donatieknop english

Vorig jaar werd bekend dat de Belastingdienst massaal politiedata van ANPR-camera's (Automatic Number Plate Recognition) boven snelwegen gebruikt om belastingfraudeurs te kunnen detecteren. De Belastingdienst had daartoe een geheim convenant (overeenkomst) met de politie gesloten. Dit convenant blijkt inmiddels te zijn vernieuwd en uitgebreid. Iedere automobilist komt hierdoor automatisch in het vizier bij de Belastingdienst.

Onder de huidige wetgeving mogen door de politie alleen verdachte kentekens ("hits") worden bewaard. Alle niet-verdachte kentekens ("no-hits", oftewel het gros van alle automobilisten) dienen meteen te worden gewist. Onder het geheime convenant liet de politie echter wekelijks per koerier een harde schijf met àlle ANPR-data (hits en no-hits) bij de Belastingdienst bezorgen. De Belastingdienst heeft sindsdien inzage in het dagelijkse reisgedrag van miljoenen automobilisten. Nadat het convenant door een Wob-verzoek (Wet openbaarheid van bestuur) boven water was gekomen besteedde o.a. NRC Handelsblad er vorig jaar aandacht aan. Vervolgens bleef het echter stil... totdat recentelijk een nieuwe versie van het convenant opdook. Niet door actieve openbaarmaking vanuit de overheid, maar pas nadat dit opnieuw door een burger middels een Wob-verzoek was opgevraagd.

In het nieuwe convenant worden de ANPR-data niet langer wekelijks in pakketjes bij de Belastingdienst bezorgd, maar gaan alle data rechtstreeks, continu naar de Belastingdienst. De Belastingdienst krijgt daardoor real-time zicht op het reisgedrag van alle automobilisten die door honderden (in de toekomst duizenden) ANPR-camera's boven Nederlandse snelwegen worden gefilmd.

Dit is precies het doemscenario waar Privacy First al jaren voor waarschuwt: totale controle van ieders reisgedrag middels real-time monitoring en profiling. Massale opslag van ieders gegevens voor latere opsporing en vervolging is echter onrechtmatig, zo oordeelde het Europees Hof van Justitie eerder dit jaar in een baanbrekende uitspraak over dataretentie (bewaarplicht telecomgegevens). Dit vormt immers een omkering van het klassieke principe in een democratische rechtsstaat: de overheid mag pas inbreuk maken op iemands privacy bij een redelijke verdenking van een concreet strafbaar feit. Door het convenant tussen de politie en de Belastingdienst wordt dit principe omgedraaid en wordt iedere automobilist een potentiële verdachte. De bevoegdheden van de Belastingdienst worden hierdoor enorm opgerekt: waar de Belastingdienst voorheen individuele ANPR-data bij de politie kon opvragen gebeurt dat nu continu massaal, zónder voorafgaande verdenking. De ANPR-data kunnen vervolgens jarenlang door de Belastingdienst worden gebruikt.

De politie zou dit convenant niet gesloten hebben als dat niet ook in haar eigen belang zou zijn: hierdoor wordt immers een enorme berg aan ANPR-data gecreëerd waar de politie (en OM, AIVD etc.) jarenlang uit kan putten middels informatieverzoeken aan de Belastingdienst. Met dit convenant creëert de politie dus een U-bochtconstructie om haar eigen bevoegdheden en bewaartermijnen te kunnen omzeilen. Het huidige controversiële wetsvoorstel van minister Opstelten om de ANPR-bewaartermijn voor de politie (hits én no-hits) naar 4 weken op te rekken is daarbij vergeleken peanuts.

Het convenant is bovendien ronduit ondemocratisch: hier had op zijn minst parlementair debat aan vooraf moeten gaan. Dat het convenant pas bekend werd na een individueel Wob-verzoek vormt een klap in het gezicht van de Tweede Kamer.

Hoog tijd dus voor een principiële discussie en inperking van dit soort praktijken. Vast beleid van Privacy First is om collectieve privacyschendingen aan de rechter voor te leggen. Zolang het College bescherming persoonsgegevens (CBP) en de Tweede Kamer niet ingrijpen behoudt Privacy First zich dat recht ook in dit geval voor.

Gisteravond besteedde EenVandaag uitgebreid aandacht aan het convenant. Bekijk hieronder de hele reportage, inclusief een interview met Privacy First:

sitestat

Gepubliceerd in Mobiliteit

"De Belastingdienst mag vrijwel onbeperkt meekijken met kentekencamera's langs de weg. Die waren ooit neergezet met de bedoeling alleen zware criminelen, zoals mensenhandelaren, op te sporen, maar inmiddels worden de camera's ook ingezet voor mensen die wat extra privékilometers maken met een lease-auto.

Het gaat om de zogeheten ANPR-camera's: Automatic Number Plate Recognition-cams. Die werden aanvankelijk door de politie neergezet langs de grenzen, om alle passerende voertuigen te scannen. Mogelijk zaten daar criminelen bij, waarbij de ANPR-camera's konden worden ingezet om vluchtende criminelen te pakken.

Convenant

De politie heeft sinds kort echter ook een convenant gesloten met de Belastingdienst. Dat betekent dat de fiscus nu mag meekijken met die cameragegevens. Die gegevens worden ongeveer 8 weken bewaard. Critici vragen zich af of die bewaartermijn wel proportioneel is.

Kleine overtredinkjes

De Belastingdienst wil de camera's nu gebruiken om ook kleine overtredinkjes aan te pakken. Iemand die bijvoorbeeld privé rijdt met zijn lease-auto wordt nu door de camera's in de gaten gehouden, en de camera's worden gebruikt om te kijken welke auto's hun wegenbelasting hebben betaald.

Critici

De ANPR-camera's zijn privacyvoorvechters al jaren een doorn in het oog. Burgerrechtenactivist Rejo Zenger protesteert al jaren tegen de camera's en ook Privacy First is tegen de camera's.

Function creep

Een situatie als deze noemen de critici 'function creep'. Dat betekent dat een middel als de camera's wordt ingezet voor één doel, maar later door oprekking van de wet voor heel andere doeleinden wordt gebruikt."

Bron: http://www.pcmweb.nl/nieuws/belastingdienst-kijkt-op-grote-schaal-mee-met-politiecameras.html, 22 oktober 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Vorige week vond in de Tweede Kamer een belangrijk debat over de OV-chipkaart plaats. Hoewel in de Tweede Kamer inmiddels stemmen opgaan om de OV-chipkaart helemaal af te schaffen, lijkt het Privacy First in de eerste plaats verstandig om de huidige OV-chipkaart privacyvriendelijker te maken. In dat kader gaven wij aan alle leden van de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu de volgende aandachtspunten mee:

1. De 'anonieme' OV-chipkaart is niet anoniem, want bevat een uniek identificatienummer in de RFID-chip waarmee reizigers achteraf kunnen worden geïdentificeerd en getraceerd middels koppeling van transactiegegevens. In de optiek van Privacy First vormt dit een schending van twee mensenrechten, namelijk de vrijheid van beweging in combinatie met het recht op privacy, oftewel het klassieke recht om in eigen land vrij en anoniem te kunnen reizen. Graag verneemt Privacy First van uw Kamer en de verantwoordelijke bewindspersoon welke stappen reeds zijn ondernomen ter invoering van een anonieme OV-chipkaart die daadwerkelijk anoniem is, bijvoorbeeld door ontwikkeling van nieuwe chiptechnologie en moderne vormen van encryptie zonder uniek identificatienummer (privacy by design).

2. Zolang er geen (echte) anonieme OV-chipkaarten en anonieme kortingskaarten bestaan, dienen papieren kaartjes (zonder chip) beschikbaar te blijven voor reizigers die anoniem willen kunnen reizen. Tevens dient alsnog een 'roze' anonieme kortingskaart voor kinderen en ouderen te worden ingevoerd.

3. Verplicht in- en uitchecken voor reizigers met een studenten OV-chipkaart, een trajectkaart of jaarabonnement dient geen enkel noodzakelijk doel en dient dan ook te worden afgeschaft.

4. De geplande 'sluiting van de poortjes' op NS-stations vormt een onnodige beperking van de bewegingsvrijheid en kan bij calamiteiten tot gevaarlijke situaties leiden. Ook in individuele gevallen creëert dit onveiligheid, bijvoorbeeld bij kinderen, ouderen, zieke of hulpbehoevende mensen die door familie of vrienden naar het perron begeleid dienen te worden. Privacy First dringt er dan ook met klem op aan om de poortjes te allen tijde open te houden of deze poortjes af te schaffen en te vervangen door anonieme in- en uitcheckpaaltjes.

5. De huidige bewaartermijnen van OV-chipkaartgegevens dienen tot een absoluut noodzakelijk minimum te worden teruggebracht. Tevens dient aan reizigers de optie te worden geboden om hun reisgeschiedenis op ieder gewenst moment te kunnen wissen.

6. De OV-chipkaart jaagt reizigers massaal op hoge kosten, hetzij bij de aanschaf ervan, hetzij als men vergeet uit te checken, hetzij indien de kaart of een uitcheckpaaltje defect is, hetzij als men 'anoniem' wenst te kunnen reizen met een papieren chipkaartje. Graag verneemt Privacy First van uw Kamer en de verantwoordelijke bewindspersoon welke maatregelen genomen zullen worden om het reizen met een OV-chipkaart (danwel een nieuw in te voeren alternatief) voordeliger te maken met behoud en bevordering van ieders recht op privacy.

Gepubliceerd in Mobiliteit

Het Advocatenblad verzocht Privacy First om een toelichting bij onze tweet n.a.v. een nieuwsbericht:

"Het Advocatenblad.nl kopte: 'GroenLinks: inperken legaliteitsbeginsel "slecht idee"'. Typisch Opstelten! Wij hadden niet anders verwacht van een minister die al jaren bewijst het met de principes van onze rechtsstaat niet al te nauw te nemen, getuige bijvoorbeeld zijn voorstellen om heel autorijdend Nederland vier weken in een politiedatabank op te slaan (ANPR), ieders computer te kunnen hacken, ongebreideld cameratoezicht in te voeren en iedere politieagent een Taser-wapen te geven. Zijn voorstel om nu ook maar meteen het hele legaliteitsbeginsel op de schop te nemen, past keurig in dat rijtje.
Vincent Böhre (director of operations, Privacy First, Amsterdam)"

Bron: Advocatenblad nr. 8, augustus 2014, rubriek Interactie, p. 3.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Vandaag verscheen in het AD/Rotterdams Dagblad een kritisch opiniestuk van onze voorzitter Bas Filippini over kentekenparkeren in Rotterdam. Hieronder de hele tekst:

Uw parkeergegevens liggen in Rotterdam gewoon op straat.

Betaald parkeren moet nog steeds anoniem kunnen.

Rotterdam is sinds de invoering van het kentekenparkeren 's lands grootste privacy-schender, betoogt Bas Filippini, voorzitter van de stichting Privacy First.

Zonder privacy geen vrije democratie. Het recht op privacy staat in Nederland echter enorm onder druk. Dit recht houdt onder meer in dat iedere onschuldige burger in eigen land vrij en anoniem moet kunnen reizen. In het openbaar vervoer lijkt dit inmiddels afgeschaft: verplicht in- en uitchecken is de norm. Ook op straat en op de snelweg houden camera's iedereen in de gaten. De nieuwste ontwikkeling in de nationale registratiedrift is kentekenparkeren: parkeren met verplichte invoering van je kenteken in een parkeerautomaat. In steeds meer Nederlandse gemeenten dreigt kentekenparkeren te worden ingevoerd zonder dat daarbij over de privacy is nagedacht en zonder alternatief voor de burger. Vooral de gemeente Rotterdam lapt daarbij alle regels aan haar laars.

In Amsterdam is kentekenparkeren vorig jaar ingevoerd. Daar ontstond grote opschudding toen bleek dat de gemeente ieders parkeergegevens 7 jaar bewaarde. Die parkeergegevens werden onder meer met de Belastingdienst gedeeld. Na ophef hierover in de media en een grootschalige protestactie van Stichting Privacy First besloot het Amsterdamse gemeentebestuur om de opslag van de gegevens stop te zetten: sindsdien worden de kentekengegevens hooguit 24 uur bewaard en blijven alleen de foutparkeerders 13 weken in een databank in verband met eventueel bezwaar en beroep. Andere gemeenten (waaronder Hoorn) besloten het Amsterdamse voorbeeld te volgen: de gegevens worden versleuteld opgeslagen en kunnen daardoor niet door derden (zoals de Belastingdienst) worden gebruikt. Een mooi voorbeeld van 'Privacy by Design'! Het is dan ook een gotspe dat men in Rotterdam heeft besloten om precies het tegenovergestelde te doen: ieders parkeergegevens 7 jaar in een databank, vrijelijk opvraagbaar voor de Belastingdienst, politie en justitie. Waar blijft het Rotterdamse protest? Wat doen de dames en heren politici? Wachten totdat ieders parkeergegevens op straat liggen?

Alternatief

De positieve stappen van de gemeente Amsterdam gaan Privacy First nog niet ver genoeg: sinds begin dit jaar loopt een gerechtelijke procedure van ondergetekende tegen het Amsterdamse parkeerbeleid. Inzet van het geding is een privacyvriendelijk alternatief voor kentekenparkeren, bijvoorbeeld parkeervak- in plaats van kentekenregistratie met de mogelijkheid van anonieme betaling. Binnenkort dient deze rechtszaak voor de rechtbank Amsterdam. Daarnaast heeft Privacy First het College Bescherming Persoonsgegevens gevraagd om het Rotterdamse parkeerbeleid onder de loep te nemen. Privacy First ziet een kritisch vonnis van de rechtbank Amsterdam met vertrouwen tegemoet. Dit vonnis zal ook gevolgen hebben voor alle andere Nederlandse gemeenten, waaronder de grootste privacyschender: Rotterdam!

Bron: AD/Rotterdams Dagblad, zaterdag 27 september 2014.

AD/Rotterdams Dagblad 27 september 2014

Lees ook het artikel in AD/Rotterdams Dagblad van 20 augustus 2014: 'Stop met bewaren van gegevens parkeerders'.

Gepubliceerd in Mobiliteit

"Rotterdamse politici en de Stichting Privacy First vinden dat Rotterdam snel moet stoppen met het langdurig bewaren van kentekengegevens van parkeerders, vooral nu het kentekenparkeren ook in het centrum is ingevoerd. De stichting roept burgers op naar de rechter te stappen.

Burgers opgeroepen naar de rechter te stappen

Met de nieuwe kentekenautomaten kan Rotterdam precies zien wie waar parkeert en wanneer. De gemeente kiest ervoor - in tegenstelling tot bijvoorbeeld Amsterdam - om die gegevens 7 jaar te bewaren. Dat zou nodig zijn vanwege een convenant met de Belastingdienst, die de mogelijkheid wil hebben om de gegevens op te kunnen vragen. Zo kan die bekijken of mensen meer privékilometers maken met hun leaseauto dan ze opgeven.

Maar volgens de Stichting Privacy First, die ook in Amsterdam strijdt tegen het kentekenparkeren, hoeft Rotterdam dit helemaal niet te doen. ,,Daar is geen landelijke wetgeving voor en die is ook niet in voorbereiding. Het is gemeentelijk beleid. Dat het wettelijk verplicht zou zijn, is onzin,'' zegt woordvoerder Vincent Böhre.

Verbazingwekkend

Hij vindt het dan ook 'verbazingwekkend' dat Rotterdam weigert het voorbeeld van Amsterdam te volgen. Die gemeente vernietigt de gegevens van betalende parkeerders al na een dag. Van de automobilisten die worden beboet, blijven de gegevens maximaal dertien weken bewaard in verband met bezwaarschriften.

Privacy First heeft het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) nu gevraagd te onderzoeken of Rotterdam hiermee in strijd handelt met de privacywet. Ook roept de organisatie burgers op naar de rechter te stappen. ,,Wij zijn bereid ze daarbij te ondersteunen.''

Ook binnen de Rotterdamse raad is onbegrip over de langdurige bewaartermijn. ,,Zeven jaar is natuurlijk volstrekte onzin,'' zegt SP-fractievoorzitter Leo de Kleijn, die binnenkort met een motie komt. ,,Ik vind dat je privacy voorop moet stellen, vooral bij zoiets als parkeren. Het gaat hier niet om zware criminaliteit.'' Ook andere partijen, zoals D66 en de VVD, willen dat Rotterdam ermee stopt.

Volgens verkeerswethouder Pex Langenberg voert hij nu een discussie met de Belastingdienst over het langdurig bewaren van de transactiegegevens. (...)"

Bron: AD/Rotterdams Dagblad, 20 augustus 2014, sectie Regio/Rotterdam, p. 1.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

"Burgers mogen meer met een drone dan bedrijven. Er is behoefte aan nieuwe regels. Soepeler of strenger?

(...) [W]ie in Nederland beroepsmatig met een drone wil fotograferen, moet volgens de Luchtvaartwet eerst een basistraining volgen. Die kost (...) 3.000 tot 4.000 euro en wordt alleen door een Engels opleidingsinstituut gegeven. "Verder ben je 2.000 euro kwijt aan de registratie van je toestel." Het grootste obstakel voor de profs: ze moeten een paar weken van tevoren een tijdelijke ontheffing aanvragen bij de provincie om ergens te mogen opstijgen en landen.

Dit werkt niet voor persfotografen die in vliegende vaart naar een brand of ongeval moeten.

Hoe gemakkelijk is daarmee vergeleken het leven van de hobbyist die bij de Mediamarkt voor pakweg 100 euro een speelgoeddrone kan kopen. Hij heeft geen opleiding, ontheffing, registratie of luchtvaartverzekering nodig. Hij kan zo met zijn drone de lucht in. De hobbyist mag zelfs hoger vliegen (300 meter) dan de professional (120 meter). (...)

Commercieel gebruik van drones is in Nederland vrijwel onmogelijk, klagen bedrijven die met de luchtopnames geld willen verdienen. Maar het ministerie van Infrastructuur en Milieu werkt aan eenvoudigere regels.

Waarschijnlijk treden die op 1 juli 2015 in werking. Vermoedelijk is het straks zo dat de vlieger die een brevet heeft gehaald en kan aantonen dat zijn toestel veilig is, een bedrijfserkenning krijgt. Hij hoeft dan niet per opname ontheffing te vragen.

Voor hobbyisten verandert er aan de regelgeving in Nederland voorlopig niets. Maar de Europese Commissie zit niet stil. Drones hebben steeds meer technische mogelijkheden, worden goedkoper en compacter. Ze zijn al in gebruik in de landbouw om gewassen preciezer te besproeien of om wegen, spoorbruggen en pijpleidingen te inspecteren. De politie gebruikt ze ook, bijvoorbeeld voor het volgen van toeschouwersstromen. Je kunt met drones zelfs pizza's of boeken bezorgen.

Maar hoe zit het met de privacy van mensen die ongemerkt met een drone in hun tuin of op hun dakterras worden gefilmd? Het kleine luchtverkeer kan ook gevaarlijk zijn. Deze week stortte een drone neer in een woonwijk in Culemborg. De politie heeft nog geen meldingen over gewonden of schade.

Vincent Böhre van Privacy First rekent erop dat Europa de teugels zal aantrekken. Hij vreest anders een 'jungle aan vliegende camera's van burgers en bedrijven boven steden en in wijken'.

"Nu hoor je alleen de kritiek van de drone-industrie. Maar die wil zijn eigen marktpositie verbeteren en denkt niet aan het belang van de burger. Er zijn al mini-drones die zo door je open raam naar binnen kunnen vliegen."

Controle door de politie is er volgens hem niet en wie zich wil verzetten wegens privacyschending, moet volgens Böhre 'juridisch expert' zijn. "De regels zijn nu veel te algemeen en er zijn wel vier verschillende wetten van toepassing. Daar kan de gemiddelde burger geen wijs uit."

Neem de regel dat je met een drone niet over aaneengesloten bebouwing mag vliegen, zegt hij. "Hoe interpreteer je dat? Mag het dan wel tussen huizenblokken door of boven een vrijstaand huis? Of boven een voetbalveld in een woonwijk? De drone komt uit het militaire domein en ligt nu in de speelgoedwinkel, het is te gek voor woorden.""

Bron: BN/DeStem, Brabants Dagblad, De Gelderlander, De Stentor, Apeldoornse Courant, Deventer Dagblad, Dagblad Flevoland, Gelders Dagblad, Nieuw Kamper Dagblad, Sallands Dagblad, Zutphens Dagblad, Veluws Dagblad, Zwolse Courant, Twentsche Courant Tubantia, Eindhovens Dagblad, Provinciale Zeeuwse Courant, 15 augustus 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Steeds vaker worden drones gebruikt door particulieren. Van goede regulering is echter geen sprake. Bij burgers leidt dit tot onduidelijkheid, met alle privacyrisico's van dien. Beluister hieronder het hele interview met Vincent Böhre van Stichting Privacy First:

Bron: http://nos.nl/audio/683712-al-kleine-drones-die-ongezien-in-gebouwen-kunnen-filmen.html.
Zie ook http://nos.nl/artikel/683754-drone-vliegt-in-juridisch-vacuum.html.

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Vandaag deed de rechtbank Den Haag uitspraak in de zaak Burgers tegen Plasterk. In deze zaak eist een coalitie van burgers en organisaties (waaronder Privacy First) dat de AIVD en MIVD stoppen met de ontvangst en het gebruik ("witwassen") van illegaal verzamelde buitenlandse inlichtingen over Nederlandse burgers, bijvoorbeeld via het beruchte PRISM-programma van de Amerikaanse NSA. Helaas heeft de rechtbank alle vorderingen in de zaak afgewezen. Hieronder enkele eerste observaties van onze kant.

Positief aspect aan het vonnis is dat de rechtbank alle eisers (burgers en organisaties) ontvankelijk acht. Voor Privacy First vormt dit een belangrijke steun in de rug voor ons Paspoortproces bij de Hoge Raad, waar dergelijke ontvankelijkheid centraal zal staan. Dit lichtpuntje wordt echter overschaduwd door de manier waarop de rechtbank Den Haag de zaak Burgers tegen Plasterk inhoudelijk heeft behandeld. Allereerst was bij de rechtbank sprake van gebrek aan feitelijk onderzoek: door de rechtbank zijn in het geheel geen getuigen en deskundigen gehoord, hoewel dit vooraf wel aan de rechtbank was aangeboden en het recht hier ook voldoende mogelijkheden toe biedt. Opvallend is verder dat de rechtbank in haar vonnis minder strenge rechtswaarborgen nodig acht als het gaat om de massale uitwisseling van ruwe gegevens in bulk. Voor dergelijke uitwisseling zijn echter juist strengere rechtswaarborgen nodig, aangezien deze data vooral onschuldige burgers betreft. Daarnaast maakt de rechtbank ten onrechte onderscheid tussen metadata (verkeersgegevens) en de inhoud van communicatie, terwijl beide typen gegevens vaak overlappen en hetzelfde hoge niveau van rechtsbescherming vereisen. De rechtbank slaat de plank eveneens finaal mis bij het oordeel dat het wettelijke voorzienbaarheidsvereiste (inclusief privacywaarborgen) van artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) in mindere mate zou gelden bij de internationale uitwisseling van gegevens tussen geheime diensten. In Nederland wordt de rechtsbasis voor dergelijke uitwisseling vooralsnog gevormd door een relatief obscure wetsbepaling: artikel 59 van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv). Dit artikel voldoet bij lange na niet aan de moderne eisen die art. 8 EVRM aan een dergelijke bepaling stelt. In wezen vindt de huidige praktijk van uitwisseling tussen AIVD/MIVD en buitenlandse geheime diensten daardoor plaats in een juridisch vacuüm, een legal black hole. Het actuele vonnis van de Haagse rechtbank komt in de optiek van Privacy First neer op het juridisch witwassen van deze praktijk. Privacy First verwacht dat hogere rechters deze situatie in strijd met art. 8 EVRM zullen achten en ziet het hoger beroep bij het Hof Den Haag met vertrouwen tegemoet.

Lees HIER het hele vonnis van de rechtbank Den Haag en HIER het eerste commentaar van onze advocaten bij bureau Brandeis.

Gepubliceerd in Rechtszaken

"De Nederlandse overheid verzamelt langzaamaan meer en meer gegevens van burgers. De voorstellen van het kabinet die privacy van burgers kunnen schaden, stuiten op weinig weerstand in Eerste en Tweede Kamer. Het argument: we gebruiken de informatie alleen in specifieke gevallen. En voor uw eigen veiligheid. De politie gebruikt dit argument bijvoorbeeld bij het opvragen van telecominformatie. Zij mogen bij verdenking van een ernstig misdrijf persoonlijke informatie opvragen die bij een telefoonnummer hoort. In 2012 deed de politie dat in totaal 2,7 miljoen keer. Dat betekent dat er 7.557 keer per dag, 314 keer per uur, elke 12 seconden informatie opgevraagd werd.

Minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) wil in het kader van de opsporing van ernstige delicten, zoals moord, bedreiging of brandstichting, nog méér data van burgers opslaan. Deze week bespreekt de Tweede Kamer zijn voorstel om kentekens van auto's voortaan vier weken te mogen bewaren. In 2010 noemde het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) het opslaan van kentekens van auto's nog ,,een schending van de burgerrechten". In de Tweede Kamer zien alleen de SP, D66 en de ChristenUnie weinig in dit plan. Sharon Gesthuizen (SP) zei: ,,Als iedereen een armband draagt en een satelliet registreert waar iedereen zich bevindt, is het nog makkelijker criminaliteit op te sporen. Waar ligt de grens?"

Minister Opstelten vindt de inbreuk op de privacy bij de opslag van kentekens wél proportioneel. Hij noemt de duur van de opslag ,,beperkt" en zegt dat alleen het kenteken wordt bewaard, niet de naam van de bestuurder. Bovendien kan niet elke agent straks bij die gegevens: alleen geautoriseerde opsporingsambtenaren krijgen die bevoegdheid. Zo zijn de privacybelangen van burgers voldoende beschermd, zegt de minister.

Vincent Böhre van stichting Privacy First vindt dat onzin. ,,Het wetsvoorstel van Opstelten is draconisch. Zodra het aangenomen wordt, spannen we een rechtszaak aan om de wet onrechtmatig te laten verklaren." Böhre bestrijdt de ,,forse privacyschending" vanuit een klassiek principe: de overheid moet iedere onschuldige burger met rust laten. ,,Dat is hier absoluut niet het geval. Het is een disproportionele maatregel. Nu mogen de gegevens 24 uur bewaard worden. En daar worden nauwelijks misdrijven mee opgelost. Iedere automobilist is straks een potentiële verdachte."

(...)

Als de overheid doorgaat met het invoeren van wetten die een inbreuk maken op het privéleven van niet-verdachte burgers, rest die burgers weinig meer dan de gang naar de rechter. En die maakt een andere afweging tussen privacy en veiligheid, bleek vanmorgen. Het Europese Hof van Justitie noemde de opslag van persoonsgegevens ,,een zeer omvangrijke en bijzonder ernstige inmenging in de fundamentele rechten" van burgers."

Bron: NRC Handelsblad, 8 april 2014.

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 7 van 20

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon