donatieknop english

Drones worden tegenwoordig niet alleen door het leger en de politie gebruikt, maar ook steeds meer door burgers en bedrijven. Wat zijn hiervan de risico's? En welke regels gelden er eigenlijk? Bekijk hieronder een item van Omroep Gelderland over dit onderwerp met o.a. Vincent Böhre van Stichting Privacy First:

Gepubliceerd in Privacy First in de media

Op donderdagavond 16 januari jl. hield Stichting Privacy First haar Nieuwjaarsborrel met enkele prominente sprekers. Eerste gastspreker was de voorzitter van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP): Jacob Kohnstamm. In zijn toespraak ging de heer Kohnstamm allereerst in op de nieuwe EU-verordening voor de bescherming van persoonsgegevens, gevolgd door het NSA-afluisterschandaal. Hieronder een verslag:

Toespraak Jacob Kohnstamm bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Over de nieuwe EU-verordening voor gegevensbescherming merkte Jacob Kohnstamm ten eerste op dat, zodra deze verordening definitief zal zijn vastgesteld, deze op gelijke wijze zal gaan gelden in alle EU-lidstaten. Dit in tegenstelling tot de huidige EU-richtlijn voor gegevensbescherming uit 1995, die in verschillende EU-lidstaten op verschillende wijze wordt toegepast. Dit creëert voor bedrijven en voor burgers onduidelijkheid over het geldende privacyrecht, met name in het internationale verkeer. De nieuwe verordening kan aan die onduidelijkheid een einde maken, aangezien deze als Europese wet in alle EU-lidstaten op gelijke wijze zal gaan gelden. Zover is het echter nog niet: het huidige voorstel voor een nieuwe verordening is afkomstig van de Europese Commissie en dateert van januari 2012. Deze verordening zal pas definitief kunnen worden na een ingewikkelde, onnavolgbare procedure waarin zowel de Europese Commissie als de Europese Raad (van ministers van EU-lidstaten) en het Europees Parlement een belangrijke rol spelen. Kohnstamm: “Een Amerikaanse uitdrukking luidt: 'There are two things you don’t want to know: wat er in worsten zit en hoe wetgeving wordt gemaakt.' Dat geldt in het bijzonder voor Europese wetgeving. Het Torentje op het Haagse Binnenhof is daarbij vergeleken de transparantie zelve.” De belangrijkste principes uit de EU-richtlijn van 1995 zijn in de nieuwe verordening overgenomen en deels aangescherpt en versterkt. Dit tegen de zin van de Amerikanen: “Het mooiste compliment dat de Europese Commissie heeft gekregen over de privacyvriendelijkheid van de nieuwe verordening is een massieve lobby uit de Verenigde Staten, met name uit Silicon Valley, tégen die verordening”, aldus Kohnstamm. Die Amerikaanse counter-lobby in Brussel was (en is) buitengewoon agressief: minstens een derde van alle voorgestelde wijzigingen op de concept-verordening werd ingestoken vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven. Een voorbeeld daarvan is de boetebevoegdheid die nationale toezichthouders voor gegevensbescherming onder de nieuwe verordening zouden krijgen: in het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie bedroeg die boete 5% van de omzet van het te beboeten bedrijf, maar onder Amerikaanse druk werd dat voortijdig afgezwakt tot 2%. Volgens Kohnstamm vormt het huidige voorstel voor een nieuwe verordening echter nog steeds een versterking van de Europese privacywetgeving, zowel voor burgers als voor toezichthouders zoals het CBP. Een zwak punt betreft echter de zogeheten pseudonimisering van persoonsgegevens, als die persoonsgegevens daardoor buiten de bescherming van de verordening zouden vallen. “Pseudonimisering is echt een Paard van Troje”, waarschuwt Kohnstamm. Gepseudonimiseerde persoonsgegevens zijn indirect immers altijd tot specifieke personen te herleiden.

Volgens Kohnstamm wordt de huidige vertraging bij de totstandkoming van de nieuwe verordening met name veroorzaakt door de Europese Raad van ministers en bijbehorende ambtenaren. Door nationalistische invloeden blijken sommige Europese regeringen onderling van mening te verschillen over de machts- en toezichtsvragen die de nieuwe verordening opwerpt. Als er binnenkort op Europees niveau geen schot in de zaak komt “kan het nog jaren gaan duren voordat we die nieuwe Europese verordening krijgen. Dan krijgt het Amerikaanse bedrijfsleven nog volop de gelegenheid om te lobbyen en de huidige normen verder te doen verwateren. Dat zou een dramatische ontwikkeling zijn”, aldus Kohnstamm.

Toespraak Jacob Kohnstamm bij Privacy First, 16 januari 2014. Foto: Maarten Tromp

Naar aanleiding van het NSA-afluisterschandaal vertelt Kohnstamm dat, zodra de eerste documenten van Edward Snowden naar buiten kwamen, hij in zijn hoedanigheid als voorzitter van 'WP29' (de werkgroep van privacytoezichthouders uit alle EU-lidstaten) een “stevige brief” aan de Europese Commissie geschreven heeft met daarin een oproep om tot actie over te gaan. Vervolgens werd er een speciale EU-US working group opgericht waar Kohnstamm lid van werd. Het gaat hier echter om het domein van nationale veiligheid, dus zeggen de EU-lidstaten: “dat is onze bevoegdheid, niet van de Europese Unie”. Die Europese verdeeldheid speelt de Amerikanen echter juist in de kaart. Kohnstamm: Verdeel en heers is wat de Verenigde Staten, maar ook andere grootmachten, graag ten opzichte van de Europese Unie uitspelen.” Vervolgens noemt Kohnstamm vier verschillen tussen de Verenigde Staten en Europa die volgens hem van belang zijn op dit terrein:
1) Voor Amerikanen is het louter verzamelen van gegevens niet iets wat privacybescherming verdient, maar pas zodra er sprake is van het gebruik van die gegevens. Voor Europeanen daarentegen is de bescherming van persoonsgegevens een fundamenteel grondrecht, waarbij het verzamelen óf verwerken van die gegevens op zichzelf al aan wettelijke beperkingen onderhevig is. Zo dient er in de Europese visie altijd een rechtsgrond voor verzameling of verwerking aanwezig te zijn, bijvoorbeeld een wettelijke grondslag, een contract of persoonlijke toestemming. Dit verschil is essentieel voor de discussie tussen Europa en de Verenigde Staten.
2) In Amerika wordt toezicht op de NSA gehouden door een geheime rechtbank, het FISA Court. “Er is dus tenminste een rechtbank, ook al is ie geheim. Ik ken geen enkel ander land waar rechters meebesluiten of iets rechtmatig is in het kader van wat veiligheidsdiensten uitspoken. Ik ben overigens uiterst kritisch over wat het FISA Court doet, maar de structuur op zichzelf hebben andere landen niet eens”, aldus Kohnstamm. Vergeleken daarbij is het toezicht in een land als het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld veel slechter geregeld.
3) Amerikaans-wettelijke discriminatie tussen Amerikanen en niet-Amerikanen. Kohnstamm: “Door de Amerikanen worden wij Europeanen behandeld als Noord-Koreanen, bij wijze van spreken. Die discriminatie in de Amerikaanse wetgeving ten aanzien van veiligheidsdiensten is nauwelijks te verteren.”
4) De rechtsgronden op basis waarvan Amerikaanse veiligheidsdiensten (bijvoorbeeld de NSA) opereren zijn er drie: twee wetten, en de derde is een soort Algemene Maatregel van Bestuur, een administrative order genaamd '12333'. Die administrative order is een presidentieel besluit zonder parlementaire betrokkenheid, waarin zaken als een definitie van “foreign intelligence” (buitenlandse inlichtingen) geheel ontbreken. “Daarmee kunnen de NSA en anderen totaal hun gang gaan, zonder dat het gecontroleerd is.”

Eventuele Amerikaanse wetswijzigingen en toekomstig beter toezicht ten spijt, blijft “de NSA feitelijk een multinational met een budget van ongekende omvang”, aldus Kohnstamm. Zolang het Amerikaanse onderscheid tussen de verzameling en het gebruik van persoonsgegevens zal blijven bestaan, zal dat niet leiden tot meer privacy voor Europeanen ten opzichte van organisaties als de NSA, zo voorspelt hij. “En zolang Europese landen veiligheid als een louter nationale bevoegdheid blijven zien, gaan wij deze strijd tussen Europa en de VS niet winnen.” Ook vanuit het Amerikaanse congres verwacht Kohnstamm weinig pressie om de NSA-activiteiten te temperen. Enige recente druk in die richting vanuit het Amerikaanse bedrijfsleven acht hij bovendien hypocriet. “De enige vuist die we dus kunnen maken is een Europese vuist”, zo besluit Kohnstamm zijn betoog.

Gepubliceerd in Metaprivacy

Column voorzitter Privacy First, mei 2011 

Privacy First, opgericht begin 2009, gaat in hoger beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring door de rechtbank Den Haag in de rechtszaak voor een betere Paspoortwet. Sinds haar oprichting heeft de stichting een duidelijke lijn gevolgd tegen de schending van de privacy van Nederlandse burgers. Inmiddels zijn diverse verenigingen en stichtingen verenigd in het Platform Bescherming Burgerrechten en worden maandelijks alle thema’s besproken. De Paspoortwet staat helaas niet op zichzelf, maar is slechts één van de thema’s die spelen op het gebied van privacyschending. 

Steeds meer komen we te weten over de plannen van onze (semi)overheid om burgers te bestoken met privacybeperkende maatregelen. De overheid had toch niets te verbergen? In werkelijkheid hebben we anno 2011 te maken met een overheid die haar eigen burgers niet meer vertrouwt en twee klassieke rechtsprincipes volledig heeft omgedraaid in haar onbeperkte streven naar total control:

  • iedereen verdacht totdat het tegendeel bewezen is, en
  • het toepassen van een omgekeerde bewijslast, aanvullend een variant van de wet Bibop, oftewel financiële machtsmiddelen.

De rechtszekerheid voor de burger is in haar basis aangetast met “function creep by design” als uitgangspunt. Waar in eerste instantie criminelen getoetst werden en vervolgens de horeca, zijn nu ook tandartsen aan de beurt. Het paardenmiddel vanuit terrorisme- en criminaliteitsbestrijding wordt moeiteloos toegepast op elke doelgroep die in de toekomst ook maar even afwijkt van “normaal” . Dat laatste natuurlijk bepaald door ijverige ambtenaren achter een bureau. Ver weg van de dagelijkse praktijk, zonder menselijke maat. 

Privacy First staat voor eigen keuzes in een vrije omgeving, een principe dat de overheid volgens ons als uitgangspunt dient te hanteren in een vrije democratische rechtsstaat. Om vervolgens goede wetten te maken, de uitvoering hiervan te regelen naar een menselijke maat en daarna, ja echt daarna, te besluiten hoe en wat te automatiseren in dit proces. Privacy First streeft hierbij naar de oprichting van een toetsend orgaan voor het goedkeuren van alle nieuwe wetgeving aan de Nederlandse grondwet.

De werkelijkheid ten aanzien van onze wetgeving is echter compleet anders. Het patroon herhaalt zich de laatste jaren op telkens dezelfde wijze: zonder enig beleid ten aanzien van een gedegen probleemanalyse door de overheid wordt door grote ICT-bedrijven in Nederland bij elk sociaal-maatschappelijk probleem direct gelobbied voor een miljoenen- of zelfs miljardenverslindende ICT-oplossing. Altijd uitgaand van centrale registratie van een complete doelgroep en opslag van alle activiteiten en gegevens. Er wordt vervolgens niet gekeken naar de burger, de menselijke maat en eventuele betere oplossingen dan centralisatie in systemen, noch of de “oplossing” in proportionele verhouding staat tot het eigenlijke “probleem”.

In het WRR-rapport van maart dit jaar (iOverheid) wordt deze wijze van handelen uitstekend weergegeven en tevens in Europees perspectief geplaatst. Zeer pijnlijke gevallen van persoonsverwisseling in systemen, het uitleveren van Nederlandse burgers aan Oost-Europese EU-landen, het outsourcen van onze paspoortwetgeving aan een Frans defensiebedrijf en het vrijgeven van het complete betalingsverkeer aan de VS spreken boekdelen. Dit alles zonder enige instemming van de burger en zonder enige democratische grondslag. Bepaald door de lobby vanuit het bedrijfsleven.

Professor dr. Smalhout bood vorige week een interessante kijk op het huidige fatsoensniveau bij de overheid, welke met door de burgers betaald belastinggeld diezelfde burger in een stalinistische houtgreep wil krijgen om de criminaliteit en terrorismedreiging tegen te gaan. In het huidige kabinet zijn de voorvechters van deze filosofie weer in diverse uitrustingen te vinden, getuige het trio Donner - Opstelten - Teeven. En de privacybeweging maar denken dat het na Hirsch Ballin niet meer erger zou kunnen…

Het bijzondere van de overheid is dat er, eventueel met andere organisaties, ook na duidelijke afwijzing door burgers ten aanzien van wetten en maatregelen toch gewoon doorgegaan wordt met verder onderzoek, studies en varianten op hetzelfde thema. Een prachtig voorbeeld hiervan is de ANWB, waar de heer Van Woerkom onlangs weer de spionagekast in elke auto opnieuw als prachtige oplossing voor files (?) in Nederland presenteerde. Ditmaal via alle leaserijders in Nederland, afgedwongen via wetgeving. Leaserijders, dat is een gemakkelijker doelgroep, want de baas betaalt en de bedrijven moeten zich aan de wet houden, toch? Geen burgerlijke ongehoorzaamheid, maar via de hardwerkende burger, gestraft voor het nemen van initiatief om zaken te doen. De eigen tombstone voor de heer Van Woerkom: de invoering van de spionagekast. Fantastisch toch?

Hebben we niet een spionagekast in de auto, dan tapt de overheid TomTom’s af voor meer informatie en start de overheid nu met automatische nummerplaatherkenning, 3D-camera’s (met steun van onze EU) en totale-trajectcontroles. Met centrale databases, de bekende ICT-ondersteuning en function creep. Het gebruik van camera’s die gelaatsscans herkennen wordt hier moeiteloos aan toegevoegd, aangezien die inmiddels in bankpinautomaten en zelfs de nieuwe parkeerautomaten zijn ingebouwd. Als handig extraatje worden daar nu sensors aan toegevoegd die “onregelmatige” beelden en geluiden kunnen uitfilteren om eventele ongepaste zaken op straat te signaleren. Privacy First gaat ook hier juridisch actie op nemen. Duidelijke afspraken vanuit democratische rechtsprincipes zijn immers hard nodig op dit thema.

Een ander thema dat Privacy First aan het hart gaat is het zogeheten Elektronisch Patiënten Dossier (EPD) met als uitsmijter de Diagnose Behandel Combinatie (DBC). Liefst had Den Haag het EPD verplicht gesteld, de lobby vanuit de zorgverzekeraars vroeg daar toch zo duidelijk om. Ook hierin weer centrale databases, miljoenenverslindende ICT-projecten en geen enkele zorg om de vrije keuze van de burger en fundamentele rechtsprincipes, in dit geval het artsengeheim. Zowel “normale” als “abnormale” burgers zijn bekend in één bestand met daarin alle medische vragen, behandelingen, medicijnen etc., zelfs als die burgers hun eigen medische zorg helemaal zelf betalen! 

Terug naar Privacy First, voor goede wetgeving gebaseerd op democratische rechtsprincipes, goede uitvoering en goede inzet van technologie. Met als actievorm rechtszaken en claims voor gedupeerde burgers. Hetzij tegen de overheid, hetzij tegen bedrijven of instellingen die hun vingers niet kunnen thuishouden in het Privédomein van de burger.

Privacy First is voor goede inzet van technologie en stimuleert daarom privacy embedded of privacy enhanced technology (PET). Privacy First is van mening dat juist Nederland hierin voorop kan gaan lopen. Criminaliteit en terrorisme moeten voorkomen en bestreden worden volgens de juiste principes. Mensen die privacy en vrijheid hiervoor opgeven verdienen geen van beide. Staatscriminaliteit en staatsterrorisme zijn tenslotte een veel erger kwaal en al teveel gezien in de geschiedenis. Juist nu is het tijd om te kiezen voor een positieve en vrije toekomst, voor jezelf, je familie en je kinderen. 

Tijd voor een politieke beweging of partij? Wie zal het zeggen?

Bas Filippini

Voorzitter Privacy First

Gepubliceerd in Columns
dinsdag, 12 oktober 2010 22:15

"Anoniem reizen in toekomst onmogelijk"

Anoniem reizen is de mogelijkheid voor een individu om zich, onder normale omstandigheden, in een openbare omgeving te kunnen bewegen, zonder dat zijn locatie systematisch en in het geheim voor latere doeleinden wordt opgeslagen. De OV-chipkaart, mobiele telefoon, diensten die je vrienden laten weten dat je in de buurt bent, gratis WiFi en parkeermeters die je vertellen als je meter bijna leeg is, hebben de potentie om deze vorm van privacy weg te nemen. Hierdoor wordt het voor anderen mogelijk om aan de hand van het reisgedrag allerlei zeer persoonlijke vragen te stellen of je hiermee op andere manieren te confronteren.

"Als je je huis verlaat, geef je wat privacy op. Iemand kan je misschien een kliniek zien binnengaan, of ziet je met je secretaris een hotel verlaten." In het verleden kostte het mankracht en moeite om dit soort informatie te bemachtigen. Vandaag de dag en in de toekomst wordt deze informatie stilletjes verzameld door alledaagse apparaten en applicaties, en is beschikbaar voor allerlei partijen, die dit kunnen opvragen of kopen. Of ze betalen een hacker om de reisgeschiedenis van iedereen te stelen, zo stelt de EFF. "Het is deze overgang naar een regime waarin de informatie over je locatie continu, zwijgend en goedkoop wordt verzameld, waar we bezorgd over zijn."

"Ik heb niets te verbergen"
Een vaak gehoord argument is dat mensen die zich aan de wet houden geen privacy nodig hebben. De EFF merkt op dat het niet alleen de overheid, politie of politieke tegenstanders zijn waar bescherming tegen nodig is. Ook werkgevers, collega's, familie of zakelijke concurrenten hoeven niet de details van iemands persoonlijke leven te kennen. "Het beschermen van locatiespecifieke privacy draait om het behouden van waardigheid en vertrouwen als je je door de wereld begeeft." Bepaalde locatiespecifieke informatie zou bijvoorbeeld interessant voor verzekeringsmaatschappijen kunnen zijn, om zo de premie te verhogen. De EFF verwijst naar dit artikel waarin het "ik heb niets te verbergen" argument verder wordt ontkracht.

Om de privacy van burgers te waarborgen, moet daarom al bij het ontwerp van allerlei diensten hiermee rekening worden gehouden. "Nu is het moment om verantwoorde ontwerpen te kiezen en de locatiespecifieke privacy van gebruikers niet op te geven omdat het alleen maar opportuun is." Op wat voor manier mobiele telefoons, OV-chipkaart en creditcards de privacy aantasten, maakt de EFF in dit artikel duidelijk.
Gepubliceerd in Mobiliteit
Pagina 8 van 8

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
 
banner ned 1024px1
logo demomedia
 
 
 
 
 
Pro Bono Connect logo 100
IIR banner

Volg ons via Twitter

twitter icon

Volg onze RSS-feed

rss icon

Volg ons op LinkedIn

linked in icon

Volg ons op Facebook

facebook icon