donatieknop english

Vanmiddag vindt in de Tweede Kamer een belangrijk debat plaats over de invoering van Passenger Name Records (PNR): massale, jarenlange opslag van allerlei gegevens van vliegtuigpassagiers ter veronderstelde bestrijding van misdaad en terrorisme. Privacy First heeft hier grote bezwaren tegen en stuurde eind vorige week onderstaande brief naar de Tweede Kamer. Het Kamerdebat vanmiddag stond eerder geagendeerd op 14 mei 2018, maar werd toen (na een vergelijkbare brief van Privacy First) tot nader order geannuleerd. Na een nieuwe schriftelijke vragenronde vindt het debat nu alsnog plaats. Hieronder volgt de volledige tekst van onze actuele brief:


Geachte Kamerleden,

Maandagmiddag 11 maart as. debatteert u met minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) over de Nederlandse implementatie van de Europese richtlijn inzake Passenger Name Records (PNR). Zowel de Europese PNR-richtlijn als de beoogde Nederlandse implementatiewet zijn in de optiek van Privacy First juridisch onhoudbaar. Hieronder zetten wij dit kort voor u uiteen.

Vakantieregister

In het PNR-wetsvoorstel van de minister zullen talloze gegevens van alle vliegtuigpassagiers met vertrek of aankomst in Nederland 5 jaar lang in een centrale overheidsdatabank bij de nieuwe Passenger Information Unit worden bewaard en gebruikt ter voorkoming, opsporing, onderzoek en vervolging van misdrijven en terrorisme. Gevoelige persoonsgegevens (waaronder naam- en adresgegevens, telefoonnummers, emailadressen, geboortedata, reisdata, ID-documentnummers, bestemmingen, medepassagiers en betaalgegevens) van vele miljoenen passagiers zullen daardoor jarenlang beschikbaar zijn t.b.v. datamining en profiling. In wezen wordt iedere vliegtuigpassagier hierdoor behandeld als potentiële crimineel of terrorist. In 99,99% van de gevallen betreft het echter volstrekt onschuldige burgers, voornamelijk vakantiegangers en zakenreizigers. Dit vormt een flagrante schending van hun recht op privacy en vrijheid van beweging. Vorig jaar heeft Privacy First dit reeds betoogd in de Volkskrant en bij BNR Nieuwsradio. Wegens privacybezwaren bestond er de laatste jaren veel politieke weerstand tegen dergelijke massale PNR-opslag en werd dit sinds 2010 diverse malen verworpen door zowel de Nederlandse Tweede Kamer als het Europees Parlement. In 2015 waren ook de Nederlandse regeringspartijen VVD en PvdA nog mordicus tegen. VVD en PvdA spraken destijds van een "vakantieregister" en dreigden zélf naar het Europees Hof van Justitie te stappen als de Europese PNR-richtlijn zou worden aangenomen. Na de aanslagen in Parijs en Brussel leken veel politieke bezwaren echter als sneeuw voor de zon verdwenen en werd de PNR-richtlijn in 2016 alsnog een feit. Tot op heden is de juridisch vereiste maatschappelijke noodzaak en proportionaliteit van deze richtlijn echter nog steeds niet aangetoond.

Europees Hof

In de zomer van 2017 deed het Europees Hof van Justitie een belangrijke uitspraak over het vergelijkbare PNR-verdrag tussen de EU en Canada. Het Hof verklaarde dit verdrag ongeldig wegens strijd met het recht op privacy. Het Hof stelde hierbij onder meer dat “gegevens van een luchtreiziger na diens vertrek slechts mogen worden bewaard indien op grond van objectieve criteria kan worden aangenomen dat deze luchtreiziger een risico kan vormen in het kader van de strijd tegen terrorisme en ernstige grensoverschrijdende criminaliteit.” (Zie Advies 1/15 (26 juli 2017), par. 207.) Door deze uitspraak staat sindsdien de Europese PNR-richtlijn juridisch op losse schroeven. De Nederlandse regering heeft daarom terechte “zorgen over de toekomstbestendigheid van de PNR-richtlijn” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 23). Privacy First verwacht dat de huidige PNR-richtlijn binnenkort ter toetsing aan het Europees Hof van Justitie zal worden voorgelegd en onrechtmatig zal worden verklaard. Daarna zal dezelfde situatie ontstaan als enkele jaren geleden bij de Europese telecom-bewaarplicht: zodra deze Europese richtlijn ongeldig is verklaard, zal de Nederlandse implementatiewetgeving in kort geding buiten werking worden gesteld.

Massa surveillance

Het huidige Nederlandse PNR-wetsvoorstel lijkt bij voorbaat onrechtmatig wegens gebrek aan aantoonbare noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit. Het wetsvoorstel komt neer op massa-surveillance van grotendeels onschuldige burgers; reeds in de Tele2-zaak (2016) verklaarde het Europees Hof dit type wetgeving illegaal. Bij de VN Mensenrechtenraad deed Nederland vervolgens de algemene toezegging “to ensure that the collection and maintenance of data for criminal [investigation] purposes does not entail massive surveillance of innocent persons.” Nederland lijkt die belofte nu te verbreken. Bij iedere passagier worden immers talloze volstrekt overbodige data opgeslagen die jarenlang door allerlei Nederlandse, Europese en zelfs niet-Europese overheidsinstanties kunnen worden gebruikt. Bovendien is de effectiviteit van PNR tot op heden nooit aangetoond, aldus ook de minister zelf: “statistische onderbouwing is niet voorhanden” (zie Nota naar aanleiding van verslag, p. 8). Het risico op onterechte verdenkingen en discriminatie (door feilbare algoritmes bij profiling) is bij het voorgestelde PNR-systeem levensgroot, wat tevens de kans op vertragingen en gemiste vluchten bij onschuldige passagiers verhoogt. Tegelijkertijd zullen gezochte personen vaak onder de radar blijven en alternatieve reisroutes kiezen. Verder wordt in het wetsvoorstel met geen woord gerept over de rol en mogelijkheden van geheime diensten, terwijl die onder de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten directe, afgeschermde toegang tot de centrale PNR-databank zullen krijgen. Meest kwalijke aspect aan het Nederlandse PNR-wetsvoorstel is echter dat dit twee stappen verder gaat dan de PNR-richtlijn zelf: Nederland kiest er immers zélf voor om ook de data van passagiers op alle intra-EU vluchten op te slaan. Onder de PNR-richtlijn is dit niet verplicht, en had Nederland dit bovendien kunnen beperken tot louter vooraf geselecteerde (risico)vluchten. Dit zou in lijn geweest zijn met het advies van de meeste experts op dit terrein: targeted i.p.v. mass surveillance, zo gericht mogelijk, oftewel louter gericht op die personen waarop een redelijke verdenking rust, conform de principes van onze democratische rechtsstaat.

Advies Privacy First

Privacy First adviseert u hierbij met klem om het huidige wetsvoorstel te verwerpen en dit desgewenst te vervangen door een privacyvriendelijke versie. Mocht dit ertoe leiden dat Nederland door de Europese Commissie voor het EU Hof van Justitie zal worden gedaagd wegens gebrek aan implementatie van de huidige Europese PNR-richtlijn, dan verwacht Privacy First dat Nederland deze zaak glansrijk zal winnen. Van EU-lidstaten mag immers niet worden verwacht dat zij privacyschendende EU-regels implementeren. Dit geldt eveneens voor de nationale implementatie van relevante resoluties van de VN Veiligheidsraad (in casu UNSC Res. 2396 (2017)) die op gespannen voet staan met internationale mensenrechten. Privacy First heeft in dit verband reeds gewaarschuwd voor misbruik van het Nederlandse (ook voor PNR gebruikte) TRIP-systeem door andere VN-lidstaten. Nederland heeft hierin een eigen grondwettelijke en internationaalrechtelijke verantwoordelijkheid.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Hoogachtend,

Stichting Privacy First


Update 19 maart 2019: vandaag heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel helaas vrijwel ongewijzigd aangenomen; slechts GroenLinks, SP, PvdD en Denk stemden tegen. Een principiële motie van GroenLinks en SP om een rechtszaak van de Europese Commissie tegen de Nederlandse regering over de Europese PNR-richtlijn uit te lokken werd helaas verworpen. Enig lichtpuntje is de breed aangenomen motie ter juridische herbeoordeling en mogelijke herziening van de PNR-richtlijn op Europees politiek niveau. (Slechts PVV en FvD stemden tegen deze motie.) Volgende halte: Eerste Kamer.

Gepubliceerd in Wetgeving

Hof Amsterdam wijst nieuwe zaak tegen kentekenparkeren desondanks af. Privacy First bezint zich op vervolgstappen.

In het hoger beroep van de voorzitter van Privacy First tegen kentekenparkeren heeft het Hof Amsterdam het helaas niet aangedurfd om kentekenparkeren en het gebrek aan contante (anonieme) betaalmogelijkheid onrechtmatig te verklaren, zo bleek eind vorige week (pdf). Weliswaar onderkent het Hof expliciet “het belang van handhaving van de mogelijkheid om contant te betalen” en verwijst het Hof daarbij ook naar instanties zoals de Nederlandsche Bank (DNB) die dit belang eveneens onderschrijven. Tegelijkertijd stelt het Hof echter dat de huidige wetgeving de (gemeentelijke) overheid niet zou verplichten om contante of anonieme betaling van parkeerbelasting mogelijk te maken. Het Hof verwijst hierbij o.a. naar een verouderde uitspraak van de Hoge Raad uit 2005 en naar oude, summiere Europese wetgeving. Het Hof Amsterdam oordeelt tevens dat het verouderde (nationale) Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen (2001) geen recht op een anoniem betaalmiddel impliceert. Niettemin suggereert het Hof dat anonieme betaling mogelijk zou zijn middels een ongeregistreerde prepaid creditcard. Privacy First acht dit oordeel (inclusief laatstgenoemde suggestie) van het Hof Amsterdam onjuist en overweegt juridische vervolgstappen richting zowel de Hoge Raad als het Europees Hof van Justitie. Privacy First voelt zich hierbij gesterkt door de actuele maatschappelijke discussie en recente politieke oproepen om contant geld te handhaven en contante betalingsmogelijkheden te verbeteren, met name ook bij lokale overheden. Onlangs nam de Tweede Kamer hier unaniem een motie over aan. Verdere parlementaire moties en mogelijke wetswijzigingen ter behoud en versterking van contant geld liggen in het verschiet.

Gebrekkig oordeel Hof Amsterdam over rechtmatigheid van kentekenparkeren

Over de rechtmatigheid van (het systeem van) kentekenparkeren oordeelt het Hof Amsterdam niet eenduidig: eerst oordeelt het Hof dat kentekenparkeren als zodanig een “niet-verboden inmenging” in het recht op privacy vormt, waarmee het Hof dus enerzijds erkent dat sprake is van een inmenging (inbreuk), maar dat deze niet verboden zou zijn. Vervolgens overweegt het Hof echter dat überhaupt geen sprake zou zijn van een inmenging, om vervolgens alsnog “hypothetisch” te oordelen dat de betreffende inmenging gerechtvaardigd zou zijn en dus geen schending (ongerechtvaardigde inbreuk) op het recht op privacy zou vormen. Privacy First acht deze argumentatie onbegrijpelijk en vooral ook onjuist. Het Hof toetst bovendien nauwelijks (en foutief) aan noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit, terwijl deze hele zaak daar nu juist om draait. Daarnaast laat het Hof talloze ingebrachte bezwaren tegen kentekenparkeren onbenoemd, waaronder het gebrek aan een specifieke, met privacywaarborgen omgeven rechtsbasis voor kentekenparkeren in nationale wetgeving, het feit dat parkeerdata voor andere doelen wordt gebruikt en kan worden misbruikt (function creep), het feit dat "efficiency" geen juridische rechtvaardiging kan vormen voor inperking van het recht op privacy, etc.

Invoering van kenteken bij parkeren blijft vrijwillig

In deze zaak staat een aantal nieuwe principiële rechtsvragen rond kentekenparkeren en het recht op contante betaling centraal. Door de huidige uitspraak van het Hof Amsterdam blijven dan ook de eerdere (door de Hoge Raad bevestigde) uitspraken dat invoering van het kenteken bij parkeren niet verplicht is, onaangetast. Kentekenparkeren is en blijft daarmee dus vrijwillig: een eventuele parkeerboete bij niet-invoering van een kenteken dient in bezwaar en beroep te worden vernietigd, mits de parkeerder kan aantonen dat voor het parkeren betaald is.

Recht op anonimiteit in openbare ruimte

Privacy First voert deze zaak ter behoud en versterking van het recht op anonimiteit in de openbare ruimte. Dit recht staat de laatste jaren in toenemende mate onder druk en dreigt inmiddels illusoir te worden. Indien nodig zal Privacy First deze zaak daarom voortzetten tot aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.


Lees HIER de hele uitspraak van het Hof Amsterdam d.d. 5 februari jl. in geanonimiseerde pdf (op 8 februari jl. door Privacy First ontvangen).

Update 3 maart 2019: de uitspraak van het Hof is inmiddels ook gepubliceerd op rechtspraak.nl. Privacy First beraadt zich nog op mogelijke vervolgstappen.

Gepubliceerd in Kentekenparkeren
woensdag, 02 januari 2019 14:57

Nieuwjaarscolumn Privacy First

Stand van zaken 

Een Nieuwjaarscolumn schrijven over de stand van zaken met betrekking tot privacy en de bescherming van een ieders persoonlijke levenssfeer valt me dit jaar zwaar. Op enkele lichtpuntjes na is de privacy in Nederland en de rest van de wereld in zeer zwaar weer terecht gekomen. Na de onthullingen van Snowden in 2013 leek de wereld wakker te worden geschud inzake het gebruik en misbruik door geheime diensten van ieders bewegingen op internet en online in het algemeen. Ook het toenemend aantal datalekken, hacks bij overheden en bedrijven zouden tot inkeer leiden dat grootschalige en centrale opslag van data niet de oplossing is. De Arabische lente in 2015 zou een grootschalige verandering brengen door het vrije gebruik van (social) media welke nog niet eerder vertoond was.

De Europese Unie stemde met succes tegen uitwisseling van data en reisbewegingen, bereidde de huidige AVG-wetgeving voor en leek onder aanvoering van het privacy-alerte Duitsland het lichtende alternatief voor de wereld te kunnen worden. Helaas liep het anders. Onder Obama werd Snowden weggezet als verrader, klokkenluiders moesten voortaan harder worden aangepakt, Julian Assange moest onderduiken en het vermoorden van verdachten zonder vorm van proces met drone-aanvallen werd op grote schaal ingevoerd. Buitengerechtelijke executies met collateral damage... terwijl de discussie over waterboarding ging... Dergelijke side-way discussies zijn inmiddels gemeengoed in de politiek alsmede het framen en blamen (vaak op de persoon in plaats van de inhoud) van de gepolariseerde tegenstanders in het debat.

Als wij vanuit Privacy First terugkijken op 2018 zien we een groot aantal gebieden waarin de privacy-afbraak duidelijk zichtbaar is:

Overheid & privacy

Dit jaar is het referendum inzake de Sleepwet gehouden en is vervolgens het referendum direct afgeschaft. In een tijd van ongekende technische mogelijkheden om referenda op velerlei wijze in te zetten in een shared democracy. Ongekend. Met het referendum is verder niets gedaan, de Sleepwet werd gewoon ingevoerd en een belangrijk rapport inzake het functioneren van de AIVD werd achtergehouden door de minister. Dat vindt men anno 2018 niet meer iets om zich druk over te maken en kan zonder consequenties gebeuren. Ook het recente Staatscommissierapport van Remkes zal wellicht in de welbekende la verdwijnen.

Angst voor behoud van positie en de politieke waan van de dag regeert in de incidentgedreven cultuur om geen fouten te maken bij de heren en dames “beroepspolitici”. Het woord zegt het al: eerst je baan of beroep en dan pas de vertegenwoordiging van de burger. Incidenten worden telkens uitvergroot om dwingende en verruimde wetgeving door te drukken. Zonder toetsing aan uitgangspunten zoals noodzaak & doelbinding, subsidiariteit en proportionaliteit. De overheid staat steeds verder van de burger, deze wordt niet vertrouwd maar wordt wel geacht volledig transparant te zijn voor diezelfde overheid. Een overheid die ook telkens weer zaken te verbergen blijkt te hebben voor de burger. Een overheid die vanuit de wetgeving verplicht is privacy te beschermen en zelfs te promoten, maar helaas zelf nog steeds de grootste privacyschender is.

Medische wereld & privacy

In deze hoek was het echt raak in 2018. Middels verschillende gecoördineerde media offensieven worden wij vanuit de EU en in de lidstaten bestookt met de voordelen van het afstaan van ons recht op lichamelijke integriteit en onze menselijkheid. Het delen van biometrische gegevens met de VS gaat onverminderd door. Verder was er de roep om verplichte DNA-databanken vanuit de politie, het verplicht vaccineren, het nut van smart medicijnen met chips en het verder uitfaseren van alternatieve geneeswijzen. Vervolgens de voorzichtige start met genetische tests van verzekeringsmaatschappijen, het steeds verder opheffen van het medisch geheim door zorgverzekeraars, de wet op orgaandonatie en de popularisering van het chippen van mensen (de cyborg als hoogste ideaal in de Silicon Valley propaganda), om maar een aantal zaken te noemen.

Wanneer wordt de burger verplicht gechipt? Alle (huis)dieren in de EU zijn u al voorgegaan. En dan nu weer het Elektronisch Patiëntendossier, eerst afgeschoten in de Eerste Kamer en via een omweg weer terug op de agenda bij de minister met ferme taal. Het wordt gewoon vanuit commerciële belangen door de strot geduwd bij de huisartsen en alternatieven zoals Whitebox worden niet serieus genomen. De invloed van Big Pharma middels lobby in overheidslichamen en zitting in overheidswerkgroepen is sterk voelbaar. In nauwe samenwerking met enkele ICT-bedrijven met hun ideaal van grote en gecentraliseerde netwerken en systemen. Hun kerstbonus en groei over de rug van onze vrijheid en welzijn.

Media & privacy

We kunnen “fakenews” natuurlijk niet overslaan. Belangrijk voor het hebben van privacy is dat je je eigen mening kunt vormen en dat je de mening van anderen respecteert en daarvan kunt leren. Tevens is een onafhankelijke pers aan linker- en rechterzijde van het spectrum essentieel in een democratische rechtsstaat. Deze heeft als taak de gekozen en ongekozen vertegenwoordigers uit de politiek en overheid te controleren op hun functioneren. De journalistiek en pers moet daarom tot in de haarvaten van de samenleving kunnen doordringen, met andere woorden van lokaal nieuws t/m landelijk en globaal nieuws.

Sinds het ontstaan van onze nieuwsgaring is op feiten gebaseerd nieuws al een lastige opgave. Persdienst, PR of propaganda is niet altijd gemakkelijk uit elkaar te houden. Ook in deze tijd van snelle technologische veranderingen met nieuwe mogelijkheden zullen deze weer tegen het licht van de principes van de journalistiek gehouden moeten worden. Daarin niets nieuws. Wat wel nieuw is, is dat de Europese Unie en onze eigen minister denken zich bezig te moeten houden met uitbestede censurering van nieuws via feitelijk bewezen onbetrouwbare, globale social media bedrijven.

Waar Facebook & Google zich in de rechtszaal moeten verantwoorden voor het verspreiden van Nepnieuws en censurering van accounts wordt de controle daarop aan hen uit handen gegeven door onze eigen overheid. De privacyschenders en nepnieuwsverspreiders als hoeders van onze privacy en journalistiek. De wereld op zijn kop. Deze minister en overheid ondergraven de rechtsstaat met deze uitbesteding en dedain voor de zelfdenkende burger. Tijd voor een structurele verandering van onze media vanuit nieuwe technologie zoals blockchain en een door de overheid op te zetten Mediabureau dat alle media subsidieert middels een bijdrage van de burger, op basis van hun bereik en leden. Alle media dus, ook de zogenaamde alternatieve media. In plaats van deze media weg te censureren.

Finance & privacy

Ook op financieel vlak is de uitholling van je privacy steeds meer een feit. Feit is dat de Belastingdienst al in detail het uitgavenpatroon kent van alle bedrijven en burgers. En nu via de nieuwe Sleepwet real-time deze informatie wettelijk gedekt kan doorspelen aan de diensten (de AIVD kijkt met u mee). Daarnaast wordt de introductie van een goedbedoeld initiatief als PSD2 volkomen ondoordacht en privacy-onvriendelijk ingevoerd; aan de basisvoorwaarden inzake het eigenaarschap van de bankdata (van de burger / rekeninghouder) wordt geen invulling gegeven. Simpele principes als selectieve deling van bankgegevens in type betalingspost of per periode zijn niet mogelijk. Ook worden betalingsgegevens van derden die geen toestemming geven meegezonden.

De campagne “cash = crimineel” gaat onverminderd door. Het recht op cash en anoniem betalen verdwijnt, ondanks waarschuwingen van nu ook DNB dat de rol van cash cruciaal is in onze samenleving. Onze opinie in brede zin is reeds eerder in ons publieksdebat over dit thema weergegeven. Een laatste ontwikkeling is verdergaande koppeling middels Big Data en profiling in de incasso- en overheidswereld. Het financieel afsluiten van burgers van het elektronisch geldsysteem als nieuwe vorm van boete in plaats van boetes betalen ligt steeds meer op de loer. In China wordt hier al volop mee geëxperimenteerd en ook binnen Europa gaan er stemmen op in deze richting, vanuit (vermeend) terrorisme. Het zal met andere woorden in de toekomst steeds lastiger worden je stem te verheffen en je te organiseren tegen machtsmisbruik van overheden en bedrijven: met 1 druk op de knop kun je niet meer pinnen, reizen of enige online handeling verrichten en ben je als elektronische paria verbannen uit de maatschappij.

Openbare ruimte & privacy

In 2018 is de privacy in de openbare ruimte steeds verder bergafwaarts gegaan. Waar Nederland te klein was 20 jaar geleden met de ID-plicht zijn alle overheden en gemeenten in Europa momenteel bezig met zogenaamde “smart” city concepten. Als je vervolgens vraagt wat de voordelen en het nut hiervan zijn anders dan dat de burger permanent in het vizier komt, wordt er vaag wat over verkeersproblematiek geroepen en dat de killer-applicaties pas zichtbaar worden als het netwerk van beacons er ligt. Er is met andere woorden geen enkel hard cijfer te geven inzake de noodzaak, subsidiariteit en proportionaliteit en al zeker niet afgezet tegen basale burgerrechten als privacy.

Om een greep te noemen:

  • ANPR wetgeving per 1 januari 2019 (alle vervoersbewegingen op de openbare weg 4 weken in een centrale politiedatabank)
  • Reis- en verblijfsdatabase van alle vervoersbewegingen van Europese burgers en kilometerheffing per 2023
  • Noodchips verplicht in elk voertuig met 2-weg communicatievoorbereiding (afluister- en volgapparatuur in de volksmond) per 1 januari 2019
  • Camera’s & 2-weg communicatie in de openbare ruimte, onder andere ingebouwd in straatlantaarns via invoering “Smart City”
  • Besluit tot extra camera’s in het openbaar vervoer per 2019
  • Invoering Smart City en invoering van unlimited “beacons” (klinkt zoveel beter dan elektronische concentratiekamp-palen)
  • Het koppelen van alle verkeerscentrales en meldkamers (ook beveiligingsbedrijven voor privé).

De burger wordt permanent gecontroleerd en in de gaten gehouden door onzichtbare en onbekende ogen.

Privédomein & privacy

Dat overheid en bedrijven graag een kijkje achter de voordeur willen nemen weten we al lang, maar de mate waarmee dit afgelopen jaar werd gepromoot is buiten elke proportie. Om te beginnen met de energiebedrijven, welke verplicht “slimme meters” door de strot van burgers duwen. Via een “afspraak voor het plaatsen van een slimme meter” waar je niet om gevraagd hebt is het vrijwel onmogelijk om uit de handen van de paarse krokodil te blijven. Na meerdere afzeggingen van mijn kant en telefoontjes naar Nuon bleven ze gewoon doorduwen. Ik heb er nog steeds geen en daar zal het ook bij blijven.

Dit jaar was wederom het jaar van Silicon Valley, waar enkele ongekozen dictatoriale bestuurders met de macht van landen, hun utopieën aan de burger willen wegzetten als trendy en modern. Zelfrijdende auto’s halen de autonomie en plezier van de burger weg (op miljoenen verkeersbewegingen per dag is het aantal ongelukken zeer klein) terwijl ieder kind al kan zien dat een mengvorm de enige optie is. Uitermate enge 1984 implementaties zijn de zogenaamde Smart Speakers van deze social media bedrijven. Ook de speelgoed wereld duikt met Smart Toys in deze enorme behoefte die we allemaal schijnen te hebben. Wat deze ontwikkeling gaat betekenen voor onze privacy laat zich raden. Manipulatie en afpersing middels zaken uit het privéleven zullen sterk toenemen, in combinatie met gemanipuleerde feiten en beelden.

Kinderen & privacy

Kinderen hebben de toekomst en bovenstaande zaken beloven niet veel goeds voor onze kinderen en jeugd. Schermverslaving neemt sterk toe en opgevoed in propaganda en nepnieuws zou er veel meer aandacht aan het vormen van een eigen mening en eigen verantwoordelijkheid gegeven moeten worden. In het onderwijs worden gedachteloos centrale leerlingvolgsystemen ingevoerd, informatie uitgewisseld met ouders en staat het digibord en Ipad tegenwoordig centraal. Het eerste wat kinderen dagelijks zien is een scherm met Google erop... Big Brother.

De online afhankelijkheid van social media en internet leidt tot impulsgedreven, “waan van de dag” kinderen, los van enig historisch besef of onderliggende verbanden. Ook op universiteiten wordt steeds eenzijdiger gedacht en worden niet lekker liggende meningen geëxcommuniceerd. Oorzaken van problemen worden niet bestudeerd, het boek niet gelezen, maar wel een mening erover. Schreeuwen vanuit de geldende zelfcensuur, anders lig je niet lekker in de eigen groep. Hetzelfde patroon zie je in de huidige politieke meningsvorming inzake diverse onderwerpen waar een op feiten gebaseerde discussie niet meer mogelijk is. En waar de mening van de burger als irrelevant wordt gezien. Essentieel voor de ontwikkeling van een gezonde democratie is goed onderwijs met name gericht op eigen meningsvorming en een kritische en zelfreflecterende geest in plaats van volgend robotdenken.

Enkele positieve zaken?

Het is erg lastig aan te geven waar nu de positieve ontwikkelingen op het vlak van privacy liggen. Feit is dat door de invoering van de AVG met bijbehorende potentiële boetes privacy meer in het vizier van bedrijven en burgers is gekomen dan de onthullingen van Snowden. Het gevaar van de AVG daarentegen is dat het privacy beperkt tot databescherming en administratieve rompslomp.

Een andere positieve ontwikkeling is dat we steeds meer initiatieven zien (weliswaar nog kleinschalig) waar bedrijven en overheden privacybescherming als zakelijke of PR-kans zien, getuige ook het aantal inschrijvingen voor de Nederlandse Privacy Awards 2019. Thema’s die hierin terugkomen zijn tools voor anonieme communicatie (mail, search, browser), mogelijke alternatieven voor sociale netwerken (berichtendiensten à la Whatsapp, Facebook, Instagram en Twitter) op basis van abonnementen en blockchain en “privacy by design” projecten bij grote organisaties en bedrijven.

Privacy First heeft enkele top advocaten pro deo aan zich gebonden die bereid zijn op te treden in onze rechtszaken. Wat we daarbij wel zien is dat de rechterlijke macht het lastig vindt om buiten de gebaande paden vooruitstrevende uitspraken te doen in de verschillende rechtszaken, zoals kentekenparkeren, trajectcontrole, ANPR, Sleepwet etc. Privacy First wordt al jaren zwaar ondergefinancierd en veel van onze sympathisanten vinden het onderwerp toch ook een beetje eng, waardoor men ons wel moreel steunt maar niet durft te doneren. Je loopt toch in de kijker als je je bezighoudt met zaken als privacy. Zo erg is het dus al, angst en zelfcensuur... twee slechte raadgevers! Hoog tijd voor een overheid die serieus met privacy aan de slag gaat.

Staatkundige vernieuwing moet urgent op de agenda

Privacy First is groot voorstander van staatkundige vernieuwing (zie onze eerdere Nieuwjaarscolumn in 2017 inzake “shared democracy”), uitgaande van de principes van de democratische rechtsstaat en de universele verklaring van de rechten van de mens van de VN. Onze democratie is pas 150 jaar oud en moet aangepast worden aan deze tijd en daarmee moet de inrichting van de EU en lidstaten structureel veranderen. Met daarin een centrale en actieve rol voor de burger. Overheden moeten technologische ontwikkelingen centraal stellen in uitvoering en beleid ter versterking van de democratie en daarmee een antwoord formuleren op de centralisatie van de daarmee gepaarde macht bij grote multinationals en overheidsdiensten.

Privacy First stelt dat het opzetten van een ministerie van Technologie na industrie en landbouw de hoogste prioriteit geniet om bij te blijven bij de razendsnelle ontwikkelingen en hier adequaat beleid op te kunnen voeren. Vanuit een onafhankelijke rol en toetsing aan het EVRM en de Grondwet in de lidstaten. Zonder slachtoffer te worden van de toenemende lobby in deze sector. Het wordt tijd voor een minister van ICT & Privacy, die alle ontwikkelingen integraal volgt en optreedt met voldoende bevoegdheden, in combinatie met een Constitutioneel Hof ter toetsing van de kernwaarden van onze democratische samenleving en Grondwet.

De burger moet gefaciliteerd worden in privacybescherming en privacyvriendelijke alternatieven voor de huidige diensten van de techbedrijven. Privacy First heeft al een aantal tips voor 2019 voor de gewone burger:

  • Let op zogenaamde “Smart” initiatieven op basis van Big data & Profiling; ver van weg blijven!
  • Let op Cash = crimineel campagne; blijf minimaal 50% van alle uitgaven anoniem en in cash betalen!
  • Let op je communicatie via onder andere Google, Apple, Facebook en Microsoft. Zoek of ontwikkel nieuwe platformen, gebaseerd op Quantum AI encryptie en gebruik alternatieve (TOR) netwerken en zoekmachines
  • Let op je medische gegevens en lichamelijke integriteit. Gebruik je recht om geen medische informatie te laten uitwisselen anders dan met Whitebox-achtige initiatieven
  • Let op je recht om anoniem te kunnen zijn thuis en in de openbare ruimte. Voer campagne tegen kilometerheffing, chips in je kentekenplaat, ANPR en kentekenparkeren
  • Let op je juridische rechten om zelf rechtszaken te voeren bijvoorbeeld tegen persoonlijke afvalpassen, camera’s etc
  • Let op “slimme” meters, speakers, speelgoed en andere “slimme” zaken in je huis welke aangesloten zijn op internet. Koop alleen “privacy by design” oplossingen met “privacy enhanced” technologie!

Zomaar wat tips. Nederland en Europa als Privacy gidsland in de wereld, met baanbrekende initiatieven en oplossingen voor huidige schijnbare tegenstellingen inzake privacy en veiligheid, dat is het streven van Privacy First. We zijn er echter nog ver vandaan en raken steeds meer uit koers. Mede omdat een integrale visie op onze maatschappij en democratie 3.0 ontbreekt. Dus dobberen we stuurloos verder, stapje voor stapje in de manipulatiemachine van grote bedrijven en eigenbelang bij overheden. We hebben nog vele gele hesjes nodig voordat er iets verandert. Privacy First wil graag bijdragen aan het vormen en uitdragen van een integrale, positieve toekomstvisie. Vanuit de principes van onze samenleving en de verhoging van onze vrijheid in gebondenheid. We zullen het samen moeten doen. Steun Privacy First actief met een gulle donatie voor je eigen vrijheid en die van je kinderen in 2019!

Op een open en vrije samenleving! Ik wens iedereen veel privacy in 2019 en verder!


Bas Filippini,
voorzitter Privacy First

Gepubliceerd in Columns

Mede op initiatief van Privacy First buigt een speciaal Comité van de Verenigde Naties in Genève zich deze week over de dreigende invoering van Taser-wapens bij het gehele Nederlandse politiekorps. Deze invoering is mogelijk in strijd met het VN Verdrag tegen Foltering.

Recht op lichamelijke integriteit

Van oudsher hanteert Privacy First een breed, mensenrechtelijk begrip van het recht op privacy. Hieronder valt ook het recht op lichamelijke integriteit. Dit recht staat de laatste jaren in toenemende mate onder druk: denk bijvoorbeeld aan preventief fouilleren op straat, bodyscans op luchthavens, vingerafdrukken in paspoorten, DNA-databanken, de nieuwe wet op orgaandonatie, discussies over verplicht vaccineren, etc. Naast artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens wordt het recht op lichamelijke integriteit in Nederland apart beschermd door artikel 11 van de Grondwet. Op internationaal niveau behoort het recht op lichamelijke integriteit tot de categorie mensenrechten die de sterkste bescherming genieten, waaronder het absolute verbod op marteling of foltering.

VN Verdrag tegen Foltering

Marteling (of, indien door ambtenaren gepleegd: foltering) behoort tot de kleine categorie van absolute verboden in het internationaal recht. Andere voorbeelden binnen deze categorie zijn het verbod op genocide, internationale agressie (illegale oorlogvoering), slavernij, rassendiscriminatie, apartheid en piraterij. Overtreding van deze normen is altijd en onder alle omstandigheden verboden. Een ieder die zich waar dan ook ter wereld aan marteling of foltering schuldig (heeft ge)maakt dient dan ook te worden vervolgd of te worden uitgeleverd. Dit geldt ook voor ambtenaren, ministers, presidenten en staatshoofden. Nederland is sinds 1988 partij bij het verdrag waarbij dit wereldwijd is geregeld: het VN Verdrag tegen Foltering. Periodiek wordt iedere verdragspartij onder de loep genomen door het toezichthoudende verdragsorgaan in Genève: het VN-Comité tegen Foltering. Uitspraken van dit Comité vormen gezaghebbende richtsnoeren voor de naleving en interpretatie van het verdrag. Deze dinsdag en woensdag is Nederland opnieuw (evenals in 2013) “aan de beurt”: op dinsdag zal Nederland door de Comitéleden over diverse onderwerpen aan de tand worden gevoeld, gevolgd door antwoorden van de Nederlandse regeringsdelegatie op woensdag. Vervolgens zal het Comité een reeks kritische aanbevelingen (“Concluding Observations”) aan Nederland uitvaardigen.

Taser-wapens op VN-agenda

Ter voorbereiding van de Nederlandse sessie stuurde het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) onlangs namens een brede coalitie van maatschappelijke organisaties een zogeheten ‘schaduwrapportage’ over Nederland naar het Comité in Genève. Op initiatief van Privacy First is, evenals in 2013, de kwestie van Taser-wapens (stroomstootwapens) hierbij nadrukkelijk aan de orde gesteld. De Nederlandse regering dreigt binnenkort namelijk iedere Nederlandse politieagent een eigen Taser-wapen te geven, zo bleek vorige week nog uit berichtgeving in de media. Tot op heden zijn alleen de arrestatieteams van de Nederlandse politie met Taser-wapens uitgerust. Dat bredere, algemene inzet van Taser-wapens zal leiden tot structurele excessen ligt in de lijn der verwachting. In dit verband spreken met name alle Amerikaanse schandalen met Taser-wapens boekdelen. In de optiek van Privacy First kan het gebruik van Taser-wapens gemakkelijk leiden tot schending van het internationale verbod op foltering, wrede of onmenselijke behandeling en het daaraan verwante recht op lichamelijke integriteit. Taser-wapens verlagen immers de geweldsdrempel en laten nauwelijks uiterlijke sporen achter. Tegelijkertijd kunnen Taser-wapens ernstige fysieke en mentale schade veroorzaken. Dit levert ernstige risico’s op voor de Nederlandse bevolking, met name ook voor bepaalde kwetsbare groepen. In onze gezamenlijke schaduwrapportage aan het Comité worden deze risico’s daarom benadrukt (zie rapportage, pp. 15-16).

Eerdere kritiek van VN-Comité

Zowel de Nederlandse coalitie van maatschappelijke organisaties als Amnesty International hebben het VN-Comité verzocht om de Nederlandse regering hierover kritisch te ondervragen en Nederland te adviseren om géén Taser-wapens voor het gehele Nederlandse politiekorps in te voeren. Bij de vorige sessie van het VN-Comité in 2013 had o.a. Privacy First hier eveneens op aangedrongen. Dit leidde destijds tot het volgende dringende advies van het Comité aan Nederland:

“The Committee recommends to [the Netherlands], in accordance with articles 2 and 16 of [the Convention against Torture], to refrain from flat distribution and use of electrical discharge weapons by police officers. It also recommends adopting safeguards against misuse and providing proper training for the personnel to avoid excessive use of force. In addition, the Committee recommends that electrical discharge weapons should be used exclusively in extreme limited situations where there is a real and immediate threat to life or risk of serious injury, as a substitute for lethal weapons.” (par. 27)

Privacy First ziet een nieuw kritisch oordeel van het Comité met vertrouwen tegemoet. Zie ook ons commentaar in de Telegraaf en regionale dagbladen (via ANP).


Update 22 november 2018: gisteren en eergisteren vond de Nederlandse sessie bij het VN-Comité plaats. Talloze actuele onderwerpen passeerden daarbij kritisch de revue, waaronder Taser-wapens. Tegenover het VN-Comité verklaarden de vertegenwoordigers van Curaçao, Sint Maarten en Aruba nadrukkelijk dat daar geen Taser-wapens worden gebruikt. Dit stond in schril contrast met de vertegenwoordiger van de Nederlandse regering (secretaris-generaal Riedstra van het Nederlandse ministerie van Justitie en Veiligheid) die nauwelijks op dit onderwerp inging en stelde dat de Nederlandse regering in 2019 een besluit over de inzet van Taser-wapens zal nemen. Hieronder alle relevante audiofragmenten: 

Vragen van dhr. Hani namens VN-Comité, 20 november 2018:

(Engelse simultaanvertaling)

Antwoord van dhr. Riedstra namens Nederland:

 

Nieuwe vragen van dhr. Hani namens VN-Comité, 21 november 2018:

(Engelse simultaanvertaling)

Antwoord van dhr. Riedstra namens Nederland:


Zie ook het VN-persbericht over de Nederlandse sessie in Genève, de volledige videoregistratie (dag 1 en dag 2) en het woordelijk verslag (dag 1 en dag 2). Naar verwachting zal het VN-Comité binnen enkele weken kritische Concluding Observations (dringende adviezen) over Nederland uitvaardigen.


Update 7 december 2018: vandaag heeft het VN-Comité een aantal richtlijnen (Concluding Observations) aan de Nederlandse regering uitgevaardigd, waaronder het dringende verzoek om geen Taser-wapens in te voeren voor het gehele Nederlandse politiekorps en dit te beperken tot die gevallen waarin het gebruik van een Taser-wapen strikt noodzakelijk en proportioneel kan worden geacht. Tevens waarschuwt het Comité nadrukkelijk om geen Taser-wapens te gebruiken bij kwetsbare personen. Het Comité toont zich bovendien zeer bezorgd over de manier waarop Taser-wapens tot nu toe door de Nederlandse politie zijn gebruikt.

Het gehele rapport van het Comité staat HIER (pdf). Hieronder het onderdeel inzake Taser-wapens (par. 42-43):

Electrical discharge weapons (tasers) and pepper spray

42. The Committee notes with concern that despite its previous recommendations against the routine distribution and use of electrical discharge weapons (tasers) by police officers, the State party conducted a pilot testing from February 2017 to February 2018 without clear instructions on their restrictive use. It is particularly concerned at information that during this pilot period, police officers used tasers in situations where there was no real and immediate threat to life or risk of serious injury, including in cases where targeted individuals were already in police custody. It is further concerned about reports of the frequent use of the so-called “stun mode” which is intended to merely inflict pain, and the incidents in which tasers were used against minors as well as persons with mental disabilities in healthcare settings. In addition, the Committee is concerned about information that the use of pepper spray is not regulated fully in line with principles of necessity and proportionality and that the new draft Instructions on the Use of Force is expected to further lower the threshold for using it and to permit its use against vulnerable persons including pregnant women and children (arts. 2, 11 and 16).

43. Recalling the Committee’s previous recommendations (CAT/C/NLD/CO/5-6, para. 27), the State party should:

(a) Refrain from routine distribution and use of electrical discharge weapons by police officers in their day-to-day policing, with a view to establishing a high threshold for their use and avoiding excessive use of force;

(b) Ensure that electrical discharge weapons are used exclusively in limited situations where there is a real and immediate threat to life or risk of serious injury, as a substitute for lethal weapons and by trained law enforcement officers only;

(c) Explicitly prohibit the use of electrical discharge weapons and pepper spray against vulnerable persons, including minors and pregnant women, and in healthcare settings, including mental health institutions, and especially prohibit the use of electrical discharge weapons in the custodial settings;

(d) Ensure that the instructions on the use of electrical discharge weapons and pepper spray emphasize the absolute prohibition of torture and the need to respect the principles of necessity and proportionality, fully in accordance with the Convention and the Basic Principles on the Use of Force and Firearms by Law Enforcement Officials;

(e) Adopt safeguards against misuse of electrical discharge weapons and pepper spray and provide proper training and awareness programmes for the law enforcement personnel;

(f) Monitor and regularly review the use of electrical discharge weapons and pepper spray, and provide the Committee with this information.

 

Privacy First waardeert dit kritische oordeel en de principiële stellingname van het Comité. Dit creëert bovendien een sterk precedent voor andere landen wereldwijd. Privacy First zal erop toezien dat de Nederlandse overheid de richtlijnen van het Comité naleeft.

Gepubliceerd in Wetgeving

"Met kentekencamera’s binden politie en justitie de strijd aan met criminelen. Maar de camera’s boven en langs (snel)wegen registreren de gegevens van élke weggebruiker. Informatie die, zo is de bedoeling, straks vier weken lang bewaard mag worden. Privacy-organisaties zijn hier mordicus tegen en bereiden een rechtszaak voor.

Voortvluchtige criminelen, autodieven, inbrekers. Het zogeheten ANPR-systeem moet de kans dat de politie ze aanhoudt, aanmerkelijk vergroten. ANPR staat voor automatic numberplate recognition. Kort gezegd: nummerplaatherkenning. De camera’s maken opnames van kentekens. Die worden vergeleken met gegevens in politiecomputers over mensen die worden gezocht of boetes hebben openstaan. Komt de naam in de politiebestanden voor, dan kan de automobilist beboet of aangehouden worden.

De camera’s hangen al jaren boven snelwegen, op dit moment zijn het er naar schatting 450. Daarnaast zijn ongeveer 150 politieauto’s voorzien van mobiele ANPR-camera’s. En sinds dit jaar zijn provinciale wegen verspreid over het hele land voorzien van tweehonderd ANPR-camera’s. (...)

Wetsvoorstel

Tot nog toe worden de miljoenen kentekengegevens van weggebruikers die in geen enkel bestand voorkomen onmiddellijk, of in ieder geval binnen 24 uur gewist. Maar op aandringen van politie en justitie keurden Tweede en Eerste Kamer vorig jaar een wetsvoorstel goed dat voorziet in het bewaren van gegevens voor een periode van vier weken. Hierdoor kan de politie langer gebruikmaken van de gegevens bij de opsporing van een misdrijf of voor de aanhouding van voortvluchtige personen.

Gegevens

Privacyvoorvechters waarschuwen dat ook onschuldige burgers in de systemen van politie belanden. Zoals Privacy First, een onafhankelijke stichting met als doel het bevorderen van het recht op privacy. Directeur Vincent Böhre is er honderd procent van overtuigd dat de nieuwe wet de rechten van burgers schendt. “Het gaat om honderden camera’s die gegevens van weggebruikers registreren. Als je die massaal voor een periode van een maand opslaat voor opsporing en vervolging, dan behandel je de hele bevolking bij voorbaat als potentiële criminelen. Of als terroristen, want de databank zal ook door de AIVD gebruikt worden. Zij krijgt rechtstreeks toegang tot die databank”, aldus Böhre.

Maar als ik niks te verbergen heb, dan is het toch niet erg dat mijn gegevens worden opgeslagen?
Böhre: “Laat ik het omdraaien. Als je niets te verbergen hebt, dan ben je onschuldig, en dan hoeven je gegevens ook niet te worden opgeslagen. Mensen die niks te verbergen hebben, moeten buiten het vizier van politie en justitie blijven en zich in alle vrijheid door Nederland kunnen begeven en reizen. Nu is het zo dat als je niet op een zoeklijst van politie en justitie staat je gegevens binnen 24 uur worden gewist. Daar kunnen we mee leven, al zou onmiddellijk wissen beter zijn.”

Inwerkingtreding

De nieuwe wet, die het opslaan van gegevens voor maximaal vier weken moet bestendigen, is nog niet van kracht. De Raad van State heeft het uitvoeringsbesluit dat minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) eerder dit jaar nam onlangs van advies voorzien. “Wij hebben dat advies inderdaad ontvangen”, zegt een woordvoerder van het ministerie. “Over de inhoud ervan kunnen we nu nog geen mededelingen doen. Ook over de datum van inwerkingtreding kunnen we niets zeggen. Daarover moet nog besluitvorming plaatsvinden.” (...)

Rechtszaak

Böhre vreest dat het aantal ANPR-camera’s de komende jaren alleen maar zal toenemen. “Hoe ver willen we gaan met dit soort technologie? Nogmaals, ik vind dat we moeten proberen om de samenleving zo in te richten dat onschuldige burgers zo veel mogelijk buiten het vizier van opsporings- en inlichtingendiensten blijven en dat ze zich vrij kunnen wanen.”

Zodra bekend is hoe de nieuwe wet er precies uit zal zien, spant Privacy First samen met het Platform Bescherming Burgerrechten een rechtszaak aan. “We verwachten dat andere organisaties zich bij ons aansluiten.”


Bron: BN/DeStem 17 november 2018: https://www.bndestem.nl/breda/gegevens-langer-opslaan-mensen-moeten-buiten-het-vizier-van-justitie-kunnen-blijven~a1bd3356/.

Gepubliceerd in Wetgeving

"Ondanks de invoering van de nieuwe Europese privacywet blijft een aantal bedrijven in Nederland zoals Dirk van den Broek prikklokken gebruiken die werken met vingerafdrukken, schrijft het FD. 'Een prikklok is alleen toegestaan in uitzonderingsgevallen', zegt Vincent Böhre, directeur van Privacy First. 'En dat is het in dit geval niet'.

Wanneer mag je als bedrijf wel en wanneer mag je geen gebruikmaken van biometrische technologie? 'Dat ligt aan de situatie. Onder de AVG moet er echt sprake zijn van een noodzaak voor beveiliging of authenticatie'. Denk hierbij aan een kerncentrale, gevangenis, Schiphol of de Rotterdamse haven. Volgens Böhre is er bij een gemiddelde supermarkt of autogarage geen noodzaak, tenzij er sprake is van grootschalige fraude of diefstal. Biometrische gegevens zijn immers zeer gevoelige persoonsgegevens: 'Ben je een vingerafdruk eenmaal kwijt, dan kun je daar ook andere dingen mee doen'. Het zou Böhre niet verbazen wanneer de Autoriteit Persoonsgegevens binnenkort de eerste klachten daarover krijgt.

Cameratoezicht op de werkvloer is ook niet toegestaan, net als het monitoren van het emailgedrag van werknemers. Tegen het tracken van chauffeurs is ook steeds meer weerstand."

Bron: https://www.bnr.nl/nieuws/juridisch/10357813/biometrische-prikklok-is-schending-privacy, 19 oktober 2018. Beluister hieronder het hele interview:

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Privacy First verschijnt regelmatig in de media, maar meestal zijn dit slechts korte fragmenten, soundbites of oneliners uit langere interviews. Café Weltschmerz vormt hierop een interessante uitzondering: hier neemt men nog de tijd om belangrijke (soms controversiële) onderwerpen uitgebreid te bespreken. Onlangs sprak Rico Brouwer (Piratenpartij) met Vincent Böhre (directeur Privacy First) over het referendum tegen de 'Sleepwet' en de lobby en rechtszaken van Privacy First. Bekijk hieronder het hele interview:

Gepubliceerd in Sleepwet
maandag, 24 september 2018 13:49

Géén vingerafdrukken in identiteitskaarten!

Sinds 2009 geldt in Nederland de controversiële Europese verplichting om vingerafdrukken in paspoorten op te nemen. Tot nu toe zijn identiteitskaarten van deze Europese verplichting uitgezonderd. Desondanks werden sinds 2009 ook in Nederlandse identiteitskaarten vingerafdrukken opgenomen. Wegens privacybezwaren werd deze Nederlandse verplichting per januari 2014 afgeschaft. Inmiddels werkt de Europese Commissie echter aan nieuwe Europese wetgeving om alsnog de opname van vingerafdrukken in alle Europese identiteitskaarten te verplichten. Privacy First roept de Nederlandse regering op om zich hiertegen te verzetten.

Morgen stemt de Tweede Kamer in dit verband over een belangrijke motie van D66: deze motie (34966-6) roept de Nederlandse regering op om in Brussel te bewerkstelligen dat vingerafdrukken in identiteitskaarten louter vrijwillig i.p.v. verplicht zullen worden. Stichting Privacy First heeft de Tweede Kamer opgeroepen om vóór deze motie te stemmen, en wel om de volgende redenen:

  1. In mei 2016 heeft de Raad van State reeds geoordeeld dat de verplichte opname van vingerafdrukken in Nederlandse identiteitskaarten in strijd is met het recht op privacy wegens gebrek aan noodzaak en proportionaliteit.
  2. Uit diverse Wob-verzoeken van Privacy First is de laatste jaren gebleken dat het te bestrijden fenomeen (look-alike fraude met ID-documenten) dusdanig kleinschalig is, dat verplichte afgifte van vingerafdrukken ter bestrijding hiervan volstrekt disproportioneel en dus onrechtmatig is.
  3. Bij de vingerafdrukken in paspoorten en ID-kaarten gold de laatste jaren een biometrisch foutenpercentage van maar liefst 30% (!), zie https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-32317-163.html (staatssecretaris Teeven 31 januari 2013, p. 15). Eerder gaf minister Donner een foutenpercentage van 21-25% toe: zie https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-25764-47.html (27 april 2011, p. 19).
  4. Mede vanwege deze hoge foutenpercentages worden de vingerafdrukken in paspoorten en identiteitskaarten in het binnenland tot op heden vrijwel niet gebruikt. Aan de landsgrenzen, bij de douane en op luchthavens worden de vingerafdrukken zelfs totaal niet gebruikt.
  5. Vanwege de hoge foutenpercentages instrueerde staatssecretaris Bijleveld (Binnenlandse Zaken) reeds in september 2009 alle Nederlandse gemeenten om (in principe) geen vingerafdruk-verificaties uit te voeren bij de uitgifte van paspoorten en identiteitskaarten. Bij een biometrische “mismatch” dient het betreffende ID-document immers retour aan de paspoortfabrikant gezonden te worden, wat bij hoge aantallen tot snelle maatschappelijke ontwrichting zou leiden. Het ministerie van Binnenlandse Zaken maakte zich in dit verband zorgen om sociale onrust en mogelijk zelfs geweld bij gemeentebalies. De betreffende zorgen en instructies vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken gelden tot op heden nog steeds.
  6. Momenteel lopen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens nog diverse individuele Nederlandse rechtszaken waarin de verplichte afgifte van vingerafdrukken voor paspoorten en ID-kaarten aangevochten wordt wegens strijd met art. 8 EVRM (recht op privacy).
  7. Voor mensen die om welke reden dan ook geen vingerafdrukken wensen af te geven (biometrisch gewetensbezwaarden, art. 9 EVRM) zou in elk geval een uitzondering moeten worden bedongen.

Zie voor meer achtergrondinformatie het WRR-rapport ‘Happy Landings’ dat Privacy First directeur Vincent Böhre schreef in 2010. Mede naar aanleiding van dit kritische rapport (en de grootschalige rechtszaak van Privacy First c.s. tegen de Nederlandse Paspoortwet) werden de decentrale (gemeentelijke) en geplande centrale opslag van vingerafdrukken reeds in 2011 stopgezet en afgeschaft.

Voor nadere informatie of vragen met betrekking tot bovenstaande is Privacy First te allen tijde bereikbaar op telefoonnummer 020-8100279 of per email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Update 25 september 2018:
vanmiddag heeft de Tweede Kamer de motie helaas verworpen. D66, GroenLinks, SP, PvdA, PvdD, Denk en FvD stemden vóór en de overige partijen tegen. The battle goes on...

Gepubliceerd in Wetgeving

De laatste maanden heerst er een collectieve campagne in de media en politiek inzake het torpederen van het zelfbeschikkingsrecht over je eigen lichaam en het recht op lichamelijke integriteit. Deze grondwettelijke rechten zijn echter onderdeel van het recht op privacy en vormen daarmee de basis van onze democratische rechtsstaat.

Eerst de wettelijke donorplicht, de lopende discussie inzake verplicht vaccineren en dan nu weer de verplichte DNA-database. Ik heb hier middels mijn columns al in een vroeg stadium onze opinie over gegeven, vanuit de principes van onze rechtsstaat waar Privacy First voor staat. Voor sommigen lijkt de roep om dwang en verplichting wellicht legitiem; het gaat immers om ogenschijnlijk legitieme doelen vanuit sterk uitvergrote incidenten. Maar juist daarvoor geldt dat uitzonderingen de regel bevestigen. En dat er slechts in uitzonderlijke gevallen tijdelijk een uitzondering gemaakt kan worden op de regel van lichamelijke integriteit, en dan louter vanuit vrijwilligheid en vertrouwen. Met andere woorden: het vrijwillig afstaan van organen, DNA en deelname aan vaccinatieprogramma's, met daarin individuele keuzevrijheid in de uitvoering.

Wij zien de huidige tendens van verdere inmenging van overheden in de persoonlijke levenssfeer niet losstaand van vele andere (technologische) ontwikkelingen en de daaraan gerelateerde function creep: het steeds verder oprekken van de mogelijkheden binnen het initieel gecreëerde kader of wetgeving. Die oprekking wordt vervolgens zonder toetsing aan fundamentele rechtsprincipes ongemerkt in onze wetgeving en samenleving doorgevoerd. Vanuit incidentgedreven waan-van-de-dag-politiek kunnen emotionele keuzes voortkomen die haaks staan op het menszijn op langere termijn. Denk bijvoorbeeld aan het steeds verder verplichten van orgaandonatie. Middels verplichte vaccinatie met nieuwe technologie van (bio)chips zou een bevolking verplicht gechipt kunnen worden. En tot slot kan een verplichte DNA-databank leiden tot tal van discriminerende maatregelen vanuit DNA-profiling.

Dit zijn zomaar enkele scenario’s waar we in versneld tempo doorheen zouden kunnen worden geduwd door overheden en industriële belangen. Opvallend zijn telkens de Orwelliaanse omgekeerde redeneringen vanuit de promotors:

  • Iedere burger is een potentiële verdachte. De overheid is er niet voor de burger, maar andersom. Op naar permanente en volledige controle van die burger zonder enige vorm van verschoningsrecht.
  • Wantrouwen in plaats van vertrouwen. Vanuit het principe “de uitzondering wordt de regel” in plaats van de uitzondering bevestigt de regel.
  • Burgergegevens zijn van de overheid. Massale centralisatie van gegevens in plaats van decentrale en kleinschalig georganiseerde gegevensopslag. Met andere woorden het centraal toe-eigenen van persoonlijke data door overheden met daarin onduidelijke of slecht geregelde uitvoering in controle, het doorgeven van data aan andere overheidsdiensten en geen eigen regie en eigenaarschap bij de burger.
  • Loslaten van menselijke principes. Door gebrekkige uitvoering en handhaving in de praktijk worden de uitzonderingen sterk uitvergroot in de media en vindt de discussie telkens plaats in de volgende omgekeerde volgorde: technologische mogelijkheden --> uitvoering --> aanpassing van wetgeving. Oftewel “omdenken”.

Dit in plaats van eerst na te denken over waar de handhaving en uitvoering verkeerd gaat, wat de principes zijn die gehandhaafd moeten worden en hoe de uitvoering te gaan regelen, waarbij de implicaties van toekomstige technologische ontwikkelingen in beeld worden gebracht.

Eeuwenlang hebben grote filosofen en rechtsgeleerden nagedacht over het inrichten van onze menselijke samenleving en zijn de daarbij behorende principes en uitgangspunten ontwikkeld. Gaan wij dit nu in een paar jaar laten afbreken vanwege enkele grote PR-campagnes vanuit het bedrijfsleven, de interviews en columns in enkele media en nieuwe technologische mogelijkheden? Met mogelijkheden die alle menselijke waardigheid ondergraven indien verkeerd toegepast? Het gaat hier om een de-humaniseringstrend op grote schaal. En men staat erbij en kijkt ernaar. Het verkwanselen van principes is blijkbaar het mantra van deze eeuw?

Privacy First gaat uit van principes, in eerste instantie de basisprincipes van het menszijn, vanuit het respect voor elkaar en de onderlinge verschillen waarvan we kunnen leren. Vanuit vertrouwen. Keuzes uit angst zijn veelal verkeerde keuzes. Wat in het klein geldt, geldt in het groot net zo. Wij gaan uit van de menselijke maat en eigen keuzes in een vrije omgeving. En natuurlijk technologie en mogelijkheden om de mens te ondersteunen. Je kunt tenslotte met een mes iemand doodsteken of er een boterham mee smeren, oftewel technologie positief inzetten.

In alle gevallen is het uitgangspunt van liefde en vertrouwen leidend, dit zijn de basis-menselijke eigenschappen. Dus goede en eerlijke voorlichting, onderbouwd door controleerbare feiten, het serieus nemen (vertrouwen) van de burger en onafhankelijk optreden van de belangen van het bedrijfsleven zijn cruciaal in het oplossen van sociaal-maatschappelijke vraagstukken. Het framen en belachelijk maken van andersdenkenden, het op de persoon spelen en het verplichtingscircus zeker niet. Dit leidt immers tot zelfcensuur, het ondergronds gaan van andersdenkenden en het uitsluiten van groepen in onze samenleving.

Voor een vrije samenleving!

Bas Filippini,
voorzitter Privacy First

Gepubliceerd in Columns

Het lichaam is onaantastbaar

De discussie rondom vaccineren laait regelmatig opnieuw op. Afgelopen week is door de daling in vaccinatiegraad weer gediscussieerd over het verplicht vaccineren (al dan niet beperkt tot kinderdagverblijven). Het medisch beroepsgeheim, de medische privacy, de integriteit van en het zelfbeschikkingsrecht over het menselijk lichaam staan steeds meer onder druk.

De burger vertrouwt momenteel de overheid niet meer en stelt zich kritischer op. En dat is niet zo gek als je de discussies over onder andere de Donorwet, de ‘Sleepwet’ en de afschaffing van het referendum volgt. De burger wordt niet meer serieus genomen als volwassen gesprekspartner. Als noodgreep wordt er vervolgens door de overheid dwang gebruikt om diezelfde burger in het gareel te houden.

Toenemende invloed bedrijfsleven

Daarnaast constateer ik een voortdurende invloed van de lobby door het bedrijfsleven en in dit geval de vaccinatie-industrie op centraal georganiseerde overheden. Ook nu weer wordt groots uitgepakt in alle media en wordt de angstkaart volop getrokken. Hierdoor ontstaat er een ongelijk speelveld met de individuele burger in informatie, geld, tijd, menskracht en andere middelen. De legitieme vragen en zorgen van burgers leiden nauwelijks tot heroverwegingen van beleid.

Verplichte vaccinatie leidt tot inbreuk op integriteit van het lichaam

De rechten op lichamelijke integriteit en onaantastbaarheid van het lichaam zijn onder meer verankerd in onze Grondwet en in Europese verdragen. In de discussie omtrent het vaccineren zou het dus moeten gaan over deze principiële benadering van de inbreuk op de integriteit van het lichaam van de individuele burger. Een (structurele) verplichting tot vaccinatie zal door Privacy First altijd aangevochten worden.

Open discussie nodig inzake vaccinatieprogramma’s

Vanuit Privacy First is het zelfbeschikkingsrecht over het lichaam leidend en willen wij graag een bijdrage leveren aan een gedegen discussie inzake de noodzaak van de verschillende vaccins en het vaccinatieprogramma. Daarnaast is eerlijke, onafhankelijke en goede communicatie naar de burger noodzakelijk. Deze informatie en communicatie is nodig zodat burgers, in een open en vrije samenleving, goed geïnformeerd en geadviseerd weloverwogen keuzes kunnen maken.

Onder de bevolking heerst een groeiende onrust over de werking en bijwerkingen van vaccinaties. Het is aan de overheid om op basis van onafhankelijk onderzoek op de veelgestelde vragen en zorgen antwoord te geven. Het kan daarbij niet zo zijn dat de burger die zich kritisch opstelt direct geframed wordt als een door nepnieuws geïnspireerde populist. Instanties die niet meer flexibel met de “waarom-vraag” kunnen omgaan en tot zelfcensuur promoten, leiden immers tot ondergronds verzet en gesloten discussies. Vanuit maatschappelijk oogpunt is dat zeer onwenselijk.

Is onze optiek is een onafhankelijke en professionele aanpak vanuit de overheid en het goed informeren van ouders en artsen inzake het aantal, type en wijze van vaccineren een belangrijk uitgangspunt. Dit vanuit het respect voor ieders lichamelijke integriteit, de geldende ethische normen en waarden en vanuit de gedachten van keuzevrijheid en eigen verantwoordelijkheid.

In plaats van de discussie te richten op symptoombestrijding, zou Privacy First daarom willen adviseren aan de oorzaken van het wantrouwen onder de burger te werken middels:

  1. Goede voorlichting vanuit onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek;
  2. Dwarsverbanden met de industrie strikt af te grenzen en een onafhankelijk vaccinatie-programma te ondersteunen met de juiste prikkels aan belanghebbenden;
  3. Ethische implicaties en privacy by design mee te nemen bij voortschrijdende medisch-technologische ontwikkelingen.

Wij staan dan ook achter het standpunt van het nieuwe kabinet om vaccinaties niet verplicht te stellen en geen keuzediscriminatie toe te passen op kinderopvang en scholen, maar het beleid te richten op betere communicatie. Bovenstaande aandachtspunten zouden daarbij leidend moeten zijn.

Voor een vrije en gezonde samenleving!


Bas Filippini,
voorzitter Stichting Privacy First

 

Update 16 juli 2018: tevens gepubliceerd door Brabants Dagblad, zie https://www.bd.nl/opinie/het-lichaam-is-onaantastbaar~a38a4036/.

Gepubliceerd in Columns
Pagina 1 van 19

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon