donatieknop english
zaterdag, 06 december 2014 11:55

Kort geding tegen Bewaarplicht Telecommunicatie

Een brede coalitie van organisaties en ondernemingen start een kort geding tegen de Staat. Onder meer Stichting Privacy First, internetprovider BIT, de Nederlandse Vereniging van Journalisten en de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten eisen dat de Wet Bewaarplicht Telecommunicatie wordt afgeschaft. De wet is in strijd met fundamentele grondrechten die privéleven, communicatie en persoonsgegevens beschermen, zo oordeelden zowel de Raad van State als het Europees Hof van Justitie eerder. De Nederlandse regering weigert niettemin de Wet Bewaarplicht Telecommunicatie buiten werking te stellen.

Op 8 april 2014 heeft het Europees Hof van Justitie de Europese Dataretentierichtlijn 2006/24/EG in zijn geheel en met terugwerkende kracht ongeldig verklaard. Volgens het Hof is het lange tijd vastleggen van communicatiegegevens van iedereen, zonder concrete verdenking, in strijd met het fundamentele recht op privacy. Er moeten volgens het Hof objectieve criteria worden toegepast om de noodzaak van verzamelen en opslaan vast te stellen, en er moet voorafgaande controle zijn door een onafhankelijke instantie of rechter. Het onbeperkt ongericht verzamelen van metadata (verkeersgegevens) in het kader van zogenaamde 'mass surveillance' is volgens het Hof niet toegestaan.

In Nederland is regelgeving op dit gebied vastgelegd in de Wet Bewaarplicht Telecommunicatie, die grotendeels overeenkomt met de Dataretentierichtlijn. De wet houdt in dat telecombedrijven en internetproviders diverse gegevens over internet- en telefoniegebruik zes tot twaalf maanden moeten bewaren zodat Justitie die kan gebruiken voor opsporing en vervolging. De Raad van State oordeelde onlangs dat de wet in strijd is met de grondrechten die privéleven, communicatie en persoonsgegevens beschermen. De Nederlandse regering legt het advies van de Raad van State echter naast zich neer en weigert de wet buiten werking te stellen. Naleving van de wet zal worden gehandhaafd.

Vincent Böhre van Privacy First: "Door deze mass surveillance worden de privacyrechten van burgers massaal geschonden. Het is onacceptabel dat de Nederlandse regering hier aan vast blijft houden nadat de hoogste Europese rechter al in april duidelijk heeft gezegd dat deze privacyschending niet is toegestaan."

Thomas Bruning, secretaris van de Nederlandse Vereniging van Journalisten: "Telecombedrijven en internetproviders zijn nu verplicht een grote hoeveelheid gegevens over de communicatie van alle burgers te bewaren. Ook van journalisten. En ze moeten die gegevens op verzoek aan de overheid verstrekken. Er is geen enkele waarborg voor bronbescherming."

"De Nederlandse regelgeving is in strijd is met de geldende Europese fundamentele grondrechten", zo stelt Fulco Blokhuis, partner bij Boekx Advocaten, die inmiddels een dagvaarding heeft opgesteld. "Dat is even verontrustend als onwenselijk. Het handhaven van deze wet is onrechtmatig, zowel richting burgers als richting bedrijven die verkeersgegevens onder zich hebben en moeten houden."

Alex Bik van internetprovider BIT: "Bij de invoering van de wet verschool de Nederlandse regering zich achter het argument dat dat nu eenmaal moest van Europa, maar nu de Europese regeling met terugwerkende kracht is afgeschaft geldt dat argument plotseling niet meer. Dat klopt niet."

Otto Volgenant van Boekx Advocaten: "Nu minister Opstelten van Veiligheid en Justitie de Nederlandse wet voor de bewaarplicht van telecomgegevens niet wil afschaffen, gaan we de rechter verzoeken de wet buiten werking te stellen, dan wel te verbieden dat deze wet nog wordt toegepast. We zullen zeer binnenkort een kort geding aanhangig maken."

Update 12 januari 2015: het kort geding tegen de Staat over de bewaarplicht van telecomgegevens zal plaatsvinden in een openbare rechtszitting op woensdag 18 februari 2015 om 11.00 uur bij de Rechtbank Den Haag. Inmiddels heeft ook het gerenommeerde Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) zich bij de coalitie van eisende organisaties aangesloten. Klik pdfHIER voor de dagvaarding (pdf), klik HIER voor het persbericht van Boekx Advocaten en HIER voor het bericht dat vanochtend bij de Telegraaf verscheen.

Update 30 januari 2015: gisteren vond in de Tweede Kamer een hoorzitting ("rondetafelgesprek") plaats over de bewaarplicht van telecomgegevens. Klik pdfHIER voor het schema van de hoorzitting (pdf) en pdfHIER voor de voorafgaande gespreksnotitie van Privacy First aan de Tweede Kamer (pdf). Tijdens de hoorzitting kwamen voornamelijk het gebrek aan noodzakelijkheid en proportionaliteit van de huidige bewaarplicht aan bod. Andere aspecten die door Privacy First werden ingebracht hadden betrekking op het maatschappelijke chilling effect en mogelijke function creep (doelverschuiving) van de bewaarplicht.

Update 13 februari 2015: vandaag diende de landsadvocaat namens de Staat een Conclusie van Antwoord tegen de dagvaarding in; klik pdfHIER (pdf, 9 MB). De ontvankelijkheid van de eisende organisaties zal niet door de Staat worden aangevochten, zo heeft de landsadvocaat telefonisch aan onze advocaten meegedeeld. Het geding zal zich daardoor meteen op de inhoud i.p.v. de procedurele vereisten van de zaak kunnen toespitsen. Dit is een baanbrekende ontwikkeling: in vergelijkbare rechtszaken werd de ontvankelijkheid van eisende partijen vrijwel altijd aangevochten door de Staat. Een cruciale rechtszaak over dergelijke ontvankelijkheid (Paspoortproces tegen de opslag van vingerafdrukken) wordt momenteel door Privacy First tegen de Staat gevoerd bij de Hoge Raad. Privacy First beschouwt de erkenning van ontvankelijkheid door de landsadvocaat in het kort geding over de telecom-bewaarplicht als sterke ondersteuning voor deze en toekomstige rechtszaken rond het recht op privacy. In een tijd waarin de toegang tot de rechter voor individuele burgers in toenemende mate onder financiële druk staat, vormt de ontvankelijkheid van maatschappelijke organisaties als Privacy First bovendien een belangrijke waarborg voor een functionerende democratische rechtsstaat.

Update 18 februari 2015: voor een volle zaal (veel ambtenaren, burgers, studenten en journalisten) kruisten Privacy First c.s. en de Staat vandaag de juridische degens; klik pdfHIER voor het pleidooi van onze advocaten (pdf) en pdfHIER voor de pleitnota van de landsadvocaat (pdf). De rechter luisterde aandachtig en stelde geen vragen. De datum van het vonnis is vooralsnog bepaald op woensdag 11 maart 2015.

Update 11 maart 2015:
in een baanbrekend vonnis heeft de rechter vandaag de Wet Bewaarplicht Telecommunicatie buiten werking gesteld! Lees HIER ons nieuwsbericht.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Naar aanleiding van een drone-filmpje in het televisieprogramma Zondag met Lubach werd Privacy First door Gijs Staverman op Radio 2 gevraagd wat er nou eigenlijk wel en niet mag met een drone. Beluister hieronder het hele interview:

Update 27 november 2014: inmiddels is bekend geworden dat de Rijksvoorlichtingsdienst geen aangifte tegen Lubach zal doen.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Dé internethit van de afgelopen dagen, het filmpje van de Utrechtse Dom, kan een vervelende afloop hebben voor de maker, Jelte Keur. Hem hangt een boete van 8000 euro boven het hoofd, meldt RTV Utrecht.

Keur maakte de beelden met een drone. Maar om met een onbemand vliegtuigje boven bebouwing te vliegen, moet je een vergunning hebben - en die had Keur niet.

De beelden zijn op YouTube meer dan een kwart miljoen keer bekeken.

Perfect weer

"Ontheffing aanvragen kan, maar dat duurt bijna vijf weken. En zo lang van tevoren kan ik niet zien of ik dit weer ga krijgen", zegt de 32-jarige filmer tegen RTV Utrecht. Hij wachtte tien maanden op het perfecte weer, en dat was er afgelopen week.

Van de gemeente Utrecht hoeft Keur geen boete te verwachten, die zegt dat ze het mooie beelden vinden. Een eventuele boete zou komen van de luchtvaartpolitie. Maar daar heeft Keur nog helemaal geen contact mee gehad. "Hij loopt op de feiten vooruit", zegt een woordvoerder. "We weten van het bestaan van het filmpje en wat hij doet mag inderdaad niet, maar we hebben er nog niets over besloten."

Als de zaak naar het OM gaat en die besluit proces-verbaal op te maken, volgt er waarschijnlijk een schikkingsvoorstel. "Dat hoeft ook helemaal geen 8000 euro te zijn", aldus de politie.

(...)
Regelgeving

De drone-industrie maakt zich zorgen over de regelgeving in Nederland; we dreigen een achterstand op te lopen in vergelijking tot de rest van Europa. In de grote landen om ons heen zijn de regels voor het vliegen met een drone soepeler.

"Er zijn op Europees niveau allerlei ontwikkelingen gaande rondom dit onderwerp", zei Vincent Böhre van Privacy First eerder. "Het schiet alleen niet op. Ik heb nog geen conceptwetgeving voorbij zien komen. Er moet haast mee worden gemaakt. De ontwikkelingen gaan enorm snel en de risico's nemen alleen toe."

Efteling

Een 18-jarige Nederlandse filmer kwam in de problemen toen hij de Python in de Efteling had gefilmd met z'n drone. Volgens het attractiepark had de jongen mensen in gevaar gebracht door te dicht bij achtbanen te vliegen. En hij kon het vliegtuigje niet de hele tijd zien - een van de eisen om een drone te mogen laten vliegen."

Bron: http://nos.nl/op3/artikel/2004861-dom-filmpje-met-drone-mocht-niet.html, 21 november 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Drones worden tegenwoordig niet alleen door het leger en de politie gebruikt, maar ook steeds meer door burgers en bedrijven. Wat zijn hiervan de risico's? En welke regels gelden er eigenlijk? Bekijk hieronder een item van Omroep Gelderland over dit onderwerp met o.a. Vincent Böhre van Stichting Privacy First:

Gepubliceerd in Privacy First in de media
donderdag, 27 februari 2014 12:07

Europees Parlement wil spionagekastje in auto

Privacy First bezint zich op juridische maatregelen.

Tegen alle privacybezwaren in heeft het Europees Parlement deze week gestemd voor verplichte invoering van het eCall-systeem in nieuwe auto's. Dit systeem vormt een directe bedreiging voor de privacy van iedere automobilist. Indien ook de Europese Raad (d.w.z. een meerderheid van EU-lidstaten) met het voorstel van het Europees Parlement instemt, zal eCall per oktober 2015 voor alle nieuwe Europese auto's verplicht worden. Privacy First eist dat eCall vrijwillig i.p.v. verplicht wordt en zal daartoe zonodig een rechtszaak beginnen.

Door eCall worden bij een verkeersongeval automatisch de 112-hulpdiensten opgeroepen. Het eCall-alarmsysteem laat echter ook een spoor van locatiedata achter zonder dat de automobilist daar vooraf toestemming voor heeft gegeven. Het systeem wordt immers verplicht ingebouwd en er zit geen aan/uitknop op, maar laat wel continu sporen (metadata) achter in omringende GSM-netwerken. Dit vormt een flagrante schending van het recht op privacy en anonimiteit in de openbare ruimte. Het systeem zal bovendien voor andere doelen en door andere organisaties kunnen worden gebruikt dan louter voor de verkeersveiligheid, waaronder door politie en justitie, verzekeraars, belastingdienst, geheime diensten en mogelijk zelfs criminele groeperingen. Van maatschappelijk debat rond eventuele invoering van eCall is echter nauwelijks sprake geweest. Verplichte invoering is daarmee niet alleen onrechtmatig, maar ook ondemocratisch. Nadat de Nederlandse bevolking enkele jaren geleden massaal het rekeningrijden met bijbehorende spionagekastjes naar de prullenbak verwees, dreigt diezelfde bevolking nu via een Europese achterdeur alsnog met spionagekastjes in de auto te worden opgezadeld. Dit is een democratische rechtsstaat als Nederland onwaardig.

Privacy First grijpt in zodra het recht op privacy massaal geschonden dreigt te worden. Indien het eCall-systeem in Nederland verplicht wordt ingevoerd zal Privacy First een rechtszaak beginnen om dit ongedaan te maken. Privacy First is bereid om daartoe door te procederen tot aan het Europees Hof van Justitie in Luxemburg en ziet de uitkomst van een dergelijke zaak met vertrouwen tegemoet.

Gepubliceerd in Wetgeving

"De Europarlementscommissie Interne Markt heeft dinsdag een plan goedgekeurd om het zogenoemde ecall-systeem in alle Europese auto's verplicht te stellen.

Onder dat systeem zou er een simkaart in elke auto worden verwerkt, die bij een ongeluk automatisch 112 belt. Het ecall-systeem zit nu al in veel duurdere auto's.

Wanneer alarm wordt geslagen, geeft het systeem automatisch de locatie van de auto door, zodat hulpdiensten ook worden ingeschakeld als de inzittenden van de auto de alarmcentrale zelf niet te woord kunnen staan.

De Europese Commissie stelde vorig jaar dat het ecall-systeem mogelijk ook zou kunnen worden ingezet om gestolen auto's te volgen. CDA-Europarlementariër Wim van de Camp zegt echter tegen NUtech dat daar veel weerstand tegen is, met name in de Europarlementscommissie LIBE, die over burgelijke vrijheden gaat.

Privacy

(...) Privacy-organisatie Privacy First zegt geen moeite te hebben met een veiligheidssysteem als ecall, als deze maar niet verplicht wordt gesteld. Gebeurt dat toch, dan belooft de organisatie een rechtszaak te starten om dit van de baan te krijgen.

"Het risico van dit soort systemen is dat het voor één of twee legitieme doelen wordt opgericht", zegt jurist Vincent Böhre van Privacy First. Vervolgens zou het echter steeds verder kunnen worden uitgebreid, of misbruikt door overheden of criminelen, vreest hij.

Deadline

Vanaf oktober 2015 moet het systeem verplicht worden voor alle nieuwe auto's. (...) Ook het volledige Europarlement moet nog stemmen over het voorstel."

Bron: http://www.nu.nl/tech/3698165/commissie-eu-stemt-verplicht-alarmsysteem-in-autos.html, 11 februari 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Op 16 januari jl. hield Stichting Privacy First haar Nieuwjaarsborrel met enkele prominente sprekers. Hoofdonderwerpen waren de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens en het NSA-afluisterschandaal. Na een inleiding door Privacy First voorzitter Bas Filippini en een toespraak door CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm was het woord aan de oprichter en voormalig directeur van Privacy International: Simon Davies. Hieronder onze samenvatting:

Simon Davies begon zijn toespraak met de opmerking dat hij het aan de ene kant op veel punten eens is met Jacob Kohnstamm, maar op enkele aspecten van mening verschilt en in het algemeen minder optimistisch is. Davies schetste vier mogelijke toekomstscenario's:
1) Machtige organisaties zullen steeds meer macht uitoefenen, tenzij wij ervoor kiezen om ze ter verantwoording te roepen.
2) Technologie zal ons overweldigen, tenzij wij ervoor kiezen om in het ontwerp van technologie de mens centraal te stellen.
3) Commerciële organisaties zullen geld verdienen aan elke atoom van ieder mens, tenzij wij ons daartegen verzetten.
4) Onze wetten zullen minder effectief worden en achteruit gaan, tenzij wij onze wetgevers onderwijzen.

Toespraak Simon Davies bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Op steeds meer terreinen krijgen geheime diensten invloed of worden ze actief. Verhoudingsgewijs wordt echter teveel aandacht besteed aan specifieke zaken rond de NSA; hierdoor blijven veel andere kwesties buiten beeld. Verder zijn het vooral de Brits-Amerikaans georiënteerde media die aandacht besteden aan het NSA-schandaal. In veel landen zijn burgers er echter amper van op de hoogte en heerst politieke passiviteit. Over het aftappen van zeekabels wordt door beleidsmakers in de meeste landen met geen woord gerept. Schandalen zoals nu rond de NSA zijn er in het verleden vaker geweest, en de geschiedenis leert ons dat er vervolgens meestal weinig verandert. In de Verenigde Staten is men vooral geïnteresseerd in de grondrechten van Amerikanen, niet in de rechten van mensen elders ter wereld. Bovendien kunnen geheime diensten buitengewoon goed liegen. Er zal dan ook niets veranderen, tenzij de Europese Unie zich krachtig teweer zal gaan stellen tegen de praktijken van de NSA, aldus Davies.

Toespraak Simon Davies bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Over de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens merkte Davies allereerst op dat deze verordening onder gigantische druk staat: internationale druk, commerciële druk, nationale soevereiniteit en uitzonderingen voor politie, justitie en geheime diensten, duizenden amendementen, lobbyisten, en druk vanuit de Europese Raad (met name het Verenigd Koninkrijk) om het hele proces van totstandkoming van de verordening te saboteren. Het is echter van belang om de Europese invloed alsnog positief te benutten. Daarnaast zijn er de multinationals: bedrijven als Google hebben maling aan Europese wetgeving. Huidige boetes die zij kunnen krijgen vormen voor dit soort bedrijven geen enkele bedreiging. De vraag is dus: hoe kan Europese privacywetgeving tegenover dit soort bedrijven effectief worden gehandhaafd? Het vinden van antwoorden op deze vraag vormt de uitdaging voor de komende tijd.

Toespraak Simon Davies bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Gepubliceerd in Metaprivacy

"De enige manier om de afluisterpraktijken door de NSA aan te pakken is een gezamenlijke Europese vuist te maken. Dat liet Jacob Kohnstamm, directeur van het College bescherming persoonsgegevens (CBP), onlangs tijdens een toespraak bij privacyorganisatie Privacy First weten.

(...) Aangezien het hier om de nationale veiligheid gaat stellen de EU-lidstaten dat dit hun bevoegdheid is en niet die van de Europese Unie. Die Europese verdeeldheid speelt de Amerikanen echter juist in de kaart, liet Kohnstamm weten. "Verdeel en heers is wat de Verenigde Staten, maar ook andere grootmachten, graag ten opzichte van de Europese Unie uitspelen."

Zelfs als Obama allerlei hervormingen binnen de NSA doorvoert blijkt de Amerikaanse geheime dienst volgens Kohnstamm feitelijk een multinational met een budget van ongekende omvang. Zolang het Amerikaanse onderscheid tussen de verzameling en het gebruik van persoonsgegevens zal blijven bestaan, zal dat niet leiden tot meer privacy voor Europeanen ten opzichte van organisaties als de NSA, zo voorspelt hij.

"En zolang Europese landen veiligheid als een louter nationale bevoegdheid blijven zien, gaan wij deze strijd tussen Europa en de VS niet winnen." Vanuit het Amerikaanse congres verwacht Kohnstamm ook weinig druk om de NSA-activiteiten aan te pakken. De druk vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven bestempelt hij als hypocriet. "De enige vuist die we dus kunnen maken is een Europese vuist.""

Bron: Security.nl, 30 januari 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Op donderdagavond 16 januari jl. hield Stichting Privacy First haar Nieuwjaarsborrel met enkele prominente sprekers. Eerste gastspreker was de voorzitter van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP): Jacob Kohnstamm. In zijn toespraak ging de heer Kohnstamm allereerst in op de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens, gevolgd door het NSA-afluisterschandaal. Hieronder een verslag:

Toespraak Jacob Kohnstamm bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Over de nieuwe EU-verordening voor gegevensbescherming merkte Jacob Kohnstamm ten eerste op dat, zodra deze verordening definitief zal zijn vastgesteld, deze op gelijke wijze zal gaan gelden in alle EU-lidstaten. Dit in tegenstelling tot de huidige EU-richtlijn voor gegevensbescherming uit 1995, die in verschillende EU-lidstaten op verschillende wijze wordt toegepast. Dit creëert voor bedrijven en voor burgers onduidelijkheid over het geldende privacyrecht, met name in het internationale verkeer. De nieuwe verordening kan aan die onduidelijkheid een einde maken, aangezien deze als Europese wet in alle EU-lidstaten op gelijke wijze zal gaan gelden. Zover is het echter nog niet: het huidige voorstel voor een nieuwe verordening is afkomstig van de Europese Commissie en dateert van januari 2012. Deze verordening zal pas definitief kunnen worden na een ingewikkelde, onnavolgbare procedure waarin zowel de Europese Commissie als de Europese Raad (van ministers van EU-lidstaten) en het Europees Parlement een belangrijke rol spelen. Kohnstamm: “Een Amerikaanse uitdrukking luidt: 'There are two things you don’t want to know: wat er in worsten zit en hoe wetgeving wordt gemaakt.' Dat geldt in het bijzonder voor Europese wetgeving. Het Torentje op het Haagse Binnenhof is daarbij vergeleken de transparantie zelve.” De belangrijkste principes uit de EU-richtlijn van 1995 zijn in de nieuwe verordening overgenomen en deels aangescherpt en versterkt. Dit tegen de zin van de Amerikanen: “Het mooiste compliment dat de Europese Commissie heeft gekregen over de privacyvriendelijkheid van de nieuwe verordening is een massieve lobby uit de Verenigde Staten, met name uit Silicon Valley, tégen die verordening”, aldus Kohnstamm. Die Amerikaanse counter-lobby in Brussel was (en is) buitengewoon agressief: minstens een derde van alle voorgestelde wijzigingen op de concept-verordening werd ingestoken vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven. Een voorbeeld daarvan is de boetebevoegdheid die nationale toezichthouders voor gegevensbescherming onder de nieuwe verordening zouden krijgen: in het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie bedroeg die boete 5% van de omzet van het te beboeten bedrijf, maar onder Amerikaanse druk werd dat voortijdig afgezwakt tot 2%. Volgens Kohnstamm vormt het huidige voorstel voor een nieuwe verordening echter nog steeds een versterking van de Europese privacywetgeving, zowel voor burgers als voor toezichthouders zoals het CBP. Een zwak punt betreft echter de zogeheten pseudonimisering van persoonsgegevens, als die persoonsgegevens daardoor buiten de bescherming van de verordening zouden vallen. “Pseudonimisering is echt een Paard van Troje”, waarschuwt Kohnstamm. Gepseudonimiseerde persoonsgegevens zijn indirect immers altijd tot specifieke personen te herleiden.

Volgens Kohnstamm wordt de huidige vertraging bij de totstandkoming van de nieuwe verordening met name veroorzaakt door de Europese Raad van ministers en bijbehorende ambtenaren. Door nationalistische invloeden blijken sommige Europese regeringen onderling van mening te verschillen over de machts- en toezichtsvragen die de nieuwe verordening opwerpt. Als er binnenkort op Europees niveau geen schot in de zaak komt “kan het nog jaren gaan duren voordat we die nieuwe Europese verordening krijgen. Dan krijgt het Amerikaanse bedrijfsleven nog volop de gelegenheid om te lobbyen en de huidige normen verder te doen verwateren. Dat zou een dramatische ontwikkeling zijn”, aldus Kohnstamm.

Toespraak Jacob Kohnstamm bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Naar aanleiding van het NSA-afluisterschandaal vertelt Kohnstamm dat, zodra de eerste documenten van Edward Snowden naar buiten kwamen, hij in zijn hoedanigheid als voorzitter van 'WP29' (de werkgroep van privacytoezichthouders uit alle EU-lidstaten) een “stevige brief” aan de Europese Commissie geschreven heeft met daarin een oproep om tot actie over te gaan. Vervolgens werd er een speciale EU-US working group opgericht waar Kohnstamm lid van werd. Het gaat hier echter om het domein van nationale veiligheid, dus zeggen de EU-lidstaten: “dat is onze bevoegdheid, niet van de Europese Unie”. Die Europese verdeeldheid speelt de Amerikanen echter juist in de kaart. Kohnstamm: Verdeel en heers is wat de Verenigde Staten, maar ook andere grootmachten, graag ten opzichte van de Europese Unie uitspelen.” Vervolgens noemt Kohnstamm vier verschillen tussen de Verenigde Staten en Europa die volgens hem van belang zijn op dit terrein:
1) Voor Amerikanen is het louter verzamelen van gegevens niet iets wat privacybescherming verdient, maar pas zodra er sprake is van het gebruik van die gegevens. Voor Europeanen daarentegen is de bescherming van persoonsgegevens een fundamenteel grondrecht, waarbij het verzamelen óf verwerken van die gegevens op zichzelf al aan wettelijke beperkingen onderhevig is. Zo dient er in de Europese visie altijd een rechtsgrond voor verzameling of verwerking aanwezig te zijn, bijvoorbeeld een wettelijke grondslag, een contract of persoonlijke toestemming. Dit verschil is essentieel voor de discussie tussen Europa en de Verenigde Staten.
2) In Amerika wordt toezicht op de NSA gehouden door een geheime rechtbank, het FISA Court. “Er is dus tenminste een rechtbank, ook al is ie geheim. Ik ken geen enkel ander land waar rechters meebesluiten of iets rechtmatig is in het kader van wat veiligheidsdiensten uitspoken. Ik ben overigens uiterst kritisch over wat het FISA Court doet, maar de structuur op zichzelf hebben andere landen niet eens”, aldus Kohnstamm. Vergeleken daarbij is het toezicht in een land als het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld veel slechter geregeld.
3) Amerikaans-wettelijke discriminatie tussen Amerikanen en niet-Amerikanen. Kohnstamm: “Door de Amerikanen worden wij Europeanen behandeld als Noord-Koreanen, bij wijze van spreken. Die discriminatie in de Amerikaanse wetgeving ten aanzien van veiligheidsdiensten is nauwelijks te verteren.”
4) De rechtsgronden op basis waarvan Amerikaanse veiligheidsdiensten (bijvoorbeeld de NSA) opereren zijn er drie: twee wetten, en de derde is een soort Algemene Maatregel van Bestuur, een administrative order genaamd '12333'. Die administrative order is een presidentieel besluit zonder parlementaire betrokkenheid, waarin zaken als een definitie van “foreign intelligence” (buitenlandse inlichtingen) geheel ontbreken. “Daarmee kunnen de NSA en anderen totaal hun gang gaan, zonder dat het gecontroleerd is.”

Eventuele Amerikaanse wetswijzigingen en toekomstig beter toezicht ten spijt, blijft “de NSA feitelijk een multinational met een budget van ongekende omvang”, aldus Kohnstamm. Zolang het Amerikaanse onderscheid tussen de verzameling en het gebruik van persoonsgegevens zal blijven bestaan, zal dat niet leiden tot meer privacy voor Europeanen ten opzichte van organisaties als de NSA, zo voorspelt hij. “En zolang Europese landen veiligheid als een louter nationale bevoegdheid blijven zien, gaan wij deze strijd tussen Europa en de VS niet winnen.” Ook vanuit het Amerikaanse congres verwacht Kohnstamm weinig pressie om de NSA-activiteiten te temperen. Enige recente druk in die richting vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven acht hij bovendien hypocriet. “De enige vuist die we dus kunnen maken is een Europese vuist”, zo besluit Kohnstamm zijn betoog.

Gepubliceerd in Metaprivacy

"Het vastleggen van vingerafdrukken op de chip in een paspoort mag, heeft het Europese Hof van Justitie geoordeeld. Maar opslag van die vingerafdrukken in een database is niet legaal, aldus het Hof. Dat heeft consequenties voor de Nederlandse Paspoortwet.

Gerechtvaardigd
De uitspraak is gedaan naar aanleiding van een Duitse rechtszaak, waarbij een burger weigert vingerafdrukken af te staan voor opname in zijn paspoort. Het Hof ziet het opnemen van die vingerafdrukken in het paspoort in tegenstelling tot de betreffende Duitser niet als onrechtmatig. Het is wel enigszins tegenstrijdig met de Europese burgerrechten, maar het tegen gaan van fraude rechtvaardigt die inbreuk, vindt het Hof.

Opslag mag niet
De Duitse burger kan echter mogelijk vergaand misbruik door de overheid van gecentraliseerd (in een database) opgeslagen vingerafdrukgegevens niet als argument aanvoeren, simpelweg omdat die opslag niet mág, aldus het advies van het Hof aan de Duitse rechtbank. Een afzonderlijke rechtszaak over die opslag lijkt daarmee bij voorbaat op een verbod van een dergelijke opslag uit te draaien.

Artikel 4b
Dat betekent ook dat de nieuwe Nederlandse Paspoortwet, waarover de Eerste Kamer zich nog moet buigen, onder druk komt te staan. Artikel 4b van die wet maakt een centrale reisdocumentenadministratie mogelijk, inclusief opslag van vingerafdrukken, toegankelijk voor de Officier van Justitie voor opsporingsdoeleinden. Het artikel is een 'slapend artikel', dat bij ingaan van de wet niet meteen van kracht is, maar dat wel kan worden. Burgerrechtenbeweging Privacy First voert momenteel met een groep burgers een juridische actie om dat artikel verwijderd te krijgen uit de Paspoortwet, maar werd in eerste instantie niet ontvankelijk verklaard door de Haagse rechtbank. Eind deze maand dient daarover het hoger beroep bij het Hof [Den Haag]."

Bron: http://www.binnenlandsbestuur.nl/digitaal/nieuws/europees-hof-vingerafdrukken-opslaan-mag-niet.9150782.lynkx.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 4 van 7

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon