingen filmen en doen.''

Jurist Vincent Böhre van stichting Privacy First noemt de inzet `illegaal'. ,,Het is een vorm van geheim cameratoezicht en dat is op deze manier verboden volgens de Nederlandse wet,'' zegt hij. ,,Ook volgens de Europese privacywetten gaat de overheid hier haar boekje te buiten. Een rechtszaak tegen de overheid sluiten we niet uit.''

Volgens Rejo Zenger van privacyorganisatie Bits of Freedom is het hoog tijd voor duidelijkheid. Nu er al drones in ontwikkeling zijn die niet groter zijn dan een vingernagel, moet op tafel komen waarvoor de overheid drones gebruikt.

Het enthousiasme bij de politie is groot. Het aantal vluchten steeg en bij de nationale politie is een werkgroep op poten gezet om acties te coördineren. Uit gegevens van het ministerie van Defensie blijkt dat er soms bijna 35.000 euro wordt uitgetrokken voor een serie vluchten."

Bron: Algemeen Dagblad 18 maart 2013, p. 9. Tevens gepubliceerd in AD/Haagsche Courant, Rotterdams Dagblad, Groene Hart, De Dordtenaar, Utrechts Nieuwsblad, Amersfoortse Courant en Rivierenland.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De politie gebruikt steeds vaker drones in de strijd tegen criminelen, zo blijkt uit gegevens van de betrokken ministeries. Deze onbemande vliegtuigjes worden in het geheim ingezet om inbrekers op te sporen, vluchtauto's van criminelen te volgen en wiettelers op te sporen. In de Tweede Kamer leven zorgen over de privacy.

Uit gegevens van de ministeries van Infrastructuur en Milieu, Binnenlandse Zaken en Veiligheid en Justitie blijkt dat de drones op minstens veertig plaatsen in ons land zijn uitgevlogen. Dat gebeurde sinds 2009 op zeker 132 verschillende dagen. Het aantal vluchten neemt bovendien toe.

Omdat de vluchten niet bekend worden gemaakt, spreekt de stichting Privacy First van illegale operaties. Zeker omdat burgers niet kunnen merken dat de stille drones met camera's dag en nacht rondvliegen. ,,Het is een vorm van geheim cameratoezicht. Dat is verboden,'' stelt jurist Vincent Böhre. De Tweede Kamerfractie van D66 eist opheldering. ,,De inzet moet wettelijk en controleerbaar zijn. Nu weten we niets,'' zegt Kamerlid Gerard Schouw.

Drones zijn eigenlijk oorlogswapens om verkenningsvluchten uit te voeren of tegenstanders te beschieten. Het type dat de politie gebruikt is onbewapend, maar maakt camera- en warmtebeelden.

Van verreweg de meeste inzetten, variërend van enkele uren per dag tot 20 dagen achtereen, is onduidelijk waarvoor deze exact waren. Behalve bij het opsporen van criminelen zijn de onbemande vliegtuigjes in elk geval ingezet bij het bestrijden van grote branden, dijkinspecties en grote evenementen. Het Nederlandse leger helpt bij de inzetten.

De politie is enthousiast over het gebruik, maar wil niets kwijt over de drones omdat het `een opsporingsmiddel is'. De vliegtuigjes vlogen al boven onder meer Amsterdam, Rotterdam, Arnhem, Utrecht, Amersfoort en Almere."

Bron: Algemeen Dagblad 18 maart 2013, voorpagina. Tevens gepubliceerd in AD/Haagsche Courant, Rotterdams Dagblad, Groene Hart, De Dordtenaar, Utrechts Nieuwsblad, Amersfoortse Courant, Rivierenland en het Dagblad van het Noorden (p. 4).

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie wil met een wetswijziging mogelijk maken dat kentekens van alle motorvoertuigen vier weken worden opgeslagen en bewaard na de registratie via camera’s. Voorgesteld wordt dat het kenteken, de locatie en het tijdstip van vastlegging van het kenteken en de foto-opname van het voertuig kunnen worden bewaard (hierna: de “passagegegevens”).

Op dit moment worden kentekens die bij vergelijking geen ‘hit’  opleveren (oftewel niet overeenkomen met kentekens die al bij de politie bekend zijn) direct vernietigd. Het bewaren van gegevens wanneer het niet om een bekende van de politie gaat is niet toegestaan. Minister Opstelten wil met de wetswijziging mogelijk maken dat kentekens en daarmee verbonden gegevens kunnen worden vastgelegd, ongeacht of sprake is van een ‘hit’.

Het wetsvoorstel

In de voorgestelde wetswijziging  wordt bepaald dat de bewaarde gegevens kunnen worden geraadpleegd in geval van verdenking van bepaalde misdrijven en ter aanhouding van voortvluchtige.

De raadpleging vindt slechts plaats door politiegegevens, geautomatiseerd te vergelijken met de bewaarde passagegegevens om vast te stellen of de gegevens overeenkomen. “Dit houdt in dat alleen op basis van ‘hit no hit’ in de bewaarde gegevens kan worden gezocht, dat wil zeggen aan de hand van reeds bij de politie bekende onderzoeksgegevens”.

Privacy First

Volgens Privacy First is een dergelijke wet in overtreding met onder meer het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens en de privacywetgeving. Daarom stapt de privacyvoorvechter naar de rechter indien de Tweede en de Eerste Kamer het wetsvoorstel zal aannemen.

Wettelijke vereisten

Een eerder voorstel van de minister werd in 2010 teruggenomen nadat de Tweede kamer bezwaren had. Het College Bescherming Persoonsgegevens was toen  zeer kritisch over het wetsvoorstel en heeft toentertijd zelfs gezorgd voor het stopzetten van het gebruik van opgeslagen kentekens door enkele politiekorpsen, omdat dat tegen de wet is. (...)"

Lees HIER het hele artikel op het weblog van SOLV Advocaten.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Privacy First stapt naar de rechter als het parlement instemt met de plannen van Opstelten om beelden van kentekens voor vier weken op te slaan. Iedereen op de weg komt dan in een database terecht.

Privacy First wil naar de rechter stappen als de Tweede en Eerste Kamer instemmen met het nieuwe wetsvoorstel van minister Opstelten, waarbij beelden die door camera's van kentekens worden gemaakt, vier weken worden bewaard, terwijl er geen aanwijzingen zijn dat de mensen achter die kentekens een misdrijf zouden hebben begaan. Volgens de privacyvoorvechter is een dergelijke wet in overtreding met onder meer het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens en de privacywetgeving.

Opstelten diende het wetsvoorstel begin deze week in, waarna nu de behandeling in de Tweede Kamer kan beginnen. Een eerder wetsvoorstel werd door de minister in 2010 teruggenomen nadat de Tweede kamer er bezwaren tegen had. Het College Bescherming Persoonsgegevens was toen zeer kritisch over het wetsvoorstel.

Het CBP heeft zelfs gezorgd voor het stopzetten van het gebruik van opgeslagen kentekens door enkele politiekorpsen omdat dat tegen de wet was. Ondanks dat blijkt uit een brief van de minister dat diverse malen willens en wetens door opsporingsambtenaren (bij wijze van proef) kentekenregistraties werden bewaard zonder wettelijke basis.

Kritiek CBP grotendeels genegeerd

Naar aanleiding van het nieuwe advies van het CBP zegt de minister het wetsvoorstel te hebben aangescherpt, net als naar aanleiding van het advies van de Raad van State is gedaan. Daarmee, zegt de minister, wordt voorkomen dat de database van kentekens ook wordt gebruikt voor de opsporing van relatief lichte vergrijpen.

Het CBP heeft verder bedenkingen tegen de grootschaligheid van de gegevensverwerking en -opslag; immers van iedereen worden op de (snel)wegen beelden gemaakt. Verder vindt het CBP de bewaartermijn van vier weken niet voldoende onderbouwd. Het CBP is verder beducht voor een landelijk dekkend cameraweb, door koppeling met gemeentelijke camera's en andere camerabeheerders.

Privacy First wijst eveneens op al die bezwaren, maar zegt daarbij dat al die bezwaren door de minister worden genegeerd. In eerste instantie gaat de organisatie een lobby starten naar de Tweede Kamer, maar verzamelt nu al medestanders om eventueel naar de rechter te stappen, en in het uiterste geval naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens."

Bron: Webwereld, 15 februari 2013.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Stichting Privacy First bereidt juridische stappen voor tegen het wetsvoorstel over het bewaren en vastleggen van kentekens door de politie.

Stichting Privacy First beschouwt het wetsvoorstel van Opstelten als een bedreiging voor de maatschappij. “Iedere burger wordt door deze maatregel een potentiële verdachte. Je moet de overheid vertrouwen, maar die overheid wantrouwt zelf de burger,” aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini. In een gezonde democratische rechtsstaat dient de overheid onschuldige burgers met rust te laten. “Met dit wetsvoorstel overschrijdt de overheid die principiële grens. Het collectief monitoren van alle automobilisten voor opsporing en vervolging is volstrekt disproportioneel en daarmee onrechtmatig.

Indien het parlement dit wetsvoorstel aanneemt zal Privacy First de Nederlandse Staat dagvaarden en de wet onverbindend laten verklaren wegens strijd met het recht op privacy. Indien nodig zullen Privacy First en individuele mede-eisers hiertoe doorprocederen tot aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Iedere burger die in deze rechtszaak wil participeren kan zich vanaf vandaag bij Privacy First aanmelden o.v.v. “ANPR Proces”."

Bron: BijzonderStrafrecht.nl, 15 februari 2013.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Als het voorstel van minister Opstelten van Veiligheid en Justitie om kentekens van alle auto's voor een periode van een maand te bewaren doorgaat, volgen er juridische stappen. Daarmee dreigt Stichting Privacy First. Onlangs liet Opstelten weten dat hij de bevoegdheid van politie wil uitbreiden om kentekens langer te bewaren. Dat zou mogelijk kunnen helpen bij de bestrijding van criminaliteit.

Volgens de huidige regels dienen deze gegevens binnen 24 uur te worden gewist. De vorige minister van Justitie (Hirsch Ballin) was in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit onderwerp echter controversieel.

"Opstelten doet er met zijn huidige voorstel alsnog een paar scheppen bovenop", stelt Privacy First. De stichting beschouwt het wetsvoorstel van Opstelten als een bedreiging voor de maatschappij.

Verdacht
Iedere burger wordt door deze maatregel een potentiële verdachte. Je moet de overheid vertrouwen, maar die overheid wantrouwt zelf de burger," aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini. "In een gezonde democratische rechtsstaat dient de overheid onschuldige burgers met rust te laten. Met dit wetsvoorstel overschrijdt de overheid die principiële grens."

Begin 2010 oordeelde het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) dat politiekorpsen zich niet aan de regels hielden door kentekens langer op te slaan dan wettelijk was toegestaan.

Volgens het CBP dienen alle kentekens die niet verdacht zijn (zogenaamde "no-hits") direct uit de databases te worden verwijderd. "Opstelten gaat hier nu dus lijnrecht tegenin door ook de kentekens van niet-verdachte burgers vier weken op te slaan", laat Privacy First weten.

Dagvaarding
Als het parlement het wetsvoorstel aanneemt zal Privacy First de Nederlandse Staat dagvaarden en de wet onverbindend laten verklaren omdat die in strijd met het recht op privacy is. Indien nodig zal de stichting doorprocederen tot aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg."

Bron: Security.nl, 14 februari 2013.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
woensdag, 13 februari 2013 15:33

Iedere automobilist wordt potentiële verdachte

Justitie wil alle automobilisten gaan volgen. Stichting Privacy First bereidt juridische stappen voor.

In een verregaand wetsvoorstel wil minister van Veiligheid en Justitie Opstelten de kentekens van alle auto's door middel van cameratoezicht en Automatic Number Plate Recognition (nummerplaatherkenning, ANPR) vier weken gaan opslaan voor opsporing en vervolging. Volgens de huidige regels dienen deze gegevens binnen 24 uur te worden gewist. De vorige minister van Justitie (Hirsch Ballin) was in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit onderwerp echter controversieel. Opstelten doet er met zijn huidige voorstel alsnog een paar scheppen bovenop. Begin 2010 oordeelde het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) dat politiekorpsen zich niet aan de regels hielden door kentekens langer op te slaan dan wettelijk was toegestaan. Volgens het CBP dienen alle kentekens die niet verdacht zijn (zogenaamde "no-hits") direct uit de databases te worden verwijderd. Opstelten gaat hier nu dus lijnrecht tegenin door ook de kentekens van niet-verdachte burgers vier weken op te slaan.

Stichting Privacy First beschouwt het wetsvoorstel van Opstelten als een bedreiging voor de maatschappij. "Iedere burger wordt door deze maatregel een potentiële verdachte. Je moet de overheid vertrouwen, maar die overheid wantrouwt zelf de burger," aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini. In een gezonde democratische rechtsstaat dient de overheid onschuldige burgers met rust te laten. Met dit wetsvoorstel overschrijdt de overheid die principiële grens. Het collectief monitoren van alle automobilisten voor opsporing en vervolging is volstrekt disproportioneel en daarmee onrechtmatig.

Indien het parlement dit wetsvoorstel aanneemt zal Privacy First de Nederlandse Staat dagvaarden en de wet onverbindend laten verklaren wegens strijd met het recht op privacy. Indien nodig zullen Privacy First en individuele mede-eisers hiertoe doorprocederen tot aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Iedere burger die in deze rechtszaak wil participeren kan zich vanaf vandaag bij Privacy First aanmelden o.v.v. “ANPR Proces”.

Gepubliceerd in Cameratoezicht

"Meer dan 40 organisaties en experts uit binnen- en buitenland schrijven een open brief aan minister Opstelten waarin zij wijzen op de gevaren van het zogenaamde 'terughacken'. "Niet acceptabel."

Veertig internationale organisaties en individuen die zich inzetten voor de digitale burgerrechten doen een appel op minister Opstelten om af te zien van het plan om de politie het recht te geven terug te hacken bij cyberdreigingen en in de opsporing naar (cyber)criminelen. "Ondanks dat uw doel, het bestrijden van cybercrime, prijzenswaardig is, is de oplossing niet acceptabel", schrijven de ondertekenaars in een brief.

Zelfs als het alleen binnenlands wordt gebruikt beperkt het binnendringen van computers de privacy van de verdachte, maar daarnaast ook nog eens van alle niet-verdachten waarvan informatie op de bewuste computer staat, vinden de ondertekenaars. "U heeft niet aangetoond dat uw voorstel noodzakelijk en proportioneel is."

Risico's voor het wereldwijde internet

Aan de andere kant brengt het voorstel wel risico's met zich mee betreffende cybersecurity en "het wereldwijde internet", menen de experts. Volgens hen zou het voorstel overheden prikkelen de beveiliging van informatietechnologie zwak te houden door kwetsbaarheden niet meer te delen en die juist uit te buiten voor eigen doeleinden. "Dat brengt miljoenen onschuldige computergebruikers in gevaar."

Mocht het inbreken in andermans computers ook over de grens gebeuren, zullen de complicaties van het voorstel alleen nog maar toenemen. Het breekt de wet in een ander land en is dus illegaal, daarnaast schendt het de soevereiniteit van andere landen.

Andere landen volgen Nederland

"Het probleem wordt nog groter doordat andere landen waarschijnlijk het voorbeeld van Nederland gaan volgen en dat leidt tot een situatie waarin landen de eigen wetten gaan handhaven op buitenlandse computers, in plaats van te investeren in internationale samenwerking in handhaving."

Daarbij zal het uiteindelijk ook gaan om het najagen van politieke tegenstanders, journalisten en dissidenten, schrijven de mensenrechtenactivisten, waarbij aanvallen op computers worden gedaan vanwege blasfemie, haatzaaien, homoseksualiteit of inbreuken op het copyright. Daarbij wijzen de ondertekenaars op de gebruikers van het Tor-netwerk, "die zich kunnen uitspreken zonder vrees voor vervolging. Het zullen juist deze gebruikers zijn die doelwit worden zonder juridische bescherming van het land waar ze verblijven."

Bruce Schneier en Richard Stallman

De brief is onder meer ondertekend door Bruce Schneier en Richard Stallman, de Nederlandse organisaties Bits of Freedom, Vrijbit, Free Press Unlimited, Internet Protection Lab, Humanistisch Verbond, Privacy First, Ouders Online en Vrijschrift en onder meer de buitenlandse organisaties Chaos Computer Club (Duitsland) EDRi (Europa), EFF (VS), La Quadrature du Net (Frankrijk), Netzpolitik (Duitsland) en de Tor Project (VS)."

Bron: Webwereld, 4 december 2012.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Naar aanleiding van de mogelijke ontknoping in de moordzaak op Marianne Vaatstra is er de laatste dagen veel te doen geweest rond eventueel verplicht gebruik van DNA bij opsporing. Zo was er op televisie een interessante discussie tussen Peter R. de Vries en NRC-commentator Folkert Jensma over de vraag of er een nationale DNA-databank zou moeten komen. Stichting Privacy First is om diverse redenen principieel tégen een dergelijke databank; lees HIER ons standpunt hierover uit maart 2011 n.a.v. een 'proefballonnetje' van de Rotterdamse korpschef Frank Paauw. Klik HIER voor onze reactie vandaag in de Volkskrant en beluister hieronder het commentaar dat Privacy First medewerker Vincent Böhre vanmiddag gaf bij Omrop Fryslân:

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Vier vragen over Dna-onderzoek 
Door dna-onderzoek lijkt de zaak-Vaatstra nu eindelijk opgelost. Maar in hoeverre tast deze manier van opsporing ons recht op privacy aan?

Wat is er allemaal mogelijk in de opsporing?

De opsporingsmogelijkheden van politie en justitie groeien mee met de ontwikkeling van de techniek. Nederland loopt daarin voorop: nergens ter wereld worden zoveel burgers afgeluisterd. Een ander voorbeeld is het voorstel van staatssecretaris van Justitie Teeven (VVD), die wil dat opsporingsdiensten kunnen 'terughacken'.

Hetzelfde geldt voor dna-onderzoek. Sinds onderzoekers in de jaren tachtig deze methode ontdekten, kan er met maar weinig sporen dna naar een dader worden gezocht. Sinds 1997 worden dna-profielen van veroordeelden, slachtoffers en verdachten opgeslagen bij het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). De databank bevat nu meer dan 150 duizend profielen, in 2010 waren dat er nog 50 duizend.

Waarom wordt er van steeds meer mensen dna opgeslagen?

Steeds meer groepen zijn de afgelopen jaren verplicht om dna af te staan. Zo moeten minderjarige slachtoffers vanaf april dit jaar wangslijmvlies afstaan voor de opsporing van de daders. Tegelijkertijd werd ook het dna-verwantschapsonderzoek wettelijk toegestaan dat is gebruikt in de zaak-Vaatstra. Hierbij kan de dader via het dna van familieleden worden opgespoord.

De afgelopen jaren kwamen er steeds meer voorstellen om de dna-databank uit te breiden. Zo wilde minister Edith Schippers in oktober dat justitie toegang zou krijgen tot het dna dat in ziekenhuizen wordt opgeslagen voor wetenschappelijk onderzoek.

'De privacy erodeert, wordt uitgehold door zulke voorstellen,' zegt hoogleraar regulering van technologie Bert-Jaap Koops van de universiteit Tilburg. 'Nieuwe technologieën voor opsporing worden steeds vaker toegelaten. En de wetgever gaat daar erg makkelijk in mee.' 

Zullen nieuwe opsporingstechnieken onze privacy aantasten?

Volgens hoogleraar Koops wel. 'Die ontwikkeling is niet te keren. Nieuwe technologieën veroorzaken een logische verschuiving van grenzen. Tien jaar geleden was het onvoorstelbaar dat alles werd gefilmd. Hetzelfde geldt voor de situatie over tien jaar, we zullen alleen maar aan privacy inleveren.'

Een volgende stap zou een nationale dna-databank kunnen zijn, volgens Koops. Dan moet iedere Nederlander dna afstaan. 'Het kan twee kanten op. Of de maatschappij zegt dat door de zaak-Vaatstra, en mogelijke volgende doorbraken, het nut van zo'n databank is aangetoond. Of de maatschappij zegt: blijkbaar hoeft niet iedereen dna in te leveren, het kan ook op vrijwillige basis.'

Wat zijn de voors en tegens van een nationale dna-databank?

Door het succes in de zaak-Vaatstra is de discussie weer opgelaaid. In 2011 pleitte korpschef Frank Paauw van de politie Rotterdam-Rijnmond ook voor een nationale databank. Zijn argumentatie is die van de voorstanders: wie niets heeft te verbergen, heeft ook niets te vrezen.

Privacy is juist veiligheid, vinden tegenstanders. 'Dat is de persoonlijke veiligheid van het individu tegenover een overheid', zegt Vincent Böhre van de stichting Privacy First. 'Een nationale databank zou impliceren dat de overheid haar eigen burgers niet meer vertrouwt en iedere Nederlander als potentiële verdachte ziet.'

Volgens Böhre is de grens bereikt met het verwantschapsonderzoek in de zaak-Vaatstra. 'Dat is het dilemma: nu lijkt er eindelijk een dader te zijn opgepakt. Daar ben ik blij om. Maar verplichting mag er nooit komen. Dat staat op gespannen voet met het klassieke rechtsbeginsel dat niemand tegen zichzelf hoeft te getuigen.'"

Bron: Volkskrant 21 november 2012, p. 5. Klik HIER voor de versie op Volkskrant.nl

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 8 van 12

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon