donatieknop english

Privacy First verschijnt regelmatig in de media, maar meestal zijn dit slechts korte fragmenten, soundbites of oneliners uit langere interviews. Café Weltschmerz vormt hierop een interessante uitzondering: hier neemt men nog de tijd om belangrijke (soms controversiële) onderwerpen uitgebreid te bespreken. Onlangs sprak Rico Brouwer (Piratenpartij) met Vincent Böhre (directeur Privacy First) over het referendum tegen de 'Sleepwet' en de lobby en rechtszaken van Privacy First. Bekijk hieronder het hele interview:

Gepubliceerd in Sleepwet
maandag, 24 september 2018 13:49

Géén vingerafdrukken in identiteitskaarten!

Sinds 2009 geldt in Nederland de controversiële Europese verplichting om vingerafdrukken in paspoorten op te nemen. Tot nu toe zijn identiteitskaarten van deze Europese verplichting uitgezonderd. Desondanks werden sinds 2009 ook in Nederlandse identiteitskaarten vingerafdrukken opgenomen. Wegens privacybezwaren werd deze Nederlandse verplichting per januari 2014 afgeschaft. Inmiddels werkt de Europese Commissie echter aan nieuwe Europese wetgeving om alsnog de opname van vingerafdrukken in alle Europese identiteitskaarten te verplichten. Privacy First roept de Nederlandse regering op om zich hiertegen te verzetten.

Morgen stemt de Tweede Kamer in dit verband over een belangrijke motie van D66: deze motie (34966-6) roept de Nederlandse regering op om in Brussel te bewerkstelligen dat vingerafdrukken in identiteitskaarten louter vrijwillig i.p.v. verplicht zullen worden. Stichting Privacy First heeft de Tweede Kamer opgeroepen om vóór deze motie te stemmen, en wel om de volgende redenen:

  1. In mei 2016 heeft de Raad van State reeds geoordeeld dat de verplichte opname van vingerafdrukken in Nederlandse identiteitskaarten in strijd is met het recht op privacy wegens gebrek aan noodzaak en proportionaliteit.
  2. Uit diverse Wob-verzoeken van Privacy First is de laatste jaren gebleken dat het te bestrijden fenomeen (look-alike fraude met ID-documenten) dusdanig kleinschalig is, dat verplichte afgifte van vingerafdrukken ter bestrijding hiervan volstrekt disproportioneel en dus onrechtmatig is.
  3. Bij de vingerafdrukken in paspoorten en ID-kaarten gold de laatste jaren een biometrisch foutenpercentage van maar liefst 30% (!), zie https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-32317-163.html (staatssecretaris Teeven 31 januari 2013, p. 15). Eerder gaf minister Donner een foutenpercentage van 21-25% toe: zie https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-25764-47.html (27 april 2011, p. 19).
  4. Mede vanwege deze hoge foutenpercentages worden de vingerafdrukken in paspoorten en identiteitskaarten in het binnenland tot op heden vrijwel niet gebruikt. Aan de landsgrenzen, bij de douane en op luchthavens worden de vingerafdrukken zelfs totaal niet gebruikt.
  5. Vanwege de hoge foutenpercentages instrueerde staatssecretaris Bijleveld (Binnenlandse Zaken) reeds in september 2009 alle Nederlandse gemeenten om (in principe) geen vingerafdruk-verificaties uit te voeren bij de uitgifte van paspoorten en identiteitskaarten. Bij een biometrische “mismatch” dient het betreffende ID-document immers retour aan de paspoortfabrikant gezonden te worden, wat bij hoge aantallen tot snelle maatschappelijke ontwrichting zou leiden. Het ministerie van Binnenlandse Zaken maakte zich in dit verband zorgen om sociale onrust en mogelijk zelfs geweld bij gemeentebalies. De betreffende zorgen en instructies vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken gelden tot op heden nog steeds.
  6. Momenteel lopen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens nog diverse individuele Nederlandse rechtszaken waarin de verplichte afgifte van vingerafdrukken voor paspoorten en ID-kaarten aangevochten wordt wegens strijd met art. 8 EVRM (recht op privacy).
  7. Voor mensen die om welke reden dan ook geen vingerafdrukken wensen af te geven (biometrisch gewetensbezwaarden, art. 9 EVRM) zou in elk geval een uitzondering moeten worden bedongen.

Zie voor meer achtergrondinformatie het WRR-rapport ‘Happy Landings’ dat Privacy First directeur Vincent Böhre schreef in 2010. Mede naar aanleiding van dit kritische rapport (en de grootschalige rechtszaak van Privacy First c.s. tegen de Nederlandse Paspoortwet) werden de decentrale (gemeentelijke) en geplande centrale opslag van vingerafdrukken reeds in 2011 stopgezet en afgeschaft.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Update 25 september 2018:
vanmiddag heeft de Tweede Kamer de motie helaas verworpen. D66, GroenLinks, SP, PvdA, PvdD, Denk en FvD stemden vóór en de overige partijen tegen. The battle goes on...

Gepubliceerd in Wetgeving

"Elke auto op de weg wordt straks heel precies bekeken door de Belastingdienst. Miljoenen foto’s van automobilisten stromen vanaf komend jaar maandelijks bij de dienst binnen, op jacht naar een kleine groep ontduikers van de motorrijtuigenbelasting.Dat staat in de Prinsjesdagstukken, enigszins weggestopt in het wetsvoorstel 'Overige Fiscale Maatregelen'.

De Belastingdienst mikt er op het systeem al vanaf 1 januari 2019 werkend te hebben. Het nummerbord van elke automobilist op de openbare weg wordt gescand. De fiscus krijgt dan al die miljoenen foto's om te bepalen of de motorrijtuigenbelasting goed is betaald.

Belastingdienst is watching you

Voor 2017 maakte de Belastingdienst al gebruik van de camerabeelden. Maar de Hoge Raad floot de Belastingdienst toen terug. Er was namelijk geen wettelijke basis voor het verzamelen en verwerken van de camerabeelden. Die wettelijke basis gaat er nu dus wel komen, staat in het Belastingplan 2019.

Heel precies houdt het plan in dat het kenteken, de locatie, de datum en het tijdstip waarop de foto gemaakt is, door de Belastingdienst mag worden verzameld en verwerkt. Daarvoor kan de Belastingdienst onder andere gebruik gaan maken van de snelwegcamera's van de politie. Die kom je tegenwoordig overal tegen, in totaal hangen er in Nederland al zo'n 800.

(...)

'Privacy in het geding'

De inzet van de camera's is omstreden; het grootschalig verzamelen van kentekengegevens wordt gezien als flinke inbreuk op de privacy van automobilisten.

Vincent Böhre van Privacy First maakt zich zorgen. "Je gaat alle kentekengegevens verzamelen om een relatief kleine groep te kunnen pakken. Er wordt beloofd dat de gegevens van automobilisten die netjes hebben betaald binnen 24 uur worden verwijderd, maar eerder bleek al een keer dat de Belastingdienst daar niet goed mee omgaat. (...) Alles aan deze wet lijkt een opstapje tot meer controle met camera's. Het wordt dan nu voor doel A gebruikt, maar je zult zien dat uiteindelijk doel B tot en met Z erbij worden gehaald."

De Belastingdienst zelf laat in een reactie weten dat het op vooralsnog echt alleen gaat om de motorrijtuigenbelasting. De dienst zegt daar wel eerlijk bij: er loopt al een onderzoek om te bekijken of de beelden ook gebruikt mogen worden om privé-gebruik van leaseauto's te controleren."

Lees het hele artikel bij RTL Nieuws en RTL-Z. Klik HIER voor het interview met Privacy First in het RTL Journaal (vanaf 6m46s).

Update 22 september 2018: zie tevens de reportage van EenVandaag via https://eenvandaag.avrotros.nl/item/belastingdienst-mag-omstreden-camera-inzetten-in-jacht-op-fraudeur/.

Gepubliceerd in Cameratoezicht

De laatste maanden heerst er een collectieve campagne in de media en politiek inzake het torpederen van het zelfbeschikkingsrecht over je eigen lichaam en het recht op lichamelijke integriteit. Deze grondwettelijke rechten zijn echter onderdeel van het recht op privacy en vormen daarmee de basis van onze democratische rechtsstaat.

Eerst de wettelijke donorplicht, de lopende discussie inzake verplicht vaccineren en dan nu weer de verplichte DNA-database. Ik heb hier middels mijn columns al in een vroeg stadium onze opinie over gegeven, vanuit de principes van onze rechtsstaat waar Privacy First voor staat. Voor sommigen lijkt de roep om dwang en verplichting wellicht legitiem; het gaat immers om ogenschijnlijk legitieme doelen vanuit sterk uitvergrote incidenten. Maar juist daarvoor geldt dat uitzonderingen de regel bevestigen. En dat er slechts in uitzonderlijke gevallen tijdelijk een uitzondering gemaakt kan worden op de regel van lichamelijke integriteit, en dan louter vanuit vrijwilligheid en vertrouwen. Met andere woorden: het vrijwillig afstaan van organen, DNA en deelname aan vaccinatieprogramma's, met daarin individuele keuzevrijheid in de uitvoering.

Wij zien de huidige tendens van verdere inmenging van overheden in de persoonlijke levenssfeer niet losstaand van vele andere (technologische) ontwikkelingen en de daaraan gerelateerde function creep: het steeds verder oprekken van de mogelijkheden binnen het initieel gecreëerde kader of wetgeving. Die oprekking wordt vervolgens zonder toetsing aan fundamentele rechtsprincipes ongemerkt in onze wetgeving en samenleving doorgevoerd. Vanuit incidentgedreven waan-van-de-dag-politiek kunnen emotionele keuzes voortkomen die haaks staan op het menszijn op langere termijn. Denk bijvoorbeeld aan het steeds verder verplichten van orgaandonatie. Middels verplichte vaccinatie met nieuwe technologie van (bio)chips zou een bevolking verplicht gechipt kunnen worden. En tot slot kan een verplichte DNA-databank leiden tot tal van discriminerende maatregelen vanuit DNA-profiling.

Dit zijn zomaar enkele scenario’s waar we in versneld tempo doorheen zouden kunnen worden geduwd door overheden en industriële belangen. Opvallend zijn telkens de Orwelliaanse omgekeerde redeneringen vanuit de promotors:

  • Iedere burger is een potentiële verdachte. De overheid is er niet voor de burger, maar andersom. Op naar permanente en volledige controle van die burger zonder enige vorm van verschoningsrecht.
  • Wantrouwen in plaats van vertrouwen. Vanuit het principe “de uitzondering wordt de regel” in plaats van de uitzondering bevestigt de regel.
  • Burgergegevens zijn van de overheid. Massale centralisatie van gegevens in plaats van decentrale en kleinschalig georganiseerde gegevensopslag. Met andere woorden het centraal toe-eigenen van persoonlijke data door overheden met daarin onduidelijke of slecht geregelde uitvoering in controle, het doorgeven van data aan andere overheidsdiensten en geen eigen regie en eigenaarschap bij de burger.
  • Loslaten van menselijke principes. Door gebrekkige uitvoering en handhaving in de praktijk worden de uitzonderingen sterk uitvergroot in de media en vindt de discussie telkens plaats in de volgende omgekeerde volgorde: technologische mogelijkheden --> uitvoering --> aanpassing van wetgeving. Oftewel “omdenken”.

Dit in plaats van eerst na te denken over waar de handhaving en uitvoering verkeerd gaat, wat de principes zijn die gehandhaafd moeten worden en hoe de uitvoering te gaan regelen, waarbij de implicaties van toekomstige technologische ontwikkelingen in beeld worden gebracht.

Eeuwenlang hebben grote filosofen en rechtsgeleerden nagedacht over het inrichten van onze menselijke samenleving en zijn de daarbij behorende principes en uitgangspunten ontwikkeld. Gaan wij dit nu in een paar jaar laten afbreken vanwege enkele grote PR-campagnes vanuit het bedrijfsleven, de interviews en columns in enkele media en nieuwe technologische mogelijkheden? Met mogelijkheden die alle menselijke waardigheid ondergraven indien verkeerd toegepast? Het gaat hier om een de-humaniseringstrend op grote schaal. En men staat erbij en kijkt ernaar. Het verkwanselen van principes is blijkbaar het mantra van deze eeuw?

Privacy First gaat uit van principes, in eerste instantie de basisprincipes van het menszijn, vanuit het respect voor elkaar en de onderlinge verschillen waarvan we kunnen leren. Vanuit vertrouwen. Keuzes uit angst zijn veelal verkeerde keuzes. Wat in het klein geldt, geldt in het groot net zo. Wij gaan uit van de menselijke maat en eigen keuzes in een vrije omgeving. En natuurlijk technologie en mogelijkheden om de mens te ondersteunen. Je kunt tenslotte met een mes iemand doodsteken of er een boterham mee smeren, oftewel technologie positief inzetten.

In alle gevallen is het uitgangspunt van liefde en vertrouwen leidend, dit zijn de basis-menselijke eigenschappen. Dus goede en eerlijke voorlichting, onderbouwd door controleerbare feiten, het serieus nemen (vertrouwen) van de burger en onafhankelijk optreden van de belangen van het bedrijfsleven zijn cruciaal in het oplossen van sociaal-maatschappelijke vraagstukken. Het framen en belachelijk maken van andersdenkenden, het op de persoon spelen en het verplichtingscircus zeker niet. Dit leidt immers tot zelfcensuur, het ondergronds gaan van andersdenkenden en het uitsluiten van groepen in onze samenleving.

Voor een vrije samenleving!

Bas Filippini,
voorzitter Privacy First

Gepubliceerd in Columns

Op 28 januari 2019 (de Europese Dag van de Privacy) worden door Stichting Privacy First de jaarlijkse Nederlandse Privacy Awards uitgereikt.

Er zijn 4 categorieën waarvoor inschrijvingen genomineerd kunnen worden:

  1. categorie Consumentenoplossingen (van bedrijven voor consumenten)

  2. categorie Bedrijfsoplossingen (binnen een bedrijf of business-to-business)

  3. categorie Overheidsdiensten (van de overheid voor burgers)

  4. Aanmoedigingsprijs voor een baanbrekende technologie of persoon.

“De Privacy Award is de belangrijkste prijs in Nederland voor organisaties en bedrijven die op een positieve manier met privacy willen omgaan. Privacy als kans in plaats van obstakel. Dit jaar zal de jury extra nadruk leggen op het feit dat privacy meer moet zijn dan informed-consent en de controle geven aan de burger. Veel meer zelfs”, aldus Bart van der Sloot, voorzitter van de onafhankelijke jury.


Voorwaarden voor deelname

Voorwaarde voor deelname is dat u reeds met uw privacy-innovatie aan de slag bent. U bent de ideefase voorbij en kunt al iets van het project in uitvoering laten zien. U zorgt met uw project voor inspiratie bij andere organisaties waardoor privacy niet wordt gezien als een belemmering, maar als een kans!

De eerste selectie bestaat uit een screening waarop met de volgende zaken wordt omgegaan:

a) Het hebben van een privacy verantwoordelijke (FG, PO) in de organisatie

b) Toepassen van een privacy policy

c) Toepassen van risico analyse(s)

d) Privacy awareness in de organisatie

e) Een inzichtelijk privacybeleid en communicatie hiervan.

Vervolgens worden de deelnemers die genomineerd worden, gescreend op zaken als:

f) Innovatief vermogen: het product, proces of dienst biedt een noviteit op privacygebied en heeft zich in de markt nog niet technisch en/of commercieel bewezen;

g) Maatschappelijke impact: de innovatie levert een bijdrage aan privacy en komt de bescherming van persoonsgegevens en het individu ten goede;

h) Focus: het product, proces of dienst levert in grote mate toegevoegde waarde aan de markt/consument;

i) Zelfredzaamheid: het product, proces of dienst is binnen een reële termijn (ca 3 jaar) economisch realiseerbaar. Er is een businessmodel.

Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat de jury (vertrouwelijk) een aangekondigd bedrijfsbezoek aan de genomineerde zal brengen.


Bepalen van de genomineerden

Organisaties kunnen zich t/m zondag 14 oktober 2018 aanmelden voor de Awards door een email met korte toelichting over het betreffende Privacy Project en antwoord op bovengenoemde punten a) t/m i) te sturen naar Privacy First via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.. Uiterlijk begin december 2018 hoort u of u tot de genomineerden behoort. Indien u genomineerd wordt ontvangt u van Privacy First een uitnodiging om een korte pitch tijdens de Awards-uitreiking voor te bereiden.


Voorschriften pitch

● Maximaal 3 minuten

● U gebruikt een Powerpoint presentatie (maximaal 3 sheets)

● De presentatie bevat in ieder geval de volgende onderdelen:

   o Organisatienaam

   o Privacy project omschrijving

   o Doel en behaalde resultaten.


Jury

De jury bestaat uit onafhankelijke privacy-experts uit diverse sectoren:

> Bart van der Sloot, senior researcher, Universiteit Tilburg (jury-voorzitter)
> Bas Filippini, oprichter en voorzitter Privacy First
> Paul Korremans, data protection & security professional, Comfort Information Architects 
   (tevens bestuurslid Privacy First)
> Marie-José Bonthuis, eigenaar IT’s Privacy
> Esther Janssen, advocaat Informatierecht en grondrechten, bureau Brandeis
> Esther Keymolen, techniekfilosoof, TILT, Universiteit Tilburg
> Matthijs Koot, senior security specialist, Secura BV
> Marc van Lieshout, senior onderzoeker TNO en zakelijk directeur PI.lab
> Wendeline Sjouwerman, privacy specialist lokale overheden en zorg.

Om te garanderen dat de verkiezing van de Awards objectief verloopt, is het niet toegestaan dat de jury een deelname beoordeelt van de eigen organisatie.


Privacy First organiseert de Nederlandse Privacy Awards met steun van Stichting Democratie & Media, in samenwerking met ECP. Klik HIER voor een impressie van de Nederlandse Privacy Awards 2018. Wilt u graag partner of sponsor van de Nederlandse Privacy Awards worden? Neem dan contact op met Privacy First!

 

FG7A4979m

Gepubliceerd in Evenementen

Ondanks het succesvolle referendum over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten heeft de Eerste Kamer deze week het raadgevend referendum afgeschaft. Privacy First betreurt dit en verwacht dat dit de bestaande kloof tussen burger en bestuur verder zal vergroten. Ook zal het leiden tot verder verlies van vertrouwen in de nationale politiek. Dit verzwakt onze democratie en, zonder de corrigerende werking van het referendum, ook onze rechtsstaat.

Een nationaal referendum is een vorm van intern zelfbeschikkingsrecht: het collectieve recht van een nationale bevolking om haar eigen democratische toekomst te bepalen. Zoals alle mensenrechten dient dit recht voortdurend te worden bevorderd. Een referendum is bovendien een democratische verworvenheid die niet zomaar, zonder legitieme aanleiding en objectieve rechtvaardiging, kan worden afgeschaft. Dit is mogelijk in strijd met internationaal recht, in het bijzonder het zogeheten regressieverbod: het verbod om democratisch verworven rechten van burgers zomaar terug te draaien. Eerder dit jaar heeft Privacy First de Eerste en Tweede Kamer hier tevergeefs op geattendeerd. Bij gelegenheid zal Privacy First de rücksichtslose afschaffing van het raadgevend referendum dan ook aankaarten bij de Verenigde Naties en de Nederlandse regering hierover ter verantwoording laten roepen.

Op de vroegere DDR na is Nederland nu het enige land ter wereld dat het referendum na invoering weer heeft afgeschaft. Nederland heeft hiermee de historische schijn tegen en loopt mede daardoor een verhoogde kans op internationale kritiek.

Na Athene (democratie 1.0) en onze huidige 19e-eeuwse parlementaire democratie (2.0) is het in de optiek van Privacy First hoog tijd voor meer burgerparticipatie en democratische vernieuwing: Shared Democracy, democratie 3.0. Evenals de Staatscommissie Parlementair Stelsel pleit Privacy First daarbij voor de invoering van een bindend correctief referendum ter versterking van onze vrije democratie. Privacy First zal zich hier de komende jaren voor blijven inzetten.

Gepubliceerd in Wetgeving

Het lichaam is onaantastbaar

De discussie rondom vaccineren laait regelmatig opnieuw op. Afgelopen week is door de daling in vaccinatiegraad weer gediscussieerd over het verplicht vaccineren (al dan niet beperkt tot kinderdagverblijven). Het medisch beroepsgeheim, de medische privacy, de integriteit van en het zelfbeschikkingsrecht over het menselijk lichaam staan steeds meer onder druk.

De burger vertrouwt momenteel de overheid niet meer en stelt zich kritischer op. En dat is niet zo gek als je de discussies over onder andere de Donorwet, de ‘Sleepwet’ en de afschaffing van het referendum volgt. De burger wordt niet meer serieus genomen als volwassen gesprekspartner. Als noodgreep wordt er vervolgens door de overheid dwang gebruikt om diezelfde burger in het gareel te houden.

Toenemende invloed bedrijfsleven

Daarnaast constateer ik een voortdurende invloed van de lobby door het bedrijfsleven en in dit geval de vaccinatie-industrie op centraal georganiseerde overheden. Ook nu weer wordt groots uitgepakt in alle media en wordt de angstkaart volop getrokken. Hierdoor ontstaat er een ongelijk speelveld met de individuele burger in informatie, geld, tijd, menskracht en andere middelen. De legitieme vragen en zorgen van burgers leiden nauwelijks tot heroverwegingen van beleid.

Verplichte vaccinatie leidt tot inbreuk op integriteit van het lichaam

De rechten op lichamelijke integriteit en onaantastbaarheid van het lichaam zijn onder meer verankerd in onze Grondwet en in Europese verdragen. In de discussie omtrent het vaccineren zou het dus moeten gaan over deze principiële benadering van de inbreuk op de integriteit van het lichaam van de individuele burger. Een (structurele) verplichting tot vaccinatie zal door Privacy First altijd aangevochten worden.

Open discussie nodig inzake vaccinatieprogramma’s

Vanuit Privacy First is het zelfbeschikkingsrecht over het lichaam leidend en willen wij graag een bijdrage leveren aan een gedegen discussie inzake de noodzaak van de verschillende vaccins en het vaccinatieprogramma. Daarnaast is eerlijke, onafhankelijke en goede communicatie naar de burger noodzakelijk. Deze informatie en communicatie is nodig zodat burgers, in een open en vrije samenleving, goed geïnformeerd en geadviseerd weloverwogen keuzes kunnen maken.

Onder de bevolking heerst een groeiende onrust over de werking en bijwerkingen van vaccinaties. Het is aan de overheid om op basis van onafhankelijk onderzoek op de veelgestelde vragen en zorgen antwoord te geven. Het kan daarbij niet zo zijn dat de burger die zich kritisch opstelt direct geframed wordt als een door nepnieuws geïnspireerde populist. Instanties die niet meer flexibel met de “waarom-vraag” kunnen omgaan en tot zelfcensuur promoten, leiden immers tot ondergronds verzet en gesloten discussies. Vanuit maatschappelijk oogpunt is dat zeer onwenselijk.

Is onze optiek is een onafhankelijke en professionele aanpak vanuit de overheid en het goed informeren van ouders en artsen inzake het aantal, type en wijze van vaccineren een belangrijk uitgangspunt. Dit vanuit het respect voor ieders lichamelijke integriteit, de geldende ethische normen en waarden en vanuit de gedachten van keuzevrijheid en eigen verantwoordelijkheid.

In plaats van de discussie te richten op symptoombestrijding, zou Privacy First daarom willen adviseren aan de oorzaken van het wantrouwen onder de burger te werken middels:

  1. Goede voorlichting vanuit onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek;
  2. Dwarsverbanden met de industrie strikt af te grenzen en een onafhankelijk vaccinatie-programma te ondersteunen met de juiste prikkels aan belanghebbenden;
  3. Ethische implicaties en privacy by design mee te nemen bij voortschrijdende medisch-technologische ontwikkelingen.

Wij staan dan ook achter het standpunt van het nieuwe kabinet om vaccinaties niet verplicht te stellen en geen keuzediscriminatie toe te passen op kinderopvang en scholen, maar het beleid te richten op betere communicatie. Bovenstaande aandachtspunten zouden daarbij leidend moeten zijn.

Voor een vrije en gezonde samenleving!


Bas Filippini,
voorzitter Stichting Privacy First

 

Update 16 juli 2018: tevens gepubliceerd door Brabants Dagblad, zie https://www.bd.nl/opinie/het-lichaam-is-onaantastbaar~a38a4036/.

Gepubliceerd in Columns

"Enkele Nederlandse banken en fintechs werken samen met Stichting Privacy First aan een PSD2-keurmerk. Daarmee willen de bedrijven aan consumenten duidelijk maken wie ze hun data kunnen toevertrouwen. De Volksbank schaart zich als een van de eersten achter het initiatief. Op welke behoefte spelen de betrokkenen in?

De Europese betaalrichtlijn PSD2 levert behalve innovatie ook privacyzorgen op. De in januari in werking getreden richtlijn – Nederland volgt waarschijnlijk deze zomer met eigen wetgeving – zorgt ervoor dat consumenten bedrijven toegang kunnen geven tot hun bankrekening en (financiële) data. De vraag is echter of zij doorhebben privacygevoelige gegevens te delen. Eenmaal gedeeld kunnen banken die data bovendien niet meer ‘terughalen’.

Behalve een voordeel kleeft er dus ook een reëel risico aan PSD2, stelt Privacy First. Samen met enkele Nederlandse banken en fintech-bedrijven werkt de belangenorganisatie daarom aan een keurmerk. De partijen reageren daarmee op een uitspraak van De Nederlandsche Bank. Die zou eerder hebben vastgesteld dat hier behoefte aan is. Terwijl de AVG, de nieuwe Europese privacywet, moet zorgen voor betere bescherming zet PSD2 de achterdeur open, legt Martijn van der Veen van Privacy First uit.

Hoe zien jullie PSD2 vanuit privacy-oogpunt?

Van der Veen: “Het onderwerp privacy is binnen PSD2 veel te lang onderbelicht gebleven. Lang was PSD2 vooral een feestje voor fintechs en gericht op het innoveren van het betalingsverkeer.

“Met PSD2 kunnen partijen onder meer inzage krijgen in je transactiegegevens, bijvoorbeeld voor het krijgen van inzicht over meerdere bankrekeningen heen. Een bank mag die transactiedata niet zomaar verstrekken, daarvoor moet een consument ‘uitdrukkelijke toestemming’ geven. Dat is niet eventjes een vinkje zetten. De persoon moet ‘vrije, specifieke en geïnformeerde’ toestemming geven. Op papier is het dan prima geregeld. Maar de impact van PSD2 op de privacy kan veel groter zijn dan de vraag of iemands toestemming is geregistreerd.

“Onze grootste zorg is wat er gebeurt met de gegevens zodra die bij een dienstverlener liggen. Wat doen die ermee? Denk maar niet dat diensten beperkt blijven tot het tonen van transactiegegevens, bedrijven willen iets doen met die grote hoeveelheid gegevens die in hun bezit komt. Denk aan het doen van aanbiedingen, nieuwe diensten en vergelijkingen. Daarvoor willen ze gegevens koppelen, relateren en zoeken naar patronen. En uiteraard zit daar ook een verdienmodel aan vast.

“Een verkeerde framing is dat het ‘maar’ transactiegegevens zijn. Je kunt er ontzettend veel uit afleiden over iemands leven. Als je bij een bank drie jaar terug kan kijken, dan ontvangt de aanbieder ook direct drie jaar aan transactiedata. Aan rekeningnummers kan je aflezen of iemand vaak medische ondersteuning gebruikt, waar een persoon vaak komt en wat iemands leefpatroon is. Uit terugkerende overboekingen leid je af of iemand lid is van een religieuze organisatie of vakbond. Dat zijn gegevens die met goede redenen niet gebruikt mogen worden.

“Het gekke is, waar iedereen vanwege de AVG zijn best doet om zijn privacybescherming op orde te krijgen zet PSD2 de achterdeur wagenwijd open.”

Maar waarom is een keurmerk nodig?

“Het Privacy Keurmerk PSD2 moet consumenten helpen bij hun keuze voor een aanbieder. Het geeft informatie over of de aanbieder goed met de persoonlijke gegevens om zal gaan en te vertrouwen is. Daarbij willen we de open normen van de wet inkleuren. Nu bepaalt een aanbieder wat een fatsoenlijke bewaartermijn van gegevens is. En hoe snel hij reageert op klachten. Het is maar de vraag of het belang van de consument dan voorop staat. Het keurmerk informeert consumenten en stimuleert aanbieders om het niveau van privacybescherming te verhogen. Voor beide partijen is dat waardevol omdat dit het vertrouwen in een dienstverlener verhoogt.” (...)

Lees verder bij Emerce.

Gepubliceerd in Financiële privacy

Kabinet wil referendum afschaffen. Privacy First trekt aan de bel.

Afschaffing referendum is mogelijk in strijd met internationaal recht.

Ondanks het succesvolle referendum over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten wil het Nederlandse kabinet het raadgevend referendum afschaffen. Een nationaal referendum is echter een democratische verworvenheid die niet zomaar, zonder legitieme aanleiding, kan worden afgeschaft. Dergelijke afschaffing is in dat geval mogelijk in strijd met internationaal recht. Begin dit jaar heeft Privacy First de Tweede Kamer hier tevergeefs op geattendeerd. Vervolgens heeft Privacy First een vergelijkbare waarschuwing gericht aan de Eerste Kamer, waar relatief meer juridische (inclusief internationaalrechtelijke) kennis aanwezig is. De Eerste Kamer nodigde daarop Privacy First uit voor deelname aan de expert-meeting over de Wet intrekking raadgevend referendum op 27 maart jl. Wegens buitenlands verblijf was Privacy First die dag echter verhinderd, waarop de Eerste Kamer (mede op advies van Privacy First) prof. Fred Soons uitnodigde om de internationaalrechtelijke aspecten rond afschaffing van het raadgevend referendum te belichten, waaronder met name het aspect van het internationaal zelfbeschikkingsrecht in interne (democratische) zin. De schriftelijke inbreng (position paper) van prof. Soons vindt u HIER in pdf. Van de expert-meeting in de Eerste Kamer is een volledige videoregistratie en schriftelijk verslag beschikbaar. Begin dit jaar vond in de Tweede Kamer een vergelijkbare, kritische expert-meeting plaats (video). Naar aanleiding van beide expert-meetings zijn door de Eerste Kamer op 24 april jl. talloze kritische vragen aan het kabinet gesteld, waaronder de vraag of intrekking van het raadgevend referendum in strijd is met het zogeheten regressieverbod in het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten. Privacy First ziet de beantwoording van deze vragen met belangstelling tegemoet.

Nieuw referendum over Donorwet

Terwijl de Eerste Kamer zich de komende weken buigt over de mogelijke afschaffing van het raadgevend referendum, is reeds een nieuw referendum in de maak: het referendum over de nieuwe, controversiële Donorwet. Op https://referendum.nl kunt u uw steunbetuiging voor dit referendum indienen. De weerstand onder de Nederlandse bevolking tegen de nieuwe Donorwet is groot. Privacy First verwacht dan ook dat het benodigde aantal handtekeningen voor een referendum over deze wet spoedig zal kunnen worden behaald.


Hieronder volgt de volledige tekst van onze brief aan de Eerste Kamer d.d. 8 maart 2018:  

Geachte Kamerleden,

De komende periode debatteert u over de mogelijke intrekking van de Wet raadgevend referendum. In dit verband attendeert Stichting Privacy First u hierbij graag op een internationaalrechtelijk aspect dat tot nu toe niet bij het parlementaire debat lijkt te zijn betrokken, maar dat niettemin uiterst relevant is: het referendum als een vorm van collectief zelfbeschikkingsrecht. Dit recht behoort van oudsher tot de krachtigste en meest omvattende rechten ter wereld en geniet brede internationale bescherming. Nationale inperking van dit recht kan voor Nederland dan ook de nodige repercussies hebben. Hieronder lichten wij dit kort toe.

Referendum als een vorm van democratisch zelfbeschikkingsrecht: relevante VN-verdragen

Internationaalrechtelijk gezien is een nationaal referendum een vorm (of uiting) van democratisch zelfbeschikkingsrecht, d.w.z. het collectieve recht van een volk c.q. nationale bevolking om haar eigen toekomst te bepalen. Dit recht is o.a. vastgelegd en ontwikkeld onder art. 1 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR) en het identieke art. 1 van het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten (IVESCR). Onder het IVBPR kan over de schending van dit recht een klacht worden ingediend bij het toezichthoudende verdragsorgaan: het VN Mensenrechtencomité in Genève. Tevens dient Nederland zich periodiek bij dit VN-comité te verantwoorden over de algehele Nederlandse naleving van het IVBPR in brede zin, inclusief (indien aan de orde) de Nederlandse naleving van het collectieve recht op zelfbeschikking van de Nederlandse bevolking. Mocht uw Kamer dus besluiten tot afschaffing van het raadgevend referendum, dan ligt het in de lijn der verwachting dat de Nederlandse regering zich hierover bij de Verenigde Naties zal moeten verantwoorden. De betreffende Nederlandse periodieke sessie bij het VN Mensenrechtencomité staat reeds geagendeerd en zal waarschijnlijk later dit jaar of begin 2019 plaatsvinden. Hierbij zal overigens ook de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (‘Sleepwet’) kritisch aan de orde komen, zo heeft het VN Mensenrechtencomité reeds in mei 2017 bekendgemaakt.

Mogelijke schending art. 1 IVBPR en art. 1 IVESCR door afschaffing referendum

Bovenstaande geldt tevens voor het IVESCR en het toezichthoudende IVESCR-Comité, dat eveneens in Genève zetelt. Onder dit verdrag dient het collectieve recht op zelfbeschikking continu te worden bevorderd en ‘progressief te worden verwezenlijkt’. Zogeheten ‘retrogressive measures’ (zoals afschaffing van een bestaand recht op een referendum) “would require the most careful consideration and would need to be fully justified”, aldus het IVESCR-Comité in haar General Comment No. 3 (The nature of States parties obligations under the ICESCR). Dit betekent dat Nederland het raadgevend referendum slechts op internationaalrechtelijk geoorloofde wijze kan afschaffen indien dit na uiterst zorgvuldige afwegingen gebeurt en (objectief aantoonbaar) volledig gerechtvaardigd is. In casu lijkt hiervan echter geen sprake. Daarmee vormt afschaffing van het raadgevend referendum een mogelijke schending van art. 1 IVESCR. Onder het Facultatief Protocol bij het IVESCR zal hierover een individuele of collectieve klacht bij het IVESCR Comité kunnen worden ingediend. Tevens zal deze kwestie aan de orde kunnen komen bij de periodieke beoordeling van de algehele Nederlandse naleving van het IVESCR door het IVESCR-Comité. Een daaropvolgend kritisch oordeel van het IVESCR Comité zal vervolgens – naar alle waarschijnlijkheid – door de Nederlandse rechterlijke macht gevolgd en overgenomen worden. Hetzelfde geldt voor een vergelijkbaar kritisch oordeel van het VN Mensenrechtencomité inzake mogelijke schending van art. 1 IVBPR, aangezien het collectieve zelfbeschikkingsrecht onder beide verdragen op vergelijkbare wijze wordt geïnterpreteerd en toegepast.

Kans op internationale kritiek

Op de vroegere DDR na is Nederland het enige land ter wereld dat het referendum na invoering weer lijkt te willen afschaffen. Nederland heeft daarmee de historische schijn tegen en loopt mede daardoor een verhoogde kans op internationale kritiek. Privacy First wenst u dan ook veel wijsheid en visie toe bij uw beraadslagingen.

Hoogachtend,


Stichting Privacy First


Update 11 mei 2018: het kabinet heeft de schriftelijke vragen van de Eerste Kamer inmiddels beantwoord (pdf). Zoals reeds door Privacy First was verwacht ontkent het kabinet dat afschffing van het raadgevend referendum strijdig is met het IVESCR: "[H]et kabinet [acht] het wetsvoorstel verenigbaar met het IVESCR", aldus minister Ollongren op p. 24. Daarmee erkent het kabinet dat het IVESCR (d.w.z. het collectieve zelfbeschikkingsrecht onder art. 1) op deze kwestie van toepassing is. Dit vergemakkelijkt de indiening van een toekomstige klacht hierover bij het IVESCR Comité in Genève. Privacy First behoudt zich in dit verband alle rechten en mogelijkheden voor.

Update 15 juni 2018: het kabinet heeft vandaag herhaald dat het de mogelijke strijdigheid van afschaffing van het referendum niet wenst te laten toetsen aan het regressieverbod onder het IVESCR (zie Nadere memorie van antwoord (pdf), p. 12). Dergelijke toetsing wordt door het kabinet blijkbaar - terecht - gevreesd.

Gepubliceerd in Wetgeving
woensdag, 18 april 2018 07:43

Kort geding tegen Sleepwet

Kabinet en parlement sturen aan op snelle inwerkingtreding van privacyschendende Sleepwet. Privacy-coalitie begint kort geding om dit te voorkomen.

Ongewijzigde inwerkingtreding Sleepwet dreigt

De afgelopen maanden heeft een grondig maatschappelijk debat plaatsgevonden over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, de zogeheten Sleepwet. In het referendum op 21 maart jl. heeft een meerderheid van de Nederlandse bevolking zich vervolgens TEGEN deze wet uitgesproken. In reactie hierop heeft het kabinet slechts enkele summiere, oppervlakkige beleidswijzigingen en enkele niet-fundamentele wetswijzigingen in het vooruitzicht gesteld. Zowel kabinet als Tweede Kamer hebben onverminderd aangestuurd op snelle inwerkingtreding van de huidige Sleepwet – in ongewijzigde vorm – per 1 mei as. De beoogde wetswijzigingen zullen pas na de zomer door het kabinet worden ingediend. Een parlementaire motie om inwerkingtreding van de Sleepwet uit te stellen totdat deze wetswijzigingen behandeld zijn, werd gisteren helaas door de Tweede Kamer verworpen. Daarmee lijkt het parlement voorlopig uitgepraat en is de maatschappij nu opnieuw aan zet.

Kort geding

Vast beleid van Privacy First is om massale privacyschendingen te voorkomen. De inwerkingtreding van de huidige Sleepwet vormt onmiskenbaar een massale privacyschending: het internet-verkeer van onschuldige burgers zal hierdoor op grote schaal worden afgetapt en bovendien zullen data van onschuldige burgers ongeëvalueerd worden uitgewisseld met buitenlandse geheime diensten. Dit vormt een flagrante schending van het recht op privacy. Mogelijke wetswijzigingen om dit achteraf te ‘repareren’ kunnen dan ook niet worden afgewacht; de privacyschendingen zijn dan immers al geschied. Vandaag verzoekt een coalitie van Privacy First en diverse andere maatschappelijke organisaties en bedrijven het kabinet daarom met spoed om de invoering van (de meest privacyschendende onderdelen van) de Sleepwet uit te stellen totdat alle wetswijzigingen in het parlement behandeld zijn. Als het kabinet dit verzoek weigert, is onze coalitie genoodzaakt om een kort geding te voeren om uitstel van inwerkingtreding van de Sleepwet af te dwingen.

Brede coalitie

Naast Privacy First bestaat de coalitie voor dit kort geding uit het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM), Bits of Freedom, Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA), Platform Bescherming Burgerrechten, Free Press Unlimited, BIT, Voys, Speakup, Greenpeace International, Waag Society en Mijndomein Hosting. De zaak wordt behandeld door Boekx Advocaten en wordt gecoördineerd door het Public Interest Litigation Project (PILP) van het NJCM. Naast dit kort geding wordt door Privacy First c.s. sinds maart 2017 tevens een bredere rechtszaak (met meer organisaties) voorbereid om de Sleepwet op meerdere onderdelen onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met internationaal en Europees privacyrecht.

Vandaag versturen onze advocaten namens de coalitie een brief aan het kabinet (ministers van Binnenlandse Zaken en Defensie) met een verzoek om uitstel van inwerkingtreding van de Sleepwet. Het kabinet heeft tot vrijdag as. de tijd om hierop te reageren.

Update 20 april 2018: het kabinet heeft het verzoek van de coalitie afgewezen. De coalitie zet nu de voorbereiding van het kort geding voort.

Update 14 mei 2018: de openbare rechtszitting in het kort geding zal plaatsvinden bij de rechtbank Den Haag op donderdag 7 juni as. om 10.00-12.00u, zo heeft de rechtbank vandaag bepaald.
Zaaknummer: C/09/553023 KG ZA 18-476. Klik HIER voor een routebeschrijving.

Update 17 mei 2018: vandaag is de coalitie-dagvaarding aan de landsadvocaat betekend; klik HIER voor de volledige versie (pdf).

Update 7 juni 2018: vanochtend vond in de rechtbank Den Haag de rechtszitting plaats; klik HIER voor de pleitnota van onze advocaten (pdf). De uitspraak van de rechter staat gepland op dinsdag 26 juni as.

Update 26 juni 2018: vandaag heeft de rechtbank Den Haag de zaak helaas afgewezen, klik HIER voor de volledige uitspraak. Privacy First vindt het een zeer teleurstellend vonnis. Weliswaar lag de juridische lat in deze zaak hoog: om dit kort geding te kunnen winnen diende de rechter de Sleepwet "onmiskenbaar onverbindend" te verklaren wegens overduidelijke (onmiskenbare) strijdigheid met internationaal of Europees recht. Het vonnis van de rechter leest echter vooral als een doelredenatie in het voordeel van de Staat, waarbij diverse bezwaren van onze coalitie in het vonnis onbenoemd zijn gebleven. Tevens dient te worden benadrukt (zoals de rechtbank zelf ook doet) dat dit vonnis slechts een voorlopig oordeel inhoudt en dat in deze zaak geen sprake was van een grondige, "volle" toetsing.

De coalitie van organisaties die het kort geding heeft gevoerd betreurt het vonnis. De coalitie vindt dat de regering, mede gezien de uitslag van het referendum, had moeten wachten met het invoeren van de aangevochten onderdelen uit de Sleepwet totdat het parlementaire wetgevingsproces naar aanleiding van het referendum is afgerond. Ongewijzigde invoering van de Sleepwet per 1 mei jl. en pas later (na de zomer) een wetswijziging voorleggen is en blijft dan ook onjuist.

De coalitie zal op korte termijn de mogelijke juridische vervolgstappen bespreken.

Gepubliceerd in Rechtszaken
Pagina 1 van 6

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon