donatieknop english
zaterdag, 21 november 2015 16:09

Seminar Privacy in de praktijk

Seminar Privacy in de praktijk 

Nieuwe privacywetgeving vertaald naar uw organisatie 

26 november 2015, Van der Valk Hotel Veenendaal  www.gemeentenucongressen.nl/privacy/ 

Privacybescherming moet in Nederland op een hoger niveau komen te staan.

Die boodschap draagt Privacy First uit in processen zoals tegen het kentekenparkeren en in onze publiekscampagnes. Steeds vaker dagen we bestuurders en beleidsmakers uit de publieke en private sector uit om privacy tot vertrekpunt van hun plannen en dienstverlening te maken.

Ook dat is privacy by design!

Bestuurders helpen betere keuzes te maken doen we bijvoorbeeld op 26 november tijdens het privacy seminar van Reed Business. Privacy First voorzitter Bas Filippini neemt deel aan het plenaire debat 'Zijn we eigenlijk wel klaar voor privacy'? Privacy First Solutions-projectleider Martijn van der Veen daagt de aanwezigen uit na te denken of het mogelijk is dienstverlening zo in te richten dat daadwerkelijk de privacybelangen van burgers op één staan.

Meer informatie en aanmelden voor dit (betaalde) evenement kan via onderstaande link: 
www.gemeentenucongressen.nl/privacy/inschrijven.html.

Verantwoording

Waarom Privacy First bijdraagt aan dit congres: de congressen van Reed Business hebben een sterke naam in de markt. Deelnemers aan dit congres zijn naar verwachting personen uit de publieke sector. Een sector die diep ingrijpt in de persoonlijke levenssfeer van mensen. En waar een wereld te winnen is. Privacy First ontvangt geen vergoeding voor haar bijdrage en heeft geen commercieel belang bij dit congres.

Gepubliceerd in Evenementen

Naar aanleiding van de recente aanslagen in Parijs werd Stichting Privacy First vandaag geïnterviewd door BNR Nieuwsradio. Hoe kan Nederland het beste op dit soort aanslagen reageren? Hoe kan terrorisme worden bestreden zonder dat de privacy van onschuldige burgers wordt opgeofferd? Beluister hieronder het hele interview met Vincent Böhre van Privacy First:



Bron: http://www.bnr.nl/?service=player&type=archief&fragment=20151120113610420 (deel 1) en http://www.bnr.nl/?service=player&type=archief&fragment=20151120114430300 (deel 2).

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Wie in Eindhoven een avondje gaat stappen wordt continu in de gaten gehouden door "slim" cameratoezicht met microfoons en monitoring van social media. De gemeente, de politie en ICT-bedrijf Atos denken Eindhoven op deze manier veiliger te kunnen maken. Privacy First zet hier grote vraagtekens bij en overweegt juridische stappen. Hieronder een eerste reactie van Privacy First voorzitter Bas Filippini bij RTL Nieuws en een radio-interview met Filippini bij Omroep Brabant:

RTL 13nov2015 6

© RTL Nieuws

Interview Omroep Brabant, 12 november 2015:



Hieronder enkele eerdere nieuwsberichten over dit Orwelliaanse project:
http://www.nrcq.nl/2015/08/22/hoe-de-politie-misdaad-opspoort-nog-voordat-die-heeft-plaatsgevonden 
http://www.nrc.nl/handelsblad/2015/10/17/de-slimme-stad-kan-een-dom-idee-worden-1546062 
http://www.nrc.nl/nieuws/2015/10/16/techbedrijven-azen-massaal-op-nederlandse-steden-als-potentiele-klant 
http://www.ed.nl/regio/eindhoven/rennen-en-roepen-voor-test-sensorsystemen-op-stratumseind-1.5430984 

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Dit jaar probeert de Nederlandse regering nieuwe wetgeving voor de geheime diensten (inlichtingen- en veiligheidsdiensten) op te tuigen. In dat kader vond deze zomer een openbare internetconsultatie plaats waarbij iedereen zijn/haar mening over het huidige concept-wetsvoorstel kon geven. Dit wetsvoorstel zou de huidige Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) uit 2002 moeten gaan vervangen.

Privacy First maakt zich grote zorgen over de voorgestelde uitbreiding van bevoegdheden in het wetsvoorstel. Deze bevoegdheden zouden de AIVD en MIVD vrijwel ongelimiteerd zicht kunnen gaan bieden op ieders privéleven.

Geheime diensten staan echter niet boven de wet: net als iedere andere overheidsdienst dienen zij het recht op privacy na te leven, te beschermen, te bevorderen en zelfs te promoten. Dit vloeit voort uit de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en de Nederlandse Grondwet. Op basis hiervan stuurde Privacy First deze week een kritisch commentaar op het huidige wetsvoorstel naar het verantwoordelijke ministerie. Klik HIER voor onze brief (inclusief voetnoten) zoals gepubliceerd op internetconsultatie.nl. Hieronder volgt de volledige tekst:

Geachte heer/mevrouw,

Hierbij geeft Stichting Privacy First graag een eerste reactie op het huidige concept-wetsvoorstel ter herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) 2002. Daarbij herinnert Privacy First allereerst graag aan de inhoud van de openbare toespraak die het hoofd van de AIVD (de heer Rob Bertholee) in september 2012 ten kantore van Privacy First in Amsterdam hield. Het door Privacy First gepubliceerde verslag van deze toespraak is destijds door de AIVD zelf geaccordeerd. Enkele relevante passages uit dit verslag luiden als volgt:

"[Bertholee] kan zich voorstellen dat correlatie (koppeling) en internationale uitwisseling van gegevens door de burger ervaren wordt als "Big Brother" en dat men zich daar zorgen om maakt. Als burger maakt Bertholee zich daar zelf ook zorgen over. (...)
Bij het vragen om informatie door de AIVD aan burgers mag overigens geen sprake zijn van enige vorm van druk. Hetzelfde geldt voor het vragen van informatie aan journalisten: journalisten zijn geheel vrij om daar wel of niet aan mee te werken. "Als een journalist er niet aan wil meewerken, dan is dat jammer voor de AIVD, maar daar houdt het mee op," aldus Bertholee. (...)
Wat eventuele herziening van de Wiv2002 betreft merkt Bertholee op dat de huidige wettelijke ruimte voor de AIVD voldoende is en dat hij niet meer bevoegdheden nodig heeft. (...)
Bertholee eindigt zijn lezing door nog eens te benadrukken dat de AIVD geen dossiers van iedereen bijhoudt, niet iedereen onder de tap houdt, (...) niet elke computer hackt, geen handhavende bevoegdheden heeft [en] geen druk op mensen uitoefent (...)."

De belangrijkste boodschap van Bertholee aan het publiek destijds was dat "hij geen voorstander was van Big Brother." Begin 2015 herhaalde hij deze boodschap ter gelegenheid van het semi-openbare ReuringCafé bij de Vereniging voor OverheidsManagement: "Het recht op privacy is voor mij net zo heilig als voor Privacy First", aldus Bertholee tegenover een zaal vol topambtenaren.

Als het hoofd van de AIVD zélf al vindt dat hij voldoende bevoegdheden heeft en waarschuwt voor Big Brother, dan heeft de Nederlandse regering bij iedere uitbreiding van deze bevoegdheden bij voorbaat de schijn tegen zich. In het licht hiervan kunnen met name de volgende aspecten uit het huidige concept-wetsvoorstel in de optiek van Privacy First niet door de beugel:

Strafbare feiten

Allereerst opvallend is dat de huidige bevoegdheid van agenten om strafbare feiten te plegen vrijwel ongemoeid wordt gelaten en niet nader juridisch wordt ingekaderd. Dit ondanks de reeds bestaande (maar nooit uitgevoerde) opdracht in de huidige Wiv om deze bevoegdheid alsnog van juridische waarborgen te voorzien middels een algemene maatregel van bestuur (AMvB). Ook de commissie Dessens achtte dergelijke nadere normering – terecht – wenselijk. Desondanks wenst het kabinet de grondslag voor de betreffende AMvB af te schaffen. Het plegen van strafbare feiten door agenten blijft daarmee grotendeels plaatsvinden in een juridisch vacuüm. Privacy First acht dit onwenselijk, riskant en ronduit gevaarlijk.

Hack-bevoegdheid en decryptiebevel

Een tweede verwerpelijk onderdeel van het wetsvoorstel is de bevoegdheid om ieders computer te kunnen hacken en mensen te kunnen verplichten om versleutelde bestanden voor de diensten te ontsleutelen, dit laatste op straffe van 2 jaar hechtenis. Privacy First acht dit volstrekt in strijd met het recht op privacy, want niet noodzakelijk en disproportioneel. Daarnaast is het voorstel in strijd met het verbod van zelfincriminatie (nemo tenetur). Het voorstel legt de basis voor toekomstig machtsmisbruik en vormt in de optiek van Privacy First een typische bouwsteen voor een politiestaat i.p.v. een democratische rechtsstaat. Dit geldt eveneens voor het onderdeel in het wetsvoorstel met betrekking tot de invoering van een massale internettap; deze bevoegdheid is ronduit totalitair. De door het kabinet veronderstelde noodzaak hiervan wordt in het voorstel slechts gesteld en nauwelijks onderbouwd, laat staan aangetoond. In een democratische samenleving is de maatschappelijke noodzaak van een dergelijke bevoegdheid echter überhaupt ondenkbaar. Dit voorstel is daarmee bij voorbaat onrechtmatig.

Datamining & profiling

De bevoegdheden tot het opvragen en gebruiken van gegevens zijn in het huidige wetsvoorstel vrijwel onbegrensd. Het voorstel maakt daartoe zelfs directe toegang tot de databanken van derde partijen (overheid én bedrijfsleven) mogelijk. Bij al deze partijen zullen bovendien complete databanken opgevraagd kunnen worden. Dit alles ten behoeve van koppeling, datamining en profiling, waarmee een uiterst gedetailleerd (zelfs voorspellend) beeld van groepen en individuen kan worden gecreëerd. Deze bevoegdheden zijn volstrekt disproportioneel en zouden in dit wetsvoorstel juist ingeperkt moeten worden, in elk geval waar het gevoelige (bijvoorbeeld medische of biometrische) data betreft.

Notificatieplicht

Een lichtpuntje in het wetsvoorstel is de handhaving van de notificatieplicht. Deze geldt echter slechts jegens individuen en niet jegens organisaties die (als zodanig) evengoed targets kunnen zijn geweest. Privacy First adviseert dan ook om deze bepaling te amenderen in de zin dat de notificatieplicht tevens voor organisaties zal gaan gelden.

Actieve openbaarheid

Privacy First adviseert om de huidige Wiv alsnog te voorzien van bepalingen ter actieve openbaarmaking van (historische) documenten van de diensten. De praktijk van "declassification and transparency" in andere landen (waaronder voorheen de Verenigde Staten) kan in dit opzicht een bron van inspiratie vormen.

Informanten

Privacy First adviseert om de huidige Wiv alsnog te voorzien van een verbod om journalisten als informanten in te zetten. Dit in het belang van een vrije pers en de journalistieke bronbescherming. In het belang van een gezond maatschappelijk middenveld zou een dergelijk verbod eveneens kunnen worden ingevoerd met betrekking tot de inzet van agenten en informanten bij maatschappelijke (non-gouvernementele) organisaties.

Internationale uitwisseling

De rechtsbasis voor internationale uitwisseling van inlichtingen werd de laatste jaren gevormd door het obscure artikel 59 Wiv. Dit artikel voldoet bij lange na niet aan de moderne eisen die art. 8 EVRM aan een dergelijke bepaling stelt. In wezen vindt de huidige praktijk van uitwisseling tussen AIVD/MIVD en buitenlandse geheime diensten daardoor al jaren plaats in een juridisch zwart gat. Het verheugt Privacy First dan ook dat art. 59 Wiv grotendeels wordt herzien en mensenrechtelijk wordt versterkt in de nieuwe artikelen 76-78. Deze herziening vormt grosso modo een positieve stap vooruit. Probleem blijft echter de internationale uitwisseling van ongeëvalueerde bulk-data; dergelijke uitwisseling wordt door het concept-wetsvoorstel en de bijbehorende Memorie van Toelichting (MvT) ten onrechte gelegitimeerd. Deze thematiek speelt sinds eind 2013 een cruciale rol in de rechtszaak Burgers tegen Plasterk van Privacy First c.s. tegen de Staat. De voortzetting van deze zaak in hoger beroep blijft door het huidige wetsvoorstel onverminderd actueel en urgent.

Internationale rechtsorde

Nederland heeft de algemene mensenrechtelijke plicht om het recht op privacy in eigen land voortdurend te bevorderen i.p.v. te beperken. Door dit wetsvoorstel schendt Nederland deze algemene plicht; het recht op privacy wordt hierdoor immers massaal ingeperkt. Dit zet de vertrouwensrelatie tussen de Nederlandse overheid en de Nederlandse bevolking op scherp, wat zal leiden tot een maatschappelijk chilling effect. Dit is funest voor de vrije dynamiek in onze democratische rechtsstaat. Het wetsvoorstel en bijbehorende technologie zullen bovendien worden gekopieerd en misbruikt door minder democratische regimes in het buitenland. Het wetsvoorstel vormt daarmee een internationaal precedent voor een wereldwijde Rule of the Jungle i.p.v. de Rule of Law. Dit is in strijd met de grondwettelijke plicht van de Nederlandse regering om de ontwikkeling van de internationale rechtsorde te bevorderen. In het licht van het Nederlandse buitenlands beleid dient dit wetsvoorstel derhalve verworpen te worden.

Toezicht

In het huidige wetsvoorstel is het toezicht op de diensten te vrijblijvend en te politiek van aard. In de optiek van Privacy First dient dit toezicht te worden versterkt en onafhankelijker te worden gemaakt, hetzij middels bindend rechtmatigheidstoezicht vooraf door de CTIVD, hetzij middels bindend toezicht vooraf door de rechter. Dergelijk toezicht dient te gelden bij de uitoefening van álle bijzondere bevoegdheden van de diensten. Pas dan zal een rechtsstatelijke uitoefening van deze bevoegdheden optimaal gewaarborgd en voldoende toekomstbestendig zijn.

Vingerafdrukken

Saillant detail is tenslotte nog dat op p. 44 van de MvT wordt opgemerkt dat "van een afzonderlijke regeling voor het onderzoek naar vingerafdrukken wordt afgezien, omdat de resultaten van een dergelijk onderzoek in de praktijk niet altijd bruikbaar zijn en als gevolg daarvan de inzet van deze mogelijkheid uitermate beperkt is." Dit sluit aan bij de eerdere bekentenissen van voormalig minister Donner en staatssecretaris Teeven dat bij biometrische verificatie van de vingerafdrukken die de laatste jaren zijn afgenomen t.b.v. Nederlandse paspoorten sprake bleek te zijn van een foutenpercentage van maar liefst 21-30%. Privacy First doet hierbij dan ook nogmaals de oproep om de afname van vingerafdrukken voor paspoorten per direct af te schaffen.

Conclusie

Het huidige concept-wetsvoorstel komt, in de woorden van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, neer op "destroying democracy on the ground of defending it". Dit wetsvoorstel dient dan ook grondig verbeterd danwel verworpen te worden. Bij gebreke hiervan behoudt Privacy First zich het recht voor om dit wetsvoorstel, zodra van kracht, door de rechter te laten toetsen en onrechtmatig te laten verklaren.

Privacy First hoopt u met dit advies van dienst te zijn. Desgevraagd zijn wij graag tot een nadere toelichting op bovenstaande punten bereid.

Hoogachtend,

Stichting Privacy First

 

Gepubliceerd in Wetgeving

Het draconische camerasysteem @MIGO-BORAS van de Koninklijke Marechaussee is Privacy First al jaren een doorn in het oog: miljoenen onschuldige burgers die per auto de Nederlandse landsgrenzen passeren worden door dit systeem ongemerkt gefotografeerd, gescreend en geprofiled. Behalve massale privacyschending is daarbij zeer waarschijnlijk ook sprake van verboden discriminatie naar nationaliteit: auto's met kentekens uit bepaalde (met name Oosteuropese) landen worden door het camerasysteem stelselmatig uit het verkeer geplukt en door motoragenten staande gehouden. Vaak blijkt vervolgens dat de betreffende automobilisten volkomen onschuldig zijn. Deze mensen voelen zich dan echter wel in hun privacy aangetast en ronduit gediscrimineerd. Privacy First ontvangt hierover al jaren kritische signalen, zelfs van buitenlandse ambassademedewerkers waar de betreffende burgers hun beklag doen. Hoog tijd dus om deze kwestie eens serieus aan de orde te stellen.

Deze week (18-19 augustus as.) wordt Nederland in Genève onder de loep genomen door het VN-Comité tegen Rassendiscriminatie. Een breed scala aan onderwerpen zal hierbij door het Comité kritisch beoordeeld worden. Om het Comité van de benodigde informatie te voorzien heeft onlangs een nationale coalitie van maatschappelijke organisaties/NGO's (onder leiding van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten) een zogeheten schaduwrapportage over Nederland bij het Comité ingediend. Op initiatief van Privacy First is in deze rapportage ook het grenscontrole-systeem @MIGO-BORAS onder de aandacht van het Comité gebracht. Klik HIER voor de gehele Engelstalige rapportage in pdf; de passage over @MIGO-BORAS treft u aan op p. 26. De betreffende tekst staat hieronder integraal weergegeven.

Privacy First hoopt dat het Comité in Genève de Nederlandse regeringsdelegatie kritisch zal bevragen en opheldering, openheid en verbetering van haar beleid rond @MIGO-BORAS zal eisen. Daarbij is het uiteindelijke oordeel ("Concluding Observations") van het Comité weliswaar niet bindend, maar wel zeer gezaghebbend voor de mate waarin Nederland het VN-Verdrag tegen Rassendiscriminatie naleeft. Het Comité is immers het toezichthoudende orgaan van dit verdrag en als zodanig de hoogste instantie ter wereld om hierover te oordelen. Meer informatie over de Nederlandse sessie bij het Comité vindt u HIER. De sessie zal te zien zijn via http://www.treatybodywebcast.org (dinsdag 18 augustus, 15.00-18.00u & woensdag 19 augustus, 10.00-13.00u).


Comment with regard to Article 5(D)(I) of the International Convention on the Elimination of all Forms of Racial Discrimination (CERD)

@MIGO-BORAS (automatic border control)

In 2011, it became clear that the Dutch government had been planning to implement a highly privacy-invasive system of border control for years.[134] The new high-tech camera surveillance system, called @MIGO-BORAS, was due to become operational from January 1, 2012.[135] @MIGO-BORAS intended to photograph, screen and profile every vehicle crossing the Dutch-German or Dutch-Belgian border with the help of various (unknown) databases. In October 2011, the European Commission – under German pressure – started an investigation to assess whether @MIGO-BORAS complied with European Schengen and privacy regulations.[136] Consequently, the Dutch government scaled back the planned operational use of the system: instead of @MIGO-BORAS being operational 24/7, it was made operational up to six hours per day or 90 hours per month. After the European Commission provisionally concluded that the system did not contravene the rules that govern the EU's Schengen area in June 2012, @MIGO-BORAS was launched officially on August 1, 2012.[137]

The primary goals of the project are the detection of illegal immigration, human trafficking, identity fraud and narcotics control through camera surveillance and profiling. Critical profiling factors include the type and color of the vehicle, the number plate and country or region of origin.[138] Since April 2013, the @MIGO-BORAS camera system is also being used for law enforcement and criminal investigation purposes (including counter-terrorism) through Automatic Number Plate Recognition (ANPR).[139] However, many details of @MIGO-BORAS still remain confidential. No specific legislation around its implementation has been drafted and the Dutch Parliament has asked relatively few questions about the project. As far as the Dutch NGOs are currently aware, participating organizations include the Royal Military and Border Police (Koninklijke Marechaussee), the Dutch National Police, the Public Prosecution Service, the General Intelligence and Security Service (Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst or AIVD) and the Netherlands Organization for Applied Scientific Research ('TNO').

Reports show that the (effect of the) use of @MIGO-BORAS is likely to be discriminatory, as nationality seems to be a primary profiling criterion and most vehicles being stopped and searched originate from Eastern Europe.[140]

The NGOs request the Committee to urge the Netherlands to clarify the mandate, use and effects of the @MIGO-BORAS surveillance system and to introduce adequate legislation or guidelines to prevent the system from being used in a discriminatory manner or having discriminatory effects.

[134] See D. Tokmetzis, Staat bouwt digitale hekken aan de grenzen, Sargasso, 19 January 2011, sargasso.nl/archief/2011/01/19/staat-bouwt-digitale-hekken-aan-de-grenzen/; see also a summary of B. de Konings' subsequent speech at the CPDP Conference in Brussels, 26 January 2011, njcm.nl/site/newsposts/show/273.
[135] The Dutch/English acronym @MIGO-BORAS stands for 'Automatisch Mobiel Informatie Gestuurd Optreden' (Automatic Mobile Information-Driven Action) - Better Operational Results and Advanced Security.
[136] See e.g. 'Nut van nieuw camerasysteem langs de grenzen niet bewezen', NRC Handelsblad, 31 October 2011, nrc.nl/nieuws/2011/10/31/nut-van-nieuw-camerasysteem-langs-de-grenzen-niet-bewezen/; 'Duitsland kwaad over grenscameras', NOS, 30 November 2011, nos.nl/artikel/318196-duitsland-kwaad-over-grenscameras.html.
[137] See Kamerstukken II 2011/12, 32 317, no. 128; Kamerstukken II, 2012/13, 33 400-VII, no. 4, para. 247. See also 'Brussels defends Dutch border control project', EU Observer, 5 July 2012, euobserver.com/justice/116881.
[138] See e.g. Ministry of Security and Justice, Factsheet on the use of the @MIGO-BORAS system, 7 July 2012, government.nl/documents-and-publications/leaflets/2012/07/11/factsheet-on-the-use-of-the-amigo-boras-system.html.
[139] Kamerstukken II 2012/13, 19 637, no. 1647; Kamerstukken II, 2012/13, 29 754, no. 232; Kamerstukken II, 2013/14, 19 637, no. 1760; Kamerstukken II, 2013/14, 28 684, no. 411.
[140] See e.g. 'Een Roemeense Volvo voor jou', Volkskrant, 24 August 2012; volkskrant.nl/vk/nl/2844/Archief/archief/article/detail/3305474/2012/08/24/Een-Roemeense-Volvo-voor-jou.dhtml; 'Leers: grensbewaking voorbeeld voor Europa', Telegraaf, 23 August 2012, telegraaf.nl/binnenland/article20960146.ece; 'Geen grensbewaking, maar toezicht', Stentor, 24 August 2012, destentor.nl/2.2545/binnenland/geen-grensbewaking-maartoezicht-1.900394; 'Camerasysteem @migoboras maakt controles efficiënter', Gelderlander,16 March 2013; 'Grenzpolizei!', Reformatorisch Dagblad, 30 August 2014. See also Meijers Committee (standing committee of experts on international immigration, refugee and criminal law), Note on the Dutch surveillance system @migoboras (CM1208), 2 April 2012, p. 4, commissie-meijers.nl/commissiemeijers/pagina.asp?pagkey=149205, also available at http://www.statewatch.org/news/2012/apr/netherlands-meijers-cttee-surveiilance-system.pdf.

Update 28 augustus 2015: mede naar aanleiding van bovenstaande inbreng vaardigde het Comité vandaag de volgende algemene aanbeveling uit aan de Nederlandse regering: "The Committee recommends that the State party adopt the necessary measures to ensure that stop and search powers are not exercised in a discriminatory manner, and monitor compliance with such measures." Klik HIER voor het hele document in pdf (Concluding Observations, par. 14b.) Privacy First vertrouwt erop dat dit advies door de Nederlandse overheid (inclusief Koninklijke Marechaussee) zal worden nageleefd en dat de werking van het camerasysteem @MIGO-BORAS hierop zal worden aangepast.

Gepubliceerd in Cameratoezicht

"Wanneer een politieagent je daarom vraagt, moet je jezelf in Nederland kunnen identificeren door een geldig identiteitsbewijs te laten zien. Ook de kassière bij de supermarkt kan je daarom vragen, maar alleen wanneer je alcohol wilt kopen en er twijfel is over je leeftijd. Met je identiteitsbewijs toon je dan hoe oud je bent en even later loop je tevreden de winkel uit.

Online ontbreekt zo'n middel om jezelf te identificeren en vooral bedrijven vinden dat lastig. Want met wie doen ze eigenlijk zaken? In Nederland hebben we wel DigiD, maar dat wordt eigenlijk alleen gebruikt door de overheid. Bij DigiD kies je zelf een gebruikersnaam en wachtwoord, dat bij de registratie wordt gekoppeld aan jouw burgerservicenummer: het unieke nummer van iedere persoon in de Basisregistratie Personen (BRP). Log je verolgens met je DigiD in op een website van de overheid, dan weet die overheid met wie het op dat moment zaken doet. In 2014 logden de 12 miljoen uitgegeven DigiD's samen 158 miljoen keer in.

DigiD is hiermee voor de overheid een succes, maar alle andere organisaties en bedrijven staan met lege handen. Webshops willen graag weten of hun klant wel de persoon is die hij zegt te zijn, of hij oud genoeg is, en kredietwaardig. Volgens branchevereniging Thuiswinkel.org hebben de ruim 45.000 Nederlandse webwinkels daarom momenteel maar één grote vraag: waar blijft eID? eID Stelsel is de naam voor de opvolger van DigiD, die de Nederlandse overheid nu aan het ontwikkelen is. eID moet alle benodigde manieren van online identificatie tussen burgers, overheid én bedrijven mogelijk maken.

(...)

In het programma eID (www.eid-stelsel.nl) werkt de overheid samen met wetenschappers en bedrijfsleven aan het nieuwe stelsel dat in 2017 klaar moet zijn. (...) Binnenkort starten enkele pilots, waarbij een klein groepje consumenten inlogt bij overheidsdiensten en commerciële diensten met een identificatiemiddel dat voldoet aan het nieuwe stelsel. Het voordeel van dit nieuwe stelsel is dat het identificatiemiddel niet door de overheid uitgegeven hoeft te zijn; bedrijven kunnen ook identificatiemiddelen uitgeven, bijvoorbeeld een klantenkaart of een app op je smartphone. De identiteit van de burger staat daarom online en is op afroep beschikbaar. Een naam voor het nieuwe stelsel is er ook al, Idensys. (...)

Om vaart te maken en omdat bedrijven niet willen investeren in weer een nieuw identificatiesysteem, is besloten het nieuwe stelsel te bouwen als uitbreiding op eHerkenning (www.eherkenning.nl). eHerkenning is 'de DigiD voor bedrijven', maar is anders dan DigiD geen overheidsdienst maar alleen een afsprakenstelsel. De overheid beheert het stelsel, voornamelijk bedrijven voeren het uit.

Hoewel websites straks gewoon een Idensys-login krijgen zoals ze nu een DigiD-knop hebben, werkt het verder helemaal anders dan DigiD én eID ooit was gedacht te werken. Komt bij DigiD de identificatie van de overheid, bij eHerkenning en dadelijk dus ook bij Idensys komt die van een makelaar, een tussenpartij. Deze 'ídentity provider' kent jou en met hem heb je afgesproken hoe jij je wilt identificeren, met een smartcard, je smartphone of toch gewoon gebruikersnaam en wachtwoord. Klopt de identificatie, dan krijgt die makelaar een pseudoniem voor jou en daarmee kan hij vervolgens kijken of jij gemachtigd bent de dienst te gebruiken waarvoor je wilt inloggen. Dat kijken doet hij in het BSN-koppelregister waarin de pseudoniemen gekoppeld zijn aan de Burgerservicenummers. De makelaar is dus allesbepalend inzake de veiligheid en het BSN-koppelregister als het gaat om privacy.

Om Idensys te baseren op eHerkenning is niet onomstreden. Een 'netwerkgebaseerd identiteitsmodel' zoals Idensys kenmerkt zich door veel schakels die allemaal vertrouwd moeten worden. De meest verdachte schakel is de makelaar, een marktpartij en de enige die alle transacties ziet. Weliswaar ziet hij niet wat er in de transactie gebeurt, maar hij weet wel met welke diensten iedere 'pseudoniem' zaken doet. (...) Ook ontbreekt [vooralsnog] de optie om anoniem diensten te gebruiken, iets wat bijvoorbeeld bij online medische diensten zeker wenselijk is. (...)

Waar blijft het debat?

Door de keuzes die bij Idensys worden gemaakt, zou je een publiek debat verwachten, maar dat ontbreekt volledig. Het College Bescherming Persoonsgegevens ontbreekt in de eID-werkgroepen en kon ons niet vertellen bij eID betrokken te zijn. "Ook Privacy First is niet betrokken en ook nog nooit gevraagd", zegt Vincent Böhre van Privacy First. "Blijkbaar wil men eerst een heel project afronden. Terwijl men nu door een privacy-kritische club te laten meepraten, fouten voorkomt en uiteindelijk maatschappelijk draagvlak creëert." Privacy First is voorstander van een opt-in waarbij mensen de keuze houden om het eID-systeem te gebruiken of niet. "De overheid mag niet eisen dat burgers hun zaken digitaal afhandelen en dat via een eID doen, de Algemene wet bestuursrecht verbiedt dat. Veel mensen in Nederland hebben geen computer of internet, de manier zonder eID moet daarom blijven bestaan", zegt Böhre. (...)"

Bron: Computer!Totaal, juli/augustus 2015, pp. 54-58 (openbare preview).

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De bewaarplicht is cruciaal voor misdaadbestrijding, aldus de overheid. Dus hoger beroep om de buitenwerkingstelling aan te vechten? Nee, dat niet.

De wet bewaarplicht is definitief kaltgestellt, nu het vonnis van de kortgedingrechter 'in kracht van gewijsde' is, zoals dat in jargon heet. De Staat gaat namelijk verrassend genoeg niet in hoger beroep, bevestigt de advocaat van de eisers. De termijn daarvoor is inmiddels verstreken.

In zoverre verrassend, gezien de voortdurende nadruk die Justitie legt op het belang van de bewaarplicht en de dramatische gevolgen voor opsporingsdiensten nu de wet is afgeschoten. Dan zou je toch verwachten dat de crime fighters ook in de rechtszaal doorvechten om die cruciale bewaarplicht weer in ere te herstellen.

Maar Justitie neemt zijn verlies en laat een kortgedingrechter in eerste aanleg een hele wet afschieten. Aan de andere kant niet heel verrassend, want wie het dossier een beetje kent, weet dat de Staat er nog genadig is afgekomen. De rechtbank toonde zich namelijk opmerkelijk mild voor de bewaarplicht. De kans is dus groot dat een hogere rechter eerder méér bezwaren zou hebben tegen de bewaarplicht dan minder. Dat beseffen ook de juristen van de Staat.

Nieuwe wetsvoorstel ook omstreden
Justitie hoopt nu op een snelle doorloop van het nieuwe wetsvoorstel, dat enige aanpassingen bevat ten opzichte van de nu ongeldige versie. Zo zal toestemming van de rechter-commissaris nodig zijn voor vorderingen van telecommetadata, gaat voor lichtere vergrijpen de opvraagtermijn terug naar 6 maanden, en moeten isp's de data binnen de EU bewaren.

Maar of dit voorstel met spoed door het parlement gejaagd kan worden is onzeker. Privacytoezichthouder CBP heeft het nieuwe voorstel al afgekraakt: het is nog steeds in strijd met het historische arrest van het EU-Hof van een jaar geleden.

Ook ANPR illegaal
Het wachten is nu op advies van de Raad van State. Die concludeerde eerder dat dit arrest verstrekkende gevolgen heeft voor Nederland: niet alleen de bewaarplicht is illegaal, ook het scannen en opslaan van kentekens van alle auto's, de omstreden Automatic Number Plate Recognition (ANPR). De Tweede Kamer lijkt minder kritisch, daar tekent zich een ruime meerderheid af voor de nieuwe bewaarplicht.

En mocht het voorstel zoals het nu voorligt worden aangenomen, dan stappen tegenstanders wederom naar de rechter, zo belooft actiegroep Privacy First alvast."

Bron: http://computerworld.nl/beveiliging/85894-bewaarplicht-niet-belangrijk-genoeg-voor-hoger-beroep, 10 april 2015.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De Staat gaat niet in hoger beroep tegen de recente buitenwerkingstelling van de Wet bewaarplicht telecomgegevens. De beroepstermijn verstreek gisteren. Daarmee krijgt het recente vonnis de zogeheten "kracht van gewijsde". Het vonnis kan nu niet meer worden aangevochten en wordt daarmee definitief.

Volgens de rechter maakte de wet inbreuk op het recht op "eerbiediging van privéleven" en het recht op bescherming van persoonsgegevens. De rechter was van oordeel dat deze inbreuk niet was beperkt tot het strikt noodzakelijke en stelde daarop de wet buitenwerking. Door het besluit worden er geen verkeersgegevens meer voor de opsporing door providers opgeslagen.

Het Openbaar Ministerie liet deze week weten dat het de gevolgen van de buitenwerkingstelling vreest. Volgens OM-topman Herman Bolhaar wordt het nu lastiger om criminelen op te sporen en te vervolgen. Inmiddels wordt er aan een voorstel voor een nieuwe bewaarplicht gewerkt, dat justitieminister Van der Steur snel hoopt te presenteren. Privacywaakhond Privacy First, één van de organisaties die de Staat wegens de bewaarplicht had aangeklaagd, laat weten dat als er een nieuwe bewaarplicht komt er een nieuwe rechtszaak zal worden aangespannen."

Bron: https://www.security.nl/posting/424490/Staat+niet+in+hoger+beroep+tegen+uitspraak+bewaarplicht, 9 april 2015.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Er zijn grenzen aan de technieken die de overheid mag gebruiken om de burger te controleren. Dat vindt zeventig procent van de deelnemers aan de Stelling van de Dag. U meent dat de controle met waarborgen moet worden omgeven.

Een ruime meerderheid vindt het dan ook een goede zaak dat privacywaakhond Privacy First een rechtszaak tegen trajectcontroles heeft aangespannen omdat de camera's niet alleen hardrijders registreren maar ook alle andere automobilisten die langsrijden en zich netjes aan de snelheidslimiet houden. Volgens Privacy First, dat een nationaal debat over controletechnieken wil houden, is dit onrechtmatig. "De goeden mogen niet onder de kwaden lijden", aldus een lezer. U vindt dat trajectcontrole net als in Duitsland verboden zou moeten worden.

Ook andere technische systemen vindt u onaanvaardbaar, zoals het opslaan van telefoon- en internetgegevens van burgers en het invoeren van het kenteken in parkeermeters, waar de rechter overigens al een stokje voor heeft gestoken. Over het met camera's registreren van kentekens en het opslaan van passagiersgegevens verschilt u van mening. De helft is ervoor, de andere helft is tegen.

Camera's op straat, in winkelcentra, tunnels en dergelijke vindt u echter geen bezwaar. "Het is goed voor onze veiligheid", schrijft iemand. Een ander tekent echter aan dat het niet de bedoeling is dat de camera's registreren "wat voor brood ik koop bij de bakker".

Aanvaardbaar
Zeventig procent van de lezers vindt opslaan van persoonsgegevens en camerabeelden alleen aanvaardbaar als er duidelijke waarborgen zijn, bijvoorbeeld dat ze niet worden misbruikt en dat ze maar kort worden bewaard. "Alleen toestaan indien er duidelijke garanties zijn dat de gegevens alleen voor dat ene doel beschikbaar zijn en alleen voor de juiste dienst", schrijft een lezer.

U bent het er niet mee eens dat dit soort controlepraktijken een noodzakelijk kwaad is en dus zonder meer moet worden aanvaard. Een flinke minderheid van bijna 40 procent vindt echter van wel: "Met alle terreur is het hard nodig, deze controle." Een ander schrijft: "Als er ook maar één zaak wordt opgelost omdat een persoon per ongeluk ergens op een camera staat, vind ik het prima."

Minister Van der Steur (Veiligheid) stelt dat de opsporing van misdrijven wordt bemoeilijk als bedrijven niet meer kunnen worden verplicht telefonie- en internetgegevens van burgers op te slaan. Ruim 60 procent van u is echter niet van deze argumentatie onder de indruk: "Onder het mom van veiligheid wordt een steeds meer totalitaire staat ingevoerd", aldus een lezer, die verwijst naar het boek '1984' over een futuristische dictatuur waarin 'Big Brother' elke burger via een beeldscherm in de gaten houdt.

Ruim zeventig procent van u vindt dat de overheid te veel en te vaak persoonsgegevens opslaat. "Ik vind het te ver gaan, mijn privacy wordt zo op vele terreinen geschonden," schrijft iemand. Meer dan de helft vindt dat bestrijding van misdaad en terreur ook wel zonder dit soort praktijken kan: "Het is nog nooit bewezen dat het opslaan van al deze data heeft geholpen tegen terreur.""
 
Bron: Telegraaf 8 april 2015, p. 18. Tevens gepubliceerd op http://www.telegraaf.nl/watuzegt/23898277/__Burger_ongebreideld_controleren__.html.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"De databank met DNA-profielen die de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) bijhield moet worden vernietigd. Voor het bewaren van het celmateriaal en bijbehorende profielen zijn geen richtlijnen vastgesteld en dus is het tegen de wet. Maar de AIVD bouwde toch een database. Kun je de inlichtingendienst nog wel vertrouwen?

Vandaag verscheen een rapport van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (CTIVD). Volgens het rapport werden 'op beperkte schaal' gegevens bijgehouden in een databank. Het betrof namen gekoppeld aan DNA-profielen.

Het onderzoeken van DNA-gegevens is wettelijk geregeld, maar zodra de identiteit is vastgesteld moeten de DNA-profielen en eventueel ander materiaal, zoals vingerafdrukken, worden vernietigd. Het bewaren van DNA-profielen en celmateriaal door de AIVD is momenteel niet geregeld in de wet, en mag dus niet.

De AIVD wil niet zeggen hoeveel DNA-profielen er in de databank waren opgeslagen. In het rapport staat dat 'alle tot dusver opgestelde DNA-profielen zijn bewaard in een DNA-databank van de AIVD'. Volgens de AIVD heeft de minister inmiddels opdracht gegeven om alle DNA-gerelateerde gegevens die opgeslagen waren, te vernietigen. Dat is gebeurd. Dat geldt ook voor de databank.

Kun je de AIVD nog wel vertrouwen?
"Schandalig dat de AIVD op eigen houtje een DNA-databank bijhield, tegen de wettelijke regels in." Vincent Böhre, jurist bij stichting Privacy First, vindt het gedrag van de inlichtingdienst een kwalijke zaak. Hij vraagt zich af wie nog meer toegang kreeg tot de DNA-data. "Zijn deze data ook gedeeld met buitenlandse inlichtingendiensten? En zijn er nog meer databanken met gegevens die de AIVD eigenlijk had moeten verwijderen?"

De stichting wil dat de AIVD alle betrokken personen op de hoogte stelt en excuses aanbiedt. "De Wiv (de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten uit 2002, red.) schrijft voor dat mensen van wie de privacy is geschonden na enige tijd worden geïnformeerd, waar dat kan. De DNA-data zijn vernietigd, dus die zijn kennelijk niet meer relevant, dus zou de AIVD die mensen kunnen vertellen wat hij heeft gedaan."

"Het grappige is: wij hebben best een goede relatie met de AIVD. Het hoofd van de inlichtingendienst, Rob Bertholee, zei in januari nog letterlijk dat privacy voor hem net zo heilig is als voor Privacy First. En in 2012 vertelde hij tijdens een lezing voor ons dat hij ook geen voorstander is van Big Brother. 'Er zijn grenzen aan wat je wel en niet kunt doen', zei hij toen."

Toch vertrouwt Böhre het AIVD-hoofd nog steeds. "Vind ik hem een huichelaar? Nee, absoluut niet. Hij maakte een oprechte en integere indruk op mij. Misschien had hij hier geen zicht op, hoe gek dat ook klinkt."

Wat zou er volgens de CTIVD moeten gebeuren?
De Commissie stelt vast dat in de Wiv geen basis is voor het inrichten van een DNA-databank. "Hiervoor moet dus een eigen, voor het publiek herkenbare regeling komen." Wat wel en niet wordt toegestaan in die regeling moet de Tweede Kamer bepalen.
Volgens de Commissie bestaat ook het risico dat DNA-profielen en lichaamseigen materiaal te lang is bewaard. Het zou explicieter geregeld moeten worden wie verantwoordelijk is voor het bewaren en vernietigen van deze gegevens en hoe dat gebeurt.

Hoe reageerde minister Plasterk?
Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken heeft al laten weten alle aanbevelingen uit het rapport over te nemen. Ook kijkt hij hoe de conclusies van de CTIVD bij de hervorming van de Wiv mee kunnen worden genomen.

Is de Commissie hier tevreden mee?
"Dat is natuurlijk altijd goed om te zien", zegt Hilde Bos, secretaris van de CTIVD.

Het onderzoek werd eind maart 2013 aangekondigd en werd begin januari 2015 afgerond. Duren onderzoeken van de CTIVD altijd zo lang?
"Nee", vertelt Bos. "We proberen meestal om maximaal een jaar te besteden aan onderzoeken. Maar als de minister of de Tweede Kamer andere onderzoeksverzoeken bij ons neerleggen, bijvoorbeeld over de MH17 of Roel van Duijn, kan zo'n onderzoek wel vertraging oplopen. Daarnaast duurt het vrij lang voordat het openbaar wordt, omdat bijvoorbeeld eerst gekeken moet worden of er nog staatsgeheimen in staan."

Materiaal verzamelen
Uit het rapport blijkt verder dat de AIVD bij twee operaties lichaamsmateriaal heeft verzameld met als doel een gezondheidsonderzoek uit te voeren, maar dat mag niet. Dit soort materiaal mag alleen geanalyseerd worden met als doel de identiteit van iemand te achterhalen.

Ook zijn de procedures in een aantal gevallen niet helemaal goed gevolgd: zo was de reden voor onderzoek aan lichaamseigen materiaal in een aantal gevallen niet goed gemotiveerd of was er van tevoren geen toestemming verleend voor DNA-onderzoek, wat wel verplicht is. In twee gevallen was de AIVD ook al op de hoogte van de identiteit van de betrokkene, en mocht de dienst dus geen DNA-onderzoek uitvoeren - maar is dat wel gebeurd.

Voorwaarden

Volgens de wet zijn er twee randvoorwaarden waaraan moet worden voldaan bij het verzamelen van materiaal voor forensisch biologisch onderzoek.

Ten eerste mag de AIVD alleen onderzoek doen aan voorwerpen met daarop aanwezig lichaamseigen materiaal. Er mag geen materiaal worden afgenomen op het lichaam van de personen zelf, bijvoorbeeld door het heimelijk uittrekken van lichaamshaar. Er mag geen inbreuk worden gemaakt op de lichamelijke integriteit van personen.

Ten tweede moet het vaststellen van een identiteit het doel van het onderzoek zijn. De wet biedt dus geen ruimte om onderzoek te doen als de identiteit al vaststaat. Het is bijvoorbeeld verboden om een DNA-profiel op te slaan om in de toekomst een verdachte opnieuw te kunnen identificeren. Een onderzoek mag ook niet gericht zijn op het vaststellen van een afkomst of de gezondheid van persoon."

Bron: http://www.trouw.nl/tr/nl/4492/Nederland/article/detail/3926188/2015/03/25/Kunnen-we-de-AIVD-nog-wel-vertrouwen.dhtml, 25 maart 2015.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 14 van 19

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
Control Privacy
Deelnemer Privacycoalitie

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon