donatieknop english
vrijdag, 23 juni 2017 11:12

Het begon eigenlijk al in de peuterklas

We should run through the forest 
We should swim in the streams 
We should laugh, we should cry, 
We should love, we should dream 
We should stare at the stars and not just the screens 
You should hear what I'm saying and know what it means 

(Scare away the Dark – Passenger (singer-songwriter) 

 

Het begon eigenlijk al in de peuterklas. Mijn zoontje vertelde dat hij een filmpje had gezien op de computer. Een filmpje? Hoezo? Ik breng mijn kind niet naar de peuterspeelzaal om filmpjes te kijken, ik breng mijn kind om te spelen. Spelen met andere kindjes, omdat hij daar aan toe was. Bovendien wil ik bepalen welke filmpjes mijn kind te zien krijgt, als hij al filmpjes te zien krijgt. Andere ouders waren ook ontstemd, en toch was ik de enige die er wat van zei. De peuterleidster trok verbaasd een wenkbrauw omhoog en mompelde dat het toch allemaal niet erg was.

Inmiddels was de peuterklas tevens kinderopvang geworden en moesten er camera’s geplaatst worden als ‘tweede paar ogen’. Dat scheelde een personeelslid. Op het hoofdkantoor, ver weg in een andere stad, kon er dan meegekeken worden. Uiteraard werd ons toestemming gevraagd en verzekerd dat de beelden tijdig zouden worden vernietigd en in geen geval voor andere doeleinden zouden worden gebruikt. Nee zeggen was geen optie. En hoe konden wij controleren dat deze beelden inderdaad niet werden opgeslagen en voor andere doeleinden werden gebruikt? En zijn deze beelden inmiddels wel vernietigd?

Uiteraard werd er ook nog even wifi aangelegd. Men is nog niet eenduidig over het feit of dit al dan niet schadelijk is voor (kleine) kinderen en volwassenen. Toch heeft de Raad van Europa in 2011 een resolutie aangenomen welke de lidstaten aanbeveelt om geen wifi op (lagere) scholen en in kinderopvangen aan te leggen. In landen als Frankrijk, Israël, Rusland, Argentinië en Canada wordt hier gehoor aan gegeven. Maar goed, daar hoef je als ouder al helemaal niet mee aan te komen. Voordat je het weet ben je de ‘wifiheks’ en wordt je überhaupt niet meer serieus genomen.

Geschokt was ik toen ik mijn vierjarige zoontje voor het eerst naar de kleuterklas (groep 1/2) bracht en er opeens een groot digiboard aan de muur hing. De Google toolbar schreeuwde ons in felle kleuren tegemoet. Dat is dus het eerste wat je kind ziet als hij ‘s morgens de klas in komt. Het voelt bijna als hersenspoelerij. Wat doet een digiboard in een kleuterklas? En als het niet gebruikt wordt, moet het dan aanstaan? Met daarop het logo van Google? Vanwege het digiboard wordt het licht in de klas altijd gedempt. Zon of geen zon, de gordijnen zijn dicht, lichten uit en zonneschermen naar beneden.

De schoolcomputers stonden eerst nog op de gang. Kinderen uit groep 3 konden vrijelijk op internet surfen en deden dit dan ook. Combinaties van woorden die tot pornografische plaatjes zouden leiden werden openlijk ingetypt. Bij navraag bleek er geen kinderslot op de computers te zitten. En tja, de juffen konden toch niet alles in de gaten houden... Spelletjes met tanks die er op losschoten werden openlijk gespeeld, dat waren namelijk rekenspelletjes; zeer leerzaam.

Als mijn kleutertje naar de toilet moest lopen over de gang dan kon hij rechts van hem schietende tanks zien en nare pornoplaatjes, terwijl op het digiboard links in de klas nare beelden van het jeugdjournaal over terroristische aanslagen werden vertoond ofwel een filmpje van ‘twerkende’ dames werd bekeken.

Maar niet getreurd! ‘De ouders’ hadden besloten dat er Chromebooks aangeschaft zouden worden. ‘De Ouders’? Mij was niets gevraagd. Chromebooks zijn kleine laptops zonder harde schijf. Alle informatie wordt opgeslagen in de clouds van Google. De kinderen loggen in op hun eigen naam. Leuk, want ook in de kleuterklassen (groep 1 en 2 ) zouden ze worden gebruikt. Er zou meer toezicht zijn en misbruik van internet zou niet meer mogelijk zijn. O ja, en nu moest er door de hele school wifi komen, natuurlijk.

Inmiddels stonden al mijn nekharen overeind. Ik heb mij tot de directie gericht en gevraagd: wat is jullie beleid en visie ten aanzien van het computergebruik? Wat is het doel van het gebruik? Hebben jullie nagedacht over de veiligheid van de kinderen, zowel qua privacy (persoonsgegevens en leerresultaten) als qua gezondheid (nekklachten, gehoorklachten, oogklachten, wifistraling). Hoe werken deze computers? Wat doen onze kinderen eigenlijk op deze computer? Zit er een kinderslot op de computers? Worden de kinderen beschermd tegen schadelijke content? Opslag van de leergegevens van mijn kind in de cloud van Google, dat is toch niet veilig? De directie had eigenlijk geen antwoord, behalve dan dat wij de enigen waren die hier over klaagden en andere scholen hier ook allemaal niet mee bezig waren.

Na veel aandringen door mij werd er een avond georganiseerd over het ICT-gebruik binnen school. De avond was niet meer dan een marketing-praatje van de leverancier van de Chromebooks. Met open mond en kloppend hart heb ik zitten luisteren. Zelfs ik durfde deze avond nauwelijks wat te zeggen. Immers iedereen die vraagtekens zou zetten bij de digitalisering werd direct vergeleken met Khadaffi en Assad, die hun koninkrijken kwijt zouden hebben geraakt door niet met de tijd mee te gaan! Nou, durf dan nog maar wat te zeggen!

Kortom, durf als ouder maar eens op te komen voor de rechten van je kind. Als je al überhaupt weet wat deze rechten zijn.

Wij waren niet de enige ouders die zorgen hadden over de digitalisering op school. Wij waren wel de enige ouders die echt actie ondernamen. De houding van veel ouders is al gauw van ‘ach ja, het is de toekomst, je kan het toch niet tegenhouden’. Maar nee, het is niet de toekomst, het is het heden! En ja, het valt wel tegen te houden, je moet er alleen wat aan doen!

En dat is wat ik nu doe, samen met Privacy First. Ik wil andere ouders inspireren om op te komen voor de rechten van hun kinderen en hen wegwijs maken in de rechten die zij hebben. Het recht op privacy, het recht om ongezien fouten te maken in je jeugd, het recht op gezond onderwijs, het recht om niet verslaafd te raken aan apparatuur, het recht om jezelf te kunnen zijn en te kunnen blijven in alle vrijheid, zonder dat je van jongs af aan al geprofileerd wordt!


Door Simone van Dijk

Gepubliceerd in Kinderen en Privacy

Op dinsdag 20 juni as. houdt de Eerste Kamer een hoorzitting ("deskundigenbijeenkomst") over twee controversiële wetsvoorstellen: het wetsvoorstel over Automatische Nummerplaatregistratie (ANPR) en het wetsvoorstel Computercriminaliteit III ("politie-hackwet"). Op verzoek van de Eerste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie diende Privacy First daartoe vorige week een beknopte position paper in over het wetsvoorstel ANPR. Hieronder staat de volledige tekst, klik HIER voor de originele versie in pdf. De hoorzitting is openbaar en zal op internet live te volgen zijn. Klik HIER voor meer informatie, het volledige programma en alle sprekers.


Geachte Kamerleden,

Dank voor uw uitnodiging om deel te nemen aan de deskundigenbijeenkomst inzake het wetsvoorstel ANPR (automatische nummerplaatregistratie).[1] Onder dit wetsvoorstel zal de politie de bevoegdheid krijgen om alle kentekens op de openbare weg 4 weken te bewaren voor opsporing en vervolging. In de optiek van Privacy First vormt dit een massale privacyschending. Hieronder zullen wij dit kort toelichten.

Huidige regels

Onder de huidige wetgeving dienen de ANPR-gegevens van onschuldige burgers binnen 24 uur te worden gewist. Alle kentekens die niet verdacht zijn (zogeheten “no-hits”) dienen zelfs direct uit de databases te worden verwijderd, aldus de Autoriteit Persoonsgegevens.[2] In een democratische rechtsstaat dienen onschuldige burgers immers zoveel mogelijk met rust te worden gelaten: het klassieke rechtsbeginsel is dat de overheid pas inbreuk mag maken op de privacy van een burger bij een redelijke verdenking van een concreet strafbaar feit. De huidige ANPR-praktijk is hiermee in lijn in die zin dat de “hits” kunnen worden gebruikt en de “no-hits” worden gewist. Deze praktijk vindt echter al jaren plaats op basis van een algemene vangnetbepaling: artikel 3 Politiewet. Daarbij is sprake van profiling. Dit voldoet geenszins aan de moderne eisen die het Europese privacyrecht aan het gebruik van ANPR stelt. Privacy First adviseert allereerst dan ook om de huidige ANPR-praktijk in te perken en alsnog van een specifieke wettelijke basis met strikte privacywaarborgen te voorzien.

Gebrek aan noodzaak en proportionaliteit

In plaats van de actuele ANPR-praktijk alsnog op privacyvriendelijke wijze te reguleren, vormt het huidige ANPR-wetsvoorstel een verregaande schending van het recht op privacy van vrijwel iedere automobilist. Onder dit wetsvoorstel zullen immers alle kentekens op openbare wegen (oftewel ieders reisbewegingen, locatiedata) 4 weken in een nationale ANPR-databank worden opgeslagen. Bovendien zullen deze ANPR-data onder meer worden gedeeld met de AIVD (onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten zelfs middels directe toegang tot de ANPR-databank). Iedere automobilist wordt hierdoor een potentiële verdachte. Uit het ANPR-wetgevingstraject blijkt tot op heden echter geen enkele maatschappelijke noodzaak hiertoe: de laatste jaren lijkt ANPR slechts bij een handjevol misdrijven te hebben bijgedragen aan succesvolle opsporing en vervolging. Naar objectieve maatstaven weegt dit niet op tegen het opofferen van de privacy, bewegingsvrijheid en onschuldpresumptie van miljoenen automobilisten. Ter vergelijking: toen na 9/11 door het CDA werd voorgesteld om van de gehele bevolking vingerafdrukken af te nemen voor opsporingsdoeleinden, werd dit door minister van Justitie Korthals (VVD) direct verworpen. Korthals achtte dit voorstel disproportioneel, omdat op jaarbasis sprake was van circa 10.000 sporenzaken (met vingerafdrukken).[3] De Tweede Kamer was dit destijds met de minister eens. Massale opslag van ieders vingerafdrukken en telecommunicatiedata zijn inmiddels verboden. Derhalve valt niet in te zien waarom de opslag van ieders ANPR-data wel toegestaan zou moeten worden.

Van ‘mass surveillance’ naar ‘targeted surveillance’

Het huidige wetsvoorstel legt een fundamentele bouwsteen voor Nederland als toekomstige “surveillance society”. Nederland overschrijdt hiermee een principiële grens. Zowel binnen de Nederlandse maatschappij als in het buitenland maakt men zich hier grote zorgen over, zo bleek onlangs uit gesprekken tussen Privacy First en diverse ambassades in Den Haag. Op Europees niveau is immers juist sprake van een ontwikkeling in omgekeerde richting: van ineffectieve, inefficiënte en onrechtmatige “mass surveillance” naar effectieve, efficiënte en legitieme “targeted surveillance”, zo blijkt uit diverse baanbrekende uitspraken van de hoogste Europese rechters en groeiende communis opinio onder experts. Door dit wetsvoorstel aan te nemen slaat Nederland dus niet alleen een juridische en beleidsmatige flater, maar creëert het ook een gevaarlijk internationaal precedent.

Mogelijke rechtszaak

Het huidige wetsvoorstel dateert reeds van begin 2013 en heeft sindsdien – terecht – een moeizame geschiedenis achter de rug.[4] Reeds een jaar nadat het wetsvoorstel door voormalig minister Opstelten bij de Tweede Kamer was ingediend bleek het juridisch onhoudbaar, toen het Europees Hof van Justitie de massale opslag van ieders telecommunicatiedata (waaronder locatiedata) onrechtmatig verklaarde.[5] Wegens privacyzorgen lag de verdere behandeling van het wetsvoorstel vervolgens twee jaar stil, totdat dit door voormalig minister Van der Steur in september 2016 opnieuw werd geactiveerd. Drie maanden later volgde echter de genadeklap: in een nieuw, scherper verwoord arrest verklaarde het Europees Hof van Justitie de ongerichte, massale opslag van data van onschuldige burgers voor opsporingsdoeleinden (dataretentie) definitief onrechtmatig. Dit zou slechts rechtmatig kunnen zijn middels strikte gerichtheid in tijd, locatie, strafrechtelijk relevante personen en doelen.[6] Bij het gebruik van dergelijke data is bovendien voorafgaande rechterlijke toestemming geboden. Het huidige wetsvoorstel ANPR voldoet aan geen van deze eisen. Het wetvoorstel is daarmee onrechtmatig en dient door uw Kamer te worden verworpen. Bij gebreke hiervan zal Privacy First (in brede coalitie) de Nederlandse Staat dagvaarden en het wetsvoorstel onverbindend laten verklaren wegens schending van het recht op privacy (art. 8 EVRM).

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Hoogachtend,

Stichting Privacy First

 

[1] Wetsvoorstel Vastleggen en bewaren kentekengegevens door politie, Kamerstukken 33542.

[2] Zie College bescherming persoonsgegevens, Politiekorpsen handelen in strijd met de wet bij toepassing ANPR (28 januari 2010), https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/nl/nieuws/politiekorpsen-handelen-strijd-met-de-wet-bij-toepassing-anpr.

[3] Zie Brief van de minister van Justitie d.d. 10 december 2001, Kamerstukken II, 2001-2002, 19637, nr. 635, p. 7.

[4] Voorheen was ook minister van Justitie Hirsch Ballin al in 2010 van plan om een vergelijkbaar voorstel in te dienen met een bewaartermijn van 10 dagen. Vervolgens verklaarde de Tweede Kamer dit voorstel echter controversieel.

[5] Hof van Justitie van de Europese Unie 8 april 2014, gevoegde zaken C-293/12 & C594/12 (Digital Rights).

[6] Hof van Justitie van de Europese Unie 21 december 2016, gevoegde zaken C-203/15 & C-698/15 (Tele2).

 

Update 20 juni 2017: de hoorzitting in de Eerste Kamer vanochtend was zeer divers en bijzonder kritisch; klik HIER voor de hele video en HIER voor de inbreng van Privacy First (vanaf 19m42s en 39m23s). Hieronder de volledige tekst van onze inleiding. Een formeel verslag van de bijeenkomst verschijnt binnenkort op de website van de Eerste Kamer.

Wetsvoorstel ANPR

Geachte Kamerleden,

Dank voor uw uitnodiging voor deze bijeenkomst. Zowel in onze position paper als tijdens deze bijeenkomst zal Privacy First voornamelijk ingaan op het wetsvoorstel ANPR. Dit wetsvoorstel vormt immers de voornaamste reden waarom u ons heeft uitgenodigd.

Reeds sinds de indiening van het oorspronkelijke voorstel van minister Hirsch Ballin in 2010 om ieders kentekendata, oftewel locatiedata, op te slaan voor opsporing en vervolging, heeft Privacy First het standpunt ingenomen dat een dergelijk voorstel volstrekt onrechtmatig is wegens gebrek aan noodzaak en proportionaliteit. Dit standpunt wordt inmiddels bevestigd door vaste Europese rechtspraak. Mocht dit wetsvoorstel desondanks tot wet verheven worden, dan zal Privacy First dit onverbindend laten verklaren wegens strijd met art. 8 EVRM.

Privacy First heeft dit de laatste jaren reeds diverse malen kenbaar gemaakt aan zowel de Tweede Kamer als aan minister Opstelten en minister Van der Steur persoonlijk. Bij onze meeting met minister Opstelten in juli 2013 waren tevens het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) en de Vereniging Privacy Recht kritisch aanwezig. Op het vooruitzicht van een rechtszaak tegen het wetsvoorstel ANPR reageerde minister Opstelten destijds als volgt, en ik citeer: “De rechter voert de wetgeving uit.” Alsof de rechterlijke macht slechts een verlengstuk van de uitvoerende macht zou zijn. Privacy First antwoordde daarop dat “de rechter tevens nationale wetgeving toetst aan internationale verdragen”. Daarna viel een pijnlijke stilte bij Opstelten en diens topambtenaren. Bij latere meetings met deze ambtenaren heeft Privacy First zich overigens nooit aan de indruk kunnen onttrekken dat hun verdediging van het wetsvoorstel enigszins “contre coeur” was. Dit was de laatste jaren ook het geval met wetten die op vergelijkbare wijze massale privacyschendingen teweeg zouden brengen, waaronder de opslag van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet. Eind 2010 was er in heel Nederland geen ambtenaar meer te vinden die dat nog publiekelijk durfde te verdedigen. De maatschappelijke weerstand tegen dergelijke opslag was en is groot.

Zowel de opslag van ieders vingerafdrukken als de opslag van ieders telecommunicatiedata zijn inmiddels door diverse hoogste Europese rechters onrechtmatig verklaard. Privacy First hoopt dat het met dit wetsvoorstel ANPR niet zo ver zal hoeven komen. Hierbij verzoeken wij uw Kamer dan ook om dit wetsvoorstel te verwerpen.

Wetsvoorstel Computercriminaliteit III

Dan nog kort enkele opmerkingen over het wetsvoorstel Computercriminaliteit III: evenals bij het wetsvoorstel ANPR is bij dit wetsvoorstel nooit sprake geweest van een grondige en onafhankelijke Privacy Impact Assessment. Beide wetsvoorstellen lijken vooral gedreven door technologisch determinisme: alles wat technisch kán, wordt wettelijk mogelijk gemaakt. Evenals bij het wetsvoorstel ANPR zijn de vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit tot op heden echter nooit hard aangetoond. Van enige inperking in technologische zin is bewust geen sprake: de werking van het wetsvoorstel zal zich uitstrekken tot alles wat met het internet in verbinding staat, in de toekomst dus vrijwel de gehele maatschappij, waaronder het Internet of Things, vitale infrastructuur en medische systemen. In politiekringen wil men zelfs rijdende auto’s kunnen hacken en stilzetten, met alle gevaren van dien voor de verkeersveiligheid. Het gebruik en misbruik van onbekende ICT-kwetsbaarheden wordt bovendien nauwelijks ingedamd, en de misdrijven waarbij dit wetsvoorstel kan worden ingezet kunnen voortdurend worden uitgebreid bij algemene maatregel van bestuur. Dat is geen privacy by design. Dat is function creep by design. Privacy First verzoekt uw Kamer dan ook om dit wetsvoorstel eveneens te verwerpen.

Gepubliceerd in Wetgeving

Targeted surveillance in plaats van mass surveillance is de juiste way forward. Op 31 mei 2017 vond hierover een buitengewoon informatief en overtuigend paneldebat plaats in het Europees Parlement. Aan het debat namen de volgende experts deel: Sophie in 't Veld (lid Europees Parlement), Julian King (buitenlands en veiligheidsbeleid Europese Commissie), Bill Binney (voormalig technisch directeur NSA), Jan van Oort (chief engineer Kivu Technologies) en Federico Fabbrini (hoogleraar rechtsgeleerdheid, Stadsuniversiteit Dublin). Bekijk hieronder de hele video en trek zelf uw eigen conclusies:

Gepubliceerd in Videocorner

Vandaag heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een kort geding (spoedappèl) van Privacy First voorzitter Bas Filippini tegen kentekenparkeren. Filippini acht verplichte invoering van een kenteken bij parkeren onrechtmatig wegens strijd met het recht op privacy. Tevens werd in deze zaak het gebrek aan contante of anonieme betaalmogelijkheid bij parkeren aangevochten. Op beide rechtsvragen weigert het Hof Amsterdam echter in te gaan.

Hof acht zaak tegen kentekenparkeren te fundamenteel voor kort geding

Het Hof Amsterdam acht onze zaak blijkbaar te fundamenteel en te belangrijk om in kort geding te behandelen. Daarmee stuurt het Hof in feite aan op een bodemprocedure bij de rechtbank Amsterdam. In de optiek van het Hof Amsterdam leent onze zaak zich niet goed voor een kort geding wegens een verondersteld gebrek aan spoedeisend belang en de complexiteit van de zaak. "De privacywetgeving roept vele vragen op en die zijn in het kader van een spoedprocedure niet direct te beantwoorden", aldus het Hof. Van grote spoedeisendheid is echter onmiskenbaar sprake, aangezien menige parkeerder die anoniem wenst te kunnen parkeren (zowel in Amsterdam als in talloze andere gemeenten) onterecht wordt gestraft met een parkeerboete. Dankzij een eerder oordeel van de Hoge Raad dienen dergelijke boetes weliswaar te worden vernietigd, maar intussen is het parkeersysteem als zodanig nog steeds van kracht. Van complexe rechtsvragen is in de optiek van Privacy First geen sprake. Bovendien kan een slepende bodemprocedure vele jaren duren; het meeste kwaad is dan allang geschied.

Geen inhoudelijk oordeel over kentekenparkeren

In het arrest heeft het Hof Amsterdam vandaag geen inhoudelijk oordeel over kentekenparkeren gegeven. In tegenstelling tot berichtgeving vanochtend door enkele media (zonder voorafgaande hoor en wederhoor) heeft het Hof het systeem van kentekenparkeren vandaag dan ook niet rechtmatig geacht. Zou het Hof onze stellingen niet serieus hebben genomen, dan zou het Hof de zaak meteen hebben afgewezen. Dat is echter niet gebeurd. Het Hof acht de zaak dus dermate serieus (en potentieel verstrekkend) dat men een kritisch inhoudelijk oordeel graag overlaat aan de rechtbank Amsterdam, later eventueel opnieuw gevolgd door hoger beroep bij ditzelfde Hof. De zaak zal dan opnieuw in alle breedte en diepte kunnen worden behandeld. Privacy First verwacht een dergelijke nieuwe procedure spoedig aanhangig te zullen maken.

Privacy First overweegt rechtstreeks beroep in Straatsburg

Naast het feit dat het Hof Amsterdam aanstuurt op een bodemprocedure bij de rechtbank, snijdt het Hof de weg naar de Hoge Raad vandaag af. Op basis van de huidige, niet-inhoudelijke uitspraak van het Hof kan immers geen effectieve cassatie bij de Hoge Raad worden ingesteld. Privacy First overweegt hierover een rechtstreekse klacht in te dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg wegens schending van het recht op privacy (art. 8 EVRM) in combinatie met het recht op een effectief rechtsmiddel (art. 6 en 13 EVRM).

Huidige stand van zaken

Met het huidige oordeel van het Hof Amsterdam blijft de actuele stand van zaken intact: parkeerders mogen niet worden verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Dit is en blijft immers het oordeel van de Hoge Raad. Onder druk van het recente hoger beroep van Privacy First heeft de gemeente Amsterdam begin dit jaar reeds de teksten op alle parkeerautomaten gewijzigd van “verplichte” naar “gewenste” invoering van kentekens. Privacy First blijft echter aansturen op algehele afschaffing van (verplicht) kentekenparkeren en controle van een anoniem parkeerkaartje achter de voorruit, zoals dat bijvoorbeeld al staande praktijk is in de gemeente Utrecht. Een ander privacyvriendelijk alternatief is nummervakparkeren, zoals dat op talloze plekken in het buitenland plaatsvindt.

Nieuwe zaak over recht op contante, anonieme betaling

Voor privacyvriendelijk parkeren is echter méér nodig: betaling voor een parkeerplek dient contant of anderszins anoniem te kunnen plaatsvinden. Een nieuwe rechtszaak (bestuursrechtelijke bodemprocedure) van onze voorzitter over deze kwestie staat inmiddels gepland op 29 juni as. bij de rechtbank Amsterdam. In deze zaak zal het recht op contante en anonieme betaling centraal staan. Een deel van de rechtsvragen die het Hof Amsterdam vandaag heeft laten liggen, zal dan alsnog door de rechtbank worden behandeld.

Lees HIER de volledige uitspraak van het Hof Amsterdam.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Morgen zal Nederland in Genève onder de loep worden genomen door het hoogste mensenrechtenorgaan ter wereld: de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties (VN). Sinds 2008 wordt de mensenrechtensituatie in elk land periodiek door de VN Mensenrechtenraad beoordeeld. Deze procedure vindt voor iedere VN-lidstaat elke vijf jaar plaats en heet "Universal Periodic Review" (UPR).

Schaduwrapportage Privacy First

Bij de vorige UPR-sessies in 2008 en 2012 kreeg Nederland relatief veel kritiek. Momenteel zijn de Nederlandse privacy-vooruitzichten slechter dan ooit. Reden voor Privacy First om een aantal zaken actief bij de VN aan te kaarten. Dit deed Privacy First in september 2016 (een week voor de VN-deadline) middels een zogeheten schaduwrapportage: een rapportage waarin een maatschappelijke organisatie haar zorgen over een bepaald thema kenbaar maakt. (Voor dergelijke rapportages gelden bij de Mensenrechtenraad overigens strikte eisen, waaronder een strikte woordenlimiet.) Zonder schaduwrapportages kunnen VN-diplomaten hun werk immers niet goed doen. Men zou dan namelijk afhankelijk blijven van eenzijdige, veelal rooskleurige staatsrapportages. Dus diende Privacy First een eigen rapportage over Nederland in met daarin onder meer de volgende aanbevelingen:

  • Verbetering van Nederlandse mogelijkheden voor maatschappelijke organisaties om collectieve rechtszaken te kunnen voeren.

  • Invoering van Grondwettelijke toetsing door de Nederlandse rechterlijke macht.

  • Betere wetgeving rondom profiling en datamining.

  • Géén invoering van automatische nummerplaatregistratie (ANPR) zoals momenteel beoogd.

  • Opschorting van het ongereguleerde grenscontrolesysteem @MIGO-BORAS.

  • Geen herinvoering van brede dataretentie (algemene telecom-bewaarplicht).

  • Geen mass surveillance onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) en scherper rechterlijk toezicht op geheime diensten.

  • Intrekking van de ‘politie-hackwet’ (wetsvoorstel Computercriminaliteit III).

  • Een vrijwillig, regionaal i.p.v. landelijk EPD met 'privacy by design'.

  • Invoering van een anonieme OV-chipkaart die écht anoniem is.

Onze hele rapportage treft u HIER aan (pdf). De rapportages van andere organisaties vindt u HIER.

Ambassades

Naast de Mensenrechtenraad verzond Privacy First haar rapportage begin dit jaar tevens aan alle buitenlandse ambassades in Den Haag. Naar aanleiding daarvan vonden de laatste maanden uitgebreide (vertrouwelijke) meetings plaats tussen Privacy First en de ambassades van Bulgarije, Argentinië, Australië, Griekenland, Duitsland, Chili en Tanzania, waarbij de rang van onze gesprekspartners varieerde van senior diplomaten tot ambassadeurs. Tevens ontving Privacy First positieve reacties op onze rapportage vanuit de ambassades van Zweden, Mexico en het Verenigd Koninkrijk. Bovendien werden enkele passages uit onze rapportage overgenomen in de VN-samenvatting over de algehele mensenrechtensituatie in Nederland; klik HIER ('Summary of stakeholders' information', par. 47-50).

Hopelijk zal e.e.a. morgen effectief blijken. Dit is echter niet te garanderen, aangezien het hier een interstatelijk, diplomatiek proces betreft en veel onderwerpen in onze rapportage (en recente gesprekken) evengoed gevoelige kwesties zijn in talloze andere VN-lidstaten.

VN Mensenrechtencomité

Een vergelijkbare rapportage werd door Privacy First in december 2016 ingediend bij het VN Mensenrechtencomité in Genève. Dit Comité houdt periodiek toezicht op de Nederlandse naleving van het VN Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Mede naar aanleiding van deze rapportage heeft het Mensenrechtencomité vorige week o.a. de Wiv, camerasysteem @MIGO-BORAS en de bewaarplicht telecomgegevens (dataretentie) geagendeerd voor de komende Nederlandse sessie in 2018 (zie par. 11, 27).

Wij hopen dat onze input door zowel de VN Mensenrechtenraad als het VN Mensenrechtencomité benut zal worden en tot opbouwende kritiek en internationale uitwisseling van 'best practices' zal leiden. Privacy First zal u hier graag van op de hoogte houden.

De Nederlandse UPR-sessie vindt morgen plaats van 9.00-12.30u en zal live te volgen zijn op internet.

Update 10 mei 2017: de Nederlandse regeringsdelegatie (geleid door minister Plasterk) ontving tijdens de UPR-sessie in Genève vandaag kritische aanbevelingen over mensenrechten en privacy in relatie tot contraterrorisme door Canada, Duitsland, Hongarije, Mexico en Rusland. Klik HIER voor de video van de hele UPR-sessie. Publicatie van alle aanbevelingen door de VN Mensenrechtenraad volgt op 12 mei as.

Update 12 mei 2017: vandaag om 18u zijn alle aanbevelingen aan Nederland door de VN Mensenrechtenraad gepubliceerd, klik HIER (pdf). Nuttige adviezen aan Nederland inzake het recht op privacy zijn afkomstig van Duitsland, Canada, Spanje, Hongarije, Mexico en Rusland, zie par. 5.29, 5.30, 5.113, 5.121, 5.128 & 5.129. Hieronder de betreffende aanbevelingen. Nader commentaar door Privacy First volgt.

Extend the National Action Plan on Human Rights to cover all relevant human rights issues, including counter-terrorism, government surveillance, migration and human rights education (Germany);  

Extend the National Action Plan on Human Rights, published in 2013 to cover all relevant human rights issues, including respect for human rights while countering terrorism, and ensure independent monitoring and evaluation of the Action Plan (Hungary);

Review any adopted or proposed counter-terrorism legislation, policies, or programs to provide adequate safeguards against human rights violations and minimize any possible stigmatizing effect such measures might have on certain segments of the population (Canada);

Take necessary measures to ensure that the collection and maintenance of data for criminal [investigation] purposes does not entail massive surveillance of innocent persons (Spain);

Adopt and implement specific legislation on collection, use and accumulation of meta-data and individual profiles, including in security and anti-terrorist activities, guaranteeing the right to privacy, transparency, accountability, and the right to decide on the use, correction and deletion of personal data (Mexico);

Ensure the protection of private life and prevent cases of unwarranted access of special agencies in personal information of citizens in the Internet that have no connection with any illegal actions (Russian Federation). [sic]

Update 26 mei 2017: inmiddels is een vollediger VN-verslag van de UPR-sessie (inclusief weergave van de 'interactive dialogue' tussen VN-lidstaten en Nederland) gepubliceerd; klik HIER (pdf). In september wordt bekend welke aanbevelingen de Nederlandse regering zal accepteren en implementeren.

Gepubliceerd in Wetgeving

Autoriteit Persoonsgegevens erkent massale privacyschending, maar weigert in te grijpen 

Na een jarenlange juridische strijd heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) recentelijk besloten om niet handhavend op te treden tegen de afvalpas van de gemeente Arnhem, terwijl diezelfde AP tegelijkertijd heeft erkend dat het actuele gebruik van deze afvalpas volledig in strijd is met de Wet bescherming persoonsgegevens. Naast Arnhem dreigt de afvalpas ook in talloze andere Nederlandse gemeenten te worden ingevoerd. De Arnhemse burger (de heer Michiel Jonker) die deze zaak de laatste jaren aanhangig maakte bij zowel de AP als bij de Raad van State, is hierdoor gedwongen om deze kwestie nu opnieuw aan de rechter voor te leggen ter beëindiging van deze flagrante privacyschending.

Afwijzing handhavingsverzoek wegens "bijzondere omstandigheid"

Nog voordat de gemeente Arnhem bijna drie jaar geleden een systeem van adresgebonden afvalpassen invoerde, werd de Autoriteit Persoonsgegevens er door de heer Jonker op attent gemaakt dat hiermee de privacy van alle Arnhemmers werd geschonden, in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp).

De AP deed als toezichthouder en handhaver vervolgens twee jaar lang niets, terwijl Jonker juridische procedures voerde tot aan de Raad van State, die hem op 26 april 2016 in het gelijk stelde. Omdat de gemeente Arnhem vervolgens weigerde om gevolg te geven aan de uitspraak van de hoogste bestuursrechter, diende Jonker op 31 mei 2016 (opnieuw) een handhavingsverzoek in bij de AP.

Op 20 april jl. heeft de AP dit handhavingsverzoek afgewezen. Weliswaar constateerde de AP dat de gemeente al drie jaar lang in overtreding is, maar omdat de gemeente eind maart 2017 heeft besloten tot de invoering van DIFTAR (gedifferentieerde afvalheffing) per 1 januari 2018, ziet de AP dat als een "bijzondere omstandigheid" waardoor er alsnog kan worden afgezien van handhaving.

Gemeentelijk "bedrijfsmodel"

Per 1 juli 2014 installeerde de gemeente Arnhem op elke ondergrondse container voor restafval een scannersysteem, waardoor deze containers alleen nog geopend kunnen worden met een elektronisch pasje, gekoppeld aan de adresgegevens van de pashouder. De aldus verzamelde persoonsgegevens worden verwerkt in een centraal datasysteem van de gemeente (WIE biedt WAAR en WANNEER restafval aan). Volgens de gemeente is dat "nodig". Jonker bestrijdt dit. Hij wijst erop dat de noodzaak niet is aangetoond en dat er ook andere, privacyvriendelijke systemen mogelijk zijn, bijvoorbeeld met anonieme pasjes zonder uniek nummer.

In haar besluit tot afwijzing van Jonkers handhavingsverzoek bevestigt de AP dat de gemeente sinds juli 2014 zonder noodzaak persoonsgegevens over al haar inwoners heeft verzameld. Maar omdat die noodzaak er volgens de AP wel zal zijn vanaf 1 januari 2018, wanneer Arnhem het DIFTAR-systeem (gedifferentieerd afvaltarief) invoert, bestaat er nu volgens de AP "concreet uitzicht op legalisatie".

De door Jonker aangevoerde alternatieven worden door de AP verworpen omdat ze niet in overeenstemming zouden zijn met het "bedrijfsmodel" waarvoor de gemeente heeft gekozen. Ook voert de AP aan dat de verwerking van de persoonsgegevens "past" bij de publieke taakvervulling van de gemeente. De AP negeert daarmee het wettelijke criterium dat de verwerking van persoonsgegevens niet alleen moet passen bij, maar ook noodzakelijk moet zijn voor de uitvoering van een publieke taak.

Autoriteit Persoonsgegevens faciliteert privacyschending

Jonker: "Ook voor DIFTAR is verwerking van persoonsgegevens niet nodig. De AP stelt zich hier niet op als handhaver, maar als advocaat van de overtreder. Door de bescherming van een grondrecht ondergeschikt te maken aan de "bedrijfsmodellen" die organisaties kiezen, geeft de AP een vrijbrief aan zowel overheden als particuliere bedrijven om de wet op dit punt uit te schakelen. Op deze manier kan een overheid eerst illegaal persoonsgegevens verwerken, waarbij dan een nieuw "bedrijfsmodel" wordt ingevoerd, en vervolgens claimen dat het respecteren van de wettelijke eisen in strijd zou zijn met dit nieuwe "bedrijfsmodel". Dan blijft er van de rechtsstaat natuurlijk weinig over. Het is een voorbeeld van doorgeschoten neoliberalisme", aldus Jonker.

Jonker geeft aan bij de rechtbank in beroep te gaan tegen de afwijzing. "Ik zal aan de AP vragen of die instemt met een rechtstreeks beroep bij de rechter. Want tussen mij en de AP zijn er de afgelopen drie jaar wel voldoende argumenten gewisseld. Verdere vertraging is niet wenselijk."

Stichting Privacy First steunt de heer Jonker in deze zaak. Verzoeken om interviews met Jonker kunnen via Privacy First worden ingediend.

Update 2 mei 2017: zie ook https://www.security.nl/posting/513015/Toezichthouder+treedt+toch+niet+op+tegen+afvalpasjes+Arnhem
http://www.arnhem-direct.nl/berichten/autoriteit-persoonsgegevens-treedt-niet-op-tegen-afvalpas-gemeente-arnhem/
http://www.binnenlandsbestuur.nl/digitaal/nieuws/juridische-strijd-om-arnhemse-afvalpas-krijgt.9563035.lynkx 

Update 3 mei 2017: inmiddels heeft de AP e.e.a. gepubliceerd, zie https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/nl/nieuws/ap-gemeente-arnhem-past-afvalsysteem-aan . Klik HIER voor het volledige AP-besluit (pdf).

Zie ook https://www.security.nl/posting/513266/AP%3A+Arnhem+schendt+privacywetgeving+met+huidig+afvalsysteem
https://www.computable.nl/artikel/nieuws/overheid/6013869/250449/arnhemse-afvalpas-in-strijd-met-privacyregels.html 

Zeer lezenswaardig artikel over DIFTAR in De Gelderlander: http://www.gelderlander.nl/arnhem/arnhem-haalt-je-privacy-uit-de-vuilnisbak~aec9ffa1/

Reactie gemeente Arnhem: https://www.arnhem.nl/actueel/alle_nieuwsberichten:R-hsF1b7T5SC7K5T8o4zOA/Reactie_gemeente_Arnhem_na_uitspraak_Autoriteit_Persoonsgegevens_over_afvalpas

Treffend commentaar op DIFTAR: https://maartenswebblog.wordpress.com/2017/03/04/diftar-het-nieuwe-systeem-van-afvalinzameling-in-arnhem/

Wordt vervolgd...

Gepubliceerd in Wetgeving
donderdag, 30 maart 2017 14:05

Concept-dagvaarding tegen sleepnetwet Wiv

Coalitie waarschuwt Eerste Kamer voor Wet op Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten

Op initiatief van Privacy First heeft een coalitie van maatschappelijke organisaties vandaag de Eerste Kamer gewaarschuwd: als de nieuwe Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Wiv) ongewijzigd wordt aangenomen, betekent dit een massale schending van het recht op privacy en andere fundamentele burgerrechten. Mocht de Senaat het huidige wetsvoorstel desondanks goedkeuren, dan volgt een rechtszaak tegen de Nederlandse Staat. Onder leiding van Boekx Advocaten heeft de coalitie daartoe vandaag een concept-dagvaarding (pdf) bij de Eerste Kamer ingediend. Naast Privacy First bestaat de kopgroep van NGO's vooralsnog uit de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ), de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA) en het Platform Bescherming Burgerrechten.

Fundamentele bezwaren

In onze uitgebreide concept-dagvaarding wordt uiteengezet welke fundamentele bezwaren de aangesloten organisaties hebben tegen de bevoegdheden die de diensten zullen krijgen met het nieuwe wetsvoorstel. Als de Wiv ongewijzigd door de Eerste Kamer wordt aangenomen, zal die wet een schending inhouden van het recht op privacy, het recht op vrijheid van meningsuiting en als onderdeel daarvan het recht op vertrouwelijke communicatie, het recht op een eerlijk proces en het recht op effectieve rechtsbescherming. De Grondwet schrijft voor dat de Wiv buiten toepassing moet blijven wanneer deze wet in strijd is met internationale verdragen, zoals het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en het EU Handvest van de Grondrechten. Tenminste zeven onderdelen van het wetsvoorstel voor de Wiv schenden die verdragen:

1) de bevoegdheid tot bulkinterceptie ("sleepnet");

2) de regeling van bronbescherming;

3) de bevoegdheid tot het hacken van derden;

4) de bevoegdheid om derden te dwingen om aan ontsleuteling mee te werken;

5) de regeling van de notificatieplicht;

6) de regeling over samenwerking met buitenlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten; en

7) de inrichting van het toezicht.

Dovemansoren

De bezwaren van de coalitie tegen het wetsvoorstel zijn eerder uitvoerig ter kennis van het kabinet en de Tweede Kamer gebracht. Vergelijkbare kritiek is eveneens geuit door o.a. de Raad van State, de Raad voor de Rechtspraak, het College voor de Rechten van de Mens, de Autoriteit Persoonsgegevens, de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) en 29 vooraanstaande wetenschappers. Tot nu toe echter tevergeefs. De brede maatschappelijke bezwaren lijken aan dovemansoren gericht. De coalitie heeft daarom besloten om de kritiek op het wetsvoorstel te verwoorden in een dagvaarding, om daarmee zo helder mogelijk te laten zien welke juridische bezwaren er zijn tegen de nieuwe bevoegdheden die de inlichtingen- en veiligheidsdiensten krijgen. De kritiek is gebaseerd op rechtspraak van de hoogste Europese rechters, die de afgelopen jaren meerdere strenge vonnissen hebben uitgevaardigd over wetgeving met betrekking tot geheime diensten.

De coalitie hoopt dat de Eerste Kamer het huidige wetsvoorstel zal verwerpen en dat het niet nodig zal zijn de aangenomen wet aan de rechter voor te leggen.

Oproep

De huidige concept-dagvaarding kan nog worden aangevuld. Privacy First roept alle maatschappelijke organisaties en relevante bedrijven op om zich bij de coalitie aan te sluiten. Daartoe kan contact worden opgenomen met het Public Interest Litigation Project (PILP, t.a.v. Jelle Klaas) in Amsterdam.

Klik HIER voor de gehele concept-dagvaarding (pdf, 51 pp).

Lees ook Netkwesties.nl, 15 februari 2017: 'Rechtszaak dreigt tegen breed aangenomen WIV'.
Villamedia, 31 maart 2017: 'Mogelijke rechtsgang om sleepnetwet Wiv'.

Lees HIER het eerdere commentaar van Privacy First bij het huidige wetsvoorstel.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Persbericht bureau Brandeis

Uit de Snowden-onthullingen blijkt niet dat de Amerikaanse en Britse veiligheidsdiensten, de NSA en GCHQ, op ongeoorloofde wijze inlichtingen verkrijgen. Dat heeft het Hof Den Haag geoordeeld in de zaak Burgers tegen Plasterk. Omdat dit volgens het Hof niet is vast komen te staan, worden de vorderingen van de coalitie van burgers en belangenorganisaties afgewezen. De coalitie wil dat de Nederlandse diensten de rechtmatige herkomst van gegevens verifiëren.Volgens de coalitie geven de vele onthullingen, vorige week nog vanuit WikiLeaks, aanleiding om de Nederlandse diensten te verplichten na te gaan hoe gegevens zijn verkregen die zij van buitenlandse diensten ontvangen. Op dit moment wordt geen navraag gedaan. De modus operandi van de diensten is geheim.

Die geheime werkwijze lijkt nu ook de redding te zijn van de Nederlandse Staat. Juist omdat de werkwijze geheim is, is de coalitie er volgens het Hof niet in geslaagd concrete schendingen van grondrechten aan te tonen in de samenwerking tussen de buitenlandse en Nederlandse diensten.

Het Hof onderzoekt niet of de Nederlandse wet, de Wet op de inlichtingen en veiligheidsdiensten (Wiv), de diensten voldoende mandaat geven tot hun handelwijze. Die principiële vraag is ook een heet hangijzer in het wetsvoorstel voor een nieuwe Wiv, dat de Tweede Kamer onlangs heeft aangenomen, en blijft nu onbeantwoord. De toezichthouder, CTIVD, vroeg eerder ook aandacht voor het ontbreken van wettelijk mandaat voor het huidige beleid van de diensten.

Christiaan Alberdingk Thijm, een van de advocaten van de coalitie: “Dat uit alle onthullingen niet blijkt dat de buitenlandse diensten in strijd met de wet handelen, is gewoon niet juist. Iedere burger voelt op zijn water aan dat wat de diensten doen niet mag.”

Het arrest bevat ook een aantal goede overwegingen:

  • Het Hof bevestigt dat Nederlandse diensten zich moeten onthouden van het gebruik van gegevens waarvan bekend is of vermoed wordt dat zij door een buitenlandse dienst zijn verworven met een methode die inbreuk maakt op een grondrecht;
  • Het Hof geeft aan dat Nederlandse diensten geen gebruik mogen maken van de zogenaamde “U-bocht” constructie. Zij mogen buitenlandse diensten niet verzoeken activiteiten uit te voeren die zij zelf niet mogen uitvoeren;
  • Indien de Nederlandse diensten systematisch of willens en wetens gegevens van buitenlandse diensten ontvangen die zij zelf niet hadden mogen of kunnen verzamelen, levert dat volgens het Hof strijd op met de wet.

Cassatie

Het arrest betekent een vrijbrief voor de Nederlandse diensten om zonder rechtsbescherming grote hoeveelheden gegevens van haar burgers te verzamelen via buitenlandse inlichtingendiensten. De coalitie Burgers tegen Plasterk is het daar niet mee eens en gaat in cassatie bij de Hoge Raad.

Waar ging het ook alweer over?

Eind 2013 dagvaardt de coalitie “Burgers tegen Plasterk” de Nederlandse Staat, vertegenwoordigd door minister Plasterk van Binnenlandse Zaken. Aanleiding vormen de onthullingen van Edward Snowden over de praktijken van (buitenlandse) inlichtingendiensten. De coalitie eist dat de Staat stopt met het gebruiken van gegevens die niet in overeenstemming met de Nederlandse wet zijn verkregen. In 2014 struikelde minister Plasterk bijna over de zaak omdat hij de Tweede Kamer verkeerd had geïnformeerd over de werkwijze van de buitenlandse diensten in Nederland.

De coalitie is er in deze zaak niet op uit om de samenwerking met buitenlandse diensten als zodanig uit te bannen. Zij vindt wel dat er bij het samenwerken en bij het ontvangen van gegevens, waarborgen in acht moeten worden genomen. Gebeurt dat niet, dan komen gegevens die door de NSA en andere diensten in strijd met de Nederlandse wet zijn verkregen in handen van de Nederlandse inlichtingendiensten. Dit komt volgens de coalitie neer op het witwassen van data.

Coalitie Burgers tegen Plasterk

De advocaten van bureau Brandeis voeren het proces voor de coalitie van burgers en organisaties. Zij doen dat op basis van hun pro deo fonds voor maatschappelijke zaken. De deelnemende burgers zijn: Rop Gonggrijp, Jeroen van Beek, Bart Nooitgedagt, Brenno de Winter en Mathieu Paapst. De aangesloten organisaties zijn: Stichting Privacy First, de Nederlandse Vereniging voor Strafrechtadvocaten, de Nederlandse Vereniging voor Journalisten en Internet Society Nederland.

Bron: persbericht bureau Brandeis 14 maart 2017, https://www.bureaubrandeis.com/buitenlandse-diensten-handelen-niet-illegaal-vergaren-gegevens-burgers/.

Zie voor meer informatie en processtukken ook Hoger beroep en Europese interventie in zaak Burgers tegen Plasterk.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Hoge Raad maakt weg vrij voor afschaffing kentekenparkeren

Onlangs bepaalde de Hoge Raad dat de Belastingdienst al jaren op onrechtmatige wijze de locatiedata van alle automobilisten in Nederland verzamelt. De Belastingdienst doet dit middels een groot netwerk van ANPR-camera’s (Automatische NummerPlaat Registratie) langs de Nederlandse snelwegen. Volgens de Hoge Raad bestaat hiervoor echter geen wettelijke basis. Daarmee vormt deze praktijk van de Belastingdienst een massale, continue privacyschending.

Ook op lokaal niveau wordt het reisgedrag van automobilisten al jarenlang op onrechtmatige wijze gemonitord: middels kentekenparkeren heeft de gemeentelijke belastingdienst volledig zicht op wie waar en wanneer parkeert. Maar ook hier ontbreekt een specifieke wettelijke basis zoals door de Nederlandse Grondwet en art. 8 EVRM (het recht op privacy) wordt vereist. Daarmee vormt ook kentekenparkeren een massale privacyschending.

Invoering kenteken niet verplicht

Begin 2015 won Privacy First haar eerste rechtszaak tegen kentekenparkeren: sindsdien zijn automobilisten niet langer verplicht om bij het parkeren hun kenteken in te voeren. Begin 2016 werd dit oordeel bevestigd door de Hoge Raad. Kentekenparkeren kwam daardoor definitief op losse schroeven te staan. “De Hoge Raad is duidelijk: verplichte invoering van kentekens mag niet. Kentekenparkeren dient dus te worden afgeschaft”, aldus onze advocaat Benito Boer. In september 2016 diende daartoe een kort geding van Privacy First om anoniem parkeren mogelijk te maken zonder invoering van het kenteken en met anonieme betaalmogelijkheid. In een onbegrijpelijk vonnis wees de rechter deze zaak echter af, waarna Privacy First versneld hoger beroep (spoedappèl) instelde bij het Hof Amsterdam.

Gewijzigde teksten op parkeerautomaten

Onder druk van ons hoger beroep wijzigde de gemeente Amsterdam onlangs de teksten op alle parkeerautomaten: invoering van het kenteken is inmiddels niet meer “verplicht”, maar nog slechts “gewenst”. Wie geen kenteken invoert, ontvangt echter nog steeds een parkeerboete die pas na bezwaar (met betalingsbewijs) wordt vernietigd. “Zo word je als goedwillende burger dus nog steeds gestraft als je anoniem wilt kunnen parkeren. Het is Kafka”, aldus Privacy First voorzitter Bas Filippini.

Rechtszitting bij Hof Amsterdam

Privacy First nodigt u hierbij van harte uit om bij de openbare rechtszitting aanwezig te zijn. Deze zal plaatsvinden op donderdagochtend 16 maart as. om 9.30u bij het Gerechtshof Amsterdam: zaak L.T.C. Filippini vs. gemeente Amsterdam, zaaknr. 200.200.643/01. Adres: Paleis van Justitie, IJdok 20, Amsterdam. Klik HIER voor een routebeschrijving.

Prijsvraag

Bij het parkeren in de omgeving van het gerechtshof staat het u vrij om een creatieve tekst in plaats van uw kenteken in te voeren en een foto daarvan met ons te delen (bijvoorbeeld via Twitter). De leukste inzending krijgt van ons een cadeau!


Update 16 maart 2017: de rechtszitting vanochtend verliep voorspoedig. Klik HIER voor de pleitnota van onze advocaat Benito Boer (pdf). De uitspraak van het Hof staat vooralsnog gepland op 2 mei as.


Wilt u ons graag steunen bij het voeren van deze rechtszaak? Maak dan een donatie aan Privacy First over o.v.v. “privacyparkeren” t.n.v. Stichting Privacy First te Amsterdam, IBAN: NL95ABNA0495527521.


Update 2 mei 2017: vanochtend heeft het Hof Amsterdam de uitspraak uitgesteld tot dinsdag 16 mei as.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Door Esther Gruppen, medewerker politieke research & monitoring bij Stichting Privacy First

Als het om privacy gaat rammelt het in de verkiezingsprogramma’s. De meerderheid van de partijen besteedt er weliswaar aandacht aan, maar het CDA, de SGP, de PVV en 50+ blijven ver achter, schrijft Esther Gruppen van Privacy First in een analyse van de verkiezingsprogramma’s.

Onder de noemer van terrorismebestrijding en veiligheid worden wij burgers steeds meer begluurd, bespied en besnuffeld. Een voorbeeld hiervan is het sleepnet waarbij internetverkeer massaal wordt afgetapt door veiligheidsdiensten ten koste van onze privacy. Massale verzameling van onze persoonsgegevens is sowieso nooit veilig. Dit bleek bijvoorbeeld toen de Belastingdienst onlangs op de vingers werd getikt door de Autoriteit Persoonsgegevens. Door een beveiligingslek zijn mogelijk de gegevens van miljoenen belastingbetalers in verkeerde handen gekomen. Met de verkiezingen in het vooruitzicht leek het ons goed om hetzelfde te doen als de overheid bij ons als burgers doet, namelijk ze eens goed doorlichten. Om die reden is Privacy First de verkiezingsprogramma’s gaan screenen met de vraag: zijn politieke partijen zich voldoende bewust van privacy? Een analyse van de verschillende verkiezingsprogramma’s geeft een goed beeld van dit burgerrecht: van veelbelovend tot schokkend.

Privacy First is vooral enthousiast over de verkiezingsprogramma’s van GroenLinks en D66, maar de Partij voor de Dieren en de Piratenpartij doen het ook goed. Deze partijen zien de kansen en voordelen van innovatie en technologische vooruitgang, maar erkennen ook de uitdagingen die hiermee gepaard gaan, bijvoorbeeld bij de inzet van Big Data en de risico’s van profiling. GroenLinks draagt verreweg de meeste privacy-onderwerpen aan. Bijvoorbeeld het plaatsen van taps in Nederland, wat hier aanzienlijk vaker gebeurt dan in omringende landen. Dit is onnodig en moet veranderen, aldus GroenLinks. Inlichtingen- en veiligheidsdiensten mogen niet langer taps plaatsen zonder tussenkomst van de rechter. De Partij voor de Dieren is het hiermee eens en zegt dat gegevens alleen mogen worden opgevraagd indien er sprake is van een concrete verdenking die door de rechter is getoetst. GroenLinks benadrukt ook dat de communicatie van journalisten en de communicatie tussen advocaat en cliënt niet mag worden afgeluisterd. Beiden zijn immers essentieel voor de persvrijheid en een functionerende rechtsstaat.

D66 doet niet veel onder voor GroenLinks en wil dat Nederland koploper wordt met de beste digitale infrastructuur, waarbij een open, vrij en veilig internet essentieel is. Daarnaast wil D66 betere randvoorwaarden voor het gebruik van drones. Drones kunnen tegenwoordig door particulieren, de overheid en het bedrijfsleven gebruikt worden voor verschillende doeleinden, maar mag dit allemaal zomaar? Mogen filmopnamen die gemaakt zijn door een drone in uw privé-omgeving überhaupt gemaakt worden zonder uw toestemming? Het is belangrijk dat de Tweede Kamer hier kritisch naar kijkt.

De Piratenpartij voegt hieraan toe dat we niet overal gefilmd mogen worden. Zij wil daarom dat we paal en perk stellen aan cameratoezicht. Daarnaast is deze partij voorstander van de mogelijkheid om anoniem te kunnen betalen en reizen. Zo mag een eenmalige OV-chipkaart niet duurder zijn dan een persoonlijke OV-chipkaart en is de Piratenpartij tegen automatische nummerplaatherkenning (ANPR), RFID-chips in kentekens en kilometerheffing. Interessant detail is dat de Piratenpartij voorstander is van asielverlening aan Edward Snowden.

Ook de SP, ChristenUnie en de PvdA maken zich sterk voor privacy. Vooral de ChristenUnie zet een duidelijk verhaal neer over de risico’s van technologische vooruitgang. Ze vraagt zich bijvoorbeeld af of iemand nog wel onschuldig is tot het tegendeel is bewezen, als iemand vaker geconfronteerd wordt met aanhoudingen en controles omdat deze persoon in een bepaald risicoprofiel valt. Ook de SP stelt voorop dat niemand bij voorbaat verdacht is. Daarom is ze tegen het Sleepnet dat desastreus is voor onze privacy. Privacy First ziet echter dat de SP zichzelf tegenspreekt. De SP is namelijk tegelijkertijd voorstander van betere informatie-uitwisseling over potentiële terroristen tussen geheime diensten in de EU en VS. Belangrijke randvoorwaarden hiervoor ontbreken. Zonder deze voorwaarden komen fundamentele rechten zoals het recht op privacy onder druk te staan.

Privacy komt er bij de PVV en het CDA slecht vanaf. Het wordt bij de PVV niet genoemd en bij het CDA slechts één keer. In de verkiezingsprogramma’s van VVD en SGP benoemen deze partijen het wel, maar zij hebben dramatische voorstellen over privacy. Zij stellen veiligheid namelijk structureel boven privacy. Ook verontrustend is een voorstel bij 50+: zij willen graag de invoering van een digitaal paspoort waardoor anoniem internetten niet meer mogelijk is. Het CDA, de SGP, de VVD, 50+ en de PVV moeten een voorbeeld nemen aan de partijen die het wél goed doen. Bijvoorbeeld aan de Piratenpartij, die overigens alle politieke partijen uitnodigt om hun standpunten te kopiëren, over te nemen, of anderszins te verspreiden. Deze uitnodiging dan maar ter harte nemen als het privacy betreft?


Lees HIER onze volledige analyse over privacy in de verkiezingsprogramma's 2017 (pdf, 33 pp).  

Gepubliceerd in Wetgeving
Pagina 1 van 67

Onze Partners

logo demomedia
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
 
 
banner ned 1024px1IIR banner
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100logo CPDP 2017

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon