Toon items op tag: Databases

Dit jaar probeert de Nederlandse regering nieuwe wetgeving voor de geheime diensten (inlichtingen- en veiligheidsdiensten) op te tuigen. In dat kader vond deze zomer een openbare internetconsultatie plaats waarbij iedereen zijn/haar mening over het huidige concept-wetsvoorstel kon geven. Dit wetsvoorstel zou de huidige Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) uit 2002 moeten gaan vervangen.

Privacy First maakt zich grote zorgen over de voorgestelde uitbreiding van bevoegdheden in het wetsvoorstel. Deze bevoegdheden zouden de AIVD en MIVD vrijwel ongelimiteerd zicht kunnen gaan bieden op ieders privéleven.

Geheime diensten staan echter niet boven de wet: net als iedere andere overheidsdienst dienen zij het recht op privacy na te leven, te beschermen, te bevorderen en zelfs te promoten. Dit vloeit voort uit de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en de Nederlandse Grondwet. Op basis hiervan stuurde Privacy First deze week een kritisch commentaar op het huidige wetsvoorstel naar het verantwoordelijke ministerie. Klik HIER voor onze brief (inclusief voetnoten) zoals gepubliceerd op internetconsultatie.nl. Hieronder volgt de volledige tekst:

Geachte heer/mevrouw,

Hierbij geeft Stichting Privacy First graag een eerste reactie op het huidige concept-wetsvoorstel ter herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) 2002. Daarbij herinnert Privacy First allereerst graag aan de inhoud van de openbare toespraak die het hoofd van de AIVD (de heer Rob Bertholee) in september 2012 ten kantore van Privacy First in Amsterdam hield. Het door Privacy First gepubliceerde verslag van deze toespraak is destijds door de AIVD zelf geaccordeerd. Enkele relevante passages uit dit verslag luiden als volgt:

"[Bertholee] kan zich voorstellen dat correlatie (koppeling) en internationale uitwisseling van gegevens door de burger ervaren wordt als "Big Brother" en dat men zich daar zorgen om maakt. Als burger maakt Bertholee zich daar zelf ook zorgen over. (...)
Bij het vragen om informatie door de AIVD aan burgers mag overigens geen sprake zijn van enige vorm van druk. Hetzelfde geldt voor het vragen van informatie aan journalisten: journalisten zijn geheel vrij om daar wel of niet aan mee te werken. "Als een journalist er niet aan wil meewerken, dan is dat jammer voor de AIVD, maar daar houdt het mee op," aldus Bertholee. (...)
Wat eventuele herziening van de Wiv2002 betreft merkt Bertholee op dat de huidige wettelijke ruimte voor de AIVD voldoende is en dat hij niet meer bevoegdheden nodig heeft. (...)
Bertholee eindigt zijn lezing door nog eens te benadrukken dat de AIVD geen dossiers van iedereen bijhoudt, niet iedereen onder de tap houdt, (...) niet elke computer hackt, geen handhavende bevoegdheden heeft [en] geen druk op mensen uitoefent (...)."

De belangrijkste boodschap van Bertholee aan het publiek destijds was dat "hij geen voorstander was van Big Brother." Begin 2015 herhaalde hij deze boodschap ter gelegenheid van het semi-openbare ReuringCafé bij de Vereniging voor OverheidsManagement: "Het recht op privacy is voor mij net zo heilig als voor Privacy First", aldus Bertholee tegenover een zaal vol topambtenaren.

Als het hoofd van de AIVD zélf al vindt dat hij voldoende bevoegdheden heeft en waarschuwt voor Big Brother, dan heeft de Nederlandse regering bij iedere uitbreiding van deze bevoegdheden bij voorbaat de schijn tegen zich. In het licht hiervan kunnen met name de volgende aspecten uit het huidige concept-wetsvoorstel in de optiek van Privacy First niet door de beugel:

Strafbare feiten

Allereerst opvallend is dat de huidige bevoegdheid van agenten om strafbare feiten te plegen vrijwel ongemoeid wordt gelaten en niet nader juridisch wordt ingekaderd. Dit ondanks de reeds bestaande (maar nooit uitgevoerde) opdracht in de huidige Wiv om deze bevoegdheid alsnog van juridische waarborgen te voorzien middels een algemene maatregel van bestuur (AMvB). Ook de commissie Dessens achtte dergelijke nadere normering – terecht – wenselijk. Desondanks wenst het kabinet de grondslag voor de betreffende AMvB af te schaffen. Het plegen van strafbare feiten door agenten blijft daarmee grotendeels plaatsvinden in een juridisch vacuüm. Privacy First acht dit onwenselijk, riskant en ronduit gevaarlijk.

Hack-bevoegdheid en decryptiebevel

Een tweede verwerpelijk onderdeel van het wetsvoorstel is de bevoegdheid om ieders computer te kunnen hacken en mensen te kunnen verplichten om versleutelde bestanden voor de diensten te ontsleutelen, dit laatste op straffe van 2 jaar hechtenis. Privacy First acht dit volstrekt in strijd met het recht op privacy, want niet noodzakelijk en disproportioneel. Daarnaast is het voorstel in strijd met het verbod van zelfincriminatie (nemo tenetur). Het voorstel legt de basis voor toekomstig machtsmisbruik en vormt in de optiek van Privacy First een typische bouwsteen voor een politiestaat i.p.v. een democratische rechtsstaat. Dit geldt eveneens voor het onderdeel in het wetsvoorstel met betrekking tot de invoering van een massale internettap; deze bevoegdheid is ronduit totalitair. De door het kabinet veronderstelde noodzaak hiervan wordt in het voorstel slechts gesteld en nauwelijks onderbouwd, laat staan aangetoond. In een democratische samenleving is de maatschappelijke noodzaak van een dergelijke bevoegdheid echter überhaupt ondenkbaar. Dit voorstel is daarmee bij voorbaat onrechtmatig.

Datamining & profiling

De bevoegdheden tot het opvragen en gebruiken van gegevens zijn in het huidige wetsvoorstel vrijwel onbegrensd. Het voorstel maakt daartoe zelfs directe toegang tot de databanken van derde partijen (overheid én bedrijfsleven) mogelijk. Bij al deze partijen zullen bovendien complete databanken opgevraagd kunnen worden. Dit alles ten behoeve van koppeling, datamining en profiling, waarmee een uiterst gedetailleerd (zelfs voorspellend) beeld van groepen en individuen kan worden gecreëerd. Deze bevoegdheden zijn volstrekt disproportioneel en zouden in dit wetsvoorstel juist ingeperkt moeten worden, in elk geval waar het gevoelige (bijvoorbeeld medische of biometrische) data betreft.

Notificatieplicht

Een lichtpuntje in het wetsvoorstel is de handhaving van de notificatieplicht. Deze geldt echter slechts jegens individuen en niet jegens organisaties die (als zodanig) evengoed targets kunnen zijn geweest. Privacy First adviseert dan ook om deze bepaling te amenderen in de zin dat de notificatieplicht tevens voor organisaties zal gaan gelden.

Actieve openbaarheid

Privacy First adviseert om de huidige Wiv alsnog te voorzien van bepalingen ter actieve openbaarmaking van (historische) documenten van de diensten. De praktijk van "declassification and transparency" in andere landen (waaronder voorheen de Verenigde Staten) kan in dit opzicht een bron van inspiratie vormen.

Informanten

Privacy First adviseert om de huidige Wiv alsnog te voorzien van een verbod om journalisten als informanten in te zetten. Dit in het belang van een vrije pers en de journalistieke bronbescherming. In het belang van een gezond maatschappelijk middenveld zou een dergelijk verbod eveneens kunnen worden ingevoerd met betrekking tot de inzet van agenten en informanten bij maatschappelijke (non-gouvernementele) organisaties.

Internationale uitwisseling

De rechtsbasis voor internationale uitwisseling van inlichtingen werd de laatste jaren gevormd door het obscure artikel 59 Wiv. Dit artikel voldoet bij lange na niet aan de moderne eisen die art. 8 EVRM aan een dergelijke bepaling stelt. In wezen vindt de huidige praktijk van uitwisseling tussen AIVD/MIVD en buitenlandse geheime diensten daardoor al jaren plaats in een juridisch zwart gat. Het verheugt Privacy First dan ook dat art. 59 Wiv grotendeels wordt herzien en mensenrechtelijk wordt versterkt in de nieuwe artikelen 76-78. Deze herziening vormt grosso modo een positieve stap vooruit. Probleem blijft echter de internationale uitwisseling van ongeëvalueerde bulk-data; dergelijke uitwisseling wordt door het concept-wetsvoorstel en de bijbehorende Memorie van Toelichting (MvT) ten onrechte gelegitimeerd. Deze thematiek speelt sinds eind 2013 een cruciale rol in de rechtszaak Burgers tegen Plasterk van Privacy First c.s. tegen de Staat. De voortzetting van deze zaak in hoger beroep blijft door het huidige wetsvoorstel onverminderd actueel en urgent.

Internationale rechtsorde

Nederland heeft de algemene mensenrechtelijke plicht om het recht op privacy in eigen land voortdurend te bevorderen i.p.v. te beperken. Door dit wetsvoorstel schendt Nederland deze algemene plicht; het recht op privacy wordt hierdoor immers massaal ingeperkt. Dit zet de vertrouwensrelatie tussen de Nederlandse overheid en de Nederlandse bevolking op scherp, wat zal leiden tot een maatschappelijk chilling effect. Dit is funest voor de vrije dynamiek in onze democratische rechtsstaat. Het wetsvoorstel en bijbehorende technologie zullen bovendien worden gekopieerd en misbruikt door minder democratische regimes in het buitenland. Het wetsvoorstel vormt daarmee een internationaal precedent voor een wereldwijde Rule of the Jungle i.p.v. de Rule of Law. Dit is in strijd met de grondwettelijke plicht van de Nederlandse regering om de ontwikkeling van de internationale rechtsorde te bevorderen. In het licht van het Nederlandse buitenlands beleid dient dit wetsvoorstel derhalve verworpen te worden.

Toezicht

In het huidige wetsvoorstel is het toezicht op de diensten te vrijblijvend en te politiek van aard. In de optiek van Privacy First dient dit toezicht te worden versterkt en onafhankelijker te worden gemaakt, hetzij middels bindend rechtmatigheidstoezicht vooraf door de CTIVD, hetzij middels bindend toezicht vooraf door de rechter. Dergelijk toezicht dient te gelden bij de uitoefening van álle bijzondere bevoegdheden van de diensten. Pas dan zal een rechtsstatelijke uitoefening van deze bevoegdheden optimaal gewaarborgd en voldoende toekomstbestendig zijn.

Vingerafdrukken

Saillant detail is tenslotte nog dat op p. 44 van de MvT wordt opgemerkt dat "van een afzonderlijke regeling voor het onderzoek naar vingerafdrukken wordt afgezien, omdat de resultaten van een dergelijk onderzoek in de praktijk niet altijd bruikbaar zijn en als gevolg daarvan de inzet van deze mogelijkheid uitermate beperkt is." Dit sluit aan bij de eerdere bekentenissen van voormalig minister Donner en staatssecretaris Teeven dat bij biometrische verificatie van de vingerafdrukken die de laatste jaren zijn afgenomen t.b.v. Nederlandse paspoorten sprake bleek te zijn van een foutenpercentage van maar liefst 21-30%. Privacy First doet hierbij dan ook nogmaals de oproep om de afname van vingerafdrukken voor paspoorten per direct af te schaffen.

Conclusie

Het huidige concept-wetsvoorstel komt, in de woorden van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, neer op "destroying democracy on the ground of defending it". Dit wetsvoorstel dient dan ook grondig verbeterd danwel verworpen te worden. Bij gebreke hiervan behoudt Privacy First zich het recht voor om dit wetsvoorstel, zodra van kracht, door de rechter te laten toetsen en onrechtmatig te laten verklaren.

Privacy First hoopt u met dit advies van dienst te zijn. Desgevraagd zijn wij graag tot een nadere toelichting op bovenstaande punten bereid.

Hoogachtend,

Stichting Privacy First

 

"Er zijn grenzen aan de technieken die de overheid mag gebruiken om de burger te controleren. Dat vindt zeventig procent van de deelnemers aan de Stelling van de Dag. U meent dat de controle met waarborgen moet worden omgeven.

Een ruime meerderheid vindt het dan ook een goede zaak dat privacywaakhond Privacy First een rechtszaak tegen trajectcontroles heeft aangespannen omdat de camera's niet alleen hardrijders registreren maar ook alle andere automobilisten die langsrijden en zich netjes aan de snelheidslimiet houden. Volgens Privacy First, dat een nationaal debat over controletechnieken wil houden, is dit onrechtmatig. "De goeden mogen niet onder de kwaden lijden", aldus een lezer. U vindt dat trajectcontrole net als in Duitsland verboden zou moeten worden.

Ook andere technische systemen vindt u onaanvaardbaar, zoals het opslaan van telefoon- en internetgegevens van burgers en het invoeren van het kenteken in parkeermeters, waar de rechter overigens al een stokje voor heeft gestoken. Over het met camera's registreren van kentekens en het opslaan van passagiersgegevens verschilt u van mening. De helft is ervoor, de andere helft is tegen.

Camera's op straat, in winkelcentra, tunnels en dergelijke vindt u echter geen bezwaar. "Het is goed voor onze veiligheid", schrijft iemand. Een ander tekent echter aan dat het niet de bedoeling is dat de camera's registreren "wat voor brood ik koop bij de bakker".

Aanvaardbaar
Zeventig procent van de lezers vindt opslaan van persoonsgegevens en camerabeelden alleen aanvaardbaar als er duidelijke waarborgen zijn, bijvoorbeeld dat ze niet worden misbruikt en dat ze maar kort worden bewaard. "Alleen toestaan indien er duidelijke garanties zijn dat de gegevens alleen voor dat ene doel beschikbaar zijn en alleen voor de juiste dienst", schrijft een lezer.

U bent het er niet mee eens dat dit soort controlepraktijken een noodzakelijk kwaad is en dus zonder meer moet worden aanvaard. Een flinke minderheid van bijna 40 procent vindt echter van wel: "Met alle terreur is het hard nodig, deze controle." Een ander schrijft: "Als er ook maar één zaak wordt opgelost omdat een persoon per ongeluk ergens op een camera staat, vind ik het prima."

Minister Van der Steur (Veiligheid) stelt dat de opsporing van misdrijven wordt bemoeilijk als bedrijven niet meer kunnen worden verplicht telefonie- en internetgegevens van burgers op te slaan. Ruim 60 procent van u is echter niet van deze argumentatie onder de indruk: "Onder het mom van veiligheid wordt een steeds meer totalitaire staat ingevoerd", aldus een lezer, die verwijst naar het boek '1984' over een futuristische dictatuur waarin 'Big Brother' elke burger via een beeldscherm in de gaten houdt.

Ruim zeventig procent van u vindt dat de overheid te veel en te vaak persoonsgegevens opslaat. "Ik vind het te ver gaan, mijn privacy wordt zo op vele terreinen geschonden," schrijft iemand. Meer dan de helft vindt dat bestrijding van misdaad en terreur ook wel zonder dit soort praktijken kan: "Het is nog nooit bewezen dat het opslaan van al deze data heeft geholpen tegen terreur.""
 
Bron: Telegraaf 8 april 2015, p. 18. Tevens gepubliceerd op http://www.telegraaf.nl/watuzegt/23898277/__Burger_ongebreideld_controleren__.html.

"De databank met DNA-profielen die de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) bijhield moet worden vernietigd. Voor het bewaren van het celmateriaal en bijbehorende profielen zijn geen richtlijnen vastgesteld en dus is het tegen de wet. Maar de AIVD bouwde toch een database. Kun je de inlichtingendienst nog wel vertrouwen?

Vandaag verscheen een rapport van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (CTIVD). Volgens het rapport werden 'op beperkte schaal' gegevens bijgehouden in een databank. Het betrof namen gekoppeld aan DNA-profielen.

Het onderzoeken van DNA-gegevens is wettelijk geregeld, maar zodra de identiteit is vastgesteld moeten de DNA-profielen en eventueel ander materiaal, zoals vingerafdrukken, worden vernietigd. Het bewaren van DNA-profielen en celmateriaal door de AIVD is momenteel niet geregeld in de wet, en mag dus niet.

De AIVD wil niet zeggen hoeveel DNA-profielen er in de databank waren opgeslagen. In het rapport staat dat 'alle tot dusver opgestelde DNA-profielen zijn bewaard in een DNA-databank van de AIVD'. Volgens de AIVD heeft de minister inmiddels opdracht gegeven om alle DNA-gerelateerde gegevens die opgeslagen waren, te vernietigen. Dat is gebeurd. Dat geldt ook voor de databank.

Kun je de AIVD nog wel vertrouwen?
"Schandalig dat de AIVD op eigen houtje een DNA-databank bijhield, tegen de wettelijke regels in." Vincent Böhre, jurist bij stichting Privacy First, vindt het gedrag van de inlichtingdienst een kwalijke zaak. Hij vraagt zich af wie nog meer toegang kreeg tot de DNA-data. "Zijn deze data ook gedeeld met buitenlandse inlichtingendiensten? En zijn er nog meer databanken met gegevens die de AIVD eigenlijk had moeten verwijderen?"

De stichting wil dat de AIVD alle betrokken personen op de hoogte stelt en excuses aanbiedt. "De Wiv (de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten uit 2002, red.) schrijft voor dat mensen van wie de privacy is geschonden na enige tijd worden geïnformeerd, waar dat kan. De DNA-data zijn vernietigd, dus die zijn kennelijk niet meer relevant, dus zou de AIVD die mensen kunnen vertellen wat hij heeft gedaan."

"Het grappige is: wij hebben best een goede relatie met de AIVD. Het hoofd van de inlichtingendienst, Rob Bertholee, zei in januari nog letterlijk dat privacy voor hem net zo heilig is als voor Privacy First. En in 2012 vertelde hij tijdens een lezing voor ons dat hij ook geen voorstander is van Big Brother. 'Er zijn grenzen aan wat je wel en niet kunt doen', zei hij toen."

Toch vertrouwt Böhre het AIVD-hoofd nog steeds. "Vind ik hem een huichelaar? Nee, absoluut niet. Hij maakte een oprechte en integere indruk op mij. Misschien had hij hier geen zicht op, hoe gek dat ook klinkt."

Wat zou er volgens de CTIVD moeten gebeuren?
De Commissie stelt vast dat in de Wiv geen basis is voor het inrichten van een DNA-databank. "Hiervoor moet dus een eigen, voor het publiek herkenbare regeling komen." Wat wel en niet wordt toegestaan in die regeling moet de Tweede Kamer bepalen.
Volgens de Commissie bestaat ook het risico dat DNA-profielen en lichaamseigen materiaal te lang is bewaard. Het zou explicieter geregeld moeten worden wie verantwoordelijk is voor het bewaren en vernietigen van deze gegevens en hoe dat gebeurt.

Hoe reageerde minister Plasterk?
Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken heeft al laten weten alle aanbevelingen uit het rapport over te nemen. Ook kijkt hij hoe de conclusies van de CTIVD bij de hervorming van de Wiv mee kunnen worden genomen.

Is de Commissie hier tevreden mee?
"Dat is natuurlijk altijd goed om te zien", zegt Hilde Bos, secretaris van de CTIVD.

Het onderzoek werd eind maart 2013 aangekondigd en werd begin januari 2015 afgerond. Duren onderzoeken van de CTIVD altijd zo lang?
"Nee", vertelt Bos. "We proberen meestal om maximaal een jaar te besteden aan onderzoeken. Maar als de minister of de Tweede Kamer andere onderzoeksverzoeken bij ons neerleggen, bijvoorbeeld over de MH17 of Roel van Duijn, kan zo'n onderzoek wel vertraging oplopen. Daarnaast duurt het vrij lang voordat het openbaar wordt, omdat bijvoorbeeld eerst gekeken moet worden of er nog staatsgeheimen in staan."

Materiaal verzamelen
Uit het rapport blijkt verder dat de AIVD bij twee operaties lichaamsmateriaal heeft verzameld met als doel een gezondheidsonderzoek uit te voeren, maar dat mag niet. Dit soort materiaal mag alleen geanalyseerd worden met als doel de identiteit van iemand te achterhalen.

Ook zijn de procedures in een aantal gevallen niet helemaal goed gevolgd: zo was de reden voor onderzoek aan lichaamseigen materiaal in een aantal gevallen niet goed gemotiveerd of was er van tevoren geen toestemming verleend voor DNA-onderzoek, wat wel verplicht is. In twee gevallen was de AIVD ook al op de hoogte van de identiteit van de betrokkene, en mocht de dienst dus geen DNA-onderzoek uitvoeren - maar is dat wel gebeurd.

Voorwaarden

Volgens de wet zijn er twee randvoorwaarden waaraan moet worden voldaan bij het verzamelen van materiaal voor forensisch biologisch onderzoek.

Ten eerste mag de AIVD alleen onderzoek doen aan voorwerpen met daarop aanwezig lichaamseigen materiaal. Er mag geen materiaal worden afgenomen op het lichaam van de personen zelf, bijvoorbeeld door het heimelijk uittrekken van lichaamshaar. Er mag geen inbreuk worden gemaakt op de lichamelijke integriteit van personen.

Ten tweede moet het vaststellen van een identiteit het doel van het onderzoek zijn. De wet biedt dus geen ruimte om onderzoek te doen als de identiteit al vaststaat. Het is bijvoorbeeld verboden om een DNA-profiel op te slaan om in de toekomst een verdachte opnieuw te kunnen identificeren. Een onderzoek mag ook niet gericht zijn op het vaststellen van een afkomst of de gezondheid van persoon."

Bron: http://www.trouw.nl/tr/nl/4492/Nederland/article/detail/3926188/2015/03/25/Kunnen-we-de-AIVD-nog-wel-vertrouwen.dhtml, 25 maart 2015.

Al jaren probeert de Europese Commissie tevergeefs om een maatregel in te voeren waardoor iedere Europese vliegtuigpassagier bij voorbaat als potentiële terrorist beschouwd zal worden: in het zogeheten PNR-voorstel (Passenger Name Records) zullen allerlei persoonlijke gegevens van miljoenen Europese vliegtuigpassagiers massaal gedeeld worden met geheime diensten. De laatste jaren strandde dit voorstel van de Commissie telkens op privacybezwaren, en terecht: in een op vrijheid gebaseerde democratische rechtsstaat dient de overheid onschuldige burgers zoveel mogelijk met rust te laten en niet iedereen als potentiële terrorist in een centrale databank op te slaan. Na de aanslag in Parijs doet de Europese Commissie nu opnieuw een poging om dit draconische voorstel alsnog aangenomen te krijgen. Op BNR Nieuwsradio werd Privacy First om een reactie gevraagd. Beluister hieronder het hele fragment, inclusief reacties van luisteraars:

"Amsterdam wil de slimste stad van de wereld worden, door het gebruik van meta-data. Digitale sporen die we achterlaten als we bijvoorbeeld met onze ov-chipkaart inchecken voor de metro, of online kaartjes kopen voor een museum.

De gemeente wil met het project Amsterdam Smart City al deze digitale sporen gebruiken om de Amsterdammer slimmer te maken.

'Je laat de hele dag signalen achter als je met je telefoon over straat loopt', vertelt Ger Baron van Amsterdam Smart City. 'En al deze signalen zijn te gebruiken voor heel veel slimme toepassingen in de stad. Een mooi voorbeeld is een project wat nu op IJburg speelt. Traffic Link heet het. Met deze app kunnen bewoners van IJburg zien wat het ideale moment voor hen is om van huis te vertrekken naar werk of school'.

Privacy
Ja, dit klinkt natuurlijk prachtig. Maar heeft het gebruik van deze data niet allerhande gevolgen voor je privacy? Vincent Böhre, Privacy First, erkent dat iedereen constant sporen achterlaat. 'Het kan zijn dat gegevens uit die sporen worden gebruikt. Maar dan moet je daar wel vooraf toestemming voor hebben gegeven.'"

Klik HIER voor het hele item over dit onderwerp in het AT5 journaal van 12 januari 2015.

Naar aanleiding van de recente terroristische aanslag in Parijs werd Privacy First vanochtend door BNR Nieuwsradio om een reactie gevraagd op de volgende stelling: "We moeten privacy opofferen om dit soort aanslagen te voorkomen." Een grote meerderheid van luisteraars (68%) bleek het met deze stelling oneens. Beluister hieronder het interview met Privacy First, inclusief reacties van luisteraars:

Van tijd tot tijd laait de discussie weer op: zou ieders DNA in een databank moeten worden opgeslagen om de opsporing van misdrijven te vergemakkelijken? Of is dit in strijd met het recht op privacy? Deze week besteedde de Amsterdamse televisiezender AT5 aandacht aan deze vraag in het programma De Stelling van Amsterdam. Klik HIER voor de hele uitzending of bekijk hem hieronder:

Vorig jaar werd bekend dat de Belastingdienst massaal politiedata van ANPR-camera's (Automatic Number Plate Recognition) boven snelwegen gebruikt om belastingfraudeurs te kunnen detecteren. De Belastingdienst had daartoe een geheim convenant (overeenkomst) met de politie gesloten. Dit convenant blijkt inmiddels te zijn vernieuwd en uitgebreid. Iedere automobilist komt hierdoor automatisch in het vizier bij de Belastingdienst.

Onder de huidige wetgeving mogen door de politie alleen verdachte kentekens ("hits") worden bewaard. Alle niet-verdachte kentekens ("no-hits", oftewel het gros van alle automobilisten) dienen meteen te worden gewist. Onder het geheime convenant liet de politie echter wekelijks per koerier een harde schijf met àlle ANPR-data (hits en no-hits) bij de Belastingdienst bezorgen. De Belastingdienst heeft sindsdien inzage in het dagelijkse reisgedrag van miljoenen automobilisten. Nadat het convenant door een Wob-verzoek (Wet openbaarheid van bestuur) boven water was gekomen besteedde o.a. NRC Handelsblad er vorig jaar aandacht aan. Vervolgens bleef het echter stil... totdat recentelijk een nieuwe versie van het convenant opdook. Niet door actieve openbaarmaking vanuit de overheid, maar pas nadat dit opnieuw door een burger middels een Wob-verzoek was opgevraagd.

In het nieuwe convenant worden de ANPR-data niet langer wekelijks in pakketjes bij de Belastingdienst bezorgd, maar gaan alle data rechtstreeks, continu naar de Belastingdienst. De Belastingdienst krijgt daardoor real-time zicht op het reisgedrag van alle automobilisten die door honderden (in de toekomst duizenden) ANPR-camera's boven Nederlandse snelwegen worden gefilmd.

Dit is precies het doemscenario waar Privacy First al jaren voor waarschuwt: totale controle van ieders reisgedrag middels real-time monitoring en profiling. Massale opslag van ieders gegevens voor latere opsporing en vervolging is echter onrechtmatig, zo oordeelde het Europees Hof van Justitie eerder dit jaar in een baanbrekende uitspraak over dataretentie (bewaarplicht telecomgegevens). Dit vormt immers een omkering van het klassieke principe in een democratische rechtsstaat: de overheid mag pas inbreuk maken op iemands privacy bij een redelijke verdenking van een concreet strafbaar feit. Door het convenant tussen de politie en de Belastingdienst wordt dit principe omgedraaid en wordt iedere automobilist een potentiële verdachte. De bevoegdheden van de Belastingdienst worden hierdoor enorm opgerekt: waar de Belastingdienst voorheen individuele ANPR-data bij de politie kon opvragen gebeurt dat nu continu massaal, zónder voorafgaande verdenking. De ANPR-data kunnen vervolgens jarenlang door de Belastingdienst worden gebruikt.

De politie zou dit convenant niet gesloten hebben als dat niet ook in haar eigen belang zou zijn: hierdoor wordt immers een enorme berg aan ANPR-data gecreëerd waar de politie (en OM, AIVD etc.) jarenlang uit kan putten middels informatieverzoeken aan de Belastingdienst. Met dit convenant creëert de politie dus een U-bochtconstructie om haar eigen bevoegdheden en bewaartermijnen te kunnen omzeilen. Het huidige controversiële wetsvoorstel van minister Opstelten om de ANPR-bewaartermijn voor de politie (hits én no-hits) naar 4 weken op te rekken is daarbij vergeleken peanuts.

Het convenant is bovendien ronduit ondemocratisch: hier had op zijn minst parlementair debat aan vooraf moeten gaan. Dat het convenant pas bekend werd na een individueel Wob-verzoek vormt een klap in het gezicht van de Tweede Kamer.

Hoog tijd dus voor een principiële discussie en inperking van dit soort praktijken. Vast beleid van Privacy First is om collectieve privacyschendingen aan de rechter voor te leggen. Zolang het College bescherming persoonsgegevens (CBP) en de Tweede Kamer niet ingrijpen behoudt Privacy First zich dat recht ook in dit geval voor.

Gisteravond besteedde EenVandaag uitgebreid aandacht aan het convenant. Bekijk hieronder de hele reportage, inclusief een interview met Privacy First:

sitestat

'Voorvechters privacyrechten zien kleine lichtpuntjes 

Ik heb niks te verbergen, dus ze mogen alles van me weten. Dat was de afgelopen jaren de maatschappelijke teneur in het privacydebat. En deels is dit nog het geval. Bij privacyrechtenorganisatie Privacy First gruwelen ze van die redenering. Maar de voorvechters van fatsoenlijke omgang met persoonsgegevens zien inmiddels lichtpuntjes.

Het grote probleem van de databanken die de overheid bouwt, is dat ze compleet strijdig zijn met het belangrijkste principe van onze rechtsstaat. Namelijk: je bent pas verdachte en onderwerp van onderzoek bij een redelijke verdenking. Tegenwoordig geldt met het verzamelen van informatie over ons allemaal het principe: iedereen is schuldig tot het tegendeel bewezen is, zegt directeur Vincent Böhre van Privacy First.

Oprichter van de organisatie is Bas Filippini. Als ondernemer maakte hij zijn vermogen in de IT- industrie. Daardoor stelt hij uit eerste hand te kunnen zeggen dat 'de overheid bezig is een perfect elektronisch concentratiekamp te bouwen.'

Dat gebeurt allemaal vanuit wantrouwen van de burger, verzucht Filippini. De meeste van deze ontwikkelingen zijn technologisch gedreven. Iets kan, dus gaan we het ook doen. Er wordt veel te weinig nagedacht over de vraag: 'Is het wel echt nodig en wat bereiken we ermee? Het enige dat wij er tegenover kunnen zetten zijn rechtszaken en claims. Je houdt je niet aan de wet? Hup een claim van een miljoen aan je broek. We hebben een serie procedures lopen.

Gelukkig zie je dat rechters ontvankelijk zijn voor argumenten. Zo zijn we bijzonder blij met het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant uit november dit jaar in de zaak aangespannen door parkeerbedrijf SMS Parking. De rechter oordeelde dat de fiscus niet alle parkeerdata mag opvragen, alleen omdat ze daarmee makkelijk zakelijke rijders die hun bijtelling niet betalen kunnen pakken. Wat ons betreft is dit echt een keerpunt.'

Bron: Telegraaf, zaterdag 28 december 2013, sectie Reportage, p. 5. Ook online beschikbaar op Telegraaf.nl.

Ondanks zijn recente Big Brother Award gaat minister Opstelten onverdroten verder met de bouw van zijn geliefde controlemaatschappij. Ditmaal niet door de Nederlandse politie de bevoegdheid te geven om ieders computer te kunnen hacken, door iedere Nederlandse politieagent een Taser-wapen te geven, door massale inzet van drones of door ieders reisbewegingen op de snelweg in een politiedatabank op te slaan, maar door voortaan ook de gegevens van alle vliegtuigpassiers die Nederland in- of uitreizen in een overheidsdatabank te bewaren. Volgens Opstelten zou de AIVD hierdoor een handjevol Nederlandse jihadisten beter in de gaten kunnen houden. Dit ondanks het feit dat dit plan al vier jaar oud is en destijds verworpen werd. Begin 2010 schreef de Telegraaf hierover het volgende: "De [inlichtingen]diensten willen met name weten wie er naar 'jihadgebieden' vertrekken. Amerika vraagt al langer om gegevens van de binnenkomende passagiers, maar daarover kunnen de diensten hier niet beschikken." (Telegraaf 12 februari 2010, p. 8, cursivering Privacy First). Zit achter het voorstel van Opstelten een verborgen Amerikaanse hand...?

Privacy First acht de plannen van Opstelten volstrekt onnodig en disproportioneel. Zelfs het hoofd van de AIVD benadrukte vorig jaar géén nieuwe bevoegdheden nodig te hebben. Bovendien loopt ieders privacy gevaar als buitenlandse inlichtingendiensten (waaronder de Amerikaanse NSA) rechtstreekse toegang tot deze databank zouden kunnen krijgen, bijvoorbeeld middels een 'single entry point' (reeds in mei 2012 werd Privacy First hierover getipt). Ook de Tweede Kamer lijkt vooralsnog zeer kritisch.

Beluister HIER onze eerste reactie in het programma Avondspits op Radio 1.
Audiolink: http://www.radio1.nl/item/166234-Reisgegevens%20opslaan%20is%20een%20%20prima%20middel%20tegen%20terreur!.html.

Pagina 1 van 5

Greenhost

hnr_logoBig Brother Awards.be 2013

bureau Brandeis

logo-PlatformBBearth endorser
kntr logo altkamboer