donatieknop english

Overheid wil criminalisering privécommunicatie burgers middels wettelijk recht op inbraak alle computers 

Column voorzitter Privacy First 

Weerzinwekkend, het wetsvoorstel van minister Opstelten om computers te kunnen hacken, niet gewenste data en informatie op uw privé pc strafbaar te stellen en u te verplichten al uw encrypties en wachtwoorden af te geven op straffe van hoge boetes en een gevangenisstraf van 3 jaar. Na er in december 2012 door meer dan 40 binnen- en buitenlandse organisaties op gewezen te zijn dat het hacken van computers en communicatiemiddelen van onschuldige burgers door de overheid onacceptabel is, gaat het ministerie van Veiligheid en Justitie onverdroten door met haar door angstcultuur gedreven beleid. Veiligheid voor alles; het kind van de vrijheid en vertrouwen wordt met het badwater weggegooid. Minister Opstelten heeft een zeer vergaand voorstel klaarliggen ter eliminering van de vrijheid van persoonlijke communicatie.

Nu overheidsambtenaren die het ergens niet mee eens zijn klokkenluiders heten en aangepakt dienen te worden, advocaten bedreigd worden in hun vertrouwelijke communicatie met cliënten en al ons  telefoonverkeer stelselmatig 12 maanden wordt opgeslagen, komt de controlestaat met het volgende mandaat. Precies waar Privacy First al voor gewaarschuwd heeft bij de opslag van telefoonverkeer: Function Creep en het oprekken van grenzen (van fatsoen). Wat als zogenaamde aanvraag vanuit Europa via een Nederlandse werkgroep op de agenda is gezet. En ja, dan vraagt Europa natuurlijk, dus moeten wij volgen en leveren, liefst snel en zonder brede maatschappelijke discussie. Hetzelfde gold voor de Paspoortwet, waar vingerafdrukken en biometrie uiteindelijk gaan leiden tot de opslag van DNA en een electronic life file van iedere burger vanaf de geboorte, om de risico’s van ziektebeelden en crimineel gedrag ver van te voren in te schatten en pre-emptive te elimineren.

En dat alles uitbesteed aan de politie, dat geeft vertrouwen. Dezelfde politie die meer telefoontaps per burger zet dan elders in de wereld, die knoeit met verslagen in de uitwerking van afgeluisterde telefoongesprekken, die opdracht geeft aan private bureaus om nader onderzoek te doen naar verdachten zodat het wettelijk kader omzeild kan worden, enzovoort. Het wetsvoorstel is de opening naar een beerput van uitbreiding van bevoegdheden en bijbehorende fouten en blunders die daarna natuurlijk gaan volgen. Zomaar enkele vragen aan de minister:

  • Met welk recht denkt de overheid zich bij voorbaat te kunnen bemoeien met de computers en privécommunicatie van keurige burgers?
  • Waarom zouden burgers nog vertrouwen moeten hebben in een overheid die hen stelselmatig wantrouwt?
  • Erkent de overheid het risico dat zowel criminelen als onschuldige burgers door dit wetsvoorstel “ondergronds” of “onder de radar” zullen gaan?
  • Erkent de overheid de internationale plicht om het recht op privacy steeds verder te verwezenlijken i.p.v. dit recht steeds verder af te breken?
  • Erkent de overheid de internationale plicht om het verbod van zelf-incriminatie steeds verder te verwezenlijken i.p.v. dit steeds verder af te breken?
  • Wanneer zal dit wetsvoorstel worden aangevuld met een onafhankelijke Privacy Impact Assessment en een openbare kosten-baten analyse?
  • Hoe denkt het huidige kabinet verdere oprekking van bevoegdheden en function creep bij volgende kabinetten te kunnen indammen?
  • Welke definitie van ‘terrorisme’ hanteert de overheid bij dit wetsvoorstel?
  • Wat is de rechtspositie van alle andere gebruikers van dezelfde computer en zijn die vervolgens ook verdacht en wordt hun file ook verder nagetrokken?
  • Erkent de overheid het feit dat dit wetsvoorstel zich uitstekend leent voor toekomstig machtsmisbruik?
  • Zijn andere landen vooraf over dit wetsvoorstel geconsulteerd? Zo ja, welke landen en wat was de uitkomst van deze consultatie?
  • Erkent de overheid het belang van klokkenluiders en journalistieke bronbescherming voor een gezonde democratische rechtsstaat?
  • Is de overheid zich ervan bewust dat andere, minder democratische landen dit wetsvoorstel zullen gaan kopiëren ten behoeve van politieke repressie?
  • Wordt het strafbaar om technologie te gebruiken die niet door overheden kan worden gekraakt? En om welke technologie en informatie gaat het dan?
  • Welke gegevens worden opgeslagen uit deze hacks, door wie, waar en wie heeft en krijgt toegang tot deze gegevens ter wijziging, manipulering, deleten? Welke borging zit er in dit proces?

Het patroon? Altijd hetzelfde. We moeten de Europese en wereldwijde agenda (zie IP Traceback voorstel uit reeds 2008!) volgen aangaande vermeend terrorisme en georganiseerde criminaliteit vanuit de as Washington, Londen en Brussel met als testgebied Nederland, voorheen het land van vrijheid en rebellie tegen de overheid. Het zogenaamde probleem wordt sterk uitvergroot zoals we nu ook hebben kunnen zien, toevallig net na de oprichting van het Centrum Cybercriminaliteit, net voor de indiening van het wetsvoorstel, met de hackersaanvallen uitvergroot 2 weken in het nieuws. Om hoeveel het gaat en wie het zijn is volledig onduidelijk en onbekend maar dat het gaat om door buitenlandse overheden aangezette aanvallen wordt vaak bevestigd door gerenommeerde veiligheidsfetisjisten. Dus wat is de oplossing? Natuurlijk 100% controle van alle pc’s en privécommunicatie van alle burgers voor het geval er misschien een “lone wolf” tussen zit. Volledig disproportioneel en zonder gebruikmaking van andere, lichtere middelen.

Het patroon: zoek en vervang

Met leedwezen ziet Privacy First continu onze meer dan 2000 jaar bevochten universele vrijheden afgenomen worden door de veiligheidsfetisjisten bij de overheid, voornamelijk het ministerie van Veiligheid en Justitie. Vul biometrie-paspoorten in bij het ‘gigantische probleem’ van tientallen gevallen van look-alike fraude bij de Marechausse en douane; oplossing overheid: 100% van de Nederlanders DNA af te laten staan. Het probleem van incidenteel terrorisme; oplossing: het opslaan van alle telecommunicatie van alle burgers in Europa. Het probleem van medicatiefouten; oplossing: het wegwerken van het arts- en patiëntengeheim middels het EPD. Enkele onoplosbare aanrijdingen; oplossing: verplichte elektronische kastjes en uitleesbare chips in alle auto’s. Ruziënde passagiers in een taxi; oplossing: verplichte camera’s en geluidsregistratie in alle taxi’s. De kippen- en koeienziektes; oplossing: het universeel chippen van alle (huis)dieren in Europa. Het meten van energieverbuik; oplossing: verplichte introductie van de slimme energiemeter tot achter de voordeur. Het openbaar vervoer managen; oplossing: de traceerbare OV-chipkaart die sowieso niet anoniem is. Overvallen op winkels en juweliers; oplossing: het afschaffen van anonieme betalingen en criminalisering in de media van cashbetalingen. De zelfontwikkelende en verantwoordelijkheid nemende burger in spirituele ontwikkeling; oplossing: het instellen van sekte-meldpunten, etc etc.

Steeds weer hetzelfde patroon; veiligheid, 100% controle en direct inzetten van technologie als oplossing. Een overheid die haar eigen burgers wantrouwt en betaald door diezelfde burgers in noodtempo de burgers haar rechten op vrije communicatie en vervolgens meningsuiting ontneemt. Waar zien we dat meer in de wereld? Waar wijst het vingertje van Nederland altijd zo mooi naartoe? Allerlei landen die hetzelfde gedrag vertonen, van het ene vingertje wijzen er dus nog altijd 3 naar onszelf. Het is een ziekelijk patroon dat van overheidswege maar niet doorbroken wordt. Wij willen een verantwoordelijke overheid die werkt vanuit democratische rechtsprincipes als vertrouwen, het recht op anonimiteit, bescherming van eigen levensomgeving en lichamelijke integriteit en vanuit principes in plaats van door mediahysterie en commercieel gedreven incidentenpolitiek.

Het wordt echt tijd dat er een grote schoonmaak in het denken bij de overheid komt en dat het ziekelijke controledenken vanuit wantrouwen wordt losgelaten. Dan komt er tijd voor het aanpakken van de 5% waar het fout kan gaan. Privacy First gaat uit van vertrouwen (95% van de burgers regelen alles prima en onder elkaar, zonder enige overheidsbemoeienis), wetgeving vanuit de basisprincipes van onze rechtsstaat door verplichte toetsing aan de Grondwet, dan pas de uitvoering vanuit privacy by design en als laatste de ondersteuning door slimme technologie, privacy enhanced.

Het wetsvoorstel is gericht aan onze nieuwe Koning, die volledig beseft wat privacy betekent voor een individu. Ik vraag hem dan ook dit wetsvoorstel niet te tekenen, als het al door de Eerste en Tweede Kamer komt. “Beetje dom voorstel, Opstelten!”, zou Maxima zeggen.

Bas Filippini,
Amsterdam, 3 mei 2013

Gepubliceerd in Columns

"Meer dan 40 organisaties en experts uit binnen- en buitenland schrijven een open brief aan minister Opstelten waarin zij wijzen op de gevaren van het zogenaamde 'terughacken'. "Niet acceptabel."

Veertig internationale organisaties en individuen die zich inzetten voor de digitale burgerrechten doen een appel op minister Opstelten om af te zien van het plan om de politie het recht te geven terug te hacken bij cyberdreigingen en in de opsporing naar (cyber)criminelen. "Ondanks dat uw doel, het bestrijden van cybercrime, prijzenswaardig is, is de oplossing niet acceptabel", schrijven de ondertekenaars in een brief.

Zelfs als het alleen binnenlands wordt gebruikt beperkt het binnendringen van computers de privacy van de verdachte, maar daarnaast ook nog eens van alle niet-verdachten waarvan informatie op de bewuste computer staat, vinden de ondertekenaars. "U heeft niet aangetoond dat uw voorstel noodzakelijk en proportioneel is."

Risico's voor het wereldwijde internet

Aan de andere kant brengt het voorstel wel risico's met zich mee betreffende cybersecurity en "het wereldwijde internet", menen de experts. Volgens hen zou het voorstel overheden prikkelen de beveiliging van informatietechnologie zwak te houden door kwetsbaarheden niet meer te delen en die juist uit te buiten voor eigen doeleinden. "Dat brengt miljoenen onschuldige computergebruikers in gevaar."

Mocht het inbreken in andermans computers ook over de grens gebeuren, zullen de complicaties van het voorstel alleen nog maar toenemen. Het breekt de wet in een ander land en is dus illegaal, daarnaast schendt het de soevereiniteit van andere landen.

Andere landen volgen Nederland

"Het probleem wordt nog groter doordat andere landen waarschijnlijk het voorbeeld van Nederland gaan volgen en dat leidt tot een situatie waarin landen de eigen wetten gaan handhaven op buitenlandse computers, in plaats van te investeren in internationale samenwerking in handhaving."

Daarbij zal het uiteindelijk ook gaan om het najagen van politieke tegenstanders, journalisten en dissidenten, schrijven de mensenrechtenactivisten, waarbij aanvallen op computers worden gedaan vanwege blasfemie, haatzaaien, homoseksualiteit of inbreuken op het copyright. Daarbij wijzen de ondertekenaars op de gebruikers van het Tor-netwerk, "die zich kunnen uitspreken zonder vrees voor vervolging. Het zullen juist deze gebruikers zijn die doelwit worden zonder juridische bescherming van het land waar ze verblijven."

Bruce Schneier en Richard Stallman

De brief is onder meer ondertekend door Bruce Schneier en Richard Stallman, de Nederlandse organisaties Bits of Freedom, Vrijbit, Free Press Unlimited, Internet Protection Lab, Humanistisch Verbond, Privacy First, Ouders Online en Vrijschrift en onder meer de buitenlandse organisaties Chaos Computer Club (Duitsland) EDRi (Europa), EFF (VS), La Quadrature du Net (Frankrijk), Netzpolitik (Duitsland) en de Tor Project (VS)."

Bron: Webwereld, 4 december 2012.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Meer regelgeving is niet de oplossing in de strijd tegen cybercriminaliteit. De overheid moet juist investeren in meer expertise, stelt Bits of Freedom in een notitie die ook door onder anderen verschillende professoren van Nederlandse universiteiten, het Humanistisch Verbond en Stichting Privacy First is ondertekend.

De notitie is bedoeld als achtergrondinformatie voor een overleg in de Tweede Kamer begin december over het cybersecuritybeleid. Volgens Bits of Freedom laat de overheid zich op dit gebied te veel leiden door incidenten. "De overheid mist visie op wat goed cybersecuritybeleid omvat. Bovendien dreigt het internet door extreme voorstellen in plaats van veiliger juist ónveiliger te worden."

Volgens de organisatie komen de meeste veiligheidsproblemen door simpele 'kwetsbaarheden', die eenvoudig kunnen worden opgelost. Zo zouden er minder privacygevoelige gegevens moeten worden opgeslagen, zoals vingerafdrukken, telefoongegevens en verkeersgegevens. "Met beginselen als dataminimalisatie of decentralisatie kunnen we het volgende datalek voorkomen, simpelweg omdat er niets of niet genoeg te lekken valt."

Ook moet worden geïnvesteerd in kennis en capaciteit bij de overheid en politie, vindt Bits of Freedom. "De overheid beschikt nu vaak niet over voldoende kennis en capaciteit om adequaat te reageren op cybersecurityincidenten en de bestaande bevoegdheden effectief te gebruiken."

Verder zou de overheid het goede voorbeeld moeten geven door minder afhankelijk te zijn van externe partijen en door internetters structureel voor te lichten over hoe zij hun eigen veiligheid kunnen verbeteren."

Bron

 

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Een aantal organisaties, wetenschappers en activisten onder leiding van burgerrechtenbeweging Bits of Freedom roept het kabinet op om bij het maken van cybersecurity-beleid aandacht te hebben voor grondrechten. Ook transparantie is belangrijk, vinden de organisaties.

Beleid voor digitale beveiliging moet ook grondrechten respecteren, zo is te lezen in het document, dat uitgangspunten en maatregelen voor digitale beveiliging bevat. Naast Bits of Freedom hebben andere burgerrechtenorganisaties als Privacy First en Vrijschrift zich achter het stuk geschaard, maar ook de Nederlandse branchevereniging van hostingproviders, de HCC en het Humanistisch Verbond. Ook een groot aantal wetenschappers en mede-Xs4all-oprichter Rop Gonggrijp steunen het stuk.

Volgens de ondertekenaars raken cybersecuritymaatregelen 'al gauw aan grondrechten'. "Zo beperkt een internet-killswitch de communicatievrijheid", schrijven ze, "en maakt massale surveillance van internetverkeer ernstige inbreuk op de privacy. Dat is onacceptabel." Daarnaast vragen ze om aandacht voor persoonsgegevens. "Cybersecurity gaat ook over een belangrijk onderwerp: de bescherming van de meest waardevolle en intieme informatie van burgers en bedrijven."

Vergaande maatregelen leiden bovendien niet tot gegarandeerde veiligheid, beweren de ondertekenaars. "Veiligheid is per definitie de uitkomst van een kosten-batenafweging", zo is te lezen. Volgens hen moeten bepaalde digitale risico's geaccepteerd, omdat de kosten om ze te voorkomen 'te hoog zijn, zowel in euro's als in de aantasting van onze individuele vrijheid'.

De ondertekenaars pleiten er verder voor dat het cybersecurity-centrum van de Nederlandse overheid en het College bescherming persoonsgegevens krachtiger kunnen optreden. Ook moet er volgens hen bij de overheid daarom worden geïnvesteerd in kennis en mankracht op het gebied van cybersecurity en zouden bedrijven meer informatie over digitale incidenten moeten uitwisselen."

Bron

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Stichting Privacy First organiseert regelmatig een netwerkborrel met een prominente spreker rond een actueel thema. Zo organiseerden wij in september dit jaar een avond met het Hoofd van de AIVD. Op 22 oktober jl. was het de beurt aan een spreker uit de wereld van cyber security. Spreker was ditmaal de heer Wil van Gemert, Directeur Cyber Security van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV, ministerie van Veiligheid en Justitie). Als discussie-moderator hadden wij onderzoeksjournalist Brenno de Winter ingeschakeld. Klik HIER voor de uitnodiging aan onze relaties. Wilt u voortaan ook een uitnodiging ontvangen? Mail ons! Hieronder volgt een verkorte weergave van de lezing en de discussie met het publiek:

Introductie Privacy FirstBas Filippini

Voorzitter Bas Filippini geeft een korte inleiding op het werk van Stichting Privacy First en introduceert Wil van Gemert en Brenno de Winter. Filippini memoreert dat de overheid steeds meer verwacht dat burgers alles digitaal doen. Met name ouderen en mensen met principiële bezwaren raken hierdoor in de knel. Tegelijkertijd krijgt de overheid steeds meer bevoegdheden om in het digitale privédomein van de burger te kunnen meekijken. Een actuele ontwikkeling op dit terrein is het plan van minister Opstelten om computers van burgers te kunnen gaan hacken. Privacy First is fel tégen dit plan, onder meer vanwege de schending van het briefgeheim. De overheid hoort de privacy van de burger te waarborgen. In die zin hebben Privacy First en de overheid hetzelfde doel, weliswaar vanuit verschillend perspectief. De hackplannen van Opstelten dreigen de privacy – en daarmee de democratie – echter af te breken. Filippini geeft vervolgens het woord aan Wil van Gemert.

Trends in cyber security

De heer Van Gemert dankt Privacy First voor de uitnodiging en trapt af met een komisch reclamefilmpje over spraakverwarring; klik HIER. Evenals in het filmpje draait het bij cyber security om vertrouwen, kennis en bewustzijn. Daarnaast draait het om het vinden van de juiste balans tussen taken en verantwoordelijkheden. In zijn lezing zal Van Gemert achtereenvolgens ingaan op huidige trends in cyber security, de taken van de overheid, publiek-private samenwerking, het Cyber Security Beeld Nederland, en "security versus privacy?": is hier sprake van een tegenstelling of vult e.e.a. elkaar juist aan? En wat zijn de actuele uitdagingen? Bij cyber security draait alles om de vertrouwelijkheid, betrouwbaarheid, integriteit en continuïteit van gegevens in de digitale informatiesamenleving. Een eerste wereldwijde trend die Van Gemert hierbij signaleert is ‘Big Data’: de enorme hoeveelheid data die voortdurend opgeslagen wordt en die dagelijks toeneemt. Hoe kunnen we daar op een goede manier mee omgaan? Een tweede trend is hyperconnectiviteit: het aantal digitale (internet)verbindingen neemt exponentieel toe. Zo ontstaat een “Internet of Things”. Nederland heeft de één na hoogste internetdichtheid ter wereld; dat geeft Nederland op dit terrein een bijzondere positie. Een derde trend is het verdwijnen van grenzen, zowel in tijd en afstand als qua werk/privé. Deze trends vereisen een verandering in zowel de manier waarop bedrijven zakendoen als de rol van de overheid bij het waarborgen van een veilige samenleving. Deze trends hebben ook invloed op mensen, op consumenten, bijvoorbeeld door de nieuwe mogelijkheden van mobiele telefonie. Big Data kan worden gebruikt om real-time, heel gericht een commerciële aanbieding te doen aan een individu, bijvoorbeeld een reisverzekering als je op Schiphol bent. Op de vraag van Van Gemert hoeveel aanwezigen in de zaal dit een prettig idee vinden gaan echter nul handen omhoog. Van Gemert zelf vindt het ook geen prettig idee: je privacy wordt hierdoor geschaad, je krijgt het gevoel dat je gevolgd wordt. Relatief veel jongeren lijken het echter prima te vinden.Wil van Gemert

Invloed van social media

Een belangrijk aspect bij cyber security is mobiliteit: bedrijven willen hun klanten overal kunnen bereiken en werknemers zijn steeds minder gebonden aan een vaste werkplek bij hun werkgever. Voor bedrijven, politieke partijen en de overheid worden ook social media steeds belangrijker om te weten wat er in een markt of maatschappij speelt. Een interessante casus is het recente incident met Vueling Airlines, waarbij het radiocontact verloren ging en men enige tijd rekening hield met een mogelijke kaping. Sinds 2001 is de procedure dat een dergelijk vliegtuig (‘renegade’, SPF) begeleid wordt door F16’s. Stel echter dat alle passagiers aan boord gaan twitteren dat er niets aan de hand is, hoe ga je daar dan mee om als overheid? Dat zijn vragen die momenteel bij de overheid spelen. Een ander aspect heeft betrekking op de rol van de overheid: van een monopoliepositie naar een meer afhankelijke rol. Het grootste deel van de cyberinfrastructuur is immers in handen van bedrijven. Daarnaast is er een autoriteitsvraagstuk: social media hebben invloed op de mate waarin een overheidscampagne wel of niet aanslaat bij een bevolking. Een recent voorbeeld is de overheidscampagne voor inentingen tegen baarmoederhalskanker. Een volgend aspect is dat cyber security ‘community driven’ is: de gemeenschap maakt zichzelf eigenaar van een bepaald probleem, bijvoorbeeld bij het Dorifel-virus. Die gemeenschap bestaat uit onderzoekers, relevante bedrijven, hackers etc. Deze ‘community’ kan soms helderheid rond een bepaalde kwestie verschaffen, anders dan bijvoorbeeld bij klassieke opsporing waarbij de regie bij de overheid ligt. Bij veel bedrijven is het digitale IQ echter nog laag; het is voor de overheid dan ook een uitdaging om het digitale IQ bij bedrijven te verhogen, aldus Van Gemert.

Gebrek aan security-concept in cyberspace

Nederland is een land van zeeën en dijken: als het water doorsijpelt bouwen we er een dijk omheen. Die klassieke manier van crisisbeheersing (containment, ofwel indammen) is in cyberspace bijna onmogelijk. Bedrijven weten vaak niet waar hun data zich precies bevindt, hoe het met elkaar verbonden is en welk effect het heeft als er ergens uitval is. Naast de menselijke factor kennen platforms, applicaties en infrastructuren allemaal hun eigen problemen, en door de interactie tussen die vier niveaus wordt een securityprobleem vaak heel omvangrijk. In de fysieke wereld kennen we een safety-concept; denk bijvoorbeeld aan de veiligheidsregels op een bouwplaats. Maar geldt er in cyberspace ook een security-concept? En welke rollen hebben de overheid, de private sector en de burger daarin? Momenteel is dat nog onvoldoende helder. Op de snelweg gelden bepaalde veiligheidseisen en verkeersregels. Maar iedere burger kan ook een computer kopen en onbeveiligd de digitale snelweg op.Wil van Gemert

Publiek-private samenwerking

Sinds anderhalf jaar heeft Nederland een Nationale Cyber Security Strategie. Onderdeel daarvan was de installatie van een Cyber Security Raad: een onafhankelijk adviesorgaan voor de overheid. In de Nationale Cyber Security Strategie is onder meer afgesproken dat Nederland jaarlijks een Cyber Security Beeld Nederland van dreigingen en actoren maakt. Verder is er sinds begin 2012 de operationele directie binnen de NCTV, die uit twee onderdelen bestaat: 1) het Nationaal Cyber Security Centrum, NCSC (dat onder meer als expertisecentrum fungeert) en 2) een beleidscluster (dat onder meer de beantwoording van Kamervragen en vragen vanuit de private sector ondersteunt). Uitgangspunt hierbij is publiek-private samenwerking; zo ontstaan nieuwe coalities met nieuwe vormen van participatie tussen de overheid en het bedrijfsleven, maar ook met belangenorganisaties. In de Cyber Security Raad en in het NCSC participeren zowel de overheid als private partijen en deskundigen. Een onderwerp waar men zich bijvoorbeeld gezamenlijk mee bezighoudt is cloudcomputing. Tevens heeft het NCSC sinds kort een ICT Response Board; bij deze publiek-private samenwerking kan een groep mensen uit de overheid en het bedrijfsleven bij incidenten en crisissituaties worden opgeroepen ter advies en assistentie. Daarnaast zijn er op verschillende terreinen ISACs: Information Sharing and Analytical Committees, bijvoorbeeld voor de vitale infrastructuur op het terrein van energie, water, financiën etc. Ook dit is publiek-private samenwerking.

Dreigingen in cyberspace

Cyber security staat de laatste tijd volop in de actualiteit en uit negatieve incidenten komen soms positieve initiatieven voort. Zo was er een unaniem verzoek van de Tweede Kamer om een meldpunt security breaches op te richten. Van Gemert vertelt in dit verband het volgende: “De Diginotar-affaire heeft duidelijk gemaakt dat de volgende vraag relevant is: wat kan de overheid in het geval van een crisis? Hoe kan de overheid een bedrijf dat een essentiële rol vervult, verplichten om mee te werken om te voorkomen dat maatschappelijke ontwrichting ontstaat en de maatschappij schade lijdt? Hebben wij die mogelijkheden überhaupt? Onze conclusie in juli dit jaar was bevestigend, indien we de noodtoestand zouden kunnen verklaren op een cyberincident.” Verder zou niet alleen geïnvesteerd moeten worden in de detectie van datalekken, maar ook in de juiste response hierop, aldus Van Gemert. De rol van de overheid richt zich daarbij op coördinatie, communicatie en consultatie. In juli dit jaar verscheen het tweede nationaal Cyber Security Beeld van dreigingen, doelwitten en actoren. De grootste dreiging gaat uit van buitenlandse overheden (spionage) en cybercriminaliteit. In tegenstelling tot wat veel mensen denken gaat van cyberterrorisme vooralsnog een kleinere dreiging uit. Verder kan de samenwerking tussen ‘hacktivisten’ en buitenlandse statelijke actoren (lees: geheime diensten) tot zorgen leiden.Wil van Gemert


Privacy & security

Over de verhouding tussen privacy en security stelt Van Gemert dat er wat hem betreft "geen privacy zonder security bestaat. Als je geen security organiseert, zul je uiteindelijk ook geen privacy hebben. Je moet wel degelijk maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat je privacy beschermd wordt. Zowel privacy als security hebben belang bij elkaar. Informatiebeveiliging op dat terrein en afspraken daaromtrent zijn dus noodzakelijk. Ook ter bescherming van de privacy publiceren we vanuit het NCSC dagelijks adviezen over kwetsbaarheden die bedrijven en burgers zouden kunnen raken. Onze website www.waarschuwingsdienst.nl is erop gericht om burgers beter bewust te maken en te wapenen tegen dreigingen. Wij zijn echter geen toezichthouder; we kunnen niets opleggen. Wij kunnen slechts adviseren en best practices aandragen. Tussen 12 en 22 november as. zal de overheid samen met private partners 10 dagen lang aandacht besteden aan ‘awareness’ via de campagne Alert Online. Deze campagne is zowel op het bedrijfsleven als op burgers gericht.”

Van Gemert benadrukte tenslotte nog het belang van digitale grondrechten en de zelfredzaamheid van burgers door kennis en bewustwording. Voor de discussie met het publiek poneert Van Gemert drie onderwerpen: 1) Hoe verhouden security en vrijheid zich conceptueel tot elkaar? En kan security ook zorgen voor privacy? 2) Wat is de rol van Privacy First? Is dat altijd in de oppositie, of ook in een coalitie? 3) Wat is de rol in cyberspace van onze handhavende en toezichthoudende instanties, bijvoorbeeld de politie? Wat is hun rol bij individuele noodhulp en handhaving in cyberspace?Wil van Gemert
sheet privacyfirst challenges

Discussie met het publiek

Hoewel Van Gemert niet verantwoordelijk is voor cyber crime, is hij desondanks bereid om namens het ministerie van Veiligheid en Justitie ook daarover het een en ander te zeggen. Op een vraag vanuit het publiek over de internationale consequenties die ‘ingrijpen’ in cyberspace vanuit Nederland kan hebben antwoordt Van Gemert dat het concept van virtualiteit vraagt om een andere benadering dan een territoriale benadering indien onduidelijk is waar een bepaalde server zich bevindt. Hij maakt hierbij een vergelijking met de vroegere ontwikkeling van het zeerecht in internationale wateren. Verder zou wellicht het land waar de schade optreedt het aanknopingspunt moeten vormen qua jurisdictie. Eenduidige antwoorden bestaan op dit terrein echter nog niet; de nationale en internationale regels terzake zijn nog niet helder. Brenno de Winter benadrukt dat Nederlandse hacking-activiteiten in het buitenland een gevaarlijke internationale precedentwerking kunnen hebben. Wat indien een land als Iran zich dezelfde bevoegdheden toebedeelt? Door anderen in het publiek wordt deze zorg gedeeld.

Een andere vraag in het publiek heeft betrekking op publiek-private samenwerking als bij Diginotar. Ook wordt gerefereerd aan Israëlische tapcentrales in Nederland. Maakt Nederland zichzelf hiermee niet ontzettend kwetsbaar? Van Gemert antwoordt dat deze vraag voor de overheid sinds de Diginotar-affaire inderdaad prominent is geworden. Op de kwestie van tapcentrales wil hij echter niet ingaan, aangezien hij hier niet beleidsmatig bij betrokken is. Hierna wordt vanuit het publiek opgemerkt dat, bij de publiek-private samenwerking op het terrein van cyber security, Nederlandse maatschappelijke organisaties structureel buiten de deur worden gehouden. Ook De Winter merkt op dat het NCSC door velen gezien wordt als een onbereikbare vesting waar je niet gehoord wordt. Van Gemert antwoordt hierop dat vanuit het NCSC wel degelijk contact met belangenorganisaties wordt gezocht. De vraag is daarbij ook welke rol die belangenorganisaties willen hebben: oppositie of coalitie? “Ik ben ervan overtuigd dat wij nieuwe vormen van samenwerking moeten zoeken tussen overheid, bedrijfsleven, burgers én belangenorganisaties, die ervoor zorgen dat onze samenleving veiliger wordt. Het zoeken van dat contact is ook de reden dat ik hier sta,” aldus Van Gemert. Een andere vraag vanuit het publiek gaat over detectie van hack-pogingen. In hoeverre wordt dit door de overheid aan bedrijven uitbesteed? Van Gemert antwoordt hierop dat de overheid zelf detecteert aan de hand van verkeersgegeBrenno de Wintervens (niet op content) voorzover het de vitale (overheids)infrastructuur betreft; bij bedrijven is dergelijke detectie aan die bedrijven zelf. Vanuit het publiek wordt in dit verband opgemerkt dat de overheid ook een rol zou kunnen gaan spelen om per bedrijfssector relevante kennis en ervaring bij elkaar te brengen. Een andere opmerking vanuit het publiek heeft betrekking op het eerder veronderstelde gebrek aan internationale regelgeving: waarom conformeert Nederland zich niet aan het reeds bestaande Verdrag van Boedapest over Cybercriminaliteit en waarom worden de mogelijkheden van dit verdrag onvoldoende benut? Verdere opmerkingen gaan over samenwerking tussen Nederlandse gemeenten, de banken en telecomsector. Ook wordt gevraagd hoe groot de dreiging van cyber warfare is en hoe Nederland zich hierop voorbereidt. Van Gemert refereert hierop aan cyber als het “fifth battlefield” na de vier domeinen land, zee, lucht en ruimte. Dit is een reëele ontwikkeling; inmiddels zijn er zo’n 20 landen die er de capaciteit voor hebben. In Nederland wordt veel bezuinigd, maar op cyberterrein wordt bij Defensie juist geïnvesteerd. Bij cyber war speelt overigens ook een nieuw toerekeningsvraagstuk: welk land veroorzaakt de schade en hoe moet ik hierop reageren? Tijdens de discussie wordt tevens gerefereerd aan de US Patriot Act en de risico’s van opslag van gegevens in de cloud. “Denk goed na over wat je in de cloud zet”, adviseert Van Gemert. Hierna rijst vanuit het publiek de vraag in hoeverre de overheid de bescherming van persoonsgegevens als vitaal beschouwt voor onze infrastructuur, in hoeverre de overheid oog heeft voor de risico’s van identiteitsfraude en -diefstal door de koppeling van persoonsgegevens aan BSN-nummers, of men de inhoud van het WRR-rapport iOverheid onderschrijft en of het uitroepen van een cyber-noodtoestand gelijk staat aan een ramp- of oorlogssituatie waarbij reguliere wetgeving kan worden opgeheven met alle privacyrisico’s van dien. Verder wordt opgemerkt dat een politiebevoegdheid om computers van burgers te kunnen hacken impliceert dat computergegevens van burgers ook ongemerkt zouden kunnen worden veranderd en vervolgens tegen diezelfde burgers zouden kunnen worden gebruikt. Van Gemert antwoordt dat persoonsgegevens essentiële, kritieke data zijn die goed beschermd dienen te worden. Naast bedrijven dienen ook burgers zelf dit zich meer te realiseren. Wat een noodtoestand betreft antwoordt Van Gemert dat die zelfs bij de watersnoodramp van 1953 niet werd afgekondigd. Op cyberterrein is geen aanvullende, nieuwe wetgeving voor een noodtoestand noodzakelijk. De bestaande wetgeving voor een noodtoestand kan alleen in een uiterste situatie toegepast worden. Een volgend discussiepunt betreft de jarenlange afhankelijkheid van de NederlandWil van Gemertse overheid ten opzichte van Microsoft: waarom duurt deze situatie (met bijbehorende privacyrisico’s) immer voort? Desgevraagd verduidelijkt Van Gemert vervolgens zijn eerdere opmerkingen over een cyber-noodtoestand: die kan niet worden ingeroepen indien sprake is van een incident, maar slechts indien sprake is van maatschappelijke ontwrichting op grote schaal. Vervolgens wordt vanuit het publiek gevraagd in hoeverre de overheid de verantwoordelijkheid heeft om geen wetgeving en beleid te maken die door andere landen kan worden gekopieerd en misbruikt, net zoals bepaalde dual use apparatuur niet door bedrijven aan bepaalde landen mag worden geleverd. Van Gemert antwoordt hierop dat voor bepaalde goederen inderdaad VN-sanctielijsten bestaan; de AIVD controleert daarop. Een vrij internet in het buitenland wordt met name ondersteund door het ministerie van Buitenlandse Zaken. In het algemeen geldt verder dat je als democratische samenleving altijd een morele guideline hebt waarlangs je dient te opereren. Hierna komt de discussie in het publiek weer terug op het punt van een eventuele overheidsbevoegdheid om in het buitenland te kunnen hacken. Vormt toestemming van een rechter-commissaris in dat kader voldoende waarborg tegen misbruik? Elders in het publiek wordt opgemerkt dat bij het tappen van telefoongesprekken de rechter-commissaris tegenwoordig een soort stempelmachine is. Ook wordt gesteld dat er eerder door Van Gemert te gemakkelijk werd gesproken over vijf domeinen van oorlogvoering. In het internationale recht gelden van oudsher slechts drie oorlogsdomeinen: land, zee en lucht. In de ruimte geldt sinds de jaren 70 het principe van peaceful use of outer space. Waarom dan niet ook een vergelijkbaar, nieuw principe van peaceful use of cyberspace?

Ter reactie op een vraag over de waarborging van privacy antwoordt Van Gemert dat hij waarde hecht aan helderheid over wat wel en niet mag. Middels opsporingsbevoegdheden kan soms ook juist iemands onschuld worden aangetoond. De uitdaging is het vinden van de balans tussen cyber security en privacy, aldus Van Gemert. Vervolgens wordt vanuit het publiek gewezen op de gevaren van koppeling van persoonsgegevens en function creep. DaarBrenno de Winternaast is onze democratische rechtsstaat geen statisch gegeven. Houdt men hier bij de overheid rekening mee? Van Gemert herhaalt hierop dat de uitdaging ligt in het vinden van de juiste balans. Ook wordt de roep vanuit het parlement om nieuwe wetgeving na een incident niet altijd opgevolgd door de overheid, bijvoorbeeld bij terrorismewetgeving en noodwetgeving. Vanuit het publiek wordt vervolgens opgemerkt dat voor een huiszoeking een huiszoekingsbevel nodig is, wat controleerbaar is voor de burger. Die controleerbaarheid ontbreekt bij het hacken van een computer. Van Gemert antwoordt dat die controle voor de burger vaak ook ontbreekt bij tappen of observeren, zeker als het niet tot een zaak voor de rechter komt. De Winter merkt in dit verband op dat bestaande notificatieplichten evenmin worden nageleefd door de overheid. Vanuit het publiek wordt aangevuld dat door alle registratie ook de onschuldpresumptie van burgers onder druk komt te staan. Hierdoor verandert de maatschappij en gaan mensen zich conformeren aan een ‘alziende overheid’. Van Gemert benadrukt hierop nogmaals dat "privacy en security niet zonder elkaar kunnen". In zijn optiek zijn dit soort discussies belangrijk om hierover meer helderheid te krijgen en stappen vooruit te kunnen zetten. Tenslotte benadrukt Van Gemert nogmaals het belang van een security-concept in cyberspace met voldoende aandacht voor privacy.

Tenslotte

De Winter geeft het laatste woord aan Stichting Privacy First. Voorzitter Bas Filippini dankt Van Gemert voor de open hand die hij vanavond aan de oppositie heeft aangereikt. In de optiek van Privacy First zijn dit soort discussies cruciaal. De laatste jaren was er te weinig sprake van dialoog met de privacybeweging, kwam er steeds meer overheid en steeds minder burgerparticipatie. Privacy First gaat dan ook graag in op de uitnodiging om onderdeel te kunnen worden van de coalitie. “Wij zullen een luis in de pels zijn, maar daar moet je tegen kunnen,” zo eindigt Filippini.Wil van Gemert en Bas Filippini

Gepubliceerd in Metaprivacy
Pagina 2 van 2

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon