donatieknop english
woensdag, 02 januari 2019 14:57

Nieuwjaarscolumn Privacy First

Stand van zaken 

Een Nieuwjaarscolumn schrijven over de stand van zaken met betrekking tot privacy en de bescherming van een ieders persoonlijke levenssfeer valt me dit jaar zwaar. Op enkele lichtpuntjes na is de privacy in Nederland en de rest van de wereld in zeer zwaar weer terecht gekomen. Na de onthullingen van Snowden in 2013 leek de wereld wakker te worden geschud inzake het gebruik en misbruik door geheime diensten van ieders bewegingen op internet en online in het algemeen. Ook het toenemend aantal datalekken, hacks bij overheden en bedrijven zouden tot inkeer leiden dat grootschalige en centrale opslag van data niet de oplossing is. De Arabische lente in 2015 zou een grootschalige verandering brengen door het vrije gebruik van (social) media welke nog niet eerder vertoond was.

De Europese Unie stemde met succes tegen uitwisseling van data en reisbewegingen, bereidde de huidige AVG-wetgeving voor en leek onder aanvoering van het privacy-alerte Duitsland het lichtende alternatief voor de wereld te kunnen worden. Helaas liep het anders. Onder Obama werd Snowden weggezet als verrader, klokkenluiders moesten voortaan harder worden aangepakt, Julian Assange moest onderduiken en het vermoorden van verdachten zonder vorm van proces met drone-aanvallen werd op grote schaal ingevoerd. Buitengerechtelijke executies met collateral damage... terwijl de discussie over waterboarding ging... Dergelijke side-way discussies zijn inmiddels gemeengoed in de politiek alsmede het framen en blamen (vaak op de persoon in plaats van de inhoud) van de gepolariseerde tegenstanders in het debat.

Als wij vanuit Privacy First terugkijken op 2018 zien we een groot aantal gebieden waarin de privacy-afbraak duidelijk zichtbaar is:

Overheid & privacy

Dit jaar is het referendum inzake de Sleepwet gehouden en is vervolgens het referendum direct afgeschaft. In een tijd van ongekende technische mogelijkheden om referenda op velerlei wijze in te zetten in een shared democracy. Ongekend. Met het referendum is verder niets gedaan, de Sleepwet werd gewoon ingevoerd en een belangrijk rapport inzake het functioneren van de AIVD werd achtergehouden door de minister. Dat vindt men anno 2018 niet meer iets om zich druk over te maken en kan zonder consequenties gebeuren. Ook het recente Staatscommissierapport van Remkes zal wellicht in de welbekende la verdwijnen.

Angst voor behoud van positie en de politieke waan van de dag regeert in de incidentgedreven cultuur om geen fouten te maken bij de heren en dames “beroepspolitici”. Het woord zegt het al: eerst je baan of beroep en dan pas de vertegenwoordiging van de burger. Incidenten worden telkens uitvergroot om dwingende en verruimde wetgeving door te drukken. Zonder toetsing aan uitgangspunten zoals noodzaak & doelbinding, subsidiariteit en proportionaliteit. De overheid staat steeds verder van de burger, deze wordt niet vertrouwd maar wordt wel geacht volledig transparant te zijn voor diezelfde overheid. Een overheid die ook telkens weer zaken te verbergen blijkt te hebben voor de burger. Een overheid die vanuit de wetgeving verplicht is privacy te beschermen en zelfs te promoten, maar helaas zelf nog steeds de grootste privacyschender is.

Medische wereld & privacy

In deze hoek was het echt raak in 2018. Middels verschillende gecoördineerde media offensieven worden wij vanuit de EU en in de lidstaten bestookt met de voordelen van het afstaan van ons recht op lichamelijke integriteit en onze menselijkheid. Het delen van biometrische gegevens met de VS gaat onverminderd door. Verder was er de roep om verplichte DNA-databanken vanuit de politie, het verplicht vaccineren, het nut van smart medicijnen met chips en het verder uitfaseren van alternatieve geneeswijzen. Vervolgens de voorzichtige start met genetische tests van verzekeringsmaatschappijen, het steeds verder opheffen van het medisch geheim door zorgverzekeraars, de wet op orgaandonatie en de popularisering van het chippen van mensen (de cyborg als hoogste ideaal in de Silicon Valley propaganda), om maar een aantal zaken te noemen.

Wanneer wordt de burger verplicht gechipt? Alle (huis)dieren in de EU zijn u al voorgegaan. En dan nu weer het Elektronisch Patiëntendossier, eerst afgeschoten in de Eerste Kamer en via een omweg weer terug op de agenda bij de minister met ferme taal. Het wordt gewoon vanuit commerciële belangen door de strot geduwd bij de huisartsen en alternatieven zoals Whitebox worden niet serieus genomen. De invloed van Big Pharma middels lobby in overheidslichamen en zitting in overheidswerkgroepen is sterk voelbaar. In nauwe samenwerking met enkele ICT-bedrijven met hun ideaal van grote en gecentraliseerde netwerken en systemen. Hun kerstbonus en groei over de rug van onze vrijheid en welzijn.

Media & privacy

We kunnen “fakenews” natuurlijk niet overslaan. Belangrijk voor het hebben van privacy is dat je je eigen mening kunt vormen en dat je de mening van anderen respecteert en daarvan kunt leren. Tevens is een onafhankelijke pers aan linker- en rechterzijde van het spectrum essentieel in een democratische rechtsstaat. Deze heeft als taak de gekozen en ongekozen vertegenwoordigers uit de politiek en overheid te controleren op hun functioneren. De journalistiek en pers moet daarom tot in de haarvaten van de samenleving kunnen doordringen, met andere woorden van lokaal nieuws t/m landelijk en globaal nieuws.

Sinds het ontstaan van onze nieuwsgaring is op feiten gebaseerd nieuws al een lastige opgave. Persdienst, PR of propaganda is niet altijd gemakkelijk uit elkaar te houden. Ook in deze tijd van snelle technologische veranderingen met nieuwe mogelijkheden zullen deze weer tegen het licht van de principes van de journalistiek gehouden moeten worden. Daarin niets nieuws. Wat wel nieuw is, is dat de Europese Unie en onze eigen minister denken zich bezig te moeten houden met uitbestede censurering van nieuws via feitelijk bewezen onbetrouwbare, globale social media bedrijven.

Waar Facebook & Google zich in de rechtszaal moeten verantwoorden voor het verspreiden van Nepnieuws en censurering van accounts wordt de controle daarop aan hen uit handen gegeven door onze eigen overheid. De privacyschenders en nepnieuwsverspreiders als hoeders van onze privacy en journalistiek. De wereld op zijn kop. Deze minister en overheid ondergraven de rechtsstaat met deze uitbesteding en dedain voor de zelfdenkende burger. Tijd voor een structurele verandering van onze media vanuit nieuwe technologie zoals blockchain en een door de overheid op te zetten Mediabureau dat alle media subsidieert middels een bijdrage van de burger, op basis van hun bereik en leden. Alle media dus, ook de zogenaamde alternatieve media. In plaats van deze media weg te censureren.

Finance & privacy

Ook op financieel vlak is de uitholling van je privacy steeds meer een feit. Feit is dat de Belastingdienst al in detail het uitgavenpatroon kent van alle bedrijven en burgers. En nu via de nieuwe Sleepwet real-time deze informatie wettelijk gedekt kan doorspelen aan de diensten (de AIVD kijkt met u mee). Daarnaast wordt de introductie van een goedbedoeld initiatief als PSD2 volkomen ondoordacht en privacy-onvriendelijk ingevoerd; aan de basisvoorwaarden inzake het eigenaarschap van de bankdata (van de burger / rekeninghouder) wordt geen invulling gegeven. Simpele principes als selectieve deling van bankgegevens in type betalingspost of per periode zijn niet mogelijk. Ook worden betalingsgegevens van derden die geen toestemming geven meegezonden.

De campagne “cash = crimineel” gaat onverminderd door. Het recht op cash en anoniem betalen verdwijnt, ondanks waarschuwingen van nu ook DNB dat de rol van cash cruciaal is in onze samenleving. Onze opinie in brede zin is reeds eerder in ons publieksdebat over dit thema weergegeven. Een laatste ontwikkeling is verdergaande koppeling middels Big Data en profiling in de incasso- en overheidswereld. Het financieel afsluiten van burgers van het elektronisch geldsysteem als nieuwe vorm van boete in plaats van boetes betalen ligt steeds meer op de loer. In China wordt hier al volop mee geëxperimenteerd en ook binnen Europa gaan er stemmen op in deze richting, vanuit (vermeend) terrorisme. Het zal met andere woorden in de toekomst steeds lastiger worden je stem te verheffen en je te organiseren tegen machtsmisbruik van overheden en bedrijven: met 1 druk op de knop kun je niet meer pinnen, reizen of enige online handeling verrichten en ben je als elektronische paria verbannen uit de maatschappij.

Openbare ruimte & privacy

In 2018 is de privacy in de openbare ruimte steeds verder bergafwaarts gegaan. Waar Nederland te klein was 20 jaar geleden met de ID-plicht zijn alle overheden en gemeenten in Europa momenteel bezig met zogenaamde “smart” city concepten. Als je vervolgens vraagt wat de voordelen en het nut hiervan zijn anders dan dat de burger permanent in het vizier komt, wordt er vaag wat over verkeersproblematiek geroepen en dat de killer-applicaties pas zichtbaar worden als het netwerk van beacons er ligt. Er is met andere woorden geen enkel hard cijfer te geven inzake de noodzaak, subsidiariteit en proportionaliteit en al zeker niet afgezet tegen basale burgerrechten als privacy.

Om een greep te noemen:

  • ANPR wetgeving per 1 januari 2019 (alle vervoersbewegingen op de openbare weg 4 weken in een centrale politiedatabank)
  • Reis- en verblijfsdatabase van alle vervoersbewegingen van Europese burgers en kilometerheffing per 2023
  • Noodchips verplicht in elk voertuig met 2-weg communicatievoorbereiding (afluister- en volgapparatuur in de volksmond) per 1 januari 2019
  • Camera’s & 2-weg communicatie in de openbare ruimte, onder andere ingebouwd in straatlantaarns via invoering “Smart City”
  • Besluit tot extra camera’s in het openbaar vervoer per 2019
  • Invoering Smart City en invoering van unlimited “beacons” (klinkt zoveel beter dan elektronische concentratiekamp-palen)
  • Het koppelen van alle verkeerscentrales en meldkamers (ook beveiligingsbedrijven voor privé).

De burger wordt permanent gecontroleerd en in de gaten gehouden door onzichtbare en onbekende ogen.

Privédomein & privacy

Dat overheid en bedrijven graag een kijkje achter de voordeur willen nemen weten we al lang, maar de mate waarmee dit afgelopen jaar werd gepromoot is buiten elke proportie. Om te beginnen met de energiebedrijven, welke verplicht “slimme meters” door de strot van burgers duwen. Via een “afspraak voor het plaatsen van een slimme meter” waar je niet om gevraagd hebt is het vrijwel onmogelijk om uit de handen van de paarse krokodil te blijven. Na meerdere afzeggingen van mijn kant en telefoontjes naar Nuon bleven ze gewoon doorduwen. Ik heb er nog steeds geen en daar zal het ook bij blijven.

Dit jaar was wederom het jaar van Silicon Valley, waar enkele ongekozen dictatoriale bestuurders met de macht van landen, hun utopieën aan de burger willen wegzetten als trendy en modern. Zelfrijdende auto’s halen de autonomie en plezier van de burger weg (op miljoenen verkeersbewegingen per dag is het aantal ongelukken zeer klein) terwijl ieder kind al kan zien dat een mengvorm de enige optie is. Uitermate enge 1984 implementaties zijn de zogenaamde Smart Speakers van deze social media bedrijven. Ook de speelgoed wereld duikt met Smart Toys in deze enorme behoefte die we allemaal schijnen te hebben. Wat deze ontwikkeling gaat betekenen voor onze privacy laat zich raden. Manipulatie en afpersing middels zaken uit het privéleven zullen sterk toenemen, in combinatie met gemanipuleerde feiten en beelden.

Kinderen & privacy

Kinderen hebben de toekomst en bovenstaande zaken beloven niet veel goeds voor onze kinderen en jeugd. Schermverslaving neemt sterk toe en opgevoed in propaganda en nepnieuws zou er veel meer aandacht aan het vormen van een eigen mening en eigen verantwoordelijkheid gegeven moeten worden. In het onderwijs worden gedachteloos centrale leerlingvolgsystemen ingevoerd, informatie uitgewisseld met ouders en staat het digibord en Ipad tegenwoordig centraal. Het eerste wat kinderen dagelijks zien is een scherm met Google erop... Big Brother.

De online afhankelijkheid van social media en internet leidt tot impulsgedreven, “waan van de dag” kinderen, los van enig historisch besef of onderliggende verbanden. Ook op universiteiten wordt steeds eenzijdiger gedacht en worden niet lekker liggende meningen geëxcommuniceerd. Oorzaken van problemen worden niet bestudeerd, het boek niet gelezen, maar wel een mening erover. Schreeuwen vanuit de geldende zelfcensuur, anders lig je niet lekker in de eigen groep. Hetzelfde patroon zie je in de huidige politieke meningsvorming inzake diverse onderwerpen waar een op feiten gebaseerde discussie niet meer mogelijk is. En waar de mening van de burger als irrelevant wordt gezien. Essentieel voor de ontwikkeling van een gezonde democratie is goed onderwijs met name gericht op eigen meningsvorming en een kritische en zelfreflecterende geest in plaats van volgend robotdenken.

Enkele positieve zaken?

Het is erg lastig aan te geven waar nu de positieve ontwikkelingen op het vlak van privacy liggen. Feit is dat door de invoering van de AVG met bijbehorende potentiële boetes privacy meer in het vizier van bedrijven en burgers is gekomen dan de onthullingen van Snowden. Het gevaar van de AVG daarentegen is dat het privacy beperkt tot databescherming en administratieve rompslomp.

Een andere positieve ontwikkeling is dat we steeds meer initiatieven zien (weliswaar nog kleinschalig) waar bedrijven en overheden privacybescherming als zakelijke of PR-kans zien, getuige ook het aantal inschrijvingen voor de Nederlandse Privacy Awards 2019. Thema’s die hierin terugkomen zijn tools voor anonieme communicatie (mail, search, browser), mogelijke alternatieven voor sociale netwerken (berichtendiensten à la Whatsapp, Facebook, Instagram en Twitter) op basis van abonnementen en blockchain en “privacy by design” projecten bij grote organisaties en bedrijven.

Privacy First heeft enkele top advocaten pro deo aan zich gebonden die bereid zijn op te treden in onze rechtszaken. Wat we daarbij wel zien is dat de rechterlijke macht het lastig vindt om buiten de gebaande paden vooruitstrevende uitspraken te doen in de verschillende rechtszaken, zoals kentekenparkeren, trajectcontrole, ANPR, Sleepwet etc. Privacy First wordt al jaren zwaar ondergefinancierd en veel van onze sympathisanten vinden het onderwerp toch ook een beetje eng, waardoor men ons wel moreel steunt maar niet durft te doneren. Je loopt toch in de kijker als je je bezighoudt met zaken als privacy. Zo erg is het dus al, angst en zelfcensuur... twee slechte raadgevers! Hoog tijd voor een overheid die serieus met privacy aan de slag gaat.

Staatkundige vernieuwing moet urgent op de agenda

Privacy First is groot voorstander van staatkundige vernieuwing (zie onze eerdere Nieuwjaarscolumn in 2017 inzake “shared democracy”), uitgaande van de principes van de democratische rechtsstaat en de universele verklaring van de rechten van de mens van de VN. Onze democratie is pas 150 jaar oud en moet aangepast worden aan deze tijd en daarmee moet de inrichting van de EU en lidstaten structureel veranderen. Met daarin een centrale en actieve rol voor de burger. Overheden moeten technologische ontwikkelingen centraal stellen in uitvoering en beleid ter versterking van de democratie en daarmee een antwoord formuleren op de centralisatie van de daarmee gepaarde macht bij grote multinationals en overheidsdiensten.

Privacy First stelt dat het opzetten van een ministerie van Technologie na industrie en landbouw de hoogste prioriteit geniet om bij te blijven bij de razendsnelle ontwikkelingen en hier adequaat beleid op te kunnen voeren. Vanuit een onafhankelijke rol en toetsing aan het EVRM en de Grondwet in de lidstaten. Zonder slachtoffer te worden van de toenemende lobby in deze sector. Het wordt tijd voor een minister van ICT & Privacy, die alle ontwikkelingen integraal volgt en optreedt met voldoende bevoegdheden, in combinatie met een Constitutioneel Hof ter toetsing van de kernwaarden van onze democratische samenleving en Grondwet.

De burger moet gefaciliteerd worden in privacybescherming en privacyvriendelijke alternatieven voor de huidige diensten van de techbedrijven. Privacy First heeft al een aantal tips voor 2019 voor de gewone burger:

  • Let op zogenaamde “Smart” initiatieven op basis van Big data & Profiling; ver van weg blijven!
  • Let op Cash = crimineel campagne; blijf minimaal 50% van alle uitgaven anoniem en in cash betalen!
  • Let op je communicatie via onder andere Google, Apple, Facebook en Microsoft. Zoek of ontwikkel nieuwe platformen, gebaseerd op Quantum AI encryptie en gebruik alternatieve (TOR) netwerken en zoekmachines
  • Let op je medische gegevens en lichamelijke integriteit. Gebruik je recht om geen medische informatie te laten uitwisselen anders dan met Whitebox-achtige initiatieven
  • Let op je recht om anoniem te kunnen zijn thuis en in de openbare ruimte. Voer campagne tegen kilometerheffing, chips in je kentekenplaat, ANPR en kentekenparkeren
  • Let op je juridische rechten om zelf rechtszaken te voeren bijvoorbeeld tegen persoonlijke afvalpassen, camera’s etc
  • Let op “slimme” meters, speakers, speelgoed en andere “slimme” zaken in je huis welke aangesloten zijn op internet. Koop alleen “privacy by design” oplossingen met “privacy enhanced” technologie!

Zomaar wat tips. Nederland en Europa als Privacy gidsland in de wereld, met baanbrekende initiatieven en oplossingen voor huidige schijnbare tegenstellingen inzake privacy en veiligheid, dat is het streven van Privacy First. We zijn er echter nog ver vandaan en raken steeds meer uit koers. Mede omdat een integrale visie op onze maatschappij en democratie 3.0 ontbreekt. Dus dobberen we stuurloos verder, stapje voor stapje in de manipulatiemachine van grote bedrijven en eigenbelang bij overheden. We hebben nog vele gele hesjes nodig voordat er iets verandert. Privacy First wil graag bijdragen aan het vormen en uitdragen van een integrale, positieve toekomstvisie. Vanuit de principes van onze samenleving en de verhoging van onze vrijheid in gebondenheid. We zullen het samen moeten doen. Steun Privacy First actief met een gulle donatie voor je eigen vrijheid en die van je kinderen in 2019!

Op een open en vrije samenleving! Ik wens iedereen veel privacy in 2019 en verder!


Bas Filippini,
voorzitter Privacy First

Gepubliceerd in Columns

Hoe kunnen kinderen zich nog vrij en veilig ontwikkelen in een leeromgeving waar alles over hen digitaal wordt opgeslagen en kan worden uitgewisseld?


Publieksdebat Kinderen en Privacy                                  
Foto's: Bertus Gerssen

Op 17 januari 2018 vond de Nieuwjaarsborrel van Privacy First en ons publieksdebat Kinderen & Privacy plaats in het Volkshotel, tevens kantoorlocatie van Privacy First, te Amsterdam. Deze avond stond grotendeels in het teken van een thema dat Privacy First steeds meer zorgen baart: de privacy van onze kinderen in een wereld die steeds verder digitaliseert, met name in het onderwijs. Hoe kunnen kinderen zich nog vrij en veilig ontwikkelen in een leeromgeving waar alles over hen digitaal wordt opgeslagen en kan worden uitgewisseld? Welke gegevensverwerkingen vinden in het onderwijs plaats, welke risico’s kleven hieraan en welke maatregelen kunnen worden getroffen om de privacy van leerlingen te waarborgen? Achtereenvolgens kwamen Bas Filippini (voorzitter Privacy First), Huib Gardeniers (Net2Legal), Simone van Dijk (Privacy First), Arda Gerkens (Eerste Kamer en Meldpunt kinderporno op internet) en Iris Hoen (Wille Donker Advocaten) aan het woord. Hieronder ons verslag:

Bas Filippini – voorzitter Privacy First

Privacy First NjrsBorrel 01


Privacy First is nu negen jaar bezig en heeft in 2017 structurele fondsen gekregen van o.a. Stichting Democratie en Media en Adessium Foundation. Dat geeft ons ruimte om te investeren in de organisatie, hierdoor hebben we het afgelopen jaar kunnen uitbreiden en Robbie van Herwerden aangenomen voor structurele research. Dit geeft ons een basis om de discussie zo feitelijk mogelijk te voeren in een debat waar de emotie vaak hoog oploopt. Verder is ons bestuur uitgebreid met Paul Korremans, waardoor wij dichterbij komen tot een driekoppig bestuur. 
 
Onze aandacht is afgelopen jaar vooral uitgegaan naar politieke lobby omtrent de onderwerpen Automatische Nummerplaatherkenning (ANPR), de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv of Sleepwet), het wetsvoorstel Computercriminaliteit III ('politie-hackwet'), het Systeem Risico Indicatie (SyRI, risicoprofilering) en horizontale privacy, oftewel privacy tussen mensen onderling. Wij hebben ons ingezet voor het referendum tegen de Sleepwet en hebben input geleverd over de Nederlandse privacysituatie bij de VN Mensenrechtenraad. Daarnaast zijn er in 2017 ook rechtszaken gevoerd of ondersteund door Privacy First, onder meer rond de Arnhemse afvalpas, de OV-chipkaart, EPD/LSP, de zaak 'Burgers tegen Plasterk', trajectcontroles, kentekenparkeren en het recht op contante of anonieme betaling.

Wij denken mee met de banken over PSD2; we zijn van mening dat hier niet goed over is nagedacht en vinden het een heikel punt dat er in de uitgewisselde bankgegevens ook bankgegevens van derden staan. In 2018 komt de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming), waarbij wij toejuichen dat hierdoor de belangstelling voor privacy is toegenomen. Aan de andere kant moeten we wel uitkijken dat we niet denken dat we er met de AVG wel zijn. De discussie dreigt zich te versmallen tot ‘privacy = data’. Privacy is echter meer dan dat. Het is de principiële basis van onze democratische rechtsstaat.

Kinderen en Privacy

We gaan momenteel richting een surveillance maatschappij met een Digital Life File vanaf de geboorte. Het is echter belangrijk voor de mens dat je fouten kan en mag maken en dat je van je fouten kan en mag leren. Dat verschoningsrecht dat je niet over 5, 10 of 15 jaar nog met een foutje dat je ooit hebt gemaakt wordt geconfronteerd, hoort erbij in het leerproces. De vragen die wij ons stellen zijn: wat gebeurt er momenteel op het gebied van kinderen en privacy, wat zijn hier de regels precies en hoe wordt daarmee om gegaan? Als we kinderen meer privacybewustzijn meegeven, kunnen ze beter omgaan met sociale media.

Huib Gardeniers – Net2Legal

Privacy First NjrsBorrel 02
Huib Gardeniers was moderator tijdens de avond. Gardeniers is sinds eind jaren '80 al betrokken bij het onderwerp privacy. Sinds die jaren is het onderwerp gegroeid en is het bewustzijn gegroeid, maar we zijn nog niet uit de essentiële vraagstukken. Juristen hebben dit onderwerp 'gekaapt', maar privacy gaat niet over juristerij. Privacy is meer dan dataprotectie alleen. Privacy is ook ethiek.

Eén van Gardeniers' nevenactiviteiten was dat hij door een ministerie was gevraagd om een Tafel voor privacy voor te zitten in het kader van een doorbraakproject ‘ICT en onderwijs’. Dit was een breed project om ICT te stimuleren in het onderwijs. Hij vond het een zeer interessante ontwikkeling, waarbij hij het idee had dat de verschillende partijen aan tafel niet goed door hadden wat de anderen deden. De verschillende partijen uit het onderwijs, zoals de VO-raad, PO-raad, leveranciers en scholen zaten over dit onderwerp voor het eerst om de tafel naar elkaar te luisteren. Hieruit kwam eigenlijk naar voren dat niemand precies wist wie nou eigenlijk wat met de verzamelde gegevens mocht doen. Dit was dan ook één van de aanbevelingen die werd gedaan. Het werd al snel opgepikt door de pers en hieruit volgden Kamervragen en werd door de Minister aangegeven dat er binnen drie maanden een Convenant moest komen. Dit Convenant kenmerkt zich eigenlijk door één ding en dat is rolverdeling. De essentie is dat scholen verantwoordelijk zijn voor de eigen gegevens en dat de uitgevers, leveranciers, distribiteurs en schoolinformatiesystemen de uitvoerders zijn van de scholen. Die kunnen dus niet zelfstandig bepalen wat ermee gebeurt. Kort gezegd: wie is verantwoordelijk en wie mag wat precies met de gegevens doen. Dit Convenant is breed opgepakt, maar er moet nog veel meer gebeuren in dit traject.

Er wordt vaak gekeken naar andere partijen, zoals de school en leveranciers. Maar vaak hebben we het niet over de ouders zelf. En daar wringt de schoen ook een beetje. We stappen wat te makkelijk over onszelf heen. Ter illustratie wordt een fragment uit Black Mirror, een serie van Netflix, vertoond. Dit laat zien dat, als reactie op de angst van een ouder, vaak controle volgt.

Zo ook met schoolinformatiesystemen zoals Magister, waarmee je als ouder online met je kind kunt meekijken. Daarbij bestaat een app waarmee je pushberichten kunt krijgen wanneer er nieuwe cijfers zijn en wanneer er afwezigheid is (spijbelen). Er zijn ouders die dat gebruiken en alles de hele tijd controleren. Oftewel: er gebeurt genoeg om ons heen waar we zelf invloed op hebben. 

Simone van Dijk – Privacy First

Privacy First NjrsBorrel 14e2
Simone is een bezorgde moeder en soms ook wel een angstige moeder, als ze ziet welke mogelijkheden er zijn om kinderen te volgen en dat daarvan ook gebruik wordt gemaakt. Ze maakt zich zorgen om de privacy van haar kind en dan vooral het gebrek daaraan. Ze is altijd al bezig geweest met privacy. Een voorbeeld uit het leven gegrepen was onlangs bij de Hema: “Wilt u een Hema klantenkaart?” “Nee dank u.” “Waarom wilt u dat niet? Maar dan krijgt u korting!” “Dat maakt mij niet uit.” “Maar waarom wilt u dat dan niet?” “Nou, gewoon omdat ik mijn gegevens niet aan u wil geven.” Waarop de kassière zei: “Nou mevrouw, ik ben benieuwd wat u dan van plan bent.” Misschien dat ze de volgende keer vraagt: “Nou mevrouw, mag ik dan uw adres, telefoonnummer en e-mail en doe gelijk ook maar de gegevens van uw kinderen. Waar zitten die op school?” Waarop waarschijnlijk al snel de beveiliging naar haar toe zou komen, om te vragen om te stoppen met intimiderend gedrag.

En dat gebeurt ook als ouder. Toen het kind van Simone naar school ging, kwam ze in aanraking met de digitalisering van het onderwijs en kwam ze in allerlei situaties terecht over de privacy van haar kind. En als je de privacy van je kind wilt beschermen, word je dat niet in dank afgenomen. De school vond de privacy niet zo heel belangrijk en de vragen waren vooral maar vervelend, en ook een reden om voor een andere school te kiezen. Maar toch wilde ze weten wat er precies allemaal van haar kind was opgeslagen. Hierop kreeg ze geen antwoord van de directrice, maar wel van de overkoepelende directeur van de scholengemeenschap, met het verzoek om de directrice niet meer met dit soort onzin lastig te vallen.

Zo ook met de gegevens die zijn opgeslagen bij de bibliotheek, waarover Simone onlangs een column voor Privacy First heeft geschreven. Ze had aangegeven dat ze niet wilde dat haar kind werd ingeschreven en dat er werd bijgehouden welke boeken er werden gelezen. Als tussenoplossing mocht haar kind even op de kaart van de docent boeken lenen, maar al snel werd het ultimatum gesteld dat haar kind mee kon doen of niet. Ondanks dat hiervoor geen toestemming was verleend, is haar kind alsnog ingeschreven bij de bibliotheek. De gegevens die hierbij werden opgeslagen waren niet alleen naam en adres, maar ook de schoolgroep. Waarom moet de bibliotheek dit weten? Als een kind blijft zitten, is dit dan ook meteen bij de bibliotheek bekend en bij wie eigenlijk nog meer? Wanneer je als ouder met deze partijen spreekt, zoals de bibliotheek en de softwareleverancier, dan wordt er lacherig over gedaan, "wat wilt u nou eigenlijk" en "u vindt het toch ook belangrijk dat uw kind boeken leest"? En dat is ook zeker belangrijk, maar nog belangrijker is dat er niet stelselmatig wordt vastgelegd welke boeken er worden geleend en dat anderen, zoals de leraar, dat kunnen zien en ook nog met derde partijen kan worden gedeeld. Men vindt het raar als je daar vragen over stelt. Je wordt als ouder neergezet als zeurpiet, maar als je ziet wat die partijen allemaal van een kind willen weten, dan ben je geen zeurpiet.

Als ouder wil Simone zelf de beschikking hebben over de gegevens van haar en haar kind. Zonder dat daarover discussies moeten worden gevoerd, en waarbij er een keuze is welke gegevens worden verwerkt. Je wordt als ouder gedwongen om in de digitalisering mee te gaan. Simone is inmiddels actief bij Privacy First en heeft als missie om ouders bewust te maken. En daarbij ook te kijken naar de scholen, bibliotheken et cetera, dat die zich bewust worden van wat zij precies verwerken en of dat allemaal wel nodig is. "Kijk eens vanuit het belang van het kind in plaats van wat wettelijk mag!"

Lees ook de columns die Simone voor Privacy First heeft geschreven:
Het begon eigenlijk al in de peuterklas
Is digitalisering in het onderwijs nou echt wel nodig?
Big Brother in de bibliotheek 

Arda Gerkens – Eerste Kamer en Meldpunt kinderporno op internet

Privacy First NjrsBorrel 15
Vaak wordt geroepen ‘de jeugd heeft de toekomst’. Deze uitspraak wordt vaak gebruikt door wat oudere mensen, maar Arda Gerkens gebruikt hem niet meer. Vooral omdat deze uitspraak verre van waar is wat de digitale wereld betreft. We zeggen al snel dat kinderen veel beter weten en sneller kunnen dan de oudere generatie als het om internet gaat. We laten belangrijke beslissingen over aan kinderen, omdat het tempo waarin we ons begeven te snel gaat. Het vergt tijd en aandacht om de consequenties van de digitale wereld te bevatten en die tijd en aandacht hebben we te weinig. We laten onze kinderen los in een wereld die wij eigenlijk niet kunnen overzien.

Het is toch ook heel schattig om een kindje te zien spelen met een iPad? Zoals in de reclame van KPN, waarbij het kleintje opeens praat met opa aan de andere kant van de wereld. Gezellig kletsen met opa, de zon komt op, contact met elkaar, mooi toch? Arda vindt dat ook heel mooi, maar is wel blij dat dat kindje opa heeft aangeklikt en geen andere persoon die misschien hele andere bedoelingen heeft. Want dat gebeurt wel, dat kinderen worden verleid via een iPad tot het doen van andere dingen. Dat ziet Arda in haar werk en dat gebeurt ook dichtbij.

Wie had vroeger een dagboek? En wat was daarbij belangrijk? Een slotje, want wat je daarin schreef moest wel privé blijven. En eigenlijk heeft nooit iemand anders in dat dagboek gelezen. Dat komt niet per se door dat slotje, want dat is eigenlijk maar een lamlendig ding en geen goede beveiliging. Je beslist zelf wie daarin mag lezen en wat je eruit vertelt. Over deze informatie heb je controle. En die controle zijn we nu kwijt en dat is geen doemdenken, dat is een feit. Die controle zijn we al op vroege leeftijd kwijt, want we gebruiken webcams als babyfoon of een webcam op de crèche en iedere beweging van kinderen wordt daarmee steeds vaker geregistreerd.

Als ouder ken je ongetwijfeld dat moment, waarop je even om de hoek komt kijken terwijl je kind aan het spelen is, en je kind waant zich op dat moment onbespied. Dat is een prachtig moment en dan zie je zo’n individu, zo’n mens, in al zijn onschuld. Het duurt vaak maar heel even totdat het kind beseft dat er wordt gekeken en dan is het weg. Dat prachtige moment om onbespied te kunnen zijn is pure onschuld wat je dan ziet. Het gedrag dat wij hebben verandert als wij ons bewust zijn van de omgeving waarin wij ons bevinden. Straks kijkt de hele wereld mee als een kind verzonken is in het spel. Dat besef je misschien niet direct als kind, maar later als je ouder wordt wel. En de vraag is, wat doet die kennis met de ontwikkeling van het kind? Wat nou als die beelden van het schoolplein, waarop je huppelend alsof je op een paardje zit te zien was of shaggies rokend en hangend tegen de muur, nu zouden verschijnen op YouTube? Zou je erom lachen of je ervoor schamen? De oudere generatie zou het niet weten, want die beelden zijn er niet. Deze beelden zitten in ons geheugen op een hele mooie plek.

De jeugd heeft de toekomst helemaal niet, die toekomst wordt uit handen gegeven door ons. Als ouders en als opvoeders beslissen wij nu welke informatie over hun leven gedeeld wordt. Informatie die onuitwisbaar is, steeds op kan duiken, die verkeerde interpretaties teweeg kan brengen. Een fout in de interpretatie en je toekomst kan in duigen liggen. En ook dat is geen doemdenken, dat is een realistisch scenario. We hebben niet allemaal een vrije keuze om die beslissing te maken, vooral niet als we niet kunnen overzien wat de consequenties zijn om bijvoorbeeld een webcam te gebruiken. En als ouders hierover niet goed geïnformeerd zijn en hierover ook geen goed geïnformeerde keuzes kunnen maken.

En dan nog spreekt Arda wekelijks ouders die hun kinderen hebben meegegeven wat de risico’s van sexting zijn en dan nog hebben die kinderen dat gedaan. Dus zelfs bij geïnformeerde ouders, die hun kinderen zeer goed begeleiden hierin, zie je toch dat het mis kan gaan.

Wat deze digitalisering eigenlijk met ons doet, dat weten we eigenlijk niet. Het is een ontwikkeling die erg snel gaat en het is een ontwikkeling die het denken van de mens voorbijstreeft en daarbij geven we ook een stuk controle uit handen. De jeugd heeft de toekomst niet, die toekomst ligt bij ons. Wij vormen de toekomst en leggen de basis, dus moeten wij gaan nadenken over de mogelijke consequenties van onze keuzes. Alle scenario’s bezien, rust inbouwen, ethische dilemma’s afwegen en niet alles overlaten aan de markt. Wij kunnen ervoor zorgen dat kinderen controle houden over hun eigen leven, over hun gedachten, over hun spel, over hun misstappen en over hun successen. Daarmee kunnen ze in vrijheid leven en hun eigen keuzes maken. 

Iris Hoen – Wille Donker Advocaten

Privacy First NjrsBorrel 17
De nieuwe Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zit barstens vol ethiek, dat heeft Iris Hoen ook bepleit bij het recente symposium van de Nederlandse Vereniging voor Onderwijsrecht. De AVG bevat veel gecodificeerde ethiek uit mensenrechtenverdragen en OESO-rechtsbeginselen. Iris is de AVG daarmee ook steeds mooier gaan vinden. Ondanks alle mankementen die ongetwijfeld genoemd kunnen worden, zit die AVG nog niet zo gek in elkaar. Ze is het eens met de andere sprekers dat privacy meer is dan gegevensbeschermingsrecht, maar zonder gegevensbeschermingsrecht hebben we in deze gedigitaliseerde maatschappij in ieder geval geen privacy.

Het onderwijs heeft veel te maken met privacy en daarmee ook met de AVG. Iris werkt nu 15 jaar als privacyjurist en advocaat. Het onderwijs heeft te maken met complexe situaties, maar ze ziet dat de wil er is bij scholen om het goed te regelen. Daarbij assisteert ze ook honderden schoolbesturen bij het implementeren van de AVG, waarbij ook ethische vragen naar voren komen.

Wat lastig is voor scholen, is dat zij geen eilandje op zichzelf zijn, maar dat zij vastzitten aan een heleboel partners. Ze zitten verplicht in allerlei samenwerkingsverbanden en scholen moeten verplicht informatie opvragen en leveren aan de Onderwijsinspectie. Kortom: scholen zijn een spin in een web, waarbij zij volgens de wet allerlei gegevens moeten opvragen en delen.

Het begint al met de aanmelding van een kind op school. Op het aanmeldformulier staan allerlei vragen en scholen zijn nu wel kritisch hiernaar aan het kijken. Wat moet er wel op het formulier en wat kan eraf? Voorheen vroegen scholen alles waarvan ze dachten dat het ooit handig zou kunnen zijn. Nu zijn scholen hierop teruggekomen en denken: misschien hoeven we dat helemaal niet te vragen.

Waar de wet zegt dat de school ook informatie mag opvragen, zonder voorafgaande toestemming van ouders, bij voorschoolse educatie zoals peuterspeelzalen, dat mag. Dat moeten ze ook, want scholen zijn sinds 2014 verantwoordelijk gemaakt voor passend onderwijs. Als je dat afhankelijk maakt van de toestemming van ouders, dan houdt het al op, dan wordt het moeilijk voor een school om passend onderwijs aan te bieden. Dat betekent niet dat scholen zomaar kunnen ‘shoppen’ naar informatie: voor het opvragen van informatie bij andere instanties is nog steeds toestemming van de ouders nodig.

Scholen hebben een informatieverplichting aan ouders om te vertellen hoe ze ontvangen informatie verwerken. De AVG maakt een onderscheid tussen informatie die ze van ouders zelf krijgen en informatie van andere partijen. Scholen verwerken ook veel bijzondere persoonsgegevens, met name gezondheidsgegevens. Gezondheidsgegevens vormen een breed begrip onder de AVG en daaronder valt bijvoorbeeld ook IQ en medische aandoeningen, maar ook of een kind een bril draagt. En dat schrijft de school allemaal op, met betrekking tot de bril alleen al om bijvoorbeeld aan de gymleraar te kunnen laten weten dat een kind zonder bril moet oppassen met balspelen.

De leerlingprestaties moeten door de school worden opgeslagen, want de school moet een studentvolgsysteem hebben. Doet de school dat niet, dan komt er geen bekostiging. De AVG zegt in eerste instantie: het verwerken van bijzondere persoonsgegevens mag niet. Tenzij er toestemming is van de ouders of er een wettelijke uitzondering van toepassing is. De Uitvoeringswet van de AVG geeft twee uitzonderingen voor scholen en samenwerkingsverbanden om gezondheidsgegevens te verwerken met het oog op speciale begeleiding van kinderen. Maar wat houdt speciale begeleiding van leerlingen precies in? Het is voor scholen niet makkelijk om die afweging te maken: wat mag wel en wat mag niet? De AVG geeft daar dan ook niet direct antwoord op en is meer een open normenkader, waarbij scholen hun eigen afwegingen moeten maken en zich vooral moeten verantwoorden aan betrokkenen, de Autoriteit Persoonsgegevens, stakeholders en de medezeggenschapsraad. De medezeggenschapsraad heeft een instemmingsrecht op regelingen die de verwerking van persoonsgegevens betreffen. Dus moet de medezeggenschapsraad worden betrokken bij die afwegingen.

Als een school merkt dat er extra begeleiding nodig is, dan moet de school verplicht advies vragen aan deskundigen. Vroeger werd een leerlingendossier dan vaak even doorgemaild naar een samenwerkingsverband. Scholen hebben in toenemende mate software waarbij gegevens geanonimiseerd worden geüpload en een samenwerkingsverband het leerlingendossier weer anoniem kan downloaden. Scholen konden vroeger geen advies vragen zonder het BSN-nummer door te geven, ook al mocht dat officieel niet, want anders werkte het systeem niet. Scholen willen best wel en het is niet allemaal onwil, maar de systemen werken niet altijd mee. Overigens heeft dit wel de aandacht. Kennisnet (een kennisinstituut op het gebied van ICT en privacy voor de onderwijssector) zit bijvoorbeeld met al die leveranciers om tafel om die softwarepakketten aan te passen, zodat ze wel in lijn zijn met de AVG.

In advies aan scholen wordt aangegeven dat scholen moeten nadenken op basis van welke grondslag zij gegevens opvragen en verwerken en of ze hiervoor toestemming nodig hebben van ouders. En om werk te maken van de informatievoorziening en aan te geven waarom gegevens worden verwerkt, welke gegevens daarvoor worden gebruikt en of al die gegevens wel nodig zijn en of het niet een onsje minder kan. Daarnaast welke systemen er worden gebruikt en of die goed te beveiligen zijn. En met wie worden de gegevens gedeeld, kan het niet onder een pseudoniem? Ook door deze afwegingen in een reglement te verankeren en ouders hierover te informeren. Iris Hoen is ervan overtuigd dat als ouders goed geïnformeerd zijn, ze ook minder snel de neiging hebben om nee te zeggen, omdat het ook vaak in het belang van het kind is dat er een advies komt in hun ondersteuningsbehoefte.

Als een kind van school wisselt dan is de school verplicht om het onderwijsrapport mee te sturen. Daarnaast hebben ook toegang tot de leerlinggegevens: de leerplichtambtenaar, de GGD en de gemeente. Op basis van de wet mogen zij gegevens opvragen bij de school. Sinds augustus 2017 hoeft de GGD dat niet meer via de school op te vragen, maar krijgt die informatie rechtstreeks via DUO. De verplichtingen van de school om gegevens te delen staan in de sectorale onderwijswetten die tevens de bekostigingsvoorwaarden zijn. En dan zie je gelijk ook de klem waarin scholen zitten.

De psychologen en orthopedagogen werken in veel gevallen niet in dienst van de school en werken ook niet voor de school. Het zijn partners, en die zijn zelf verwerkingsverantwoordelijke onder de AVG. Dus het is ook niet de school die recht heeft op toegang tot die informatie, het is aan de ouder om te bepalen welke informatie er precies wordt gedeeld met scholen. Iris adviseert scholen dan ook om gebruik te maken van alleen de conclusies van de rapporten, want het is vaak niet nodig om het medisch dossier te hebben. Als een kind is gediagnosticeerd met ADHD, heb je genoeg aan de onderwijskundige aanbevelingen, daarvoor hoef je niet het gehele rapport te hebben. Met een pinda-allergie kan het anders zijn en dan is het wel verstandig dat die informatie beschikbaar is bij alle docenten.

Dit is een kort inkijkje in het werk van Iris Hoen, waarbij de scholen vaak aan haar vragen ‘wat mag ik’ en die zij beantwoordt met de wedervraag: "wat zou wijs zijn om te doen en ethisch om te doen. Neem dat als vertrekpunt en ga dan kijken of dat past binnen het wettelijk kader." Dat is een aanpak die aanslaat.

Een greep uit de vragen vanuit het publiek aan de gastsprekers:

Q: Vraag aan Iris Hoen: wordt een kind nog iets gevraagd en wanneer moet die zelf toestemming geven?
A: Een kind is minderjarig en valt daarmee onder het gezag van de ouders en die bepalen en zijn aanspreekpunt voor de school, niet het kind zelf, dat is het wettelijk stelsel. Als het kind 16 wordt, wordt het kind – en niet langer de ouder- toestemming gevraagd voor bepaalde gegevensverwerkingen. Het gaat om gegevensverwerkingen die alleen plaats mogen vinden met voorafgaande toestemming. Het is belangrijk om te onderkennen dat scholen niet voor alle gegevensverwerkingen aan ouders voorafgaande toestemming hoeven te vragen en dat dus ook niet gaan doen als hun kind 16 wordt. Arda Gerkens merkt hierbij op dat scholen vaak vanaf groep 8 kinderen zelf betrekken bij de ontwikkeling van het kind en ook betrekken bij oudergesprekken en dergelijke.

Q: Hoe zit het met leerlingvolgsystemen, is dat open source, waar staan die gegevens opgeslagen, etc.?
A: Iris Hoen geeft hierop het antwoord dat er verschillende soorten leerlingvolgsystemen zijn, waarvan de grootsten Magister en ParnasSys zijn. De servers van Magister staan in Groningen. Die gegevens blijven daar en gaan niet naar het buitenland. Scholen moeten meer vragen stellen dan enkel waar de servers staan, maar ook of de gegevensverwerkingen veilig plaatsvinden. Over het instellen van de toegang: Magister kent nog te weinig mogelijkheden om de software optimaal in te stellen. Zo moet verwijdering nog handmatig plaatsvinden. Ook de interne toegangsverlening zou volgens Iris Hoen beter kunnen.

 

Klik HIER voor de uitnodiging (pdf) die Privacy First voor dit evenement aan haar netwerk verzond. Wilt u voortaan ook een uitnodiging voor onze evenementen ontvangen? Stuur ons dan een bericht, dan zetten wij u op onze mailinglist! 

Gepubliceerd in Evenementen
dinsdag, 16 januari 2018 08:31

Big Brother in de bibliotheek

Door Simone van Dijk


"Als wij samen naar de bibliotheek zouden gaan en er zou bij de ingang een man staan met een camera, die permanent zou meelopen. Welk boek je inkijkt, waar je naar zoekt... Nou, die sla je onmiddellijk in elkaar. Althans vrij snel. Nu zit de bibliotheek op internet en gebeurt hetzelfde. En niemand maakt zich er zorgen over. Vind ik raar."
Aleid Wolfsen – voorzitter Autoriteit Persoonsgegevens.

Dat vind ik ook raar. En nog raarder vind ik het dat scholen en bibliotheken zich hier geen zorgen om lijken te maken. Sterker nog ‘die man’ die meekijkt (ik stel mij ouderwets een man in een lange grijze regenjas voor, met hoed, donkere zonnebril, notitieblokje en pen in de hand) wordt uitgenodigd in het klaslokaal. Hij staat daar in de hoek, een beetje verscholen achter het gordijn en noteert precies welk boek uw kind leest, wanneer hij dat heeft gelezen, hoe lang hij het heeft geleend, waar hij het heeft geleend (op school of in de plaatselijke bibliotheek), wat hij er van vond, wat uw kind leuk vindt, welke sport uw kind beoefent, wat zijn lievelingsdier is, zijn lievelingseten is, wat hij later wil worden, welke filmpjes uw kind kijkt, in welke apps hij geïnteresseerd is, welke websites uw kind bezoekt, hoe oud uw kind is, waar uw kind woont, wat uw emailadres is, in welke groep uw kind zit en op welke school uw kind zit. Bovendien kan ‘De Man’ al deze gegevens combineren en koppelen en er vervolgens conclusies aan verbinden die op dit moment nog geheel onoverzichtelijk voor ons zijn. En waarvan de gevolgen voor uw kind niet te overzien zijn.

Veel lagere scholen maken namelijk gebruik van De Bibliotheek op school, een systeem voor het beheren en zichtbaar maken van de schoolbibliotheek. Scholen kunnen er ook voor kiezen hun bibliotheek te verbinden aan de plaatselijke bibliotheek. Doel is uiteraard het bevorderen van het lezen. Op zich een geweldig initiatief. Hoe leuk is het dat kinderen op school naar de bibliotheek mogen. Lekker tussen de rijen boeken ‘neuzen’ en dan thuiskomen met twee of meer zelf uitgezochte boeken, zodat mama of papa deze gezellig kunnen voorlezen, of, indien uw kind al kan lezen, zich lekker kan terugtrekken in een hoekje van de bank met een boek.

Hartstikke leuk, totdat u ontdekt dat ‘De Man’ uw kind ongevraagd introduceert met een soort van social media en via de profielpagina van de bibliotheek van uw kind alle bovenvermelde gegevens van hem of haar te weten komt. Maar niet alleen ‘De Man’ kijkt mee, ook de school kijkt mee, de leraren en de kinderen van de school. Allemaal kunnen ze het profiel en het leeslog van uw kind bekijken. In het leeslog kan uw kind boeken die hij gelezen heeft beoordelen en aangeven wat hij er van vond. De leraren kunnen ook zien welke boeken of welke soort boeken uw kind geleend heeft.

Een initiatief bij uw kind om een boek te gaan lezen eindigt in een gang naar de computer en surfen op internet en het delen van allerlei persoonlijke informatie via de social media (profielpagina’s) van de bibliotheek, bekijken van filmpjes en apps, oftewel ongewild en ongewenst ‘schermplakken’. Erger nog, tegelijkertijd wordt ook nog het gedrag van uw kind, zijn keuzes, voorkeuren en interesses direct opgezogen door de vampiers van de digitale wereld onder leiding van ‘De Man’.

Wie is ‘De Man’ en wat doet hij met al deze gegevens van uw kind? Na urenlange studie en gesprekken met school, de bibliotheek en de software-leverancier moet ik gewoonweg constateren dat ik er echt niet achter kom. Ik moet ‘De Man’ gewoon vertrouwen. Ik moet me niet zo druk maken, niet zo gek doen, niet zo zeuren, het is toch allemaal leuk en ik ben toch niet tegen het bevorderen van lezen?

‘De Man’ slaat in ieder geval de gegevens van uw kind op in de server van de plaatselijke bibliotheek. En dat is veilig, zegt men. Echt, moet ik dit geloven? Welke server dit is en waar deze staat is onduidelijk, dat verschilt per bibliotheek. Met wie de gegevens worden gedeeld en wie er allemaal inzage in heeft wordt ook niet duidelijk. Er worden in ieder geval gegevens gedeeld met de Landelijke Monitor. Over de vraag welke gegevens dit dan weer precies betreft zijn de verschillende partijen ook weer niet eenduidig. De Landelijke Monitor wist in ieder geval zelf aan te geven dat zij zich zelf afvroeg of zij zich wel aan de wet houden.

Mag dit nou allemaal gewoon? Nee. Volgens de wet dient de school uw toestemming te vragen als zij gegevens van uw kind aan derden verstrekt. Deze toestemming moet ondubbelzinnig zijn, hetgeen inhoudt dat u uw toestemming vrij en niet onder druk heeft gegeven. Daar is in dit geval al geen sprake van. Weerhoudt u namelijk uw toestemming, dan kan uw kind niet naar de schoolbibliotheek.

Daarnaast moet uw toestemming specifiek zijn, voor een specifieke verwerking voor een specifiek doel. U dient geïnformeerd te zijn over de gang van zaken rond de verwerking van de gegevens van uw kind en er dient geen twijfel te zijn over de inhoud en de reikwijdte van uw toestemming. Ook daar is hier geen sprake van.

In het beste geval krijgt u namelijk een brief van school waarin u gevraagd wordt om toestemming om de naam, adres, woonplaats en geboortedatum te delen met de (plaatselijke) bibliotheek. Dat de school vervolgens ook de groep, fysieke groep en uw emailadres met de bibliotheek deelt wordt niet eens vermeld. Het hele leerlingenbestand van een school wordt aan het begin van het jaar aan de bibliotheek verstuurd. U wordt geacht uw toestemming voor het delen van de gegevens van uw kind met de bibliotheek te hebben gegeven, tenzij u een briefje aan school retourneert waarin u uw toestemming onthoudt. De scholen mogen echter niet uitgaan van dit ‘wie zwijgt stemt toe’ principe.

Er wordt u niet verteld dat uw kind een profielpagina krijgt waarin uw kind allerlei persoonlijke gegevens kan delen. U wordt ook niet verteld met wie de school al deze gegevens van uw kind deelt, waar deze gegevens worden opgeslagen en voor hoelang ze worden opgeslagen. U wordt niet verteld dat het inloggen in sommige gevallen via een onbeveiligde verbinding gebeurt. Ingevulde aanmeldingen, te weten de inlognaam en wachtwoord, kunnen worden onderschept. U wordt niet verteld dat er wordt ingelogd met als gebruikersnaam de gedeeltelijke voornaam en geboortedatum van uw kind. U wordt niet verteld dat uw kind inlogt via een pagina waarop allerlei nieuwsfeiten staan welke wellicht nog niet geschikt zijn voor uw kind uit groep 1,2,3 of 4. U wordt ook niet verteld dat uw kind niet alleen naar boeken zoekt, maar tegelijkertijd naar websites, filmpjes, nieuwsfeiten en apps. U krijgt bovendien niet de mogelijkheid om zelf mee te kijken, zodat u geen idee heeft wat uw kind allemaal op internet met de bibliotheek deelt.

Naar mijn idee gaat het gewoonweg niemand wat aan welk boek mijn kind leest. Het gaat ‘De Man’, de leraren en de leerlingen en alle eventueel betrokken instanties niets aan! Uw kind kiest er niet meer zelf voor om met anderen te delen welke boeken hij leest en waar zijn interesses liggen, als hij dit überhaupt al zou willen delen. Dit wordt voor hem besloten en op deze beslissing heeft hij geen enkele invloed. En dat is wat mij betreft een regelrechte inbreuk op de privacy van uw kind. Een recht dat uw kind heeft en dat niet zomaar geschonden zou mogen worden. Een recht waar ouders voor op moeten durven komen en niet telkens weggezet moeten worden als zeurpieten!

Gepubliceerd in Kinderen en Privacy
donderdag, 28 december 2017 11:40

Nieuwjaarsborrel en publieksdebat Privacy First

Stichting Privacy First nodigt u graag uit voor haar Nieuwjaarsborrel! Deze zal plaatsvinden op woensdagavond 17 januari as. op onze kantoorlocatie in Amsterdam. De avond zal grotendeels in het teken staan van een thema dat Privacy First steeds meer zorgen baart: de privacy van onze kinderen in een wereld die steeds verder digitaliseert, met name in het onderwijs. Hoe kunnen kinderen zich nog vrij en veilig ontwikkelen in een leeromgeving waar alles over hen digitaal wordt opgeslagen en kan worden uitgewisseld? Welke gegevensverwerkingen vinden in het onderwijs plaats, welke risico’s kleven hieraan en welke maatregelen kunnen worden getroffen om de privacy van leerlingen te waarborgen?

Na de Nieuwjaarsspeech door Privacy First voorzitter Bas Filippini zullen Arda Gerkens (Eerste Kamer), Huib Gardeniers (Net2Legal), Iris Hoen (Wille Donker Advocaten) en Simone van Dijk (Privacy First) hun licht over deze kwesties laten schijnen. Hierna is er ruimte voor discussie onderling en met het publiek, gevolgd door een borrel waar wij samen kunnen proosten op een privacyvriendelijk 2018!

Iedereen is welkom, toegang is gratis. Donaties aan Privacy First worden echter zeer op prijs gesteld. Aanmelden kan via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., maar is niet verplicht.

Datum: woensdag 17 januari 2018, 19.30-22.00u (inloop vanaf 19.00u).
Locatie: Volkshotel, Wibautstraat 150 te Amsterdam (Betonnen Zaal, begane grond).
Een routebeschrijving vindt u op www.volkshotel.nl/nl/#locatie.

Klik HIER voor de uitnodiging zoals Privacy First die onlangs aan haar netwerk verzond (pdf). Wilt u voortaan directe uitnodigingen voor onze evenementen ontvangen? Mail ons! Dan voegen wij u toe aan onze mailinglist.

Gepubliceerd in Evenementen

Door Simone van Dijk


De Onderwijsraad vindt van wel, mits het ‘doordacht’ gebeurt. Ik was blij verrast nadat ik het advies had gelezen. Blijkbaar was mijn constatering dat er, in ieder geval op de school van mijn kind, zonder enig voorafgaand beleid en visie digiboards en laptops werden aangeschaft nog niet zo gek. Ook de Onderwijsraad heeft dit geconstateerd en adviseert scholen dat als ze willen digitaliseren ze dit ‘doordacht’ moeten doen en niet slechts ‘omdat het kan’.

Opgelucht was ik ook toen ik las dat de Onderwijsraad uitdrukkelijk wijst op schadelijke negatieve gevolgen van digitalisering van het onderwijs. Ook wat deze gedachten betreft blijk ik dus niet alleen te staan. De schadelijke fysieke en psychische gevolgen van teveel internet en computergebruik, zoals tabletnekken, cyberpesten en disconnectie-angst worden genoemd. Ook wordt gewezen op het feit dat door digitalisering de sociale samenhang en daarmee tevens de socialisatiefunctie in het onderwijs onder druk komen te staan als de directe interactie tussen leraar en leerling niet meer vanzelfsprekend is. De negatieve gevolgen van de ‘filter bubbles’, welke leiden tot alternatieve werkelijkheden waarin bewuste verspreiding van misinformatie dagelijks aan de orde is, worden besproken. Het risico dat toegang tot informatie via het internet ertoe leidt dat de parate feitenkennis afneemt, hetgeen negatieve gevolgen heeft voor de kennisopbouw in ons langetermijngeheugen, waar bestaande kennis noodzakelijk is als basis voor nieuwe kennis, wordt genoemd. En de Raad geeft aan dat internet als informatiebron waar je alles ‘gewoon even opzoekt’ in het licht van misinformatie en filterbubbles feitelijk achterhaald is.

De Raad ziet ook dat veiligheid en privacy van de kinderen in het geding is door digitalisering van scholen en is van mening dat een brede inzet van ICT in alle sectoren van het onderwijs niet mag leiden tot een onveilig pedagogisch didactisch klimaat: “Een ieder moet zich veilig kunnen ontwikkelen, zich kwetsbaar of rebels kunnen opstellen en kunnen opgroeien, zonder hier in het verdere leven mee geconfronteerd te worden via afbeeldingen, teksten of sporen op het internet”.

De gegevens van leerlingen worden binnen scholen onder andere opgeslagen binnen digitale leermiddelen en leerlingvolgsystemen. De opslag van leergegevens wordt vaak gedaan in de cloud bij de software-leverancier. De raad wijst erop dat opslag in de cloud niet veilig is en dat scholen zich daar niet genoeg van bewust zijn. Profiling op zich wordt door de raad niet genoemd, maar is wel een gevaar dat op de loer ligt. Leerlingen loggen op scholen doorgaans nog in met hun eigen naam en achternaam, zodat ze makkelijk te identificeren en te volgen zijn.

Scholen blijken zich dus inderdaad niet bewust te zijn van de risico’s die ze lopen op het gebied van privacy van leerlingen, internetbeveiliging en de gevaren van cyberaanvallen. Ook zijn scholen zich niet bewust van hun eigen verantwoordelijkheid hieromtrent.

Op zich dus hoopgevend dat de Onderwijsraad op al deze negatieve effecten wijst en de zorgen die ik persoonlijk heb ten aanzien van de digitalisering in het onderwijs door haar worden gedeeld. Echter, als alle bovenvermelde negatieve aspecten het gevolg zijn van digitalisering van het onderwijs, dan moeten er wel enorme positieve gevolgen tegenover staan om toch aan te dringen op die digitalisering.

Wat deze positieve gevolgen zijn is mij tot op heden niet duidelijk geworden. Uit diverse onderzoeken blijkt dat digitalisering van het onderwijs niet tot substantiële verbetering van de leerresultaten leidt. Zo deed de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in 2015 een studie in 31 landen naar de digitalisering in het onderwijs. Zij concludeerde dat het gebruik van computers in scholen geen noemenswaardige verbetering in de leerresultaten van de leerlingen opleverde. Ook de onderzoeken waar de Onderwijsraad zich op baseert lijken niet meer dan een klein positief verschil te meten in de leerresultaten in het onderwijs door computers. Digitalisering omdat de leerprestaties hierdoor enorm verbeteren lijkt dus niet de basis te kunnen zijn voor verregaande digitalisering in het onderwijs.

Is het dan van belang dat de kinderen op school digitale kwaliteiten verwerven om goed te kunnen functioneren in de huidige en toekomstige digitale samenleving? Oftewel moeten kinderen op school digitaal geletterd raken? Volgens de raad bestaat digitale geletterdheid uit de volgende vier elementen: knoppenvaardigheid (oftewel ICT-basisvaardigheden), informatievaardigheden (het kunnen zoeken en beoordelen van informatie op het internet), mediawijsheid (wat doe je wel en niet op het internet) en computational thinking (vaardigheden die essentieel zijn om problemen op te lossen waarbij veel informatie, variabelen en rekenkracht nodig zijn). De raad is van mening dat leerlingen deze digitale geletterdheid zich op school eigen moeten maken.

Volgens diverse CEO’s en werknemers van bedrijven zoals Google, Apple, Yahoo, Hewlett-Packard en eBay hoeft dit echter niet. Zij sturen hun kinderen naar een Waldorf school (Vrije School) waar geen computers worden gebruikt. Zelfs Steve Jobs was een ‘low-tech parent’. Zijn kinderen hadden in 2010 nog nooit een iPad gebruikt. Hij limiteerde bewust het computergebruik van zijn kinderen, hetgeen ook vele andere CEO’s en werknemers in Silicon Valley doen. Er is geen enkele reden waarom kinderen op scholen al kennis zouden moeten maken met de digitale kwaliteiten, aangezien alle technologie dusdanig ontwikkeld wordt dat het ‘as brain-dead easy to use as possible’ is, zo stelt men. Later in hun leven kunnen de kinderen zich deze digitale kwaliteiten zeer gemakkelijk eigen maken. Bovendien zijn deze mensen zich als geen ander bewust van alle bovengenoemde negatieve gevolgen van computergebruik.

De Onderwijsraad waarschuwt zelf voor digitalisering in het onderwijs ‘puur omdat het kan’. Het lijkt erop dat als alle bovenvermelde negatieve effecten in ogenschouw worden genomen, deze niet opwegen tegen de geringe positieve effecten. Wordt er dan toch niet op digitalisering van het onderwijs aangestuurd ‘puur omdat het kan’?

In mijn volgende column zal ik trachten te achterhalen welke gegevens er zoal van onze kinderen op scholen worden opgeslagen. Wat gebeurt er met die gegevens? Waar worden ze opgeslagen? Wie heeft er toegang toe? En houden scholen zich wat gegevensopslag betreft aan de wet?

Gepubliceerd in Kinderen en Privacy
vrijdag, 23 juni 2017 11:12

Het begon eigenlijk al in de peuterklas

Door Simone van Dijk


Het begon eigenlijk al in de peuterklas. Mijn zoontje vertelde dat hij een filmpje had gezien op de computer. Een filmpje? Hoezo? Ik breng mijn kind niet naar de peuterspeelzaal om filmpjes te kijken, ik breng mijn kind om te spelen. Spelen met andere kindjes, omdat hij daar aan toe was. Bovendien wil ik bepalen welke filmpjes mijn kind te zien krijgt, als hij al filmpjes te zien krijgt. Andere ouders waren ook ontstemd, en toch was ik de enige die er wat van zei. De peuterleidster trok verbaasd een wenkbrauw omhoog en mompelde dat het toch allemaal niet erg was.

We should run through the forest  
We should swim in the streams  
We should laugh, we should cry,  
We should love, we should dream  
We should stare at the stars and not just the screens  
You should hear what I'm saying and know what it means  
                                    (Scare away the Dark – Passenger (singer-songwriter)

Inmiddels was de peuterklas tevens kinderopvang geworden en moesten er camera’s geplaatst worden als ‘tweede paar ogen’. Dat scheelde een personeelslid. Op het hoofdkantoor, ver weg in een andere stad, kon er dan meegekeken worden. Uiteraard werd ons toestemming gevraagd en verzekerd dat de beelden tijdig zouden worden vernietigd en in geen geval voor andere doeleinden zouden worden gebruikt. Nee zeggen was geen optie. En hoe konden wij controleren dat deze beelden inderdaad niet werden opgeslagen en voor andere doeleinden werden gebruikt? En zijn deze beelden inmiddels wel vernietigd?

Uiteraard werd er ook nog even wifi aangelegd. Men is nog niet eenduidig over het feit of dit al dan niet schadelijk is voor (kleine) kinderen en volwassenen. Toch heeft de Raad van Europa in 2011 een resolutie aangenomen welke de lidstaten aanbeveelt om geen wifi op (lagere) scholen en in kinderopvangen aan te leggen. In landen als Frankrijk, Israël, Rusland, Argentinië en Canada wordt hier gehoor aan gegeven. Maar goed, daar hoef je als ouder al helemaal niet mee aan te komen. Voordat je het weet ben je de ‘wifiheks’ en wordt je überhaupt niet meer serieus genomen.

Geschokt was ik toen ik mijn vierjarige zoontje voor het eerst naar de kleuterklas (groep 1/2) bracht en er opeens een groot digiboard aan de muur hing. De Google toolbar schreeuwde ons in felle kleuren tegemoet. Dat is dus het eerste wat je kind ziet als hij ‘s morgens de klas in komt. Het voelt bijna als hersenspoelerij. Wat doet een digiboard in een kleuterklas? En als het niet gebruikt wordt, moet het dan aanstaan? Met daarop het logo van Google? Vanwege het digiboard wordt het licht in de klas altijd gedempt. Zon of geen zon, de gordijnen zijn dicht, lichten uit en zonneschermen naar beneden.

De schoolcomputers stonden eerst nog op de gang. Kinderen uit groep 3 konden vrijelijk op internet surfen en deden dit dan ook. Combinaties van woorden die tot pornografische plaatjes zouden leiden werden openlijk ingetypt. Bij navraag bleek er geen kinderslot op de computers te zitten. En tja, de juffen konden toch niet alles in de gaten houden... Spelletjes met tanks die er op losschoten werden openlijk gespeeld, dat waren namelijk rekenspelletjes; zeer leerzaam.

Als mijn kleutertje naar de toilet moest lopen over de gang dan kon hij rechts van hem schietende tanks zien en nare pornoplaatjes, terwijl op het digiboard links in de klas nare beelden van het jeugdjournaal over terroristische aanslagen werden vertoond ofwel een filmpje van ‘twerkende’ dames werd bekeken.

Maar niet getreurd! ‘De ouders’ hadden besloten dat er Chromebooks aangeschaft zouden worden. ‘De Ouders’? Mij was niets gevraagd. Chromebooks zijn kleine laptops zonder harde schijf. Alle informatie wordt opgeslagen in de clouds van Google. De kinderen loggen in op hun eigen naam. Leuk, want ook in de kleuterklassen (groep 1 en 2 ) zouden ze worden gebruikt. Er zou meer toezicht zijn en misbruik van internet zou niet meer mogelijk zijn. O ja, en nu moest er door de hele school wifi komen, natuurlijk.

Inmiddels stonden al mijn nekharen overeind. Ik heb mij tot de directie gericht en gevraagd: wat is jullie beleid en visie ten aanzien van het computergebruik? Wat is het doel van het gebruik? Hebben jullie nagedacht over de veiligheid van de kinderen, zowel qua privacy (persoonsgegevens en leerresultaten) als qua gezondheid (nekklachten, gehoorklachten, oogklachten, wifistraling). Hoe werken deze computers? Wat doen onze kinderen eigenlijk op deze computer? Zit er een kinderslot op de computers? Worden de kinderen beschermd tegen schadelijke content? Opslag van de leergegevens van mijn kind in de cloud van Google, dat is toch niet veilig? De directie had eigenlijk geen antwoord, behalve dan dat wij de enigen waren die hier over klaagden en andere scholen hier ook allemaal niet mee bezig waren.

Na veel aandringen door mij werd er een avond georganiseerd over het ICT-gebruik binnen school. De avond was niet meer dan een marketing-praatje van de leverancier van de Chromebooks. Met open mond en kloppend hart heb ik zitten luisteren. Zelfs ik durfde deze avond nauwelijks wat te zeggen. Immers iedereen die vraagtekens zou zetten bij de digitalisering werd direct vergeleken met Khadaffi en Assad, die hun koninkrijken kwijt zouden hebben geraakt door niet met de tijd mee te gaan! Nou, durf dan nog maar wat te zeggen!

Kortom, durf als ouder maar eens op te komen voor de rechten van je kind. Als je al überhaupt weet wat deze rechten zijn.

Wij waren niet de enige ouders die zorgen hadden over de digitalisering op school. Wij waren wel de enige ouders die echt actie ondernamen. De houding van veel ouders is al gauw van ‘ach ja, het is de toekomst, je kan het toch niet tegenhouden’. Maar nee, het is niet de toekomst, het is het heden! En ja, het valt wel tegen te houden, je moet er alleen wat aan doen!

En dat is wat ik nu doe, samen met Privacy First. Ik wil andere ouders inspireren om op te komen voor de rechten van hun kinderen en hen wegwijs maken in de rechten die zij hebben. Het recht op privacy, het recht om ongezien fouten te maken in je jeugd, het recht op gezond onderwijs, het recht om niet verslaafd te raken aan apparatuur, het recht om jezelf te kunnen zijn en te kunnen blijven in alle vrijheid, zonder dat je van jongs af aan al geprofileerd wordt!

Gepubliceerd in Kinderen en Privacy

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon