donatieknop english

"Arnhem heeft voorlopig een einde gemaakt aan de ‘afvalpassensoap’. De gemeente stond de afgelopen jaren meerdere keren voor de rechter vanwege het schenden van privacy met afvalpassen voor ondergrondse containers. De komende weken zijn alle duizend containers in Arnhem ‘van het slot’ gehaald en opengesteld voor iedereen.

Combinatie met adresgegevens

De afvalpas scannen om de container te openen is voor Arnhemmers momenteel niet meer nodig. De gemeente heeft de beslissing genomen na een langlopende discussie over privacy met bewoner Michiel Jonker, die met de steun van Privacy First een juridische strijd aan is gegaan over de afvalpas. De combinatie van stortgegevens en adresgegevens vindt Privacy First een schending van de privacy.

'Geen andere mogelijkheid'

De gemeente laat aan De Gelderlander weten dat het geen andere mogelijkheid zag om aan de discussie een einde te maken. ‘Hoewel wij tot op heden op geen enkele wijze gebruik maken van een koppeling van de afvalpas en de stortgegevens, vindt het college het niet langer gewenst om deze situatie te laten voortbestaan.’ De wethouder zegt dat de gemeente niet wil weten wanneer bewoners hun afval storten, al is dit via een koppeling in theorie wel te achterhalen. En dat is in strijd met de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Om het risico op te veel afval in de containers klein te houden is de gemeente aan het zoeken naar alternatieve toegangssystemen die niet in strijd zijn met de wet.

Discussie over besluitvorming

Jonker ging in 2014 bezwaar tegen de invoering van de afvalpas en vroeg de rechter om het gemeentelijke besluit ongedaan te maken. De rechter gaf de gemeente gelijk. Jonker ging daarop in hoger beroep bij de Raad van State. Deze besloot dat de gemeente nooit een formeel besluit heeft genomen voor het verzamelen van persoonsgegevens. De gemeente Arnhem ging ondanks die uitspraak verder met de adresgebonden afvalpassen.

'AP had situatie niet mogen gedogen'

Er volgde daarna een handhavingsverzoek van Jonker bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Die wees het verzoek op 20 april 2017 af, omdat de toezichthouder vindt dat er sprake is van een ‘bijzondere omstandigheid’, aangezien de gemeente eind maart 2017 heeft besloten tot invoering van DIFTAR (gedifferentieerde afvalheffing) per 1 januari 2018. Jonker legde de zaak opnieuw aan de rechter voor. Daaruit bleek dat de Autoriteit Persoonsgegevens de situatie niet had mogen gedogen. Naar verwachting neemt de Autoriteit eind augustus een nieuw besluit. Tot die tijd zijn de containers zonder afvalpas toegankelijk."


Bron: http://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuur-en-organisatie/nieuws/arnhem-stelt-ondergrondse-containers-voorlopig.9568246.lynkx, 26 juli 2017.

Zie ook http://www.gelderlander.nl/arnhem-e-o/arnhemmer-kan-voorlopig-afval-weggooien-zonder-afvalpas~a4bd049f/,
http://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2139430/Arnhem-haalt-slot-van-ondergrondse-afvalcontainer en
http://www.arnhem-direct.nl/berichten/voorlopig-einde-discussie-privacy-afvalpas-ondergrondse-containers-gaan-open/, 24 juli 2017.

Zie voor meer achtergrondinformatie https://www.privacyfirst.nl/aandachtsvelden/wetgeving/item/1081-gedoogbeleid-autoriteit-persoonsgegevens-rond-afvalpas-onder-vuur.html.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Ondanks brede maatschappelijke kritiek stemde de Eerste Kamer deze week in met de beruchte herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Zoals eerder al door Privacy First aangekondigd zal nu een grootschalige rechtszaak volgen om diverse privacyschendende onderdelen van deze wet onrechtmatig te laten verklaren. Hieronder een greep uit de nieuwsberichten vandaag:

"In maart kondigden verschillende organisaties al aan dat zij een rechtszaak zouden aanspannen over de wet, als de Eerste Kamer deze zou aannemen. Onder meer Privacy First en de Nederlandse Verenigingen van Journalisten en Strafrechtadvocaten voegen zich bij de zaak.

De coalitie denkt dat de aftapwet in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en dat een rechter deze daarom ongeldig zal verklaren." (bron: NU.nl)

"Twaalf organisaties zijn van plan om naar de rechter te stappen om de aftapwet tegen te houden. "We hebben vertrouwen dat de Nederlandse rechters aan de rem trekken en zeggen: deze wet gaat te ver", zegt mensenrechtenadvocaat Jelle Klaas, die de coalitie leidt.

Gisterenavond nam de Eerste Kamer een wet aan waarmee de geheime diensten het internet op grote schaal mogen aftappen. De verzamelde gegevens, zoals mails, appjes en bezochte websites, mogen drie jaar worden bewaard, ook als ze niet relevant zijn voor het onderzoek. (...) De organisaties willen dat de rechter de wet tegenhoudt omdat deze een te grote inbreuk maakt op de privacy van Nederlandse burgers.

De wet wordt eerst voorgelegd aan de Nederlandse rechter. Die kan de wet toetsen aan het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. (...) De zaak kan nog tot het Europees Hof worden gevoerd en gaat daardoor mogelijk lange tijd duren." (bron: RTL Nieuws)

"De wet maakt het voor de geheime diensten mogelijk om op veel grotere schaal informatie af te tappen. Vanuit de politiek was er weinig weerstand, maar in de samenleving is er veel kritiek op de wet. (...) "We vinden het een zorgwekkend voorstel", zegt voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA) Jeroen Soeteman. "De nieuwe wet is in strijd met het Europees recht, de rechten van burgers worden hierdoor geschonden." Zoeteman benadrukt dat de stap van de NVSA bijzonder is, "wij mengen onszelf niet zo snel in dit soort zaken."" (bron: NOS)

"De zogenoemde aftapwet, die gisteravond werd goedgekeurd door de Eerste Kamer, brengt de privacy van burgers ernstig in gevaar. Dat stelt belangenorganisatie Privacy First, die samen met twaalf andere privacyclubs een rechtszaak voorbereidt tegen de staat. ,,De gegevens en communicatie van heel veel onschuldige burgers komen zo in het sleepnet van de AIVD terecht.''

Met de aftapwet, die per 1 januari 2018 van kracht wordt, krijgen inlichtingendiensten ruimere toegang tot informatie die via de kabel en internet wordt verzonden, waaronder mobiel verkeer, e-mail en sociale media. De wet moet meer bescherming bieden tegen onder meer terrorisme en cyberaanvallen, maar pakt rampzalig uit voor de privacy van onschuldige burgers, stelt Vincent Böhre, directeur en jurist van Privacy First.

Privacy First bereidt samen met onder meer de Nederlandse Vereniging van Journalisten, de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten en het Platform Bescherming Burgerrechten, een rechtszaak voor tegen de staat. ,,We willen de wet gedeeltelijk buiten werking laten stellen'', zegt Böhre, die een flink aantal bezwaren heeft tegen de nieuwe regelgeving.

‘Iedere Nederlander wordt een BN’er met deze aftapwet’

De clubs willen onder meer dat de zogeheten 'sleepnetbevoegdheid' van de AIVD wordt geschrapt. De dienst mocht al gericht een verdachte hacken, maar nu mag ook een gebied waar een gedachte zit of zijn of haar familie worden gemonitord. ,,Je zou het een massale internettap kunnen noemen'', zegt Böhre. ,,Een groot deel van het internet wordt getapt, waardoor de gegevens en de communicatie van heel veel onschuldige burgers in het sleepnet van de AIVD terecht komen.'' (...) Verder zijn de grenzen van de tapbevoegdheid vaag, meent Böhre. ,,De enige regel die in de wet wordt genoemd is dat het aftappen zo gericht mogelijk moet gebeuren. Daar kun je van alles onder verstaan. Het zou specifiek kunnen gaan om een verdachte, maar ook om een grote groep van potentiële daders, of iedereen die daarmee in contact staat. Maar in noodsituaties zou je ook het hele land kunnen tappen. Het is dus wat ons betreft veel te breed. Door dit wetsvoorstel wordt iedere Nederlander een BN’er.''

Uitwisseling van gegevens met bondgenoten

Böhre wijst ook op de mogelijkheid gegevens van burgers uit te wisselen met bondgenoten van Nederland. ,,Via deze nieuwe wet is het mogelijk dat jouw data ongecontroleerd kan worden gedeeld met Amerika of met Engeland of Australië. Die kans is heel groot. En joost mag weten wat er dan verder mee gebeurt.'' Zonder toetsing vooraf, benadrukt Böhre.

Bedrijven dwingen data te ontsleutelen

De wet geeft de AIVD de bevoegdheid bedrijven te dwingen data te ontsleutelen. ,,Daardoor kunnen systemen als whatsapp of je eigen e-mail zo lek als een mandje worden'', waarschuwt Böhre. ,,Als bedrijven niet meewerken, riskeren ze celstraffen van twee jaar. Bovendien moet alles geheim gehouden worden. Kortom, de meeste bedrijven zullen daaraan meewerken en je komt er als burger nooit iets over te weten.''

Bewaartermijn van drie jaar

Ook de bewaartermijn van drie jaar is een van de punten die de belangenclubs in de rechtszaak zullen aanvechten. ''Die is veel te lang'', zegt Böhre. ''Wat ons betreft gaat de bewaartermijn volledig van tafel en worden alleen de gegevens bewaard die nuttig en nodig zijn voor een onderzoek. De rest moet dan direct worden vernietigd.'' Hij verwijst naar jurisprudentie van het Europees Hof, dat eerder oordeelde dat het bewaren van telecomgegevens gedurende een jaar te lang is. ,,En dan worden de gegevens van heel veel onschuldige burgers wel drie jaar bewaard? Dat kan natuurlijk niet.''

Toegang tot databanken

Onder de nieuwe wet krijgt de AIVD toegang tot de databanken van de overheid en het bedrijfsleven, mits een bedrijf daar akkoord mee gaat. ,,Ook dat gebeurt in het geheim en zonder toestemming van het nieuwe toezichtscomité'', stelt Böhre. ,,Dan is maar de vraag waar de AIVD allemaal toegang toe krijgt.'' (bron: Algemeen Dagblad)  

"De coalitie tegen de wet wordt geleid door PILP (Public Interest Litigation Project), het project waarmee het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten de mogelijkheid van strategisch procederen op het gebied van mensenrechten in Nederland verkent. Volgens mensenrechtenadvocaat Jelle Klaas van PILP hebben zich al veel partijen aangesloten. 'We begonnen met twaalf, dertien, maar het groeit nog.' Onder hen zijn techbedrijven, de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) en privacyorganisaties Bits of Freedom en Privacy First.

Klaas heeft goede hoop dat de rechter een stokje voor de zogenoemde aftapwet zal steken, die formeel per 1 januari volgend jaar in werking moet treden. 'De senaat heeft gefaald om onze mensenrechten te garanderen, dus het is nu aan de rechter. Privacy is ook een mensenrecht.'

Economische schade

Vanuit verschillende hoeken wordt al een tijd geageerd tegen de wet. Zo is de NVJ (Nederlandse Vereniging van Journalisten) bang voor uitholling van bronbescherming, zo zegt secretaris Thomas Bruning: 'Dat dreigt een lege huls te worden.' Privacyorganisaties Bits of Freedom noemt het een 'onverteerbare uitslag'. 'Als we de grens niet trekken bij het op grote schaal verzamelen van het online gedrag van grote groepen onverdachte mensen, waar trekken we de grens dan wel?', zo vraagt David Korteweg van Bits of Freedom zich af.

Ook vanuit het bedrijfsleven is er kritiek. Alex Bik van zakelijke internetprovider BIT zegt zich te beraden op juridische stappen. In verleden sloot hij zich al aan bij PILP bij de zaak tegen de telecom-bewaarplicht. 'Ik ben niet alleen bang voor schending van de privacy van onschuldige burgers, maar ook voor de economische gevolgen', aldus Bik. 'Nu nog is Nederland een zeer aantrekkelijke plek voor internetdiensten, maar ik kan me voorstellen dat bedrijven zullen zeggen: we verhuizen onze spulletjes wel ergens anders naartoe als die aftapwet eraan komt.' Bik benadrukt dat de wet immers over alle mogelijke soorten internetverkeer gaat. Niet alleen e-mail of telefoon, maar bijvoorbeeld ook communicatie via clouddiensten of games.

Veiligheid

Tot slot is er nog een fundamenteel veiligheidsprobleem, zegt Bik. 'De wet staat de diensten ook toe om computers of telefoons te hacken. Niet alleen van verdachten, maar ook van mensen in de buurt van verdachten. Hierbij zullen ze gebruikmaken van lekken die nog niet breed bekend zijn. Je hoeft maar naar de WannaCry-uitbraak te kijken om te zien hoe gevaarlijk dat is.' WannaCry maakte gebruik van softwarelekken in Windows die in eerste instantie bij de NSA bekend waren, maar nog niet bij Microsoft." (bron: Volkskrant)

"Het pijnlijkste onderdeel van de wet is het ‘sleepnet,’ zegt Vincent Böhre, directeur van Privacy First. Böhre hekelt het idee dat de AIVD en de MIVD toegang krijgen tot informatie over een groot aantal burgers, in de zoektocht naar gegevens van verdachten. (...) De AIVD mag volgens de wet bijvoorbeeld een wijk monitoren, als de organisatie denkt dat een verdachte in die wijk woont. Volgens Böhre betekent dit dat honderden of zelfs duizenden huishoudens doelwit kunnen worden. ‘Daarmee schendt de staat niet alleen het recht op privacy, maar een hele reeks aan burgerrechten zoals het recht op vertrouwelijke communicatie, en het recht op informatievergaring.’

‘Wet past beter in militaire dictatuur’

Samen met de Nederlandse Vereniging van Journalisten, de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten en het Platform Bescherming Burgerrechten, wil Privacy First een zaak aanspannen tegen de staat. Dat gebeurt per 1 januari 2018, als de wet ingaat. Mogelijk beginnen de organisaties zelfs eerder met een rechtszaak: via een civiele procedure willen de belangenbehartigers het in werking stellen van de wet opschorten.

De AIVD krijgt met de nieuwe wet de bevoegdheid de kabel te tappen. De veiligheidsdiensten krijgen zo toegang tot internetgegevens, telefoongesprekken en andere data. ‘De staat schendt daarmee het recht op een privéleven,’ aldus Böhre. ‘Bij een democratie horen openbaarheid van bestuur en geheimhouding van je privéleven. Besluit dan een militaire dictatuur te worden, zou ik zeggen. Daarin passen zulke wetten, niet in een democratie.’

‘Staat slaat door’

Overigens zegt Böhre niet tegen invoering van de [hele] wet te zijn. ‘We willen de scherpste kanten van deze wet halen. De wet laten aanpassen.’ Zo moeten de veiligheidsdiensten afstappen van massasurveillance, en doelgerichte surveillance toepassen bij bijvoorbeeld terreuronderzoeken. ‘Wij stellen surveillance voor op een meer afgebakende schaal. Surveillance moet meer gericht zijn op individuen, niet op hele groepen.’

En het aloude argument dat privacy voor veiligheid moet gaan? ‘Veiligheid en privacy gaan wat ons betreft hand in hand, en zouden ook in balans moeten zijn. Nu slaat de regering door, en is de balans totaal niet meer te vinden.’ (bron: Elsevier)


Beluister hieronder een interview met Privacy First en PILP (NJCM) over de rechtszaak op Radio 1 (NOS Langs de Lijn):

Ook EenVandaag besteedde vandaag aandacht aan de rechtszaak, klik HIER of bekijk onderstaand fragment.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Rechter buigt zich over privacyschending gemeentelijke afvalpassen

Op vrijdag 7 juli as. om 12:00 uur behandelt de Rechtbank Gelderland een zaak die voor alle Nederlandse gemeenten precedentwerking heeft als het gaat om de plicht om de privacy van hun burgers te respecteren bij het inzamelen van huishoudelijk afval en andere publieke taken. Arnhemmer Michiel Jonker, die hierover eerder al een rechtszaak bij de Raad van State won, verzoekt de voorzieningenrechter om de Autoriteit Persoonsgegevens opdracht te geven om te stoppen met gedogen en nu zonder verder uitstel te gaan handhaven tegen een privacyschendend systeem van de gemeente Arnhem met adresgebonden afvalpassen. Dergelijke afvalpassen worden in steeds meer Nederlandse gemeenten ingevoerd.

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland (Arnhem) zal zich buigen over de vraag of de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) mag weigeren om handhavend op te treden als een jarenlange, reeds geconstateerde privacyschending over ongeveer een jaar misschien wel, maar misschien ook niet eindigt. Een zaak met veel precedentwerking.

Drie jaar geleden voerde de gemeente Arnhem een registratiesysteem in waarmee persoonsgegevens van alle Arnhemse huishoudens die restafval in ondergrondse afvalcontainers deponeren, door middel van adresgebonden afvalpassen worden verwerkt. Arnhemmer Michiel Jonker maakte hiertegen bezwaar en diende bij de AP handhavingsverzoeken in. Hoewel de AP inmiddels zelf ook erkent dat er sprake is van een overtreding, weigert de AP echter nog steeds om als toezichthouder handhavend op te treden.

Met ingang van juli 2014 verwerkt de gemeente Arnhem persoonsgegevens van meer dan 150.000 Arnhemmers wanneer ze hun restafval (vuilniszakken) correct deponeren in de daartoe bestemde ondergrondse afvalcontainers. De containers kunnen alleen nog worden geopend door middel van adresgebonden afvalpassen. Op deze manier wordt geregistreerd WAAR (in welke container), WANNEER, HOEVEEL (aantal vuilniszakken) en door WIE (welk meerpersoons- of éénpersoonshuishouden) er restafval wordt gedeponeerd.

Jonker maakte daar meteen na het bekend worden van deze maatregel in juni 2014 bezwaar tegen en diende tevens een handhavingsverzoek in bij de AP (toen nog College Bescherming Persoonsgegevens geheten). Op 26 april 2016 gaf de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State Jonker gelijk dat het systeem zonder legaal besluit was ingevoerd. De gemeente negeerde deze uitspraak echter. Jonker hernieuwde vervolgens zijn handhavingsverzoek bij de AP.

Na aandringen van Jonker erkende de AP op 20 april 2017 dat de gemeente de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) overtreedt. Tegelijk kondigde de AP echter aan die overtreding te zullen blijven gedogen, omdat er volgens de toezichthouder sprake is van "concreet uitzicht op legalisering", in verband met een op 27 maart 2017 genomen principebesluit van de Arnhemse gemeenteraad om aan het college van B&W een voorwaardelijk mandaat te verlenen voor de invoering van een zogeheten Diftar-systeem vanaf 1 januari 2018.

Volgens de gemeente en de AP rechtvaardigt een Diftar-systeem (het heffen van een gedifferentieerd tarief naar rato van de hoeveelheid gedeponeerd afval) de verwerking van persoonsgegevens van burgers. Jonker bestrijdt dit, omdat er ook na invoering van Diftar geen noodzaak bestaat voor het verzamelen en bewaren van persoonsgegevens die op verschillende manieren kunnen worden gebruikt en misbruikt. Ook vindt Jonker dat het achteraf toekennen van een nieuwe doelstelling aan een bestaande overtreding, die overtreding niet kan rechtvaardigen. Bovendien zijn er goede alternatieven, bijvoorbeeld een anonieme, met saldo laadbare prepaid-afvalpas.

Volgens Jonker leidt het jarenlang voortbestaan en gedogen van een overtreding inmiddels tot een spoedeisend belang bij geloofwaardige handhaving. Dit mede omdat privacyschending een aantasting is van de persoonlijke integriteit van mensen. Hoe langer die duurt, hoe meer schade. Ook gaat dit ten koste van hun vrijheid. Jonker verzoekt de rechter dan ook om de AP opdracht te geven zonder verder uitstel een last onder dwangsom op te leggen aan de gemeente.

Privacy First steunt Jonker in deze zaak: Nederlandse gemeenten dienen hun burgers een privacyvriendelijk alternatief voor een persoonsgebonden afvalpas te bieden, bijvoorbeeld in de vorm van een anonieme afvalpas zonder extra kosten.


Zaakinformatie: Jonker vs. Autoriteit Persoonsgegevens, rechtbank Gelderland (locatie Arnhem) 7 juli 2017, 12.00u. Klik HIER voor een routebeschrijving. Zaaknummer: ARN 17 / 2340. Iedereen is welkom om de rechtszitting bij te wonen.


Update 7 juli 2017: de rechtszitting vanmiddag verliep relatief voorspoedig. Klik HIER voor de pleitnota van de heer Jonker (pdf). Een korte mondelinge uitspraak van de rechter staat vooralsnog gepland op donderdagmiddag 13 juli as., het schriftelijke vonnis volgt de dag daarna. Lees ook het artikel in De Gelderlander, 7 juli 2017: http://www.gelderlander.nl/arnhem-e-o/rechter-beslist-over-illegale-arnhemse-afvalpas~a7a05c80/.

Update 11 juli 2017: de invoering van Diftar in Arnhem wordt waarschijnlijk uitgesteld tot 1 januari 2019, zie http://www.arnhem-direct.nl/berichten/gemeenteraad-besluit-niet-tot-uitstel-invoering-diftar/. Zie bijvoorbeeld ook https://arnhem.groenlinks.nl/nieuws/raad-pakt-zelf-verantwoordelijkheid-voor-invoering-diftar-na-geharrewar-coalitie.

Update 13 juli 2017: De voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland heeft Jonkers verzoek vandaag toegewezen en daarom het besluit van de AP geschorst. De rechter oordeelde dat er bij een (voortdurende) privacyschending sprake is van spoedeisendheid bij de handhaving, en dat er in het geval van de Arnhemse adresgebonden afvalpas geen concreet uitzicht bestaat op legalisatie. Gezien het feit dat de AP waarschijnlijk binnen vier weken, en uiterlijk 24 augustus a.s. zijn afwijzende besluit heroverweegt n.a.v. Jonkers bezwaar, achtte de rechter het niet opportuun om de AP te verplichten nu al een last onder dwangsom op te leggen. De rechter sprak wel de verwachting uit dat de AP zal gaan handhaven. Voor de tekst van de rechterlijke uitspraak, zie ECLI:NL:RBGEL:2017:3665.
Zie ook de volgende berichtgeving in de media:
http://www.arnhem-direct.nl/berichten/arnhemse-afvalpas-opnieuw-onder-vuur/
http://www.telegraaf.nl/binnenland/28634796/__Arnhemse_afvalpas_onder_vuur__.html
http://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-en-milieu/nieuws/arnhemse-afvalpas-houdt-illegaal-gegevens-bij.9567672.lynkx
http://www.gelderlander.nl/arnhem/rechter-autoriteit-had-moeten-optreden-tegen-afvalpas-arnhem~ac57f1b6/
http://www.nu.nl/alphen-aan-den-rijn/4841094/alphen-wellicht-in-overtreding-met-gebruik-afvalpas.html
https://radar.avrotros.nl/nieuws/detail/rechter-verwijst-arnhemse-afvalpas-voorlopig-naar-de-prullenbak/
https://www.privacybarometer.nl/nieuws/3909/Rechter_geeft_Autoriteit_Persoonsgegevens_er_van_langs.

Update 24 juli 2017: vandaag heeft de gemeente Arnhem besloten om alle ondergrondse afvalcontainers 'open' te zetten. Om afval te storten hebben Arnhemmers voorlopig dus geen afvalpas meer nodig. Zie de berichtgeving in De Gelderlander, bij Omroep Gelderland en Arnhem Direct. Privacy First hoopt dat andere gemeenten in een vergelijkbare situatie als Arnhem dit voorbeeld zullen volgen en het gebruik van privacyschendende afvalpassen zullen afschaffen.

Gepubliceerd in Wetgeving

"Fit For Free heeft in 19 vestigingen toezicht gehouden met camera's in kleedkamers. Dat blijkt uit onderzoek van RTL Nieuws. Volgens de sportschool ging het om een preventieve maatregel tegen diefstal, maar volgens deskundigen is de privacy van klanten in het geding gekomen. Fit For Free zegt dat de camera's een paar maanden geleden zijn uitgezet."Dit lijkt mij schandalig", reageert Vincent Böhre van stichting Privacy First. "Mensen gaan zich toch anders gedragen, zelfs als de camera's uitstaan. Het is wachten op excessen, dat beelden uitlekken en een medewerker er misbruik van kan maken. Het gaat om hele gevoelige gegevens van mensen zonder kleding aan."

Veel diefstallen

Hoewel Fit For Free klanten de mogelijkheid geeft om hun spullen in kluisjes veilig op te bergen, hangen sommigen hun spullen liever op in de kleedkamer. Volgens de keten vonden er in die ruimte veel diefstallen plaats en werd dat aantal dankzij camerabewaking in kleedkamers tot nul teruggebracht.

Op haar website schreef Fit For Free dat de bewakingscamera’s in kleedkamers 'gericht zijn op haakjes voor jassen en dus alleen het gezicht in beeld brengen'. Nadat RTL Nieuws hier vragen over stelde, is deze bewuste tekst verwijderd. Fit For Free veranderde de tekst op haar website in de mededeling dat de camera’s 'nooit gericht staan op de doucheruimtes'.

Wél gericht op douches

Toch was bij zeker één vestiging van Fit For Free een camera gericht op de douchehokjes. Na vragen van RTL Nieuws heeft de sportschool deze verwijderd, maar een woordvoerster wil niet zeggen waarom.

De Autoriteit Persoonsgegevens kreeg vorig jaar 'enkele meldingen' binnen van klanten die hun vragen zetten bij het cameratoezicht van Fit For Free. "Daarop hebben wij contact gezocht met de organisatie en gezegd waar hun cameratoezicht aan moest voldoen. Zij hebben verteld dat ze aan de voorwaarden zullen voldoen."

De toezichthouder deed geen aanvullend onderzoek. "Wij gaan er van uit dat een bedrijf niet tegen ons liegt."

Goed geïnformeerd

Volgens de autoriteit moet het bedrijf voldoen aan een aantal voorwaarden. Zo mogen er geen ontklede mensen in beeld worden gebracht en moeten klanten goed geïnformeerd worden over het cameratoezicht in de kleedkamer. In het privacystatement en in de algemene voorwaarden van Fit For Free wordt met geen woord gerept over bewakingscamera’s in de kleedkamer.

Ook stellen klanten tegenover RTL Nieuws dat ze bij het ondertekenen van het abonnement hiervan niet op de hoogte zijn gebracht.

Volgens hoogleraar recht en informatiemaatschappij Gerrit-Jan Zwenne moet een sportschool klanten op de hoogte stellen van cameratoezicht, bijvoorbeeld door dat mede te delen in een formulier en dat dan door hen te laten tekenen. "Je moet zoiets weten voordat je een abonnement aangaat. Als je het pas leest als je de ruimte in bent, dan ben je al gefilmd", zegt Zwenne.

Stoppen met filmen

Privacy First is er zwaar op tegen dat Fit For Free bewakingscamera’s gebruikte in kleedkamers. "Onder recht op privacy valt ook lichamelijke integriteit. Mensen kunnen niet meer ongedwongen zichzelf zijn", zegt directeur Böhre."

Bron: https://www.rtlnieuws.nl/nederland/cameras-in-kleedkamers-fitnessketen-fit-for-free , 4 juli 2017. Vergelijk Volkskrant.nl, Fit for Free filmde in kleedkamershttp://www.volkskrant.nl/4504300/.

Privacy First vindt dat alle camera's in kleedkamers direct dienen te worden verwijderd. Nader commentaar door Privacy First volgt zodra de Autoriteit Persoonsgegevens haar standpunt in deze kwestie gepubliceerd heeft.


Update 5 juli 2017: gedupeerde klanten kunnen hun abonnement per direct opzeggen, zie https://www.rtlnieuws.nl/nederland/gefilmde-klant-fit-for-free-heeft-recht-op-schadevergoeding.

Beluister HIER een interview met Privacy First op Radio FunX over cameratoezicht in kleedkamers.

Update 7 juli 2017: VVD en CDA hebben vandaag Kamervragen over e.e.a. gesteld.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
maandag, 03 juli 2017 14:31

Privacy First jaarverslag 2016

Hierbij publiceert Stichting Privacy First graag haar jaarverslag 2016: klik HIERpdf om de pdf-versie te downloaden. In ons jaarverslag leest u alles over onze voornaamste activiteiten in 2016, waaronder onze rechtszaken, onze lobby en onze publieksevenementen. Als organisatie bevindt Privacy First zich momenteel in een belangrijke groeifase. Naarmate het belang van goede privacybescherming in onze informatiemaatschappij steeds groter en urgenter wordt, neemt het belang van een sterke, krachtige organisatie als Privacy First immers navenant toe. Uw steun als donateur is en blijft daarbij onmisbaar. Klik HIER om donateur van Privacy First te worden!

Gepubliceerd in Publicitaire downloads

Privacy First vecht kentekenparkeren aan bij rechtbank Amsterdam 

Kentekenparkeren zonder contante betaling is dubbele privacyschending 

Begin dit jaar oordeelde de Hoge Raad dat de Belastingdienst jarenlang op onrechtmatige wijze de locatiedata van alle automobilisten in Nederland heeft verzameld. De Belastingdienst deed dit middels een groot netwerk van ANPR-camera’s (nummerplaatregistratie) langs de Nederlandse snelwegen. Volgens de Hoge Raad bestond hiervoor echter geen wettelijke basis. Daarmee vormde deze praktijk van de Belastingdienst een massale privacyschending.

Ook op lokaal niveau wordt het reisgedrag van automobilisten al jarenlang op onrechtmatige wijze geregistreerd: middels kentekenparkeren heeft de gemeentelijke belastingdienst volledig zicht op wie waar en wanneer parkeert. Maar ook hier ontbreekt een specifieke wettelijke basis zoals door de Nederlandse Grondwet en art. 8 EVRM (het recht op privacy) worden vereist. Voor verplicht kentekenparkeren bestaat bovendien geen enkele maatschappelijke noodzaak. Verder ontbreekt bij kentekenparkeren de mogelijkheid om contant of anderszins anoniem te kunnen betalen. Daarmee vormt kentekenparkeren een meervoudige privacyschending.

Invoering kenteken niet verplicht

Begin 2015 won Privacy First haar eerste rechtszaak tegen kentekenparkeren: sindsdien zijn automobilisten niet meer verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Begin 2016 werd dit oordeel bevestigd door de Hoge Raad. Wie geen kenteken invoert, ontvangt echter nog steeds een parkeerboete die pas na bezwaar (met betalingsbewijs) wordt vernietigd. “Zo wordt je als goedwillende burger dus nog steeds gestraft als je anoniem wilt kunnen parkeren. Het is Kafka”, aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini. “De Hoge Raad is duidelijk: verplichte invoering van kentekens mag niet. Kentekenparkeren dient dus te worden afgeschaft”, aldus onze advocaat Benito Boer. Daartoe diende onlangs een kort geding van Privacy First om anoniem parkeren mogelijk te maken zónder invoering van het kenteken en mét anonieme betaalmogelijkheid. Het Hof Amsterdam verklaarde deze zaak echter niet-ontvankelijk wegens de complexiteit ervan. Daarmee stuurde het Hof aan op een nieuwe bodemprocedure waarin alle openstaande rechtsvragen alsnog behandeld kunnen worden. Een dergelijke procedure zal aanstaande donderdag plaatsvinden bij de rechtbank Amsterdam. Naast de vraag of kentekenparkeren rechtmatig is, zal in deze zaak met name het gebrek aan contante of anonieme betalingsmogelijkheden centraal staan. In april 2016 organiseerde Privacy First een publieksdedat over deze thematiek.   

Rechtszitting bij rechtbank Amsterdam

Privacy First nodigt u hierbij van harte uit om bij de openbare rechtszitting aanwezig te zijn. Deze zal plaatsvinden op donderdagochtend 29 juni as. om 9.00u bij de rechtbank Amsterdam: zaak L.T.C. Filippini vs. gemeente Amsterdam, zaaknr. AMS 16/1758 PARKBL. Adres: Fred. Roeskestraat 73, gebouw G (Parnas). NB: dit is de nieuwe tijdelijke locatie van de rechtbank. Klik HIER voor een routebeschrijving.

Wilt u ons graag steunen bij het voeren van deze rechtszaak? Maak dan een donatie aan Privacy First over o.v.v. “privacyparkeren” t.n.v. Stichting Privacy First te Amsterdam, IBAN: NL95ABNA0495527521.

Update 29 juni 2017: de rechtszitting vanochtend was relatief lang en grondig. De uitspraak van de rechtbank staat vooralsnog gepland op 10 augustus as.

Update 30 juni 2017: naar aanleiding van de rechtszaak verscheen vandaag een lezenswaardig artikel op de website van Trouw.

Gepubliceerd in Kentekenparkeren
vrijdag, 23 juni 2017 11:12

Het begon eigenlijk al in de peuterklas

Het begon eigenlijk al in de peuterklas. Mijn zoontje vertelde dat hij een filmpje had gezien op de computer. Een filmpje? Hoezo? Ik breng mijn kind niet naar de peuterspeelzaal om filmpjes te kijken, ik breng mijn kind om te spelen. Spelen met andere kindjes, omdat hij daar aan toe was. Bovendien wil ik bepalen welke filmpjes mijn kind te zien krijgt, als hij al filmpjes te zien krijgt. Andere ouders waren ook ontstemd, en toch was ik de enige die er wat van zei. De peuterleidster trok verbaasd een wenkbrauw omhoog en mompelde dat het toch allemaal niet erg was.

We should run through the forest  
We should swim in the streams  
We should laugh, we should cry,  
We should love, we should dream  
We should stare at the stars and not just the screens  
You should hear what I'm saying and know what it means  
                                    (Scare away the Dark – Passenger (singer-songwriter)

Inmiddels was de peuterklas tevens kinderopvang geworden en moesten er camera’s geplaatst worden als ‘tweede paar ogen’. Dat scheelde een personeelslid. Op het hoofdkantoor, ver weg in een andere stad, kon er dan meegekeken worden. Uiteraard werd ons toestemming gevraagd en verzekerd dat de beelden tijdig zouden worden vernietigd en in geen geval voor andere doeleinden zouden worden gebruikt. Nee zeggen was geen optie. En hoe konden wij controleren dat deze beelden inderdaad niet werden opgeslagen en voor andere doeleinden werden gebruikt? En zijn deze beelden inmiddels wel vernietigd?

Uiteraard werd er ook nog even wifi aangelegd. Men is nog niet eenduidig over het feit of dit al dan niet schadelijk is voor (kleine) kinderen en volwassenen. Toch heeft de Raad van Europa in 2011 een resolutie aangenomen welke de lidstaten aanbeveelt om geen wifi op (lagere) scholen en in kinderopvangen aan te leggen. In landen als Frankrijk, Israël, Rusland, Argentinië en Canada wordt hier gehoor aan gegeven. Maar goed, daar hoef je als ouder al helemaal niet mee aan te komen. Voordat je het weet ben je de ‘wifiheks’ en wordt je überhaupt niet meer serieus genomen.

Geschokt was ik toen ik mijn vierjarige zoontje voor het eerst naar de kleuterklas (groep 1/2) bracht en er opeens een groot digiboard aan de muur hing. De Google toolbar schreeuwde ons in felle kleuren tegemoet. Dat is dus het eerste wat je kind ziet als hij ‘s morgens de klas in komt. Het voelt bijna als hersenspoelerij. Wat doet een digiboard in een kleuterklas? En als het niet gebruikt wordt, moet het dan aanstaan? Met daarop het logo van Google? Vanwege het digiboard wordt het licht in de klas altijd gedempt. Zon of geen zon, de gordijnen zijn dicht, lichten uit en zonneschermen naar beneden.

De schoolcomputers stonden eerst nog op de gang. Kinderen uit groep 3 konden vrijelijk op internet surfen en deden dit dan ook. Combinaties van woorden die tot pornografische plaatjes zouden leiden werden openlijk ingetypt. Bij navraag bleek er geen kinderslot op de computers te zitten. En tja, de juffen konden toch niet alles in de gaten houden... Spelletjes met tanks die er op losschoten werden openlijk gespeeld, dat waren namelijk rekenspelletjes; zeer leerzaam.

Als mijn kleutertje naar de toilet moest lopen over de gang dan kon hij rechts van hem schietende tanks zien en nare pornoplaatjes, terwijl op het digiboard links in de klas nare beelden van het jeugdjournaal over terroristische aanslagen werden vertoond ofwel een filmpje van ‘twerkende’ dames werd bekeken.

Maar niet getreurd! ‘De ouders’ hadden besloten dat er Chromebooks aangeschaft zouden worden. ‘De Ouders’? Mij was niets gevraagd. Chromebooks zijn kleine laptops zonder harde schijf. Alle informatie wordt opgeslagen in de clouds van Google. De kinderen loggen in op hun eigen naam. Leuk, want ook in de kleuterklassen (groep 1 en 2 ) zouden ze worden gebruikt. Er zou meer toezicht zijn en misbruik van internet zou niet meer mogelijk zijn. O ja, en nu moest er door de hele school wifi komen, natuurlijk.

Inmiddels stonden al mijn nekharen overeind. Ik heb mij tot de directie gericht en gevraagd: wat is jullie beleid en visie ten aanzien van het computergebruik? Wat is het doel van het gebruik? Hebben jullie nagedacht over de veiligheid van de kinderen, zowel qua privacy (persoonsgegevens en leerresultaten) als qua gezondheid (nekklachten, gehoorklachten, oogklachten, wifistraling). Hoe werken deze computers? Wat doen onze kinderen eigenlijk op deze computer? Zit er een kinderslot op de computers? Worden de kinderen beschermd tegen schadelijke content? Opslag van de leergegevens van mijn kind in de cloud van Google, dat is toch niet veilig? De directie had eigenlijk geen antwoord, behalve dan dat wij de enigen waren die hier over klaagden en andere scholen hier ook allemaal niet mee bezig waren.

Na veel aandringen door mij werd er een avond georganiseerd over het ICT-gebruik binnen school. De avond was niet meer dan een marketing-praatje van de leverancier van de Chromebooks. Met open mond en kloppend hart heb ik zitten luisteren. Zelfs ik durfde deze avond nauwelijks wat te zeggen. Immers iedereen die vraagtekens zou zetten bij de digitalisering werd direct vergeleken met Khadaffi en Assad, die hun koninkrijken kwijt zouden hebben geraakt door niet met de tijd mee te gaan! Nou, durf dan nog maar wat te zeggen!

Kortom, durf als ouder maar eens op te komen voor de rechten van je kind. Als je al überhaupt weet wat deze rechten zijn.

Wij waren niet de enige ouders die zorgen hadden over de digitalisering op school. Wij waren wel de enige ouders die echt actie ondernamen. De houding van veel ouders is al gauw van ‘ach ja, het is de toekomst, je kan het toch niet tegenhouden’. Maar nee, het is niet de toekomst, het is het heden! En ja, het valt wel tegen te houden, je moet er alleen wat aan doen!

En dat is wat ik nu doe, samen met Privacy First. Ik wil andere ouders inspireren om op te komen voor de rechten van hun kinderen en hen wegwijs maken in de rechten die zij hebben. Het recht op privacy, het recht om ongezien fouten te maken in je jeugd, het recht op gezond onderwijs, het recht om niet verslaafd te raken aan apparatuur, het recht om jezelf te kunnen zijn en te kunnen blijven in alle vrijheid, zonder dat je van jongs af aan al geprofileerd wordt!


Door Simone van Dijk

Gepubliceerd in Kinderen en Privacy

Op dinsdag 20 juni as. houdt de Eerste Kamer een hoorzitting ("deskundigenbijeenkomst") over twee controversiële wetsvoorstellen: het wetsvoorstel over Automatische Nummerplaatregistratie (ANPR) en het wetsvoorstel Computercriminaliteit III ("politie-hackwet"). Op verzoek van de Eerste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie diende Privacy First daartoe vorige week een beknopte position paper in over het wetsvoorstel ANPR. Hieronder staat de volledige tekst, klik HIER voor de originele versie in pdf. De hoorzitting is openbaar en zal op internet live te volgen zijn. Klik HIER voor meer informatie, het volledige programma en alle sprekers.


Geachte Kamerleden,

Dank voor uw uitnodiging om deel te nemen aan de deskundigenbijeenkomst inzake het wetsvoorstel ANPR (automatische nummerplaatregistratie).[1] Onder dit wetsvoorstel zal de politie de bevoegdheid krijgen om alle kentekens op de openbare weg 4 weken te bewaren voor opsporing en vervolging. In de optiek van Privacy First vormt dit een massale privacyschending. Hieronder zullen wij dit kort toelichten.

Huidige regels

Onder de huidige wetgeving dienen de ANPR-gegevens van onschuldige burgers binnen 24 uur te worden gewist. Alle kentekens die niet verdacht zijn (zogeheten “no-hits”) dienen zelfs direct uit de databases te worden verwijderd, aldus de Autoriteit Persoonsgegevens.[2] In een democratische rechtsstaat dienen onschuldige burgers immers zoveel mogelijk met rust te worden gelaten: het klassieke rechtsbeginsel is dat de overheid pas inbreuk mag maken op de privacy van een burger bij een redelijke verdenking van een concreet strafbaar feit. De huidige ANPR-praktijk is hiermee in lijn in die zin dat de “hits” kunnen worden gebruikt en de “no-hits” worden gewist. Deze praktijk vindt echter al jaren plaats op basis van een algemene vangnetbepaling: artikel 3 Politiewet. Daarbij is sprake van profiling. Dit voldoet geenszins aan de moderne eisen die het Europese privacyrecht aan het gebruik van ANPR stelt. Privacy First adviseert allereerst dan ook om de huidige ANPR-praktijk in te perken en alsnog van een specifieke wettelijke basis met strikte privacywaarborgen te voorzien.

Gebrek aan noodzaak en proportionaliteit

In plaats van de actuele ANPR-praktijk alsnog op privacyvriendelijke wijze te reguleren, vormt het huidige ANPR-wetsvoorstel een verregaande schending van het recht op privacy van vrijwel iedere automobilist. Onder dit wetsvoorstel zullen immers alle kentekens op openbare wegen (oftewel ieders reisbewegingen, locatiedata) 4 weken in een nationale ANPR-databank worden opgeslagen. Bovendien zullen deze ANPR-data onder meer worden gedeeld met de AIVD (onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten zelfs middels directe toegang tot de ANPR-databank). Iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte. Uit het ANPR-wetgevingstraject blijkt tot op heden echter geen enkele maatschappelijke noodzaak hiertoe: de laatste jaren lijkt ANPR slechts bij een handjevol misdrijven te hebben bijgedragen aan succesvolle opsporing en vervolging. Naar objectieve maatstaven weegt dit niet op tegen het opofferen van de privacy, bewegingsvrijheid en onschuldpresumptie van miljoenen automobilisten. Ter vergelijking: toen na 9/11 door het CDA werd voorgesteld om van de gehele bevolking vingerafdrukken af te nemen voor opsporingsdoeleinden, werd dit door minister van Justitie Korthals (VVD) direct verworpen. Korthals achtte dit voorstel disproportioneel, omdat op jaarbasis sprake was van circa 10.000 sporenzaken (met vingerafdrukken).[3] De Tweede Kamer was dit destijds met de minister eens. Massale opslag van ieders vingerafdrukken en telecommunicatiedata zijn inmiddels verboden. Derhalve valt niet in te zien waarom de opslag van ieders ANPR-data wel toegestaan zou moeten worden.

Van ‘mass surveillance’ naar ‘targeted surveillance’

Het huidige wetsvoorstel legt een fundamentele bouwsteen voor Nederland als toekomstige “surveillance society”. Nederland overschrijdt hiermee een principiële grens. Zowel binnen de Nederlandse maatschappij als in het buitenland maakt men zich hier grote zorgen over, zo bleek onlangs uit gesprekken tussen Privacy First en diverse ambassades in Den Haag. Op Europees niveau is immers juist sprake van een ontwikkeling in omgekeerde richting: van ineffectieve, inefficiënte en onrechtmatige “mass surveillance” naar effectieve, efficiënte en legitieme “targeted surveillance”, zo blijkt uit diverse baanbrekende uitspraken van de hoogste Europese rechters en groeiende communis opinio onder experts. Door dit wetsvoorstel aan te nemen slaat Nederland dus niet alleen een juridische en beleidsmatige flater, maar creëert het ook een gevaarlijk internationaal precedent.

Mogelijke rechtszaak

Het huidige wetsvoorstel dateert reeds van begin 2013 en heeft sindsdien – terecht – een moeizame geschiedenis achter de rug.[4] Reeds een jaar nadat het wetsvoorstel door voormalig minister Opstelten bij de Tweede Kamer was ingediend bleek het juridisch onhoudbaar, toen het Europees Hof van Justitie de massale opslag van ieders telecommunicatiedata (waaronder locatiedata) onrechtmatig verklaarde.[5] Wegens privacyzorgen lag de verdere behandeling van het wetsvoorstel vervolgens twee jaar stil, totdat dit door voormalig minister Van der Steur in september 2016 opnieuw werd geactiveerd. Drie maanden later volgde echter de genadeklap: in een nieuw, scherper verwoord arrest verklaarde het Europees Hof van Justitie de ongerichte, massale opslag van data van onschuldige burgers voor opsporingsdoeleinden (dataretentie) definitief onrechtmatig. Dit zou slechts rechtmatig kunnen zijn middels strikte gerichtheid in tijd, locatie, strafrechtelijk relevante personen en doelen.[6] Bij het gebruik van dergelijke data is bovendien voorafgaande rechterlijke toestemming geboden. Het huidige wetsvoorstel ANPR voldoet aan geen van deze eisen. Het wetvoorstel is daarmee onrechtmatig en dient door uw Kamer te worden verworpen. Bij gebreke hiervan zal Privacy First (in brede coalitie) de Nederlandse Staat dagvaarden en het wetsvoorstel onverbindend laten verklaren wegens schending van het recht op privacy (art. 8 EVRM).

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Hoogachtend,

Stichting Privacy First

 

[1] Wetsvoorstel Vastleggen en bewaren kentekengegevens door politie, Kamerstukken 33542.

[2] Zie College bescherming persoonsgegevens, Politiekorpsen handelen in strijd met de wet bij toepassing ANPR (28 januari 2010), https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/nl/nieuws/politiekorpsen-handelen-strijd-met-de-wet-bij-toepassing-anpr.

[3] Zie Brief van de minister van Justitie d.d. 10 december 2001, Kamerstukken II, 2001-2002, 19637, nr. 635, p. 7.

[4] Voorheen was ook minister van Justitie Hirsch Ballin al in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit voorstel echter controversieel.

[5] Hof van Justitie van de Europese Unie 8 april 2014, gevoegde zaken C-293/12 & C594/12 (Digital Rights).

[6] Hof van Justitie van de Europese Unie 21 december 2016, gevoegde zaken C-203/15 & C-698/15 (Tele2).

 

Update 20 juni 2017: de hoorzitting in de Eerste Kamer vanochtend was zeer divers en bijzonder kritisch; klik HIER voor de hele video en HIER voor de inbreng van Privacy First (vanaf 19m42s en 39m23s). Hieronder de volledige tekst van onze inleiding. Een formeel verslag van de bijeenkomst verschijnt binnenkort op de website van de Eerste Kamer.

Wetsvoorstel ANPR

Geachte Kamerleden,

Dank voor uw uitnodiging voor deze bijeenkomst. Zowel in onze position paper als tijdens deze bijeenkomst zal Privacy First voornamelijk ingaan op het wetsvoorstel ANPR. Dit wetsvoorstel vormt immers de voornaamste reden waarom u ons heeft uitgenodigd.

Reeds sinds de indiening van het oorspronkelijke voorstel van minister Hirsch Ballin in 2010 om ieders kentekendata, oftewel locatiedata, op te slaan voor opsporing en vervolging, heeft Privacy First het standpunt ingenomen dat een dergelijk voorstel volstrekt onrechtmatig is wegens gebrek aan noodzaak en proportionaliteit. Dit standpunt wordt inmiddels bevestigd door vaste Europese rechtspraak. Mocht dit wetsvoorstel desondanks tot wet verheven worden, dan zal Privacy First dit onverbindend laten verklaren wegens strijd met art. 8 EVRM.

Privacy First heeft dit de laatste jaren reeds diverse malen kenbaar gemaakt aan zowel de Tweede Kamer als aan minister Opstelten en minister Van der Steur persoonlijk. Bij onze meeting met minister Opstelten in juli 2013 waren tevens het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) en de Vereniging Privacy Recht kritisch aanwezig. Op het vooruitzicht van een rechtszaak tegen het wetsvoorstel ANPR reageerde minister Opstelten destijds als volgt, en ik citeer: “De rechter voert de wetgeving uit.” Alsof de rechterlijke macht slechts een verlengstuk van de uitvoerende macht zou zijn. Privacy First antwoordde daarop dat “de rechter tevens nationale wetgeving toetst aan internationale verdragen”. Daarna viel een pijnlijke stilte bij Opstelten en diens topambtenaren. Bij latere meetings met deze ambtenaren heeft Privacy First zich overigens nooit aan de indruk kunnen onttrekken dat hun verdediging van het wetsvoorstel enigszins “contre coeur” was. Dit was de laatste jaren ook het geval met wetten die op vergelijkbare wijze massale privacyschendingen teweeg zouden brengen, waaronder de opslag van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet. Eind 2010 was er in heel Nederland geen ambtenaar meer te vinden die dat nog publiekelijk durfde te verdedigen. De maatschappelijke weerstand tegen dergelijke opslag was en is groot.

Zowel de opslag van ieders vingerafdrukken als de opslag van ieders telecommunicatiedata zijn inmiddels door diverse hoogste Europese rechters onrechtmatig verklaard. Privacy First hoopt dat het met dit wetsvoorstel ANPR niet zo ver zal hoeven komen. Hierbij verzoeken wij uw Kamer dan ook om dit wetsvoorstel te verwerpen.

Wetsvoorstel Computercriminaliteit III

Dan nog kort enkele opmerkingen over het wetsvoorstel Computercriminaliteit III: evenals bij het wetsvoorstel ANPR is bij dit wetsvoorstel nooit sprake geweest van een grondige en onafhankelijke Privacy Impact Assessment. Beide wetsvoorstellen lijken vooral gedreven door technologisch determinisme: alles wat technisch kán, wordt wettelijk mogelijk gemaakt. Evenals bij het wetsvoorstel ANPR zijn de vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit tot op heden echter nooit hard aangetoond. Van enige inperking in technologische zin is bewust geen sprake: de werking van het wetsvoorstel zal zich uitstrekken tot alles wat met het internet in verbinding staat, in de toekomst dus vrijwel de gehele maatschappij, waaronder het Internet of Things, vitale infrastructuur en medische systemen. In politiekringen wil men zelfs rijdende auto’s kunnen hacken en stilzetten, met alle gevaren van dien voor de verkeersveiligheid. Het gebruik en misbruik van onbekende ICT-kwetsbaarheden wordt bovendien nauwelijks ingedamd, en de misdrijven waarbij dit wetsvoorstel kan worden ingezet kunnen voortdurend worden uitgebreid bij algemene maatregel van bestuur. Dat is geen privacy by design. Dat is function creep by design. Privacy First verzoekt uw Kamer dan ook om dit wetsvoorstel eveneens te verwerpen.


Update 19 juli 2017: klik HIER voor het volledige verslag van de hoorzitting zoals gepubliceerd door de Eerste Kamer (redactioneel gecorrigeerde herdruk).

Gepubliceerd in Wetgeving

Targeted surveillance in plaats van mass surveillance is de juiste way forward. Op 31 mei 2017 vond hierover een buitengewoon informatief en overtuigend paneldebat plaats in het Europees Parlement. Aan het debat namen de volgende experts deel: Sophie in 't Veld (lid Europees Parlement), Julian King (buitenlands en veiligheidsbeleid Europese Commissie), Bill Binney (voormalig technisch directeur NSA), Jan van Oort (chief engineer Kivu Technologies) en Federico Fabbrini (hoogleraar rechtsgeleerdheid, Stadsuniversiteit Dublin). Bekijk hieronder de hele video en trek zelf uw eigen conclusies:

Gepubliceerd in Wetgeving

Vandaag heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een kort geding (spoedappèl) van Privacy First voorzitter Bas Filippini tegen kentekenparkeren. Filippini acht verplichte invoering van een kenteken bij parkeren onrechtmatig wegens strijd met het recht op privacy. Tevens werd in deze zaak het gebrek aan contante of anonieme betaalmogelijkheid bij parkeren aangevochten. Op beide rechtsvragen weigert het Hof Amsterdam echter in te gaan.

Hof acht zaak tegen kentekenparkeren te fundamenteel voor kort geding

Het Hof Amsterdam acht onze zaak blijkbaar te fundamenteel en te belangrijk om in kort geding te behandelen. Daarmee stuurt het Hof in feite aan op een bodemprocedure bij de rechtbank Amsterdam. In de optiek van het Hof Amsterdam leent onze zaak zich niet goed voor een kort geding wegens een verondersteld gebrek aan spoedeisend belang en de complexiteit van de zaak. "De privacywetgeving roept vele vragen op en die zijn in het kader van een spoedprocedure niet direct te beantwoorden", aldus het Hof. Van grote spoedeisendheid is echter onmiskenbaar sprake, aangezien menige parkeerder die anoniem wenst te kunnen parkeren (zowel in Amsterdam als in talloze andere gemeenten) onterecht wordt gestraft met een parkeerboete. Dankzij een eerder oordeel van de Hoge Raad dienen dergelijke boetes weliswaar te worden vernietigd, maar intussen is het parkeersysteem als zodanig nog steeds van kracht. Van complexe rechtsvragen is in de optiek van Privacy First geen sprake. Bovendien kan een slepende bodemprocedure vele jaren duren; het meeste kwaad is dan allang geschied.

Geen inhoudelijk oordeel over kentekenparkeren

In het arrest heeft het Hof Amsterdam vandaag geen inhoudelijk oordeel over kentekenparkeren gegeven. In tegenstelling tot berichtgeving vanochtend door enkele media (zonder voorafgaande hoor en wederhoor) heeft het Hof het systeem van kentekenparkeren vandaag dan ook niet rechtmatig geacht. Zou het Hof onze stellingen niet serieus hebben genomen, dan zou het Hof de zaak meteen hebben afgewezen. Dat is echter niet gebeurd. Het Hof acht de zaak dus dermate serieus (en potentieel verstrekkend) dat men een kritisch inhoudelijk oordeel graag overlaat aan de rechtbank Amsterdam, later eventueel opnieuw gevolgd door hoger beroep bij ditzelfde Hof. De zaak zal dan opnieuw in alle breedte en diepte kunnen worden behandeld. Privacy First verwacht een dergelijke nieuwe procedure spoedig aanhangig te zullen maken.

Privacy First overweegt rechtstreeks beroep in Straatsburg

Naast het feit dat het Hof Amsterdam aanstuurt op een bodemprocedure bij de rechtbank, snijdt het Hof de weg naar de Hoge Raad vandaag af. Op basis van de huidige, niet-inhoudelijke uitspraak van het Hof kan immers geen effectieve cassatie bij de Hoge Raad worden ingesteld. Privacy First overweegt hierover een rechtstreekse klacht in te dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg wegens schending van het recht op privacy (art. 8 EVRM) in combinatie met het recht op een effectief rechtsmiddel (art. 6 en 13 EVRM).

Huidige stand van zaken

Met het huidige oordeel van het Hof Amsterdam blijft de actuele stand van zaken intact: parkeerders mogen niet worden verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Dit is en blijft immers het oordeel van de Hoge Raad. Onder druk van het recente hoger beroep van Privacy First heeft de gemeente Amsterdam begin dit jaar reeds de teksten op alle parkeerautomaten gewijzigd van “verplichte” naar “gewenste” invoering van kentekens. Privacy First blijft echter aansturen op algehele afschaffing van (verplicht) kentekenparkeren en controle van een anoniem parkeerkaartje achter de voorruit, zoals dat bijvoorbeeld al staande praktijk is in de gemeente Utrecht. Een ander privacyvriendelijk alternatief is nummervakparkeren, zoals dat op talloze plekken in het buitenland plaatsvindt.

Nieuwe zaak over recht op contante, anonieme betaling

Voor privacyvriendelijk parkeren is echter méér nodig: betaling voor een parkeerplek dient contant of anderszins anoniem te kunnen plaatsvinden. Een nieuwe rechtszaak (bestuursrechtelijke bodemprocedure) van onze voorzitter over deze kwestie staat inmiddels gepland op 29 juni as. bij de rechtbank Amsterdam. In deze zaak zal het recht op contante en anonieme betaling centraal staan. Een deel van de rechtsvragen die het Hof Amsterdam vandaag heeft laten liggen, zal dan alsnog door de rechtbank worden behandeld.

Lees HIER de volledige uitspraak van het Hof Amsterdam.

Gepubliceerd in Rechtszaken
Pagina 1 van 67

Onze Partners

logo demomedia
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
 
 
banner ned 1024px1IIR banner
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100logo CPDP 2017

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon