<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" ?><rss version="2.0"
        xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
        xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
        xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
        xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
        xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
        xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
        >
<channel>
        <title>Privacy First</title>
        <atom:link href="https://privacyfirst.nl/en/article-feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
		<link>https://privacyfirst.nl/en/</link>
        <description>Your choice in a free society</description>
        <generator>https://wordpress.org/?v=7.1</generator>
                        <item>
                        <title>Privacy First is calling for a ban on automated risk profiling by banks</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/privacy-first-is-calling-for-a-ban-on-automated-risk-profiling-by-banks/]]></link>
                        <pubdate>Thu, 3 Sep 2026 06:54:55 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/EU_consultation.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Commentaar in de consultatie van de Europese antiwitwasautoriteit (AMLA) over de doorlopende screening van klanten door banken en andere bedrijven </strong></p>
<p>Privacy First heeft deelgenomen aan de <a href="https://www.amla.europa.eu/amla-consults-draft-guidelines-ongoing-monitoring-business-relationships_en" target="_blank" rel="noopener">consultatie</a> die is georganiseerd door de Europese <em>Authority for Anti-Money Laundering and Countering the Financing of Terrorism</em> (AMLA) over ontwerprichtlijnen betreffende de doorlopende monitoring van klanten door ondernemingen met wettelijke antiwitwasverplichtingen (‘OE&#8217;s’). De ontwerprichtlijnen geven informatie over hoe OE&#8217;s naar de mening van AMLA de doorlopende monitoring van klanten moeten organiseren. Privacy First heeft hier veel fundamentele bezwaren tegen.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/EU_consultation.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h3><strong>Privacy First heeft</strong> fundamentele<strong> bezwaren tegen de voorgestelde ontwerprichtlijnen:</strong></h3>
<ol>
<li>naleving van deze ontwerprichtlijnen leidt in feite tot preventieve en voortdurende monitoring (surveillance) van het gedrag van burgers, met verstrekkende gevolgen voor hun dagelijks leven;</li>
<li>regelgeving over de bestrijding van witwassen (AML) en de financiering van terrorisme (CFT) staat altijd vol met het begrip ‘risicogebaseerde aanpak’, maar tot op heden is er geen duidelijkheid over wat dit precies inhoudt; AMLA biedt in de ontwerprichtlijnen onvoldoende houvast;</li>
<li>AMLA besteedt in de ontwerprichtlijnen geen enkele aandacht aan de positie van mensen (de &#8216;betrokkenen&#8217;) en aan de klanten van OE’s;</li>
<li>de ontwerprichtlijnen gaan niet in op het voorkomen van de schadelijke effecten van het AML/CFT-systeem;</li>
<li>de ontwerprichtlijnen bevatten onjuiste opvattingen over digitale risicoprofileringstechnieken en verzuimen ten onrechte het gebruik van geautomatiseerde middelen voor het opsporen van criminaliteit (geautomatiseerde risicoprofilering) te verbieden.</li>
</ol>
<h3>Algemene context</h3>
<p>Op basis van de Europese regelgeving ter bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering (&#8216;AML/CFT&#8217;) moeten bedrijven publieke taken vervullen op het gebied van misdaadbestrijding. Het AML/CFT-systeem van de EU is gebaseerd op banken en is uitgebreid naar een grote groep andere bedrijven, waarvan een aanzienlijk deel uit MKB-ondernemingen bestaat. De effectiviteit van het op basis van Europese wetgeving betrekken van deze grote groep bedrijven bij de strijd tegen criminaliteit, terwijl de nodige expertise op het gebied van misdaadbestrijding bij hen ontbreekt, is nooit aangetoond.</p>
<p>Onze bezwaren worden hieronder nader toegelicht:</p>
<h3>Er ontstaat een financiële surveillancestaat</h3>
<p>Ten eerste leidt de naleving van deze ontwerprichtlijnen door AMLA in feite tot een preventieve en voortdurende controle van het gedrag van burgers, met verstrekkende gevolgen voor hun dagelijks leven. De inspanningen om witwassen en criminaliteit in het algemeen op te sporen gaan inmiddels zo ver dat elke gezagsgetrouwe burger bij elke stap in zijn of haar leven door de overheid – via particuliere instanties (met name banken) – in de gaten wordt gehouden. Privacy First maakt zich grote zorgen over het feit dat AMLA niet erkent dat het creëren van een oneindig aantal vage rechtsgronden, die uitzonderingen vormen op de beginselen van de grondrechten en de privacyregels omzeilen, deze grondrechten tot een illusie maakt. De toepassing van deze ontwerprichtlijnen leidt tot een surveillancestaat, die de grondrechten niet respecteert zoals die onder meer zijn vastgelegd in Europese wetgeving, zoals het Europees Handvest en de AVG. Privacy First constateert dat, hoewel naleving van deze rechten met de mond wordt beleden, de realiteit in de praktijk heel anders is.</p>
<h3>De risicogebaseerde aanpak wordt niet gerealiseerd</h3>
<p>Ten tweede merkt Privacy First op dat alle wetteksten op het gebied van antiwitwasmaatregelen en misdaadbestrijding altijd vol staan met het begrip ‘risicogebaseerde aanpak’, maar dat er tot nu toe geen duidelijkheid is over wat dit precies inhoudt. Ook AMLA legt in deze richtlijnen niet uit wat een risicogebaseerde aanpak is. Het gebruikelijke antwoord dat ‘risicogebaseerd’ betekent ‘focussen op de grootste risico’s’ is te vaag om in de praktijk toe te passen. Privacy First roept AMLA op om het begrip daadwerkelijk inhoud te geven. Ons voorstel: de toezichtseisen voor klanten met een laag risico daadwerkelijk verlichten en de focus leggen op risicogroepen, rekening houdend met de mogelijkheden van de grote groep OE’s die tot het MKB behoren. In een dergelijk systeem zou AMLA alleen hoeven te definiëren wat onder risicoklanten wordt verstaan. Aangezien de meeste burgers zich aan de wet houden, zou deze groep geen groot percentage moeten uitmaken. De door Privacy First voorgestelde aanpak zou evenredig en risicogebaseerd zijn, en bovendien in lijn met de manier waarop de overheid en het Openbaar Ministerie zelf misdrijven onderzoeken en vervolgen.</p>
<h3>Ontbrekende aandacht voor de betrokkenen en de (overige) klanten van OE’s</h3>
<p>Ten derde valt op aan het ontwerp dat AMLA geen enkele aandacht besteedt aan de positie van natuurlijke personen (betrokkenen) en aan de klanten van OE’s, die ook op de hoogte moeten worden gesteld van de monitoringactiviteiten en moeten kunnen beoordelen of OE’s voldoen aan hun verplichtingen, onder meer om niet meer gegevens op te vragen dan noodzakelijk is (dataminimalisatie).</p>
<h3>Geen voorkoming van de schadelijke gevolgen van het AML/CFT-systeem</h3>
<p>In haar commentaar in de consultatie roept Privacy First AMLA op om zich niet alleen te richten op de bestrijding van criminaliteit, maar ook verantwoordelijkheid te nemen voor de schadelijke maatschappelijke gevolgen van de privatisering van misdaadbestrijding. Privacy First dringt er bij AMLA op aan om misbruik en het ontstaan van een door financiële surveillance geregeerde samenleving te helpen voorkomen. Privacy First vestigt de aandacht van AMLA op de ernstige misstanden die in Nederland hebben plaatsgevonden en die in Nederland hebben geleid tot fundamentele kritiek van onder meer het College voor de Rechten van de Mens, de Autoriteit Persoonsgegevens, de Algemene Rekenkamer en de Afdeling advisering van de Raad van State.</p>
<h3>Onjuiste opvattingen over geautomatiseerde risicoprofilering: digitale risicoprofilering en digitale monitoring moeten onmiddellijk worden gestopt</h3>
<p>Bovendien wijst Privacy First erop dat AMLA teveel vertrouwen stelt in het gebruik van digitale hulpmiddelen (zoals AI) door OE’s om te bepalen of een klant mogelijk crimineel is. Wij vestigen de aandacht op belangrijke rapporten die zijn gepubliceerd over digitale risicoprofilering, waaruit blijkt dat digitale systemen gebrekkig zijn en leiden tot discriminatie en uitsluiting. Hiertoe behoren onder andere <a href="https://www.amnesty.org/en/documents/POL40/1096/2026/en/" target="_blank" rel="noopener">dit rapport van Amnesty International</a>, bekendgemaakt in het <a href="https://www.amnesty.org/en/latest/news/2026/06/risk-profiling-systems/" target="_blank" rel="noopener">bericht</a> <em>‘Risicoprofileringssystemen die worden gebruikt om potentiële overtreders te identificeren, zijn in strijd met het internationaal recht en moeten worden verboden&#8217;. </em>Zie tevens het <a href="https://www.staatscommissietegendiscriminatieenracisme.nl/actueel/nieuws/2026/05/07/staatscommissie-stop-datagedreven-profilering-door-overheid-vanwege-discriminatie" target="_blank" rel="noopener">advies</a> van de Nederlandse Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme, waarin de regering wordt opgeroepen te stoppen met het gebruik van datagestuurde profilering voor het opsporen van fraude en criminaliteit.</p>
<p>Privacy First is van mening dat het huidige landschap van digitale risicoprofilering, of deze nu door overheidsinstanties of door OE’s wordt uitgevoerd, nog onvoldoende volwassen is, en dat AMLA in de ontwerprichtlijnen duidelijk moet maken dat het gebruik van digitale hulpmiddelen voor risicobeoordeling en -monitoring niet is toegestaan.</p>
<h3>De toekomst van AML/CFT</h3>
<p>Privacy First roept AMLA op om verantwoordelijkheid te nemen voor de gevolgen van AML/CFT-regelgeving voor de grondrechten van burgers en om een kritisch en onafhankelijk standpunt in te nemen, waartoe dient te behoren dat geautomatiseerde risicoprofilering wordt verboden.</p>
<p>Privacy First heeft nog een groot aantal andere opmerkingen en voorstellen, die te vinden zijn in ons volledige commentaar in de consultatie zoals dat <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/2026-09-02-Privacy-First-monitoring-consultation-response.pdf" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> op onze website is te downloaden (pdf).</p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>The digital learner</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/the-digital-learner/]]></link>
                        <pubdate>Thu, 27 Aug 2026 08:46:18 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/cherylt23-students-99506_1280.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Nu de zomervakantie voorbij is hebben veel scholen zich weer voorbereid op een nieuw schooljaar. Ook dit jaar zullen digitale leermiddelen daarbij een centrale rol spelen. Van digitale lesmethodes en adaptieve oefenprogramma&#8217;s tot online samenwerkingsplatforms. Technologie biedt leerlingen en docenten onmiskenbare voordelen. Tegelijkertijd groeit de bezorgdheid over de privacy van leerlingen. Recente signalen van zowel de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) als Privacy First laten zien dat die zorgen niet ongegrond zijn.</p>
<p>De discussie over digitale leermiddelen wordt echter nog te vaak gepresenteerd als een keuze tussen innovatie en privacy. Dat is een valse tegenstelling. Goed onderwijs en goede privacybescherming horen hand in hand te gaan.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/cherylt23-students-99506_1280.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2><strong>Leerlingen zijn geen databron</strong></h2>
<p>De AP waarschuwde eerder dit jaar opnieuw voor de privacyrisico&#8217;s van digitale leermiddelen in de klas.<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a> Scholen verwerken grote hoeveelheden persoonsgegevens van leerlingen, variërend van naam- en contactgegevens tot leerprestaties, gedragsgegevens en in sommige gevallen zelfs gegevens die iets zeggen over de ontwikkeling van een kind. Wanneer deze gegevens worden verzameld, gecombineerd of voor andere doeleinden worden gebruikt dan noodzakelijk voor het onderwijs, ontstaan serieuze risico&#8217;s.</p>
<p>Dat is extra problematisch omdat leerlingen een kwetsbare groep vormen. Anders dan volwassenen hebben zij vaak weinig begrip van de omvang en gevolgen van gegevensverwerkingen. Bovendien kunnen zij niet eenvoudig besluiten om een digitaal leermiddel niet te gebruiken wanneer dit onderdeel uitmaakt van het onderwijsprogramma.</p>
<h2><strong>Meer dan een juridische verplichting</strong></h2>
<p>De discussie wordt vaak gevoerd vanuit de AVG en contractuele afspraken tussen scholen en leveranciers. Dat is belangrijk, maar niet voldoende. Het gaat uiteindelijk om een bredere maatschappelijke vraag: welke digitale omgeving willen wij creëren voor kinderen?</p>
<p>Privacybescherming moet niet worden gezien als een administratieve horde die genomen moet worden voordat een toepassing kan worden ingezet. Het zou een fundamenteel ontwerpprincipe moeten zijn.<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a> Wie technologie ontwikkelt voor kinderen, heeft de verantwoordelijkheid om gegevensverwerking zoveel mogelijk te beperken, transparant te zijn en commerciële belangen nooit boven de belangen van leerlingen te stellen.</p>
<h2><strong>De verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij scholen</strong></h2>
<p>Van scholen wordt verwacht dat zij kritisch kijken naar de digitale middelen die zij inzetten. In de praktijk beschikken veel onderwijsinstellingen echter niet over de expertise, capaciteit of onderhandelingspositie om grote technologiebedrijven en softwareleveranciers effectief te controleren.</p>
<p>De verantwoordelijkheid mag daarom niet uitsluitend bij scholen worden neergelegd. Leveranciers moeten aantoonbaar kunnen maken dat privacybescherming vanaf het ontwerp is meegenomen. Daarnaast ligt er een belangrijke taak voor de overheid en toezichthouders om duidelijke normen te stellen en deze waar nodig te handhaven.</p>
<p>In een recente brief aan de Tweede Kamer onderkent de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de noodzaak voor het opstellen van een regieplan met betrekking tot digitalisering en AI in het funderend onderwijs.<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a> Overheid, scholen en publieke partners werken samen aan dit plan om de regie over de digitalisering in het onderwijs terug te krijgen. Uitgangspunt is dat technologie ondersteunend is aan goed onderwijs en publieke waarden worden beschermd. Het gezamenlijke regieplan wordt in het najaar van 2026 verwacht.</p>
<p>De introductie van nieuwe Europese regelgeving, zoals de AI-verordening (AI Act), maakt deze discussie alleen maar relevanter. Wanneer digitale leermiddelen gebruikmaken van AI om leerprestaties te analyseren, leerlingen te profileren of gepersonaliseerde aanbevelingen te doen, neemt het belang van transparantie en toezicht verder toe.</p>
<h2><strong>Digitale geletterdheid begint bij privacy</strong></h2>
<p>Scholen besteden terecht steeds meer aandacht aan digitale geletterdheid. Daarbij ligt de focus vaak op mediawijsheid, online veiligheid en het herkennen van desinformatie. Privacy verdient binnen dat onderwijs een prominente plek.</p>
<p>Leerlingen moeten niet alleen leren hoe zij digitale middelen gebruiken, maar ook begrijpen welke gegevens worden verzameld, waarom dat gebeurt en welke rechten zij hebben. Juist omdat digitale technologie een steeds grotere rol speelt in hun dagelijks leven, is kennis over privacy een essentiële vaardigheid geworden. Digitale geletterdheid maakt leerlingen tot kritische en bewuste volwassenen die de valkuilen van een digitale samenleving kunnen vermijden en de kansen benutten.</p>
<h2><strong>Van discussie naar actie</strong></h2>
<p>De zorgen die de AP en Privacy First signaleren zijn geen reden om digitale innovatie in het onderwijs af te remmen. Zij zijn juist een oproep om innovatie op een verantwoorde manier vorm te geven.</p>
<p>Dat vraagt om meer transparantie van leveranciers, meer ondersteuning voor scholen, strengere toetsing van digitale leermiddelen en een sterkere positie voor leerlingen en ouders. Uiteindelijk moet het uitgangspunt eenvoudig zijn: digitale technologie mag het leerproces ondersteunen, maar mag nooit ten koste gaan van de fundamentele rechten van kinderen.</p>
<p>Want goed onderwijs gaat niet alleen over wat leerlingen leren. Het gaat ook over de samenleving waarin wij hen laten opgroeien. En in die samenleving hoort privacy geen luxe te zijn, maar een vanzelfsprekend recht.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> Autoriteit Persoonsgegevens, <em><a href="https://www.autoriteitpersoonsgegevens.nl/actueel/privacyrisicos-voor-leerlingen-door-digitale-leermiddelen-in-de-klas" target="_blank" rel="noopener">Privacyrisico’s voor leerlingen door digitale leermiddelen in de klas</a>, </em>30 maart 2026.</p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> De <a href="https://codevoorkinderrechten.waag.org/index.html" target="_blank" rel="noopener">Code voor Kinderrechten</a> bestaat uit tien beginselen met praktische voorbeelden waarmee ontwerpers en ontwikkelaars de fundamentele rechten van kinderen kunnen waarborgen in digitale diensten.</p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> Brief van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026Z14625&amp;did=2026D32712" target="_blank" rel="noopener">Digitale leermiddelen | Tweede Kamer der Staten-Generaal.</a></p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Privacy First warns against overly broad DPIA exemptions</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/privacy-first-warns-against-overly-broad-dpia-exemptions/]]></link>
                        <pubdate>Mon, 24 Aug 2026 10:48:48 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/shutterstock_1097451740_m.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Deelname consultatie Autoriteit Persoonsgegevens</strong></p>
<p>Deze zomer nam Privacy First deel aan de <a href="https://www.autoriteitpersoonsgegevens.nl/actueel/ap-vraagt-reacties-op-lijst-dpia-uitzonderingen" target="_blank" rel="noopener">consultatie</a> van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) over uitzonderingen op de verplichting van een ‘data protection impact assessment&#8217; (DPIA) bij risicovolle verwerkingen van persoonsgegevens. Privacy First begrijpt dat kleine organisaties behoefte hebben aan duidelijkheid over wanneer een DPIA verplicht is, maar vreest dat de voorgestelde uitzonderingen te ruim zijn. Daardoor kunnen verwerkingen met een hoog privacyrisico ten onrechte buiten de DPIA-plicht vallen. Privacy First pleit ervoor dat DPIA-vrijstellingen alleen gelden voor werkelijke laag-risicoverwerkingen. Zodra sprake kan zijn van monitoring, profilering, gegevensdeling, doorgifte buiten EU/EER, biometrische gegevens, gezondheidsgegevens of andere gevoelige verwerkingen, moet een DPIA in beginsel verplicht blijven.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/shutterstock_1097451740_m.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2><strong>Risicovolle verwerkingen</strong></h2>
<p>In het geconsulteerde voorstel worden uitzonderingen voorgesteld op het <a href="https://wetten.overheid.nl/BWBR0042812/2019-11-27" target="_blank" rel="noopener">eerdere besluit van de AP</a> waarin risicovolle verwerkingen worden aangewezen. Dat betreft onder meer:</p>
<ul>
<li>monitoring van financiële gegevens om de kredietwaardigheid of de inkomens- of vermogenspositie of het bestedingspatroon af te leiden;</li>
<li>grootschalige verwerkingen van gegevens over gezondheid;</li>
<li>cameratoezicht;</li>
<li>verwerking van locatie &#8211; en communicatiegegevens;</li>
<li>profilering, observatie en beïnvloeding van gedrag.</li>
</ul>
<h2><strong>Commentaar Privacy First</strong></h2>
<p>Ook al heeft Privacy First begrip voor de positie van kleine organisaties, dat moet er echter niet toe leiden dat de bescherming van mensen tegen risicovolle verwerkingen wordt ondermijnd. Onder meer hebben we aangegeven dat de verwerking van &#8216;klantgegevens in verband met zakelijke activiteiten&#8217; er niet toe mag leiden dat ondernemingen die op grond van de wet criminaliteitsbestrijdingsonderzoek moeten doen (&#8216;witwasbestrijding&#8217;) geen DPIA hoeven uit te voeren. Verder hebben we onder andere suggesties gedaan inzake de voorgestelde uitzonderingen voor solistisch werkende zorgverleners en onderwijsinstellingen. Hieronder volgen onze voornaamste aanbevelingen:</p>
<h3><strong>Algemene aanbevelingen</strong></h3>
<ul>
<li>Combineer het nieuwe ontwerpbesluit met het bestaande DPIA-besluit uit 2019 of voorzie beide van een duidelijke toelichting.</li>
<li>Vermijd vage begrippen als <em>systematisch</em>, <em>stelselmatig</em> en <em>grootschalig</em>, omdat deze tot interpretatieverschillen leiden.</li>
<li>Maak expliciet dat ook bij een DPIA-vrijstelling alle overige AVG-verplichtingen blijven gelden, inclusief zorgvuldige leverancierskeuze en toezicht op leveranciers.</li>
<li>Stel als algemene voorwaarde voor vrijstelling dat persoonsgegevens niet met derden worden gedeeld en niet buiten de EU/EER worden doorgegeven.</li>
</ul>
<h3><strong>Reikwijdte van het besluit</strong></h3>
<p>Privacy First vindt de begrippen <em>beroepsbeoefenaar</em> en <em>natuurlijke persoon zonder dienstverband</em> onvoldoende duidelijk. Daardoor zouden ook grote organisaties mogelijk gebruik kunnen maken van uitzonderingen die voor kleine organisaties bedoeld zijn.</p>
<h3><strong>Belangrijkste opmerkingen per categorie</strong></h3>
<p><strong><br />
Werknemersgegevens</strong></p>
<ul>
<li>Definieer &#8216;bijzondere persoonsgegevens&#8217;.</li>
<li>Vervang &#8220;systematisch monitoren&#8221; door simpelweg &#8220;monitoren&#8221;.</li>
</ul>
<p><strong> Klantgegevens</strong></p>
<ul>
<li>Sluit Wwft- en AMLR-klantenonderzoek expliciet uit van de uitzondering, omdat dit juist hoge privacyrisico&#8217;s meebrengt.</li>
<li>Verduidelijk wat wordt bedoeld met &#8220;grote schaal&#8221; en &#8220;kwetsbare betrokkenen&#8221;.</li>
</ul>
<p><strong> Websitebezoeken</strong></p>
<ul>
<li>Verduidelijk wanneer sprake is van een eenvoudig websitebezoek.</li>
<li>Licht toe hoe snel al sprake is van delen met derden, bijvoorbeeld door het gebruik van Google Analytics of het embedden van Youtube video&#8217;s.</li>
</ul>
<p><strong> Solistisch werkende zorgverleners</strong></p>
<ul>
<li>Voor zorg moet een afzonderlijke, strengere regeling gelden vanwege de gevoeligheid van gezondheidsgegevens.</li>
<li>Sluit elektronische patiëntendossiers met toegang voor derden, alsmede verwerking van biometrische gegevens (inclusief DNA) uit van vrijstelling.</li>
<li>Zorgverleners moeten ook technisch controle houden over wie toegang krijgt tot patiëntgegevens.</li>
</ul>
<p><strong> Beroepsbeoefenaren zonder dienstverband</strong></p>
<ul>
<li>Overweeg dit onderdeel geheel te schrappen.</li>
<li>Verduidelijk onduidelijke begrippen en beperk gegevensdeling strikt.</li>
</ul>
<p><strong> Cameratoezicht</strong></p>
<ul>
<li>Privacy First waarschuwt voor onveilige cameraoplossingen met cloudopslag en commerciële exploitatie van beelden.</li>
<li>Geen audio-opname toestaan.</li>
<li>Niet alleen gezichts- en stemherkenning verbieden, maar iedere vorm van identificatie van personen.</li>
</ul>
<p><strong> Onderwijsinstellingen</strong></p>
<ul>
<li>Gevoelige leerlinggegevens moeten strikt gescheiden blijven van reguliere leerlingadministraties.</li>
<li>Niet delen met derden.</li>
<li>Stimuleer gezamenlijke privacy- en DPIA-aanpak tussen instellingen.</li>
</ul>
<p><strong> Verenigingen en stichtingen</strong></p>
<ul>
<li>Verwerk alleen gegevens die strikt noodzakelijk zijn voor de relatie met leden of donateurs en benadruk dat delen met derden niet is toegestaan.</li>
</ul>
<p>Lees <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/2026-08-06_PrivacyFirst_consultatiebijdrage_DPIA_def.pdf" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> onze volledige consultatiereactie (pdf).</p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Privacy as a cornerstone</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/privacy-as-a-cornerstone/]]></link>
                        <pubdate>Wed, 19 Aug 2026 07:36:59 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/M4_01266_2.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong><em>Michel Jochems over de Privacy Award en het Keurmerk Ritregistratiesystemen </em></strong></p>
<p>Enkele maanden na de uitreiking van de Nederlandse Privacy Awards gingen juryleden Sah Farooq en Marlon Domingus in gesprek met Michel Jochems, verbonden aan Stichting Keurmerk Ritregistratiesystemen (SKRRS). In een open en enthousiast gesprek blikt Michel terug op wat de <a href="https://privacyfirst.nl/privacyawards/?pa=stichting-keurmerk-ritregistratiesystemen">erkenning</a> heeft betekend voor de stichting, voor de aangesloten leveranciers en, niet in de laatste plaats, voor de berijders die dagelijks met een ritregistratiesysteem op pad zijn.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/M4_01266_2.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Een bevestiging van jarenlang werk</h2>
<p><em>“Voor ons was het sowieso een heel mooi moment. Ik weet niet of ‘geruststelling’ het juiste woord is, maar het voelde vooral als een prachtige bevestiging van waar we als stichting al jaren mee bezig zijn: het borgen van privacy binnen het ritregistratiesysteem.”</em> Die erkenning wordt niet alleen bij de stichting zelf gevoeld. Ook bij de vijfentwintig leveranciers die het keurmerk voeren — samen goed voor naar schatting 80 procent van de Nederlandse markt — werkt de toekenning van de Nederlandse Privacy Award volgens Michel positief door. <em>“In algemene zin zie je dat leveranciers daar gewoon vruchten van plukken, richting hun commercie maar ook richting hun bestaande klanten.”</em></p>
]]></flexible_content2><flexible_content4><![CDATA[<h2>Van wildwestpraktijken naar een gezamenlijk fundament</h2>
<p>Het keurmerk mag dan sinds augustus 2013 formeel bestaan, de eerste gesprekken tussen marktpartijen en de Belastingdienst begonnen al jaren daarvoor. Michel neemt ons mee terug naar het ontstaan. <em>“Destijds was het een beetje het wilde westen in de markt van ritregistratiesystemen. De ene leverancier wilde het gewoon netjes en volgens de wet regelen, terwijl er ook partijen waren die fraudeopties in hun systeem aanboden en daar in gesprekken met klanten ook mee schermden.”</em></p>
<p>Een aantal serieuze leveranciers vond dat geen goede zaak. <em>“Dat is niet waar we met elkaar op moeten willen concurreren”</em>, herinnert Michel. <em>“We wilden zorgen dat we het goede deden: gebruiksgemak voor de klant, maar wel netjes voldoen aan de wetgeving.”</em> Die leveranciers gingen zelf het gesprek aan met de Belastingdienst, wat uiteindelijk leidde tot een normenkader en een auditfile die door de Belastingdienst zijn geaccordeerd — de basis van het huidige keurmerk.</p>
<p>In die begindiscussie ontbrak echter één belang, vertelt Michel: dat van de berijder zelf. Het was de Vereniging Zakelijke Rijders (VZR), één van de “founding fathers” van de stichting, die daar verandering in bracht. <em>“Die zei: joh, hartstikke leuk allemaal, maar we moeten niet vergeten om ook het belang en de privacy van de berijder in ogenschouw te nemen.”</em> Ook de manier waarop destijds ritregistraties werden gecontroleerd — in de woorden van de vereniging “een beetje zwart-wit, een beetje rigide” — vroeg om een privacybewuster alternatief. Dat besef ligt aan de basis van een kernprincipe binnen het keurmerk: bij de beoordeling van de 500-kilometergrens voor privégebruik gaat het om het totale aantal kilometers, niet om de vraag waar iemand privé naartoe is gereden. <em>“Privé kilometers zijn privé kilometers. Waarom zou je daar dan de details over de route voor moeten laten zien? Dat is niet nodig.”</em> Het is, zoals Michel het noemt, een bewuste keuze die zelfs verder gaat dan de letter van de wet — met instemming van de Belastingdienst.</p>
<h2>Het kluisje: balans tussen berijder en werkgever</h2>
<p>Wat privacy binnen een ritregistratiesysteem concreet betekent, legt Michel uit aan de hand van een beeld dat inmiddels bekend is binnen de sector: het kluisje. <em>“Het keurmerk bewaakt de balans”</em>, zegt hij. Bezorgt iemand pakketjes voor een bedrijf, dan moet een werkgever kunnen zien waar die persoon rijdt, bijvoorbeeld om een spoedklus tussendoor te plannen. Gaat het om een privérit, dan moet de balans juist de andere kant op: <em>“Het gaat de werkgever helemaal niets aan wat er in de privésfeer met dat voertuig gebeurt.”</em></p>
<p>Toch moeten ook privéritten in detail worden vastgelegd — voor het geval namelijk dat een rit achteraf toch zakelijk blijkt te zijn. Om dat op te lossen zonder de privacy van de berijder te schaden, is er in het systeem als het ware een kluisje ingericht. <em>“Alleen de berijder heeft daar de sleutel van. Mocht een rit onterecht als privé gemarkeerd staan, dan kan alleen de berijder die rit omzetten naar zakelijk en de bijbehorende details uit het kluisje halen.”</em> Zo blijft de ritadministratie sluitend, zonder dat een werkgever ooit inzicht krijgt in waar een medewerker privé is geweest.</p>
<h2>Voortdurend in ontwikkeling</h2>
<p>Wat de stichting volgens Michel onderscheidt, is dat privacy geen statisch onderwerp is. Een deelnemersraad en een normcommissie bewaken voortdurend of het keurmerk aansluit op nieuwe technologische en maatschappelijke ontwikkelingen. Het Self-Assessment, inmiddels goed voor 103 standaarden, waarvan ongeveer 35 direct of indirect met privacy te maken hebben, wordt regelmatig tegen het licht gehouden.</p>
<p>Een concreet resultaat van dat voortdurende scherpstellen is de recente aanpassing van de verplichte rapportage richting de Belastingdienst. Waar leveranciers eerder verplicht waren het BSN-nummer te gebruiken als koppelinstrument, is dat nummer er inmiddels uitgehaald. <em>“Dat was een harde verplichting vanuit de Belastingdienst, en we hebben daar heel veel discussie over gehad”</em>, vertelt Michel. <em>“Uiteindelijk hebben we gezegd: laten we alsjeblieft stoppen met dat BSN-nummer, dat betreft gevoelige persoonsgegevens. Dat willen we niet meer.”</em> Er kwam een ander type unieke identificatie voor terug, bekend bij de werkgever, zonder gebruik van het BSN-nummer. <em>“Dertien jaar geleden was dit nog geen enkele discussie. Vandaag de dag is het een absolute no-go.”</em></p>
<p>Ook nieuwe ontwikkelingen, zoals voertuigen die zelf steeds meer data verzamelen en de opkomst van AI bij softwareontwikkeling, houden de stichting scherp. Michel is nuchter over de kansen én de aandachtspunten.</p>
<p>Over voertuigdata die fabrikanten in de toekomst verplicht beschikbaar moeten stellen, zegt hij: <em>“We zijn erachter gekomen dat de kwaliteit van die data nog niet voldoende is om aan de normen van het keurmerk te voldoen. En we hebben ook onvoldoende beeld van wat er met die data gebeurt voordat die beschikbaar wordt gesteld aan de markt.”</em> Zolang die transparantie ontbreekt, houdt de stichting voorlopig vast aan de eigen, vertrouwde systematiek.</p>
]]></flexible_content4><flexible_content6><![CDATA[<h2>Vooruitkijken naar 2030</h2>
<p>Michel kijkt naar de toekomst via drie perspectieven: ontwikkeling, auditing en communicatie. Op het gebied van ontwikkeling wordt de set van 103 standaarden periodiek geactualiseerd, maar liever in samenhangende stappen dan met jaarlijkse aanpassingen; <em>“anders doen we te vaak een beroep op de ontwikkelcapaciteit van de leveranciers, en het zijn ook gewoon commerciële bedrijven die geld moeten verdienen.”</em></p>
<p>Bij auditing zoekt de stichting bewust naar meer dan een afvinklijst: de auditors brengen ook kennis en <em>best practices</em> mee, wat volgens Michel tot waardevolle gesprekken leidt.</p>
<p>En op het gebied van communicatie werkt de stichting aan een visie richting 2030, onder meer door proactief te reageren op aanbestedingen en het keurmerk scherper te positioneren ten opzichte van bijvoorbeeld ISO 27001, waarmee het regelmatig, echter ten onrechte, wordt verward. <em>“Het keurmerk gaat over een sluitende ritadministratie. Privacy is daarin een heel belangrijk element, en informatiebeveiliging ook. Aan die beeldvorming hebben we nog werk te doen — en dat houden we ook scherp voor ogen.”</em></p>
<h2>Een advies voor toekomstige deelnemers</h2>
<p>Aan het eind van het gesprek kijkt Michel terug op het traject van de Privacy Award zelf, inclusief de pitch die de genomineerde deelnemers moesten houden. <em>“Het was aan het begin niet helemaal duidelijk hoe het traject eruit zou zien. We mochten een mooi essay opstellen, aangevuld met een Dragons Den-achtige presentatie live voor de voltallige jury. Maar dat heeft ons enorm geholpen. Niet alleen om zelf scherp te stellen waar we voor staan, maar ook om onze ideeën weer verder te brengen.”</em> Dat enthousiasme werkte door tot in het bestuur en tot bij de Belastingdienst.</p>
<p>Aan organisaties die overwegen zich aan te melden voor de Privacy Award, geeft Michel mee dat het vooral gaat om een balans tussen oprechte intentie en het kunnen bevestigen daarvan naar buiten toe. <em>“Privacy is de afgelopen jaren een onderwerp geworden waar ongelooflijk veel om te doen is, en waarvoor bij mensen echt vertrouwen nodig is. Het gaat niet alleen om het goed willen doen als organisatie. Het gaat er ook om dat je aan je klant, aan je doelgroep, kunt bevestigen dat het ook echt goed voor elkaar is.”</em></p>
]]></flexible_content6><flexible_content8><![CDATA[<p>Wat die deelname betreft, is Michel duidelijk: het traject was de moeite waard, los van de uitslag. De Privacy Award blijkt inmiddels een blijvende, positieve kracht voor de stichting, haar leveranciers en de vele berijders die dagelijks op een <em>privacyproof</em> ritregistratiesysteem vertrouwen.</p>
]]></flexible_content8><flexible_image9>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/1769682800497.jpg</flexible_image9> 
                </item>
                <item>
                        <title>Court upholds ban on US takeover of DigiD provider Solvinity</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/court-upholds-ban-on-us-takeover-of-digid-supplier-solvinity/]]></link>
                        <pubdate>Tue, 14 Jul 2026 16:14:17 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DigiD.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>In november 2025 werd bekend dat de Nederlandse DigiD-leverancier Solvinity zou worden overgenomen door het Amerikaanse tech-bedrijf Kyndryl. Onder Amerikaanse wetgeving zou daardoor de Nederlandse vitale infrastructuur achter DigiD (en daarmee gevoelige persoonsgegevens van de gehele Nederlandse bevolking) binnen het bereik van de Amerikaanse overheid komen. Deze overname werd vervolgens terecht verboden door de staatssecretaris van Economische Zaken. In een rechtszaak van Solvinity tegen dit overnameverbod waarin o.a. The Firewall en Privacy First intervenieerden, besloot de rechtbank Rotterdam vandaag dat het overnameverbod vooralsnog in stand dient te blijven.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DigiD.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>Reeds in januari 2026 had de nieuwe stichting The Firewall samen met een groep wetenschappers, journalisten, opiniemakers en Privacy First een <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/digid-mag-niet-in-amerikaanse-handen-vallen/">verzoek</a> ingediend bij het Bureau Toetsing Investeringen (BTI) en de verantwoordelijke minister van Economische Zaken om de overname van Solvinity door Kyndryl te stoppen en als belanghebbende partijen te worden erkend. Een reactie van het Bureau Toetsing Investeringen en de minister bleef in eerste instantie echter uit. Begin maart stelden de advocaten van onze coalitie daarom de minister in gebreke. Ook een reactie daarop bleef uit en daartegen tekende de coalitie vervolgens bestuursrechtelijk <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/coalitie-stapt-naar-de-rechter-vanwege-overname-digid-leverancier/">beroep</a> aan bij de rechtbank Rotterdam. Onze coalitie wist zich daarbij gesteund door het feit dat de politieke en maatschappelijke weerstand tegen een Amerikaanse overname van Solvinity inmiddels massale vormen had aangenomen in alle geledingen van de Nederlandse samenleving. In mei vond onze eerste <a href="https://www.thefirewall.eu/artikelen/de-eerste-rechtszitting" target="_blank" rel="noopener">rechtszitting</a> bij de rechtbank Rotterdam plaats. Een week later was er een positieve doorbraak: de overname van Solvinity door Kyndryl werd door de staatssecretaris van Economische Zaken <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026D24647&amp;did=2026D24647" target="_blank" rel="noopener">verboden</a>. Dit ter bescherming van het publieke belang (privacy en staatsveiligheid).</p>
<p>Vervolgens besloot Solvinity om het overnameverbod bij de rechter aan te vechten. Solvinity had daartoe (samen met het Luxemburgse bedrijf Host Lux) bezwaar ingediend bij de staatssecretaris en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de rechtbank Rotterdam. De <a href="https://www.thefirewall.eu/artikelen/londense-hebzucht-in-een-rotterdamse-rechtszaal" target="_blank" rel="noopener">rechtszitting in die zaak</a> vond vorige week plaats en was deels openbaar (toegankelijk voor het publiek). Op uitnodiging van de rechtbank hebben stichting Firewall, Privacy First en stichting Human Rights in Finance als derde-belanghebbenden aan deze rechtszitting deelgenomen. Vandaag volgde het kritische <a href="https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2026:8586" target="_blank" rel="noopener">vonnis</a>: de rechtbank stelt Solvinity in het ongelijk en laat het overnameverbod vooralsnog in stand. De rechter erkent de wettelijke grondslag voor het verbod en oordeelt onder andere dat “de overname van Solvinity door Kyndryl een bedreiging kan vormen voor het publieke belang”, in lijn met de standpunten van de staatssecretaris, Firewall en Privacy First c.s. De rechter oordeelt hierover als volgt:</p>
<p><em>“Solvinity heeft diepgaande toegang tot veel en (overwegend zeer) vertrouwelijke overheidsinformatie, waaronder (bijzondere) persoonsgegevens en gevoelige informatie uit de strafrechtketen en van de rechtspraak. Het risico bestaat dat deze informatie aan de moedermaatschappij van Kyndryl Nederland kan worden opgevraagd vanwege de toepasselijkheid van Amerikaanse extraterritoriale wetgeving. De mogelijkheid en bereidheid van Kyndryl om zich daartegen te verzetten heeft de staatssecretaris, mede gelet op het feit dat Kyndryl het bevel kan krijgen van de Amerikaanse overheid om haar informatievorderingen volledig geheim te houden, onvoldoende kunnen achten om het risico weg te nemen. Ook als dat risico in de praktijk wellicht beperkt is, heeft de staatssecretaris zich op het standpunt kunnen stellen dat ook een beperkt risico onaanvaardbaar is vanwege de grote gevolgen die het verwezenlijken van ook een beperkt risico kan hebben voor het publiek belang.”</em> (ro. 47)</p>
<p>Opvallend aan het vonnis is dat de staatssecretaris desondanks wordt veroordeeld in alle proceskosten; dit wegens de eerdere tegenwerking door de staatssecretaris c.q. de landsadvocaat bij de deelname en (gedeeltelijke) kennisname van de processtukken door de drie stichtingen. De rechter noemt deze proceshouding van de staatssecretaris “weinig rechtsstatelijk” (zie ro. 33).</p>
<p>Hoger beroep tegen dit voorlopige vonnis is niet mogelijk. Een parallelle bezwaarprocedure van Solvinity loopt nog; in die procedure willen Firewall, Privacy First en Human Rights in Finance eveneens als derde-belanghebbenden interveniëren.</p>
<p>Het overnameverbod is volgens Privacy First het enige juiste besluit dat de Nederlandse regering had kunnen nemen. Elke andere uitkomst was in onze optiek onverantwoord en onrechtmatig geweest. Privacy First hoopt dat dit besluit een precedent schept om ook kritisch te kijken naar het gebruik van andere diensten van buiten Europa. Dit kan een positieve kentering in de geschiedenis vormen.</p>
<p>Naast stichting Firewall en Privacy First bestond onze coalitie uit initiatiefnemer Eric Smit, Esther van Egerschot, Maxim Februari, Felienne Hermans, Bert Hubert, Joris Luyendijk, Caroline Nevejan, Reijer Passchier, Jelle Postma, Sander Schimmelpenninck, Karin Spaink, Marleen Stikker en Kees Verhoeven. Deze zaak werd (en wordt) gevoerd door Roland Mans (Corten De Geer Advocaten) en Matthijs Kaaks (Boekx Advocaten).</p>
<p>Lees <a href="https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2026:8586" target="_blank" rel="noopener">hier</a> het hele vonnis op rechtspraak.nl.</p>
<p><strong>Steunt u ons in deze zaak? <a href="https://privacyfirst.nl/doneren/">Word dan donateur!</a> </strong></p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Privacy First Annual Report 2025</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/privacy-first-annual-report-2025/]]></link>
                        <pubdate>Mon, 13 Jul 2026 22:54:21 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/PrivacyFirst_logo_rood.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Hierbij publiceert Stichting Privacy First graag haar <strong>jaarverslag 2025</strong>: klik <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Jaarverslag_PrivacyFirst_2025.pdf" target="_blank" rel="noopener">hier</a> voor de pdf-versie.</p>
]]></article_description><flexible_content1><![CDATA[<p>In <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Jaarverslag_PrivacyFirst_2025.pdf" target="_blank" rel="noopener">ons jaarverslag</a> leest u alles over onze voornaamste activiteiten in 2025 (met enkele vooruitblikken naar 2026 en verder), waaronder de Nationale Privacy Conferentie en onze Nederlandse Privacy Awards, onze stille diplomatie, politieke lobby en rechtszaken, projecten en coalities, evenementen en andere activiteiten. Bij dit jaarverslag hoort tevens onze jaarrekening (<a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Jaarrekening_Privacy_First_2025.pdf" target="_blank" rel="noopener">pdf</a>).</p>
<p>Privacy First weet met beperkt budget telkens van maatschappelijke meerwaarde te zijn, vooral dankzij slimme samenwerking met andere organisaties, pro bono advocaten en professionele vrijwilligers. Zo zorgde Privacy First in 2025 o.a. voor maatschappelijke bewustwording en media-aandacht voor de risico’s van “slimme” deurbellen, zorgwekkende ontwikkelingen bij medische gegevensuitwisseling, kwalijke identificatiepraktijken in de financiële sector, massa-surveillance door anti-witwaswetgeving en de risico’s van de Europese digitale identiteit en de digitale euro.</p>
<p>Vanuit het bedrijfsleven en de Amerikaanse overheid staat het Europese (en daarmee ook het Nederlandse) privacyrecht in toenemende mate onder druk. Juist in deze tijd van geopolitieke spanningen mogen universele waarden, principes en burgerrechten echter niet verkwanseld worden. De les uit het verleden is simpel: grote, centrale databanken met gevoelige gegevens worden in crisistijd misbruikt. Dus is dit precies de tijd om onze Europese en nationale digitale infrastructuur privacyvriendelijk en soeverein te maken: onafhankelijk van Big Tech en buitenlandse wetgeving. Met de Nederlandse Privacy Awards, onze lobby en rechtszaken draagt Privacy First daar graag een steentje aan bij. Dat kan echter niet zonder financiële steun van fondsen, sponsors en (bedrijfs)donateurs. Klik <a href="https://privacyfirst.nl/doneren/">HIER</a> om donateur van Privacy First te worden!</p>
]]></flexible_content1><flexible_image2>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/PrivacyFirst_logo_rood.png</flexible_image2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Appeal in the Privacy First v ANPR mass surveillance case</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/appeal-in-the-privacy-first-v-anpr-mass-surveillance-case/]]></link>
                        <pubdate>Mon, 06 Jul 2026 22:34:24 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/kentekenplaat_bg-brtr_PF.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Vast beleid van Stichting Privacy First is om massale privacyschendingen bij de rechter aan te vechten en onrechtmatig te laten verklaren. Privacy First deed dit de laatste jaren (vaak in coalitieverband) met succes tegen de centrale opslag van ieders vingerafdrukken onder de Paspoortwet, tegen de opslag van ieders communicatiegegevens onder de Wet bewaarplicht telecommunicatie en tegen massale risicoprofilering door het Systeem Risico Indicatie (SyRI). Een kwestie die zich bij uitstek ook voor een dergelijke rechtszaak leent betreft de controversiële Nederlandse wetgeving inzake automatische nummerplaatherkenning (<em>Automatic Number Plate Recognition</em>, ANPR) zoals die sinds 2019 geldt. Privacy First voert sinds 2021 een rechtszaak tegen de Staat om de ANPR-wetgeving onrechtmatig te laten verklaren wegens strijd met Europees privacyrecht. Op 9 juli as. vindt bij het Gerechtshof Den Haag de rechtszitting in het hoger beroep van deze fundamentele zaak plaats.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/kentekenplaat_bg-brtr_PF.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Strijd met Europees privacyrecht</h2>
<p>Onder de ANPR-wet (art. 126jj Sv.) worden sinds 2019 de kentekens en locaties van miljoenen auto’s in Nederland (oftewel ieders reisbewegingen) continu vier weken in een centrale politiedatabank opgeslagen voor o.a. opsporing en vervolging, ongeacht of men ergens van verdacht wordt. Dit is totaal niet noodzakelijk, volstrekt disproportioneel en bovendien ineffectief, zo bleek de afgelopen jaren uit diverse onderzoeken. Toezicht ontbreekt en het systeem kan eenvoudig worden misbruikt. De huidige ANPR-wetgeving vormt daarmee een massale privacyschending en hoort in onze optiek niet thuis in een vrije democratische rechtsstaat.</p>
<h2>Zaak van lange adem</h2>
<p>Na een eerder <a href="https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2021:13165" target="_blank" rel="noopener">kort geding</a> verklaarde de rechtbank Den Haag Privacy First begin 2024 <a href="https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:355" target="_blank" rel="noopener">ontvankelijk</a> in de bodemprocedure. Dit tussenvonnis heeft sindsdien belangrijke precedentwerking voor vergelijkbare zaken, zeker nu vanuit de Nederlandse politiek de mogelijkheden voor belangenorganisaties om rechtszaken te voeren steeds meer beperkt dreigen te worden. Inhoudelijk stelde de <a href="https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:7945" target="_blank" rel="noopener">rechtbank</a> Privacy First vervolgens echter in het ongelijk. Privacy First heeft daarna <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/memorie_van_grieven_13jan2025.pdf" target="_blank" rel="noopener">hoger beroep ingesteld</a> bij het Hof Den Haag. Tevens heeft Privacy First een reeks Woo-verzoeken ingediend bij diverse betrokken overheidsorganisaties. In juni 2025 bepaalde het Hof Den Haag vervolgens dat de rechtszitting in hoger beroep in juli 2026 zou plaatsvinden.</p>
<h2>Onderscheid ANPR &#8220;hits&#8221; en &#8220;no hits&#8221;</h2>
<p>De ANPR-wetgeving waar de rechtszaak van Privacy First om draait ziet vooral op de massale verzameling en opslag van ieders “historische” ANPR-data, ook wel “no hits” genoemd. Dit betreft vrijwel louter onschuldige burgers en dient te worden onderscheiden van de al vele jaren bestaande politiepraktijk waarbij kentekens van verdachte personen (zogeheten “hits”) kunnen worden gebruikt voor opsporing en vervolging van misdrijven.</p>
<h2>Kansrijke zaak</h2>
<p>Via <a href="https://probonoconnect.nl/" target="_blank" rel="noopener">Pro Bono Connect</a> heeft Privacy First het advocatenkantoor <a href="https://cms.law/nl/nld/" target="_blank" rel="noopener">CMS</a> ingeschakeld om deze rechtszaak pro bono voor ons te voeren. De zaak wordt tevens al jaren gesteund door het Europese <a href="https://digitalfreedomfund.org/collection-and-mass-storage-of-data-through-automatic-number-plate-recognition/" target="_blank" rel="noopener">Digital Freedom Fund</a>. Indien nodig zal Privacy First de zaak tot aan de hoogste Europese rechters voortzetten. Gezien recente Europese jurisprudentie en standpunten van de Autoriteit Persoonsgegevens acht Privacy First de kans op een succesvolle rechtsgang inmiddels hoger dan ooit.</p>
<h2>Datum en locatie</h2>
<p>Onze langverwachte rechtszitting in hoger beroep zal op <strong>donderdag 9 juli as. om 13.30u bij het Hof Den Haag</strong> plaatsvinden. Deze rechtszitting is openbaar: u bent van harte welkom. Zaaknummer: 200.347.782/01 (Stichting Privacy First vs. de Staat).</p>
]]></flexible_content2><flexible_content3><![CDATA[<h2>Update 9 juli 2026</h2>
<p>Vandaag vond de rechtszitting plaats; klik <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/2026.07.08_Pleitnota_Stichting_Privacy_First_def.pdf" target="_blank" rel="noopener">hier</a> voor de pleitnota van onze advocaten (pdf). De uitspraak van het Hof Den Haag staat vooralsnog gepland op dinsdag 29 september as.</p>
]]></flexible_content3><flexible_content4><![CDATA[<p><strong>Steunt u ons in deze zaak? <a href="https://privacyfirst.nl/doneren/">Word dan donateur!</a> </strong></p>
]]></flexible_content4> 
                </item>
                <item>
                        <title>Private crime fighting must not lead to excesses</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/private-crime-fighting-must-not-lead-to-excesses/]]></link>
                        <pubdate>Wed, 10 Jun 2026 08:33:04 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/magnifier_with_financial_data.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Recente activiteiten van Privacy First op het gebied van risicoprofilering en witwasbestrijding </strong></p>
<p>Binnen ons aandachtsgebied financiële privacy besteedt Privacy First als één van de weinige Nederlandse burgerrechtenorganisaties aandacht aan de privatisering van overheidstaken naar onder meer banken. Dit betreft onder meer de regels die als &#8216;witwasbestrijding&#8217; worden aangemerkt en die een groot aantal bedrijven (&#8216;witwasbestrijdingsplichtigen&#8217;), waaronder banken, verplichten om te onderzoeken of hun klanten crimineel zijn en of hun transacties met crimineel geld worden uitgevoerd. Dat gaat niet altijd goed.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/magnifier_with_financial_data.png</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Achtergrond: financiële privacy en bedrijven met overheidstaken</h2>
<p>Inmiddels is gebleken dat private misdaadbestrijdingsactiviteiten tot onjuiste behandeling van klanten kan leiden.</p>
<p>Het schadelijke optreden kan iedereen betreffen, zoals de <a href="https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:14477" target="_blank" rel="noopener">uitspraak</a> in de zaak van een ICT-expert wiens rekeningen zonder goede reden werden geblokkeerd door betaaldienstverlener bunq. Vreemdgenoeg hoefde bunq volgens deze uitspraak geen verantwoording af te leggen voor haar onjuiste optreden.</p>
<p>In de praktijk zijn het met name bepaalde groepen die geraakt worden door onjuist optreden van witwasbestrijdingsplichtigen, zoals mensen uit minderheidsgroepen en mensen die contante betalingen doen.</p>
<p>Hoewel de banken en de minister van Financiën hebben beloofd dat de hinder voor onschuldige burgers zal worden verminderd, leert de praktijk dat witwasbestrijdingsplichtigen nog steeds hinder veroorzaken. Een voorbeeld is een bank die een beginnende ondernemer indringende vragen stelt over het verdienmodel van zijn eenmanszaak en om gedetailleerde informatie over klanten en relaties vraagt. Dat zijn vragen die je van een belastinginspecteur zou verwachten en die veel verder gaan dan verwacht mag worden van een bank (bijvoorbeeld omdat persoonsgegevens van derden worden opgevraagd). Dergelijke vragen worden door banken gesteld onder dreiging van blokkering van de bankrekening en beëindiging van de relatie; voor de betrokken klant is dit angstaanjagend. Vaak is ook een probleem dat de vragen niet goed worden begrepen en daardoor onjuist beantwoord.</p>
<p>Privacy First is van mening dat de grondrechten van burgers ook in de geprivatiseerde misdaadbestrijding gerespecteerd moeten worden. Er moet zorgvuldig worden omgegaan met financiële persoonsgegevens.</p>
<h2><strong>Geautomatiseerde risicoprofilering</strong></h2>
<p>Onderdeel van de witwasbestrijding is dat van grote witwasbestrijdingsplichtigen wordt verwacht dat zij hun klanten met digitale middelen volgen en hun transacties en andere handelingen voortdurend analyseren, om te zien of de klant crimineel is. Op dit gebied worden in het geheim analysesystemen ontwikkeld. Naar verwachting zullen die systemen door de grootbanken gezamenlijk worden ingezet, wellicht zelfs op Europees niveau. Nieuwe Europese regels op het gebied van witwasbestrijding en financiële dienstverlening bieden nieuwe mogelijkheden voor financiële instellingen en overheden om het complete betalingsverkeer te analyseren op zoek naar crimineel geld (&#8216;bancair sleepnet&#8217;). Dit beschouwt Privacy First als een gevaarlijke ontwikkeling aangezien niet is gewaarborgd dat zorgvuldig met de financiële persoonsgegevens van mensen wordt omgegaan.</p>
<h2>Onze activiteiten</h2>
<p>Onze aandacht voor financiële privacy in de criminaliteitsbestrijding was reden voor de hierna genoemde activiteiten van Privacy First.</p>
<h3><strong>Deelname aan NEN-consultatie over voorkoming van discriminatie bij risicoprofilering</strong></h3>
<p>Sinds enkele jaren is Privacy First in toenemende mate (op meerdere terreinen) actief bij het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN). Op 17 april jl. heeft Privacy First deelgenomen aan de <a href="https://www.nen.nl/nieuws/consultatie-gestart-voor-nederlandse-technische-afspraak-over-profileringsalgoritmes/" target="_blank" rel="noopener">NEN-consultatie</a> over de &#8216;<em>Nederlandse Technische Afspraak over profileringsalgoritmes</em>&#8216; (NTA). In de consultatie hebben wij er onder meer op gewezen dat de ontwerp-NTA niet geschikt is voor risicoprofilering in de misdaadbestrijding. Wij steunen de kritiek van burgerrechtenorganisaties die deel uitmaakten van de voorbereidingscommissie, dat een indirect onderscheid op grond van ‘ras’, nationaliteit en andere discriminatiegronden bij proﬁlering in de context van handhaving of toezicht door de overheid of bedrijven die overheidstaken uitvoeren nooit is toegestaan.</p>
<p>In onze consultatiereactie waarschuwt Privacy First voor het gevaar dat gebruikers van profileringssystemen excessief persoonsgegevens oogsten om te gebruiken voor de &#8216;goede doelen&#8217; die zij in gedachten hebben. In de ontwerp-NTA wordt onder meer gesproken over de bedoeling om aan de hand van een grote hoeveelheid persoonsgegevens de beroepsprestaties, economische situatie, gezondheid, persoonlijke voorkeuren, interesses, betrouwbaarheid, gedrag, locatie of verplaatsingen van mensen te analyseren of te voorspellen. In de optiek van Privacy First is het ongewenst dat dit gebeurt.</p>
<p>Wij maakten diverse andere opmerkingen, onder andere over &#8216;betekenisvolle menselijke tussenkomst&#8217;, die in een aantal gevallen niet mogelijk zal zijn, bijvoorbeeld in de witwasbestrijding. Bovendien wordt in de witwasbestrijding niet voldaan aan het vereiste van uitlegbaarheid van geautomatiseerde besluiten.</p>
<p>In de ontwerp-NTA ontbreekt een volwassen regeling inzake het betrekken van degenen die geraakt worden door risicoprofilering, dus burgers en burgerrechtenorganisaties. Privacy First pleit voor een volwassen governance van proﬁleringssystemen, met onder meer adequate feedback-mogelijkheden en een onafhankelijke ombudsmanfunctie.</p>
<h3><strong>Commentaar op het ECRI-rapport over Nederland</strong></h3>
<p>Op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) gaven wij op 28 april jl. <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/PrivacyFirst_commentaar_ECRI_28april2026.pdf" target="_blank" rel="noopener">onze reactie</a> op het rapport over Nederland dat is uitgebracht door de Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI). Privacy First herkent zich in veel elementen van het rapport, maar attendeert BZK erop dat sommige aspecten te weinig aandacht krijgen. Dat betreft met name de systemische gebreken in de Europese antiwitwasregels, die leiden tot discriminerende gedragingen van overheidsinstanties en van bedrijven die op grond van die regels overheidstaken uitvoeren, onder andere banken. Onderdeel van die regels is dat iedereen met een relatie met een zogenaamd &#8216;hoog-risicoland&#8217; op criminaliteit zelf ook als een verhoogd criminaliteitsrisico wordt beschouwd. Ook relaties met aangrenzende landen kunnen leiden tot extra aandacht. In de praktijk leidt dit tot discriminatie en disproportioneel klantenonderzoek, wat onder de nieuwe Europese antiwitwasverordening die volgend jaar in werking treedt alleen maar erger zal kunnen worden. Daar komt bij dat ECRI zich niet realiseert dat algoritmische discriminatie ook aan de orde is bij de bedrijven die de antiwitwasregels uitvoeren.</p>
<p>Privacy First roept ECRI op om meer aandacht aan de privatisering van overheidstaken naar bedrijven te besteden en de systemische gebreken van de antiwitwasregels in kaart te brengen. Verder dient de rechtsbescherming te worden verbeterd en is belangrijk dat bij algoritmische profilering door bedrijven sterkere waarborgen worden gecreëerd.</p>
<h3><strong>Deelname aan consultatie van de Europese antiwitwasautoriteit AMLA</strong></h3>
<p>Op 6 mei jl. nam Privacy First deel aan de <a href="https://www.amla.europa.eu/policy/public-consultations/consultation-draft-rts-customer-due-diligence_en" target="_blank" rel="noopener">consultatie</a> van de nieuwe Europese antiwitwasautoriteit AMLA over hun ontwerp van nadere regels inzake klantenonderzoek (ontwerp-RTS). In onze reactie leverden we onder meer kritiek op het <em>one-size-fits-all</em> systeem, het voorstel van AMLA om de Europese Digitale Identiteit (EUDI-wallet) feitelijk verplicht te stellen en de financiële persoonsgegevens die volgens de ontwerp-RTS altijd moeten worden opgevraagd ook al is er geen goede reden voor.</p>
<h3><strong>Onze brieven naar aanleiding van het advies van de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme</strong></h3>
<p>Begin mei jl. bracht de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme (SDR) het <a href="https://www.staatscommissietegendiscriminatieenracisme.nl/documenten/2026/05/07/principes-voor-profilering" target="_blank" rel="noopener">advies</a> &#8216;<em>Principes voor profilering. Een kritisch perspectief op de toepassing van datagedreven profilering door de overheid</em>&#8216; uit. In het begeleidende <a href="https://www.staatscommissietegendiscriminatieenracisme.nl/actueel/nieuws/2026/05/07/staatscommissie-stop-datagedreven-profilering-door-overheid-vanwege-discriminatie" target="_blank" rel="noopener">nieuwsbericht</a> adviseert de SDR te stoppen met datagedreven profilering door de overheid vanwege discriminatie.</p>
<p>Dit advies was aanleiding voor Privacy First en het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) om op 15 mei jl. een <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/SPF20260515.pdf" target="_blank" rel="noopener">gezamenlijke brief</a> te sturen aan enkele commissies van de Tweede Kamer en relevante ministers. In deze brief geven Privacy First en NJCM aan dat het advies van SDR ook relevant is voor de geprivatiseerde criminaliteitsbestrijding (witwasbestrijding) en dat ook daar de datagedreven profilering moet worden stopgezet.</p>
<p>Privacy First heeft het advies van SDR tevens onder de aandacht van de Europese antiwitwasautoriteit AMLA gebracht en aangegeven dat de bevindingen in het rapport van toepassing zijn op datagedreven profilering op grond van de Europese antiwitwasregels.</p>
<h3>Tot slot</h3>
<p>Privacy First blijft de ontwikkelingen kritisch volgen en houdt zich aanbevolen voor ondersteuning door professionele vrijwilligers die kennis hebben van de hierboven genoemde onderwerpen. Ook tips en praktijkervaringen die nuttig kunnen zijn voor onze activiteiten zijn altijd van harte welkom.</p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Identification creates increasing risks for all</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/identification-creates-increasing-risks-for-everyone/]]></link>
                        <pubdate>Wed, 03 Jun 2026 21:01:28 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/wantrouwende_overheid.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Voor dienstverlening verlangen overheden en bedrijven steeds vaker dat je jezelf online identificeert. Je paspoort of rijbewijs – al dan niet deels afgeschermd – bevat uitermate gevoelige informatie. Hoe meer kopieën van identiteitsbewijzen er terechtkomen in databases, hoe groter de kans dat grote hoeveelheden persoonsgegevens gevaar lopen als gevolg van toenemende cybercriminaliteit of onveilig handelen door dienstverleners. Tegen deze achtergrond maakt Privacy First zich grote zorgen over nieuwe Europese identificatiemethoden.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/wantrouwende_overheid.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Privacy First activiteiten op het gebied van identificatie</h2>
<p>De afgelopen tijd is Privacy First volop actief geweest met het onderwerp identificatie:</p>
<h3><strong>Brandbrief over EUDI-wallet</strong></h3>
<p>In maart jl. vroegen we in een brandbrief aan de minister van Financiën <a href="#_ftn1" name="_ftnref1"><sup>[1]</sup></a> aandacht voor een Europees voorstel dat ertoe leidt dat het Europese identificatiemiddel, de Europese Digitale Identiteit, ook wel als EUDI-wallet of EDI-wallet aangeduid, verplicht wordt. De minister heeft in een brief van 11 mei jl. aan de Tweede Kamer <a href="#_ftn2" name="_ftnref2"><sup>[2]</sup></a> laten weten het niet met ons eens te zijn.</p>
<h3><strong>Deelname Europese consultatie eIDAS/EUDI-wallet</strong></h3>
<p>Privacy First heeft het onderwerp identificatie aangekaart in een recente Europese consultatie over de Business Wallet <a href="#_ftn3" name="_ftnref3"><sup>[3]</sup></a>. Deze wallet is net als de EUDI-wallet gebaseerd op de Europese eIDAS-verordening. In onze consultatiereactie <a href="#_ftn4" name="_ftnref4"><sup>[4]</sup></a> hebben wij er op gewezen dat private partijen in het eIDAS-systeem, zoals de wallet-aanbieders, niet op integriteit of het ontbreken van tegenstrijdig belang worden getoetst. Dit is een ernstig gebrek in het systeem. Privacy First heeft onder meer aangedrongen op versterking van de bepalingen over de vrijwilligheid van de wallets.</p>
<h3><strong>Nieuwe brief Privacy First aan Tweede Kamer</strong></h3>
<p>Onlangs heeft de commissie Digitale Zaken van de Tweede Kamer besloten om extra aandacht aan de eIDAS-verordening en de Business Wallet te gaan besteden. Dat was voor Privacy First aanleiding om op 1 juni jl. een uitvoerige brief <a href="#_ftn5" name="_ftnref5"><sup>[5]</sup></a> aan deze commissie en andere relevante commissies van de Tweede Kamer te schrijven, waarin wij de risico&#8217;s rond identificatie uitvoerig aan de orde hebben gesteld. We leggen in deze brief uit waarom we het niet eens zijn met het standpunt van de minister van Financiën zoals geuit in diens brief aan de Tweede Kamer van 11 mei jl. Verder gaan we in op de vrijwilligheid van de wallets en stellen we een groot aantal vragen over het eIDAS-systeem, waaronder:</p>
<ul>
<li>hoe wordt voorkomen dat de wallets een controlemiddel worden,</li>
<li>hoe wordt gewaarborgd dat de ontvangende partijen niet overvragen (overidentificatie),</li>
<li>welke waarborgen er zijn ter voorkoming van onnodige verspreiding van persoonsgegevens,</li>
<li>hoe het zit met het gebrekkige verdienmodel voor walletaanbieders,</li>
<li>waarom de verplichting ontbreekt dat de wallets kunnen worden gebruikt zonder apparaten of software van internetgiganten van buiten de EU.</li>
</ul>
<p>Privacy First blijft de ontwikkelingen hieromtrent kritisch volgen.</p>
<p>Heb je nuttige informatie voor ons of relevante ervaringen met identificatie (c.q. identiteitsverificatie) die voor onze contacten met overheidsinstanties nuttig kunnen zijn, laat het ons dan weten.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1"><sup>[1]</sup></a> <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/brandbrief-privacy-first-over-verplichtstelling-europese-digitale-identiteit-bij-banken/">https://privacyfirst.nl/artikelen/brandbrief-privacy-first-over-verplichtstelling-europese-digitale-identiteit-bij-banken/</a> (zie ook update 1 juni 2026)</p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2"><sup>[2]</sup></a> <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026Z09523&amp;did=2026D21471" target="_blank" rel="noopener">https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026Z09523&amp;did=2026D21471</a></p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3"><sup>[3]</sup></a> <a href="https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/14663-Europese-portemonnee-voor-ondernemingen-digitale-identiteit-veilige-gegevensuitwisseling-en-juridische-kennisgevingen-voor-eenvoudige-digitale-bedrijven_nl" target="_blank" rel="noopener">https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/14663-Europese-portemonnee-voor-ondernemingen-digitale-identiteit-veilige-gegevensuitwisseling-en-juridische-kennisgevingen-voor-eenvoudige-digitale-bedrijven_nl</a></p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4"><sup>[4]</sup></a> <a href="https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/14663-Europese-portemonnee-voor-ondernemingen-digitale-identiteit-veilige-gegevensuitwisseling-en-juridische-kennisgevingen-voor-eenvoudige-digitale-bedrijven/F33399513_nl" target="_blank" rel="noopener">https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/14663-Europese-portemonnee-voor-ondernemingen-digitale-identiteit-veilige-gegevensuitwisseling-en-juridische-kennisgevingen-voor-eenvoudige-digitale-bedrijven/F33399513_nl</a></p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5"><sup>[5]</sup></a> <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/SPF20260601.pdf" target="_blank" rel="noopener">https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/SPF20260601.pdf</a> (pdf)</p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Registration Dutch Privacy Awards 2027 open!</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/registration-dutch-privacy-awards-2027-opened/]]></link>
                        <pubdate>Fri, 22 May 2026 08:25:39 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/NPA_logo.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Op 28 januari 2027 (de Europese Dag van de Privacy) wordt door Stichting Privacy First weer de uitreiking van de jaarlijkse Nederlandse Privacy Awards georganiseerd!</strong></p>
<p><strong>Privacy First nodigt potentiële kandidaten van harte uit om zich aan te melden voor deze prestigieuze Awards. Ook sponsors zijn zeer welkom. Kent u iemand die een voordracht verdient? Meld die organisatie dan vooral aan! </strong></p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/NPA_logo.png</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Nederlandse Privacy Awards</h2>
<p>Ieder jaar organiseert Privacy First samen met <a href="https://ecp.nl/" target="_blank" rel="noopener">ECP | Platform voor de InformatieSamenleving</a> tijdens de Nationale Privacy Conferentie de uitreiking van de Nederlandse Privacy Awards. Een professionele vakjury buigt zich over privacybewuste ideeën, oplossingen en initiatieven van ondernemingen, overheden en andere organisaties die privacy en informatiebescherming hoog in het vaandel hebben.</p>
<p>De <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/winnaars-nederlandse-privacy-awards-2026-bekend/">winnaars van 2026</a> waren UMC Utrecht &amp; Roseman Labs, Stichting Keurmerk Ritregistratiesystemen, TNO, NFI &amp; SURF en het Nationaal innovatie centrum privacy-enhancing technologies (Nicpet). Op de <a href="https://privacyfirst.nl/privacyawards/">website van de Privacy Awards</a> vindt u een overzicht van alle genomineerden en winnaars sinds 2018. Stuk voor stuk vormen zij de fundering en bouwstenen voor een privacyvriendelijke samenleving.</p>
<h2><strong>Jury</strong></h2>
<p>De jury van de Privacy Awards bestaat uit onafhankelijke privacy-experts: Sulaika Duijsings-Mahangi (juryvoorzitter), Koen Versmissen, Marlon Domingus, Sah Farooq, Jan Rinia, Kenneth Sleijpen en Mabel de Vries. Meer informatie over de juryleden, het juryreglement en de juryrapporten van de afgelopen jaren vindt u op de <a href="https://privacyfirst.nl/privacyawards/">website</a> van de Privacy Awards.</p>
<h2><strong>Inschrijving </strong></h2>
<p>De jury nomineert inschrijvingen in de volgende categorieën:</p>
<ul>
<li><strong>Techniek</strong></li>
<li><strong>Toepassing</strong></li>
<li><strong>Bewustmaking</strong></li>
</ul>
<p>Tevens is er de mogelijkheid van een <strong>Aanmoedigingsprijs</strong>.</p>
<p>De inzendingen worden o.a. getoetst aan de volgende criteria:<br />
–   maatschappelijke impact<br />
–   innovatief vermogen<br />
–   toekomstbestendigheid.</p>
<p>Meld ons uw initiatief! Wie weet behoort u tot de genomineerden voor de komende editie, en staat u op 28 januari 2027 op het podium met een trofee in uw handen. De checklist voor uw aanmelding vindt u <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Checklist_aanmelding_NPA_20260521.pdf" target="_blank" rel="noopener">hier</a> (of klik <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Privacy_Awards_application_form_20260521.pdf" target="_blank" rel="noopener">hier</a> voor een Engelstalige versie). Ga voor meer informatie over de Nederlandse Privacy Awards naar <a href="https://privacyfirst.nl/privacyawards/">PrivacyAwards &#8211; Privacy First</a>. <strong>De uiterste datum voor inzendingen is 16 oktober 2026. </strong></p>
<p>Aanmelden: via <a href="mailto:awards@privacyfirst.nl?subject=Inschrijving%20Privacy%20Awards%202024">awards@privacyfirst.nl</a> (o.v.v. ‘Inschrijving Privacy Awards 2027’).</p>
<h2><strong>Suggesties voor kandidaten aandragen </strong></h2>
<p>Heeft u een opmerkelijk initiatief gezien, waarvan u denkt: dát verdient een Privacy Award? Laat het ons weten! Melden kan via <a href="mailto:awards@privacyfirst.nl?subject=Suggestie%20Privacy%20Awards%202024">awards@privacyfirst.nl</a> (o.v.v. ‘Suggestie Privacy Awards 2027’).</p>
<h2><strong>Sponsoring<br />
</strong></h2>
<p>De uitreiking van de Nederlandse Privacy Awards wordt mede mogelijk gemaakt door <a href="https://ecp.nl/" target="_blank" rel="noopener">ECP | Platform voor de InformatieSamenleving</a> en <a href="https://nordvpn.com/" target="_blank" rel="noopener">NordVPN</a>. Mediapartner is <a href="https://privacy-web.nl/" target="_blank" rel="noopener">PONT Data &amp; Privacy</a>. Wilt u graag ook sponsor of partner van de Nederlandse Privacy Awards worden? Neem dan contact op met Privacy First!</p>
]]></flexible_content2><flexible_image3>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/PrivacyAward_1181x788.jpg</flexible_image3> 
                </item>
                <item>
                        <title>Large-scale system = large-scale problem in healthcare</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/large-scale-systems-large-scale-problems-in-healthcare/]]></link>
                        <pubdate>Tue, 19 May 2026 13:36:32 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/balloon_with_needle_gemini_cropped.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Het Ministerie van VWS blijft, samen met andere zorgpartijen, <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026Z10134&amp;did=2026D22775" target="_blank" rel="noopener">vasthouden aan</a> het grootschalig en <strong>‘ongericht’</strong> beschikbaar stellen van medische gegevens. Recente <em>hacks</em> laten zien dat de risico’s daarvan geen fictie zijn.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/balloon_with_needle_gemini_cropped.png</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>De <a href="https://nos.nl/artikel/2610742-toch-patientgegevens-buitgemaakt-bij-hacken-van-softwarebedrijf-chipsoft" target="_blank" rel="noopener">hack bij ChipSoft</a> (leverancier zorg-ICT), <a href="https://nos.nl/artikel/2614128-odido-ontdekte-pas-na-bericht-van-hackers-dat-klantgegevens-waren-gestolen" target="_blank" rel="noopener">Odido</a>, de <a href="https://nos.nl/artikel/2611660-persoonsgegevens-van-vrijwel-alle-inwoners-epe-gestolen-bij-cyberaanval" target="_blank" rel="noopener">Gemeente Epe</a> en <a href="https://www.ad.nl/binnenland/universiteiten-blokkeren-toegang-tot-canvas-na-nieuws-over-grootschalige-hack~af09572f/" target="_blank" rel="noopener">Canvas</a> hebben zeker één ding gemeen: het zijn grootschalige systemen.</p>
<p>Aan het gebruik hiervan kleven grote risico’s. Heeft een systeem een sleutelpositie in een groter netwerk van diensten, zoals DigiD, dan ontstaat een ‘single point of failure’. Voor hackers is grootschaligheid een ‘honingpot’, omdat ze met één hack toegang krijgen tot enorm veel data, zoals bij Odido en ChipSoft. Als het systeem ook nog eens in één datacentrum draait, <a href="https://nos.nl/artikel/2613485-storingen-in-hele-land-door-brand-datacenter-almere-brand-onder-controle" target="_blank" rel="noopener">dan is een brandje voldoende</a> om een dienst te laten uitvallen.</p>
<p>Voor een belastingdienst, ministerie, of een telecomprovider geldt dat het gecentraliseerde organisaties zijn. Die zijn al snel afhankelijk van grootschalige gecentraliseerde (onderdelen in hun) automatisering, ondanks de nadelen die het heeft.</p>
<p>Voor de zorg is dat anders. Het verlenen van zorg is een proces dat plaatsvindt tussen jou en je zorgverleners. Ga je van de dokter naar de apotheek, dan kunnen je gegevens die route volgen, oftewel: <strong>‘gericht beschikbaar’</strong> worden gesteld. Ook dan zijn er risico’s, maar kleinschalig systeem = kleinschalig probleem.</p>
]]></flexible_content2><flexible_content3><![CDATA[<h2>We doen het lekker toch</h2>
<p>Toch zetten het Ministerie van VWS, de zorgverzekeraars, de Patiëntenfederatie, zorgkoepels en andere zorgpartijen uitsluitend in op een grootschalige gecentraliseerde oplossing, <a href="https://behoudberoepsgeheim.nl/stop-mitz/" target="_blank" rel="noopener">met Mitz als belangrijkste component</a>. Complexiteit in de onderlinge verhoudingen is meer bepalend voor de koers dan het daadwerkelijk leveren van zorg aan patiënten. <a href="https://zorgictzorgen.nl/zn-stuurt-aan-op-toegang-tot-kritieke-zorgdata-infrastructuur/" target="_blank" rel="noopener">Niemand wil dat ‘de ander’ teveel invloed heeft.</a></p>
<p>Het gevolg: de dokter kan je wel beloven dat alles in de spreekkamer geheim blijft, maar kan die belofte niet meer waarmaken.</p>
]]></flexible_content3><flexible_content4><![CDATA[<h2>Brede oproep voor meer privacy</h2>
<p>Privacy-organisaties, waaronder Privacy First, doen nu een <a href="https://platformburgerrechten.nl/actualiteiten/privacyorganisaties-slaan-alarm-over-veiligheid-zorgcommunicatie-zodra-het-misgaat-raakt-dat-iedereen" target="_blank" rel="noopener">gezamenlijke oproep aan de Tweede Kamer</a>: de regie over het delen van gegevens moet bij patiënt en arts liggen.</p>
<p>Voor het leveren van zorg is ‘databeschikbaarheid’ cruciaal. Net zo cruciaal is dat patiënten en zorgverleners samen kunnen bepalen wie toegang heeft. Een technische infrastructuur die dat afdwingbaar maakt is een noodzaak, geen luxe.</p>
<p>Zien we daar niet op toe, dan wordt de autonomie van burgers een papieren tijger, die uiteindelijk niet afdwingbaar is. Digitale soevereiniteit is geen ‘Amerikaans’ probleem. Het is een manier van denken, en die moet om: eigen technologie eerst, georganiseerd rondom de burger en grootschalig alleen waar het echt niet anders kan.</p>
<p>Alleen zo komt de sleutel van de kluis met medische gegevens in handen van patiënt en arts, zodat ze samen kunnen bepalen wie ze toegang geven.</p>
<p>Komende donderdag is er een <a href="https://www.tweedekamer.nl/debat_en_vergadering/commissievergaderingen/details?id=2025A02753" target="_blank" rel="noopener">debat in de Tweede Kamer over ‘digitalisering in de zorg’</a>.</p>
<p>Lees hier de <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/20260511_Inbreng-PF_CD-VWS_21-mei.pdf" target="_blank" rel="noopener">inbreng van Privacy First</a> en <a href="https://platformburgerrechten.nl/actualiteiten/privacyorganisaties-slaan-alarm-over-veiligheid-zorgcommunicatie-zodra-het-misgaat-raakt-dat-iedereen" target="_blank" rel="noopener">hier de inbreng van andere privacy-organisaties</a>.</p>
]]></flexible_content4> 
                </item>
                <item>
                        <title>Review of public event on “smart” doorbells</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/review-of-public-event-on-smart-doorbells/]]></link>
                        <pubdate>Tue, 28 Apr 2026 22:06:05 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC01682_2a.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Op 24 maart jl. organiseerde het Slimme Deurbellen Consortium in Amsterdam een openbare bijeenkomst met diverse sprekers. Hieronder volgt een impressie van een enerverende middag.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC01682_2a.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p><em>“We kijken steeds meer met deurbellen naar elkaar, maar kijken we ook nog naar elkaar om?”</em> Met die woorden werd de bijeenkomst &#8220;De &#8216;Slimme&#8217; Deurbel?!&#8221; door <strong>Marieke Beekers</strong> (gemeente Breda) geopend op de vroegere kantoorlocatie van Privacy First: het Volkshotel in Amsterdam. De middag was <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/publieksevenement-de-slimme-deurbel/">georganiseerd</a> door het <a href="https://responsiblesensinglab.org/nl/projecten/slimme-deurbellen-consortium" target="_blank" rel="noopener">Slimme Deurbellen Consortium</a>, een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Groningen en Breda, Privacy First, VNG, TU Delft en het AMS Institute. De afgelopen 2 jaar hebben zij onderzoek gedaan naar de beleving over de slimme deurbel in het straatbeeld van Nederland. Wat vinden Nederlanders van deze deurbel? Hoe veilig gaan we met de deurbel om? Hoe kun je hierover het gesprek met je buren aangaan? Heeft een gemeente de mogelijkheid tot handhaven als de deurbel teveel de openbare ruimte filmt? Hoe zit het in andere landen met de inzet en betrokkenheid bij slimme deurbellen? En zijn er mogelijkheden om de deurbel dusdanig anders te ontwerpen dat hij alleen nog doet waarvoor hij bedoeld is: laten zien wie er voor je deur staat?</p>
]]></flexible_content2><flexible_image3>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC01662_2a.jpg</flexible_image3><flexible_content4><![CDATA[<p>Al deze vragen kwamen deze middag aan de orde. De bijeenkomst begon met een presentatie van het consortium door <strong>Fenna Peper</strong> (gemeente Amsterdam). Zij vertelde over wat het consortium de afgelopen periode had gedaan en wat de bevindingen waren. Ook toonde ze een alternatieve cameralens die de omgeving minder scherp in beeld brengt, waardoor je privacy beter geborgd is. Ze vertelde ook over een flyercampagne om in gesprek te gaan met je buren. De belangrijkste bevinding was dat veel Nederlanders zich vooralsnog niet echt druk lijken te maken over slimme deurbellen, althans niet zolang het die van henzelf betreft. Onder de bevolking is relatief weinig kennis en betrokkenheid bij het onderwerp; een andere fabrieksinstelling van de deurbellen zou in die zin al veel privacyvoordelen kunnen opleveren. De gehele presentatie van het consortium vindt u <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Presentatie_Slimme_Deurbellen_event_maart_26_def2.pdf" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> (pdf).</p>
]]></flexible_content4><flexible_image5>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC01800_2a.jpg</flexible_image5><flexible_content6><![CDATA[<p><strong>Marc Schuilenburg</strong>, hoogleraar Digitale Surveillance aan de Erasmus School of Law, stelde dat we met al die luxe surveillance, niet alleen de deurbel maar ook de Fitbit, Apple watch of Meta-bril, ons eigen persoonlijke toezicht aan het organiseren zijn. Wat daar de gevolgen van zijn voor ons dagelijks leven krijgt in wetenschappelijk onderzoek te weinig aandacht. Wat hij wel ziet, is dat Nederland de kant op lijkt te gaan van de VS. Daar spelen de tech-bedrijven een steeds grotere rol in surveillance en kunnen ze op afstand al toegang krijgen tot particuliere deurbellen. Dit gebeurde in de VS reeds in relatie tot de immigratiepolitie ICE. Zo zorgt de slimme deurbel ervoor dat we in plaats van iedereen als onschuldige burger te beschouwen, iedereen een potentiële verdachte wordt. Er is steeds meer sprake van ‘informele surveillance’: doordat je alles kunt zien, krijg je juist last van angst en paranoia in plaats van dat je je veiliger voelt. Het zorgt ook voor een versplintering van de politiefunctie, waarbij techbedrijven een steeds grotere rol spelen. Dit raakt niet alleen privacy, maar ook waarden zoals digitale soevereiniteit. Let daarom op met wat je in huis haalt: het is niet zo onschuldig als het lijkt.</p>
]]></flexible_content6><flexible_image7>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC01842_2a.jpg</flexible_image7><flexible_content8><![CDATA[<p>Daarna kwam <strong>Sander Flight</strong> op het podium. Sander is al twintig jaar actief als onderzoeker en adviseur voor de (semi) overheid. Zijn specialisme is cameratoezicht &amp; privacy. Hij gebruikte de metafoor van de grote SUV voor zijn vergelijking met de slimme deurbel. Zo’n auto kan heerlijk zijn voor de eigenaar, lekker hoog, groot en veilig, maar alles behalve dat voor de omgeving. Ze zorgen niet alleen voor veel uitstoot en nemen veel (parkeer)ruimte in, ze veroorzaken ook veel meer (dodelijke) ongelukken vanwege hun bumperhoogte. Hij ziet een parallel met de deurbel: prettig voor de gebruiker, maar de nadelen zijn veel groter. De deurbel wordt slimmer, maar worden wij dat ook? Mensen hebben steeds meer het gevoel dat ze worden gefilmd of afgeluisterd in de publieke ruimte. De deurbel raakt ook aan wat er met sensoren is gebeurd: gemeenten wilden deze in kaart brengen, maar enerzijds bleken de sensoren vaak niet in bezit van de gemeente en ook was er geen handhaving geregeld. Dat leidde ertoe dat er geen tegenkracht kwam.</p>
]]></flexible_content8><flexible_image9>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC01974_2a.jpg</flexible_image9><flexible_content10><![CDATA[<p><strong>Renske Heijungs</strong>, directeur Toezicht en Onderzoek bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) was de laatste spreker van de middag. De AP is de onafhankelijke Nederlandse toezichthouder op het gebied van privacy en bescherming van persoonsgegevens, waaronder de slimme deurbel. De AP ziet erop toe dat organisaties zorgvuldig omgaan met persoonlijke data, handhaaft de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en kan boetes opleggen bij overtredingen. Daarnaast adviseert de AP over nieuwe wetgeving en informeert burgers en organisaties over privacyrechten. De AP ziet een toename van klachten over de slimme deurbel. De AP gebruikt zelf overigens niet de term “slimme deurbellen”, maar “deurbelcamera’s”. Als deurbellen echt slim waren zouden ze niet filmen of langer bewaren dan wat is toegestaan. Bij vele klachten bij de AP over deurbellen blijken burenruzies de achterliggende oorzaak. Wanneer blijkt dat de indiener van de klacht wordt vermeld, trekken veel klagers hun klacht vervolgens weer in. Elke klacht wordt onderzocht, maar dit vergt veel tijd van de AP. Alleen de AP kan de AVG handhaven, gemeenten kunnen dit niet. Gemeenten kunnen alleen handhaven voorzover de openbare orde in het geding zou zijn. Vaak blijkt dat particulieren teveel vertrouwen op de kennis van wijkagenten en installateurs – terwijl die lang niet altijd over de benodigde kennis beschikken. De AP constateert ook dat de politie een tegenstrijdige boodschap uitdraagt inzake de inzet van de deurbellen en kan zich voorstellen dat dit tot verwarring leidt. Ook de AP ziet een sterke toename van massa-surveillance in het publieke en private domein. Dit is een groot maatschappelijk vraagstuk dat je met veel meer partijen moet aanpakken; ook om burgers meer weerbaar te maken en kennis te vergroten. Renske nodigt het consortium dan ook graag uit om verder te praten hierover. De gehele presentatie van Renske is <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/presentatie_slimme_deurbelcameras_AP_maart2026.pdf" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> te bekijken (pdf).</p>
]]></flexible_content10><flexible_image11>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/DSC02160_2a.jpg</flexible_image11><flexible_content12><![CDATA[<p>De middag werd afgesloten met een panelgesprek met alle sprekers, <strong>Vincent Böhre</strong> (Privacy First) en <strong>Thijs Turèl</strong> (AMS Institute) namens het consortium. Belangrijkste conclusie uit dat gesprek was de oproep van zowel Marc als Sander om, als het gaat om inwoners en privacy, je meer op drones en de Meta-bril te gaan richten. Die kennen immers nog niet zo’n hoge bezettingsgraad in Nederland, terwijl de gevolgen ervan heel groot kunnen worden. De slimme deurbel is in die zin al een ‘verloren strijd’: inwoners die er een hebben hangen, zullen die niet snel wegdoen. Tegelijkertijd benadrukte Vincent het belang van <em>privacy-by-design</em> en Europese alternatieven. Thijs zag ook potentie om met de fabrikanten en importeurs van de deurbellen in gesprek te gaan: andere, meer op privacy gerichte basisinstellingen kunnen al veel voordelen hebben. Daarnaast zal vanuit het consortium de samenwerking worden opgezocht met andere, meer op veiligheid gerichte samenwerkingsverbanden.</p>
<p>Met bevlogenheid en betrokkenheid werd er daarna bij de borrel verder gepraat. Dank aan allen die er waren!</p>
<p><em>Fotografie: Mina Yee </em></p>
]]></flexible_content12> 
                </item>
                <item>
                        <title>Snapchat under fire</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/snapchat-under-fire/]]></link>
                        <pubdate>Sat, 25 Apr 2026 10:23:53 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/pexels-piseth-dy-98932517-9364859.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>De Europese Commissie is een officieel onderzoek gestart naar Snapchat. En dat is geen symbolische stap, maar een serieuze test voor hoe streng Europa sociale media gaat reguleren. De wind lijkt wat dat betreft te draaien</p>
]]></article_description><flexible_content1><![CDATA[<p>In de VS heeft een jury recent bepaald dat Meta en Google aansprakelijk zijn voor sociale media verslaving, vanwege de mentale problemen bij gebruikers die veroorzaakt worden door het verslavende ontwerp. In Nederland bepaalde de rechter onlangs dat Meta haar gebruikers bij Instagram en Facebook de mogelijkheid moet bieden om een tijdlijn te kiezen die niet gebaseerd is op profilering. In een andere recente Nederlandse zaak verbood de rechter aan AI-chatbot Grok (X) om deepfake-naaktfoto’s te genereren.</p>
<p>Nu wordt Snapchat vanuit de EU onder de loep genomen en beoordeeld aan de hand van de verplichtingen die de Europese Digital Services Act (DSA) oplegt aan grote platformen. Belangrijk uitgangspunt van de DSA is dat platforms een hoog niveau van bescherming voor jongeren moeten waarborgen.</p>
]]></flexible_content1><flexible_image2>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/pexels-piseth-dy-98932517-9364859.jpg</flexible_image2><flexible_content3><![CDATA[<h2><strong>Snapchat</strong></h2>
<p>Snapchat is al jaren één van de populairste apps onder jongeren. Even snel een foto sturen, een bericht dat vanzelf verdwijnt; het platform voelt laagdrempelig en snel. Aanmelden is eenvoudig. Dat maakt Snapchat tot het favoriete platform, ook voor de allerjongsten, kinderen in de basisschool-leeftijd. In Nederland gaat het om miljoenen actieve gebruikers die de app meerdere malen per dag openen. Het eenvoudige gebruik van Snapchat is echter niet alleen aantrekkelijk voor de goedbedoelende gebruikers maar juist ook voor anderen. Daar komen de zorgen vandaan.</p>
<h2><strong>Van klacht naar Europees dossier</strong></h2>
<p>Het startpunt van het onderzoek is een individuele klacht. Een Nederlandse longarts sloeg alarm over vape-dealers op Snapchat. De klacht werd in eerste instantie in behandeling genomen door de Autoriteit Consument &amp; Markt (ACM) en groeide uit tot een breder Europees dossier, waarbij de vraag centraal staat of Snapchat voldoet aan de verplichtingen uit de DSA, met name als het gaat om de bescherming van minderjarigen.</p>
<h2><strong>Leeftijdsverificatie</strong></h2>
<p>Eén van de belangrijkste aandachtpunten in het onderzoek<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a> is leeftijdsverificatie. In de Snapchat voorwaarden staat dat gebruikers minimaal 13 jaar moeten zijn voordat zij gebruik mogen maken van de app. Snapchat werkt op basis van wat de gebruiker zelf verklaart: gebruikers vullen hun geboortedatum in en krijgen vervolgens toegang tot het platform. Volgens de Europese Commissie zijn de maatregelen van Snapchat onvoldoende. In de DSA-richtsnoeren<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a> voor de bescherming van minderjarigen is expliciet benoemd dat het zelf opgeven van de leeftijd geen betrouwbare methode is.</p>
<p>Bij leeftijdsverificatie gaat het overigens niet alleen om het actief weren van kinderen onder de minimumleeftijd, maar ook om het aanpassen van content wanneer het minderjarigen betreft.</p>
<p>De platformaanbieders zijn al vaker aangesproken op de wijze waarop leeftijdsverificatie in de praktijk wordt uitgevoerd. Ze verschuilen zich tot nu toe achter technische obstakels en wijzen naar elkaar. Om de technische bezwaren te ondervangen is er op initiatief van de Commissie inmiddels een app ontwikkeld waarmee gebruikers kunnen bewijzen dat ze oud genoeg zijn voor toegang tot bepaalde sites, zonder dat hun privacy in het geding komt (aldus de Commissie).<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a></p>
<p>Het onderzoek naar Snapchat en de daaruit voortvloeiende conclusies kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan het aangescherpt inzetten op effectieve leeftijdsverificatie door aanbieders. Tegelijkertijd brengt leeftijdsverificatie ook nieuwe risico’s met zich mee, waarvoor al jaren gewaarschuwd wordt door maatschappelijke organisaties (waaronder Privacy First) en wetenschappers.<a href="#_ftn4" name="_ftnref4">[4]</a></p>
<h2><strong>Ontwerpkeuzes en dark patterns</strong></h2>
<p>Een ander punt van zorg met betrekking tot Snapchat gaat over de manier waarop het platform is ingericht. Onder zowel de DSA als AVG geldt dat systemen standaard veilig en privacyvriendelijk moeten zijn ingericht (<em>privacy by design</em>). Bij Snapchat is dat niet vanzelfsprekend. Gebruikers worden actief gestimuleerd om nieuwe contacten toe te voegen en kunnen relatief eenvoudig in contact komen met onbekenden.</p>
<p>Ook kijkt de Europese Commissie kritisch naar zogeheten <em>dark patterns</em>. De DSA verbiedt interfaces die gebruikers misleiden of sturen op een manier die hun keuzevrijheid ondermijnt.</p>
<h2><strong>Illegale content en misbruik</strong></h2>
<p>Een belangrijk aandachtspunt bij Snapchat is de aanwezigheid van illegale en schadelijke activiteiten op het platform. Signalen wijzen op handel in drugs en de verkoop van vapes en alcohol aan minderjarigen. Daarnaast is er het risico van <em>grooming</em>, waarbij volwassenen zich voordoen als minderjarigen om contact met hen te kunnen leggen.</p>
<p>Dit geldt niet alleen voor Snapchat. Sociale media in zijn algemeenheid vormen een vijver voor jongeren die illegaal een zakcentje willen verdienen. In Nederland geeft zo’n 6 procent van de jongeren tussen de 16 en 27 jaar aan voor ‘klusjes’ via sociale media te zijn benaderd. 1 op de 5 jongeren in dezelfde leeftijdscategorie zegt weleens een oproep te hebben gezien voor drugs- of geweldsdelicten, zo blijkt uit een recent gepubliceerd onderzoek.<a href="#_ftn5" name="_ftnref5">[5]</a></p>
<p>De verplichting om illegale praktijken en content aan te pakken volgt uit de DSA. Het gaat daarbij niet alleen om reageren op meldingen, maar om structurele maatregelen, zoals moderatiesystemen, detectiemechanismen en risicobeoordelingen. Juist op dat punt lijkt de Europese Commissie te betwijfelen of Snapchat dat voldoende doet.</p>
<h2><strong>Onderzoek en handhaving</strong></h2>
<p>Met het openen van het onderzoek heeft de Europese Commissie verregaande bevoegdheden op basis van de DSA. De Commissie kan informatie opvragen, inspecties uitvoeren en uiteindelijk sancties opleggen. Daarnaast kan Snapchat worden verplicht om zijn systemen aan te passen of bindende toezeggingen te doen. Dit maakt het onderzoek tot een belangrijk handhavingsmoment binnen de Europese platformregulering.</p>
<h2><strong>Verder dan Snapchat</strong></h2>
<p>Deze zaak is breder dan één platform. Het is een concrete test van hoe de DSA in de praktijk wordt toegepast. Als Snapchat daadwerkelijk de DSA heeft geschonden, kan de boete oplopen tot 6 procent van de wereldwijde jaaromzet.</p>
<p>De ingeslagen weg is duidelijk. De bescherming van minderjarigen staat centraal en platforms moeten actief laten zien dat zij die verantwoordelijkheid nemen. De combinatie van DSA, AVG en aanvullende richtsnoeren legt de lat voor online veiligheid van jongeren terecht hoog. Het onderzoek van de Commissie is een mooi begin van de lente.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> <a href="https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/ip_26_723" target="_blank" rel="noopener">https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/ip_26_723</a></p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> <a href="https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/commission-publishes-guidelines-protection-minors" target="_blank" rel="noopener">Commission publishes guidelines on the protection of minors | Shaping Europe’s digital future</a></p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> <a href="https://commission.europa.eu/news-and-media/news/european-age-verification-app-keep-children-safe-online-2026-04-15_en" target="_blank" rel="noopener">European age verification app to keep children safe online &#8211; European Commission</a></p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4">[4]</a> Zie bijvoorbeeld <a href="https://edri.org/our-work/open-letter-the-dangers-of-age-verification-proposals-to-fundamental-rights-online/" target="_blank" rel="noopener">https://edri.org/our-work/open-letter-the-dangers-of-age-verification-proposals-to-fundamental-rights-online/</a> en <a href="https://blog.xot.nl/2026/04/09/online-age-assurance-raises-thorny-questions/index.html" target="_blank" rel="noopener">https://blog.xot.nl/2026/04/09/online-age-assurance-raises-thorny-questions/index.html</a>.</p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5">[5]</a> Het betreft een onderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU), de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving, <a href="https://www.politieenwetenschap.nl/publicatie/de-rol-van-sociale-media-bij-de-betrokkenheid-van-jongeren-bij-zware-drugs--en-geweldscriminaliteit" target="_blank" rel="noopener">https://www.politieenwetenschap.nl/publicatie/de-rol-van-sociale-media-bij-de-betrokkenheid-van-jongeren-bij-zware-drugs&#8211;en-geweldscriminaliteit</a></p>
]]></flexible_content3> 
                </item>
                <item>
                        <title>Consumer collective CUIC launches mass claim against Odido for privacy violation</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/consumer-collective-launches-mass-claim-against-odido-for-privacy-violation/]]></link>
                        <pubdate>Mon, 20 Apr 2026 15:03:14 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/logo_cuic.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Miljoenen klanten en oud-klanten blootgesteld aan risico misbruik gegevens </strong></p>
<p>Privacystichting Consumers United in Court (CUIC) start vandaag een collectieve procedure tegen Odido vanwege het recente datalek waarbij data van meer dan 6 miljoen Nederlanders werden buitgemaakt. De zaak draait niet alleen om die hack zelf, maar ook om de laksheid waarmee Odido is omgesprongen met gevoelige gegevens van haar klanten en oud-klanten. Het is nu al duidelijk dat klanten hierdoor zijn blootgesteld aan het risico van misbruik van hun gegevens.</p>
<p>Klanten en oud-klanten van Odido, T-Mobile, Ben en Tele2 kunnen zich voor de zaak kosteloos aanmelden via <a href="https://cuic.eu/" target="_blank" rel="noopener">cuic.eu</a>.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/logo_cuic.png</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Wettelijke verplichting om zorgvuldig om te gaan met persoonlijke gegevens</h2>
<p>De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) stelt heldere eisen. Odido is volgens deze wet een zogenoemde “verwerkingsverantwoordelijke”. De wet zegt daarover dat ze<br />
1) strenge veiligheidsmaatregelen moeten inregelen in hun systemen (bijvoorbeeld met beperkte toegangsrechten voor medewerkers en monitoring op het downloaden van grote hoeveelheden data);<br />
2) zo weinig mogelijk data van klanten moeten vragen en dat de verwerking rechtmatig is;<br />
3) transparant moeten zijn; en<br />
4) bij een datalek onmiddellijk adequate stappen moeten zetten om de Autoriteit Persoonsgegevens en klanten te informeren.</p>
<p>In het geval van Odido is duidelijk dat het telecombedrijf op meerdere punten nalatig is geweest. Zo zijn er veel te veel gegevens bewaard, voor een veel te lange periode. Alleen al uit de hoeveelheid gegevens die is gestolen blijkt dat de data niet goed waren afgeschermd of ‘gecompartimenteerd’. Ook is Odido onvoldoende transparant geweest en is de meldplicht niet correct nageleefd.</p>
<p>In haar eigen communicatie heeft Odido er inmiddels op gewezen dat de getroffen persoonlijke gegevens van klanten al gebruikt zijn voor criminele activiteiten zoals <em>phishing</em>. Op andere punten is er nog onduidelijkheid. Er lopen verschillende onderzoeken door het Openbaar Ministerie, de Autoriteit Persoonsgegevens en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur.</p>
<h2>Drie doelen</h2>
<p>CUIC wil met deze zaak drie dingen bereiken. Ten eerste: genoegdoening voor alle mensen van wie gegevens nu op straat liggen. Ten tweede: een voorbeeld stellen voor alle bedrijven. Privacy is een fundamenteel recht dat goed beschermd moet worden. Ten derde: dat Odido openheid van zaken geeft over hoe dit enorme datalek heeft kunnen ontstaan en waarom het bijvoorbeeld waarschuwingen van softwarebedrijf Salesforce over de veiligheid van haar systemen in de wind lijkt te hebben geslagen.</p>
<h2>Het grotere plaatje</h2>
<p>CUIC voorzitter Eliëtte Vaal: <em>“Je kunt nooit helemaal uitsluiten dat een inbreker binnenkomt in systemen. Maar de wet vereist dat je op z’n minst goede voorzorgsmaatregelen neemt. Odido lijkt de veiligheid van de gegevens van haar klanten als het sluitstuk van haar bedrijfsvoering te hebben beschouwd. Daarmee hebben ze miljoenen klanten en oud-klanten blootgesteld aan het risico dat zaken als hun bankgegevens nu kunnen worden misbruikt. Veel mensen maken zich daar terecht zorgen over.”</em></p>
<h2>Meld je kosteloos aan voor de zaak op CUIC.eu</h2>
<p>Mensen die klant zijn of waren van Odido, T-mobile, Ben of Tele2 worden opgeroepen zich aan te melden voor deze collectieve actie op <a href="https://cuic.eu/" target="_blank" rel="noopener">www.cuic.eu</a>. Aanmelden is kosteloos. Privacy is een fundamenteel recht dat bescherming behoeft tegen onrechtmatige commerciële praktijken.</p>
<h2><strong>Over CUIC </strong></h2>
<p>CUIC is een onafhankelijke non-profit organisatie en staat voor Consumers United in Court, ook uit te spreken als ‘CU in Court’ (<em>see you in court</em>). CUIC heeft als missie de privacy van consumenten te beschermen en kan daartoe procederen onder de nieuwe Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (Wamca), waarbij de krachten van consumenten gebundeld worden. CUIC is mede opgericht door Privacy First en de Europese organisatie None of Your Business (noyb), twee organisaties die al vele jaren en met succes strijden en procederen voor privacy en gegevensbescherming van burgers, met belangrijke gevolgen in wetgeving, uitvoering en toezicht.</p>
<p>De claim tegen Odido is de tweede rechtszaak die CUIC start, na de zaak van CUIC tegen het techbedrijf Avast dat jarenlang het online surfgedrag van miljoenen mensen onrechtmatig verzamelde en doorverkocht. De zaak tegen Avast loopt momenteel bij de rechtbank Amsterdam.</p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Senate rejects bill Wtmo</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/first-chamber-rejects-wtmo-bill/]]></link>
                        <pubdate>Wed, 25 Mar 2026 13:56:35 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Eerste_Kamer.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Wetsvoorstel dat schadelijk was voor nonprofit en maatschappelijk middenveld is van tafel</strong></p>
<p class="Hoofdtekst" style="margin-bottom: 5.0pt;">Op 24 maart jl. heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel &#8216;<i>transparantie en tegengaan ondermijning door maatschappelijke organisaties</i>&#8216; (Wtmo) verworpen.</p>
<p class="Hoofdtekst" style="margin-bottom: 5.0pt;">Dat is goed nieuws voor de nonprofit sector, nu dat wetsvoorstel was gebaseerd op onjuiste veronderstellingen over nonprofit organisaties.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Eerste_Kamer.png</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<h2>Onhoudbaar wetsvoorstel zonder draagvlak</h2>
<p>Reeds sinds de allereerste conceptversie van het Wtmo-voorstel in 2018 heeft Privacy First zich er actief tegen verzet. De afgelopen jaren drong Privacy First daartoe bij de Tweede en Eerste Kamer aan op verwerping van het wetsvoorstel. Na jarenlange vertragingen (o.a. wegens privacybezwaren) werd op 1 april 2025 alsnog een gewijzigde versie van het wetsvoorstel door de Tweede Kamer aangenomen, waarna behandeling in de Eerste Kamer volgde. Een vertegenwoordiger van Privacy First voerde vervolgens het woord tijdens een door de commissie voor J&amp;V van de Eerste Kamer op 25 november 2025 georganiseerde deskundigenbijeenkomst. Tijdens die bijeenkomst werd voor iedereen duidelijk hoeveel gebreken er nog steeds aan het wetsvoorstel kleefden. Zelfs degenen die geacht werden de wet uit te voeren, de burgemeesters en het Openbaar Ministerie, waren van mening dat zij de taken op grond van de Wtmo niet konden uitvoeren. Op 17 maart jl. was vervolgens het plenaire debat in de Eerste Kamer waarin door een meerderheid van Kamerleden veel kritiek op het wetsvoorstel werd geuit. Het was daarom geen verrassing dat het voorstel op 24 maart jl. is verworpen.</p>
<p>Privacy First is verheugd dat de Wtmo nu eindelijk van tafel is.</p>
<p>Het is te hopen dat het ministerie van Justitie &amp; Veiligheid niet opnieuw met een voorstel komt waarmee de grote groep goedwillende nonprofit organisaties wordt benadeeld. Immers, de bedreigingen van de Nederlandse rechtsstaat hebben niets met de nonprofit te maken.</p>
<p>Meer informatie:</p>
<ul>
<li>Bericht Eerste Kamer over verwerping van het wetsvoorstel d.d. 24 maart 2026 <a href="https://www.eerstekamer.nl/nieuws/20260324/senaat_verwerpt_voorstel_om" target="_blank" rel="noopener">https://www.eerstekamer.nl/nieuws/20260324/senaat_verwerpt_voorstel_om</a></li>
<li>Bericht Eerste Kamer over het debat op 17 maart jl. <a href="https://www.eerstekamer.nl/nieuws/20260317/tegengaan_ondermijning_door" target="_blank" rel="noopener">https://www.eerstekamer.nl/nieuws/20260317/tegengaan_ondermijning_door</a></li>
<li>Verslag van de deskundigenbijeenkomst in de Eerste Kamer d.d. 25 november 2025 <a href="https://www.eerstekamer.nl/behandeling/20251223/verslag_van_een" target="_blank" rel="noopener">https://www.eerstekamer.nl/behandeling/20251223/verslag_van_een</a></li>
</ul>
<p>Eerdere artikelen van Privacy First over de Wtmo:</p>
<ul>
<li>Privacy First waarschuwt Tweede Kamer voor gevolgen van wetsvoorstel Wtmo, 17 januari 2025 <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/privacy-first-waarschuwt-tweede-kamer-voor-gevolgen-van-wetsvoorstel-wtmo/">https://privacyfirst.nl/artikelen/privacy-first-waarschuwt-tweede-kamer-voor-gevolgen-van-wetsvoorstel-wtmo/</a></li>
<li>Wetsvoorstel inzake ’transparantie’ van maatschappelijke organisaties past in een negatieve trend, 24 oktober 2024 <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/wetsvoorstel-inzake-transparantie-van-maatschappelijke-organisaties-past-in-een-negatieve-trend/">https://privacyfirst.nl/artikelen/wetsvoorstel-inzake-transparantie-van-maatschappelijke-organisaties-past-in-een-negatieve-trend/</a></li>
<li>Wetsvoorstel non-profit ondermijnt maatschappelijk middenveld, 21 mei 2024 <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/wetsvoorstel-non-profit-ondermijnt-maatschappelijk-middenveld/">https://privacyfirst.nl/artikelen/wetsvoorstel-non-profit-ondermijnt-maatschappelijk-middenveld/</a></li>
</ul>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Banks' access to Basic Personal Records is undesirable</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/access-banks-to-basic-registration-of-persons-is-undesirable/]]></link>
                        <pubdate>Wed, 25 Mar 2026 12:36:32 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Internetconsultatie.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Deelname Privacy First aan consultatie </strong></p>
<p>De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) heeft de regering verzocht om toegang tot de Basisregistratie Personen (BRP) in verband met het klantenonderzoek dat zij op grond van de antiwitwaswetgeving moeten uitvoeren. Naar aanleiding daarvan stelt de regering voor om via het Besluit BRP aan Nederlandse banken toegang tot de BRP te verlenen. Stichting Privacy First heeft haar bezwaren hiertegen in een internetconsultatie kenbaar gemaakt.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Internetconsultatie.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>Privacy First heeft aan de consultatie deelgenomen en aangegeven dat de gevraagde toegang voor banken niet nodig en ook ongewenst is. Niet nodig omdat banken bij het aangaan van de overeenkomst met de klant diens identiteit aan de hand van paspoort of identiteitskaart dienen te verifiëren, waarbij een groot deel van de BRP-gegevens reeds wordt verkregen. Verder is het niet nodig omdat de BRP diverse gegevens niet bevat. Het is ongewenst omdat daarmee de eigen regie van burgers over hun gegevens wordt ingeperkt en de risico&#8217;s op identiteitsfraude toenemen als de BRP buiten de persoon om wordt geraadpleegd.</p>
<p>Meer informatie leest u in <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/PrivacyFirst_consultatie_BRP_23-3-2026.pdf" target="_blank" rel="noopener">onze volledige consultatiereactie</a> (pdf).</p>
<ul>
<li>Consultatiereactie Privacy First: <a href="https://www.internetconsultatie.nl/derdenaanwijzingbankenbesluit/reactie/411e6e11-3f02-4def-a96f-ea6aa1fac701" target="_blank" rel="noopener">https://www.internetconsultatie.nl/derdenaanwijzingbankenbesluit/reactie/411e6e11-3f02-4def-a96f-ea6aa1fac701</a></li>
<li>Aankondiging van de consultatie: <a href="https://www.internetconsultatie.nl/derdenaanwijzingbankenbesluit/b1" target="_blank" rel="noopener">https://www.internetconsultatie.nl/derdenaanwijzingbankenbesluit/b1</a>.</li>
</ul>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Privacy First fire letter on mandating European digital identity in banks</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/privacy-first-fire-letter-on-mandating-european-digital-identity-in-banks/]]></link>
                        <pubdate>Mon, 09 Mar 2026 12:51:43 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Bij-Voorbaat-Verdacht2.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Vrijwilligheidsvereiste Europese verordening wordt ondermijnd.</strong></p>
<p>Privacy First heeft vandaag in een <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/open_brief_SPF_EUDI-wallet_AMLA_9maart2026.pdf" target="_blank" rel="noopener">open brief</a> (pdf) aan vier ministers en de Tweede Kamer aangedrongen om tot actie over te gaan tegen ondermijning van het vrijwilligheidsvereiste in de Europese wetgeving over de Europese digitale identiteit (EUDI-wallet). Hieronder volgt de volledige tekst van onze brief:</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Bij-Voorbaat-Verdacht2.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>Geachte heer Heinen (minister van Financiën)<br />
geachte heer Heerma (minister BZK)<br />
geachte heer Van Weel (minister J&amp;V)<br />
geachte mevrouw Herbert (minister EZK)<br />
geachte leden van de Tweede Kamer,</p>
<p>Hierbij attendeert Stichting Privacy First u erop dat de nieuwe Europese antiwitwasautoriteit AMLA [1] in strijd met de eIDAS-verordening in een recent bekendgemaakt consultatiedocument [2] voorstelt dat witwasbestrijdingsplichtigen natuurlijke personen in non-face-to-face situaties moeten identificeren door middel van de Europese digitale identiteit (&#8216;EUDI-wallet&#8217;).</p>
<p>Wij verzoeken u dringend de Europese Commissie en AMLA te wijzen op de verplichtingen die uit de eIDAS-verordening voortvloeien en die niet door de antiwitwasregelgeving mogen worden ondergraven. Dit is van groot belang voor de vele mensen in de EU die onvoldoende digitaal vaardig zijn en voor degenen die geen gebruik kunnen of willen maken van digitale middelen waarvoor apparaten en software van Big Tech moeten worden gebruikt.</p>
<h3><strong>EBA consultatie</strong></h3>
<p>AMLA is op de hoogte van de verplichtingen op grond van de eIDAS-verordening, aangezien Privacy First daar in de consultatie van de Europese Banken Autoriteit (EBA) op heeft gewezen. Op 6 juni 2025 heeft Privacy First deelgenomen [3] aan een consultatie van de Europese Banken Autoriteit (EBA) [4] over de nadere regels (&#8216;RTS&#8217;) op het gebied van het cliëntenonderzoek op grond van de antiwitwasverordening (AMLR) die medio 2027 in werking treedt.</p>
<p>In het consultatiedocument stelde EBA voor dat witwasbestrijdingsplichtigen in non-face-to-face situaties verplicht zullen zijn om de Europese digitale identiteit (&#8216;EUDI-wallet&#8217;) te gebruiken voor de verificatie van de identiteit. Wij hebben de EBA er op geattendeerd dat de door hen voorgestelde bepaling in strijd is met de eIDAS-verordening, die bepaalt dat het gebruik van de EUDI-wallet volledig vrijwillig is. Voorts hebben wij uitvoerig toegelicht dat aan verificatie van de identiteit voor mensen grote risico&#8217;s zijn verbonden en er van witwasbestrijdingsplichtigen, gezien de afhankelijkheidsrelatie, extra maatregelen mogen worden verwacht om de risico&#8217;s voor burgers te beperken.</p>
<h3><strong>AMLA neemt de EBA-tekst over</strong></h3>
<p>Onlangs heeft AMLA de nadere regels opnieuw in consultatie gebracht [2]. Wij zien aan het ontwerp dat AMLA niets heeft gedaan met ons commentaar op de verplichtstelling van de EUDI-wallet. Opnieuw staat in het ontwerp dat het gebruik van de EUDI-wallet verplicht is en dat alleen in uitzonderlijke gevallen identificatie op een andere digitale manier mag plaatsvinden. Ons voorstel dat er altijd een vorm van alternatieve, fysieke identificatie moet worden aangeboden, zodat aan de eIDAS-verordening wordt voldaan, is niet overgenomen.</p>
<h3><strong>Dringend actie nodig </strong></h3>
<p>Hoewel wij van plan zijn aan de consultatie door AMLA deel te nemen, willen wij nu al aan de alarmbel trekken. Het is immers hoogst ongewenst dat Europese instanties de voorschriften van Europese verordeningen naast zich neer leggen.</p>
<p>Het is belangrijk dat artikel 5a van de eIDAS verordening [5], waarin staat dat het gebruik van de EUDI-wallet volledig vrijwillig is, geen dode letter wordt. Wij hopen dat u daar uw bijdrage aan zult leveren.</p>
<p>Deze open brief zullen wij ook elders verspreiden. Voorts zullen wij AMLA aanschrijven.</p>
<p>Hoogachtend,<br />
Stichting Privacy First</p>
<p><strong><br />
Noten </strong></p>
<p>[1] The Authority for Countering Money Laundering and Financing of Terrorism, <a href="https://www.amla.europa.eu/" target="_blank" rel="noopener">https://www.amla.europa.eu/</a>.</p>
<p>[2] Aankondiging: <a href="https://www.amla.europa.eu/policy/public-consultations/consultation-draft-rts-customer-due-diligence_en" target="_blank" rel="noopener">https://www.amla.europa.eu/policy/public-consultations/consultation-draft-rts-customer-due-diligence_en</a>.</p>
<p>[3] Artikel over onze consultatiedeelname: <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/digitale-identiteit-wordt-sluipenderwijs-toch-verplicht/">https://privacyfirst.nl/artikelen/digitale-identiteit-wordt-sluipenderwijs-toch-verplicht/</a>, volledige consultatiebijdrage van Privacy First: <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Privacy-First-response-EBA-consultation-on-additional-AMLR-rules-June-2025.pdf" target="_blank" rel="noopener">https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Privacy-First-response-EBA-consultation-on-additional-AMLR-rules-June-2025.pdf</a>.</p>
<p>[4] Aankondiging: <a href="https://www.eba.europa.eu/publications-and-media/press-releases/eba-consults-new-rules-related-anti-money-laundering-and-countering-financing-terrorism-package" target="_blank" rel="noopener">https://www.eba.europa.eu/publications-and-media/press-releases/eba-consults-new-rules-related-anti-money-laundering-and-countering-financing-terrorism-package</a>.</p>
<p>[5] <a href="https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:02014R0910-20241018#art_5a" target="_blank" rel="noopener">https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:02014R0910-20241018#art_5a</a>, lid 15.</p>
]]></flexible_content2><flexible_content3><![CDATA[<h2>Update 1 juni 2026</h2>
<h3><strong>Privacy First vraagt Tweede Kamer om aandacht voor de risico&#8217;s van de EUDI-wallet </strong></h3>
<p>Privacy First heeft vandaag een brief aan de Tweede Kamer gestuurd over identificatie, meer in het bijzonder digitale identificatie.</p>
<p>Het zichzelf identificeren &#8211; onder meer het tonen van een identiteitsbewijs (ID) &#8211; is op zichzelf al een voor mensen riskante activiteit, zeker als dat ID wordt gekopieerd en opgeslagen. De toegenomen digitale criminaliteit, onveilige praktijken van degenen die identificeren en de overheidswens dat mensen zich voor toegang tot het internet identificeren om hun leeftijd aan te tonen, zorgen voor een exponentiële groei van de gevaren.</p>
<p>Het voornemen van de commissie Digitale Zaken van de Tweede Kamer om extra aandacht aan digitale identificatie te besteden was een aanleiding voor de brief. Daarbij speelt ook een rol dat de minister van Financiën, naar aanleiding van onze <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/brandbrief-privacy-first-over-verplichtstelling-europese-digitale-identiteit-bij-banken/">brandbrief van 9 maart jl.</a> over de afbraak van de vrijwilligheid van de Europese digitale identiteit (EUDI-wallet), aan de Tweede Kamer heeft meegedeeld dat er &#8216;niets&#8217; aan de hand zou zijn. Daar is Privacy First het niet mee eens.</p>
<p>In de brief van vandaag leggen we uit dat als gevolg van de nieuwe antiwitwasregels de EUDI-wallet in de praktijk verplicht zal worden voor grote bedrijven met witwasbestrijdingsverplichtingen (onder andere banken), doordat die grote bedrijven in Nederland vrijwel geen fysieke kantoren meer hebben en in de praktijk aansturen op digitale identificatie van hun cliënten. Deze problematiek gaat ook in andere domeinen dan de witwasbestrijding spelen.</p>
<p>Daar komt bij dat het Europese systeem voor digitale identificatie zoals gebaseerd op de eIDAS-verordening ernstige gebreken vertoont. Eén van die gebreken is dat de aanbieders van de identificatie-wallets (EUDI-wallet en Business Wallet) niet op integriteit en het ontbreken van tegenstrijdig belang worden gescreend.</p>
<p>Over het systeem van de identificatie-wallets hebben wij in onze brief een groot aantal vragen gesteld, die gaan over:</p>
<ul>
<li>het voorkomen dat de wallets een controlemiddel worden,</li>
<li>het ontbreken van waarborgen dat de ontvangende partijen niet overvragen (overidentificatie),</li>
<li>de niet aanwezige waarborgen ter voorkoming van onnodige verspreiding van persoonsgegevens,</li>
<li>het gebrekkige verdienmodel voor walletaanbieders,</li>
<li>de niet verplicht-gestelde mogelijkheden om wallets te gebruiken zonder apparaten of software van internetgiganten van buiten de EU.</li>
</ul>
<p>Privacy First verzoekt de wetgever om maatregelen om de identificatierisico&#8217;s te beperken. Lees <a href="https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/SPF20260601.pdf" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> de volledige brief die Privacy First daartoe vandaag aan de Tweede Kamer verzond (pdf).</p>
]]></flexible_content3> 
                </item>
                <item>
                        <title>Active disclosure of processing registers: from paper duty to public value</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/active-disclosure-of-processing-registers-from-paper-duty-to-public-value/]]></link>
                        <pubdate>Thu, 05 Mar 2026 08:32:45 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/AVG.png</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Oproep aan kabinet: stel het actief openbaar maken van het register van verwerkingen wettelijk verplicht. </strong></p>
<p>Het recht om te weten wat er met jouw gegevens gebeurt is vastgelegd in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Toch blijkt het moeilijk om erachter te komen hoe en waar je gegevens worden verwerkt bij de overheid. Open State Foundation en Privacy First roepen het nieuwe kabinet op om het initiatief te nemen tot een wettelijke verplichting om het register van verwerkingen actief openbaar te maken.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/AVG.png</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>Overheidsorganisaties en bedrijven verwerken op grote schaal persoonsgegevens zonder dat burgers zich hier actief bewust van zijn. Zo hebben veel burgers überhaupt nog nooit van een verwerkingsregister gehoord. In deze registers moeten overheden en bedrijven verplicht cruciale informatie over het doel en de voorwaarden van alle verwerkingen opnemen. Gegevensverwerkingen zijn vaak ingrijpend; zo beïnvloeden ze toegang tot financiële diensten, sociale voorzieningen, verzekeringen, werk en mobiliteit. Burgers hebben dan ook het recht om kennis te nemen van waar en hoe hun gegevens worden verwerkt.</p>
<p>Voor overheden weegt de plicht om openbaar te zijn extra zwaar. Burgers hebben geen invloed op gegevensverwerking op basis van wettelijke taken. Transparantie hierover is geen luxe, maar een randvoorwaarde van onze democratische rechtsstaat. De informatie moet bovendien laagdrempelig toegankelijk zijn: zonder aanvraag of inlog, in begrijpelijke taal en digitaal toegankelijk.</p>
<h2>Transparantie als basis</h2>
<p>Als je niet weet welke informatie de overheid over jou opslaat heb je ook geen zicht op rechtmatige verwerkingen en kunnen onjuiste verwerkingen niet worden opgespoord.</p>
<p>Vaak komt de informatie pas naar boven bij journalistiek onderzoek of met individuele verzoeken &#8211; met een expliciet beroep op de Wet open overheid (Woo) en gegevensbeschermingsrechten (AVG) of privacyrechten (Grondwet, EVRM).</p>
<p>Voorbeelden van verwerkingen met zeer ingrijpende gevolgen:</p>
<ul>
<li>kredietchecks (<em>creditscoring</em> door handelsinformatiebureaus)</li>
<li>zwarte lijsten (financiële instellingen, Gemeentelijk Incidenten Register, FSV-registratie Belastingdienst)</li>
<li>systematische <a href="https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/themas/internet-slimme-apparaten/big-data-en-profilering/privacyrisicos-van-profilering" target="_blank" rel="noopener">profilering</a> (zonder betekenisvolle menselijke tussenkomst).</li>
</ul>
<p>De gevolgen van deze verwerkingen raken burgers direct in hun dagelijks leven, nu nog regelmatig zonder dat zij weten hoe of waarom.</p>
<div class="u-article-content">
<h2>Wantrouwen groeit bij gebrek aan openheid</h2>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>Terughoudendheid in informatieverstrekking over verwerkingen wordt regelmatig ingegeven door vrees voor reputatieschade, voor aansprakelijkheid of (ironisch) verlies van vertrouwen. Het gevolg is dat juist wanneer misstanden aan het licht komen, het vertrouwen in de overheid nog meer schade oploopt. Het is dan ook tijd voor een wettelijke verplichting om het register van verwerkingen actief openbaar te maken. Dit zien wij als een logische en noodzakelijke volgende stap in de ontwikkeling van een transparante digitale rechtsstaat.</p>
</div>
<div class="u-article-content">
<h2>Van passief naar actief openbaar</h2>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>De AVG kent transparantie niet als bijzaak, maar als fundamenteel beginsel. Artikel 5 lid 1 onder a bepaalt dat persoonsgegevens moeten worden verwerkt op een wijze die “rechtmatig, behoorlijk en transparant” is. Artikel 12 verplicht tot duidelijke en toegankelijke communicatie. Overweging 39 benadrukt dat informatie “eenvoudig toegankelijk en begrijpelijk” moet zijn.</p>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>Het “register van de verwerkingsactiviteiten” van artikel 30 AVG bevat precies de informatie die nodig is om gegevensverwerkingen te kunnen begrijpen en toetsen.</p>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>Ook binnen de Wet open overheid (Woo) past dit: transparantie is daar een dragend beginsel, met een duidelijke inspanningsverplichting voor overheden. In het rapport ‘<em><a href="https://www.open-overheid.nl/site/binaries/site-content/collections/documents/2025/06/23/rapport-en-stappenplan-aan-de-slag-met-de-inspanningsverplichting-uit-de-wet-open-overheid/rapport-aan-de-slag-met-de-inspanningsverplichting.pdf" target="_blank" rel="noopener" data-url-type="url-external">Aan de slag met de inspanningsverplichting</a></em>’ wordt het verwerkingsregister al genoemd als voorbeeld van informatie waarvan actieve openbaarmaking veel impact kan maken.</p>
</div>
<div class="u-article-content">
<h2>Publieke waarde</h2>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>Het structureel publiceren van verwerkingsregisters levert meerdere voordelen op. Het verlaagt de drempel voor burgers om hun rechten uit te oefenen, en voorkomt extra werk en de spoed die komt door individuele verzoeken. Tegelijkertijd versterkt het de interne kwaliteit: informatie wordt beter vindbaar en actueler. Bij ongewijzigd beleid blijft deze administratieve last – en kostenpost – bestaan, bij de overheid en bij het bedrijfsleven.</p>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>Daar staat tegenover dat openbaarmaking vraagt om een kwaliteitsslag. Registers moeten geschikt worden gemaakt voor publieke raadpleging. Dat vergt investering, maar biedt ook een kans om bestaande administratieve lasten effectiever in te richten. Zonder prikkel tot verbetering blijven registers nu vaak achter in kwaliteit en actualiteit.</p>
</div>
<div class="u-article-content">
<p>Het is tijd om burgers te vertrouwen met de informatie over hoe hun gegevens worden verwerkt.</p>
<p><em><br />
Dit artikel is tevens gepubliceerd bij <a href="https://ibestuur.nl/overheid-in-transitie/informatiehuishouding/van-papieren-plicht-naar-publieke-waarde" target="_blank" rel="noopener">iBestuur</a>. Het kwam mede tot stand met hulp van de experts bij Publiosa voor wie het publiceren van registers van verwerkingen hun dagelijks werk is. Hiervoor ontvingen zij begin dit jaar een <a href="https://privacyfirst.nl/privacyawards/?pa=publiosa">nominatie</a> voor de Nederlandse Privacy Awards 2026.</em></p>
</div>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>Online drugstores and online shops share sensitive health data with Big Tech</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/online-drugstores-and-web-shops-share-sensitive-health-data-with-big-tech/]]></link>
                        <pubdate>Tue, 24 Feb 2026 12:52:36 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Radar_23feb2026.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p>Dat blijkt uit <a href="https://www.platform-investico.nl/onderzoeken/drogisten-delen-massaal-gevoelige-informatie-met-facebook-en-google" target="_blank" rel="noopener">onderzoek</a> van Investico, in samenwerking met De Groene Amsterdammer en <a href="https://radar.avrotros.nl/artikel/fragment-online-drogisterijen-delen-gezondheidsdata-met-google-en-meta-62392" target="_blank" rel="noopener">televisieprogramma Radar</a>. Privacy First dringt aan op actie om deze praktijken te stoppen.</p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/Radar_23feb2026.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>Stichting Privacy First vindt het schokkend wat er gebeurt. Online winkels, waaronder grote drogisterijen, sturen wanneer je hun websites bezoekt en aankopen doet gevoelige klantgegevens door aan techbedrijven zoals Facebook, Google en TikTok. Soms worden zelfs e-mailadressen en andere identificerende gegevens meegestuurd. Dit gebeurt onder meer via zogenaamde <em>server-side tracking</em>. Het gaat niet om onschuldige klikjes, maar om informatie over bijvoorbeeld zwangerschapstesten, morning-afterpillen of erectiemiddelen.</p>
<p>En het wordt nog erger. Zelfs als je cookies weigert, blijken data via <em>server-side tracking</em> alsnog te worden doorgestuurd. Expliciete toestemming voor het delen van gevoelige (medische of seksuele) informatie wordt niet apart gevraagd, terwijl dat wettelijk wel moet bij dergelijke bijzondere persoonsgegevens. “Cookies weigeren” geeft dus vaak een vals gevoel van controle.</p>
<p>Dit gebeurt terwijl de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) in 2024 nog een boete van 600.000<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a> euro  oplegde aan Kruidvat (na bezwaar van Kruidvat werd dit 50.000 euro)<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a> vanwege het gebruik van trackingcookies op hun website zonder de toestemming van bezoekers. Juist bij een drogisterij zijn de risico’s groot. Aankopen zoals zwangerschapstesten of medicatie, gecombineerd met locatiegegevens, kunnen namelijk leiden tot extreem specifieke en invasieve profielen. Van “lessons learned” lijkt er geen sprake te zijn als je naar de onderzoeksresultaten van Investico kijkt.</p>
<h2><strong>Waarom is dit problematisch?</strong></h2>
<p>Waarom dit zo problematisch is, heeft te maken met het feit dat de risico’s allesbehalve theoretisch zijn. De risico’s zijn reëel en ernstig met als gevolg dat er totaal geen privacygevoel meer is, het vertrouwen weg is en er ook nog juridische gevolgen aan verbonden kunnen worden. Hieronder volgen enkele voorbeelden van wat er met de verzamelde gegevens kan gebeuren:</p>
<ul>
<li><strong>Profilering en doorverkoop:</strong> er worden zeer gedetailleerde profielen opgebouwd en doorverkocht in een ondoorzichtig advertentie-ecosysteem.</li>
<li><strong>Zeer specifieke kenmerken:</strong> die profielen kunnen zo specifiek zijn dat ze iemands seksuele voorkeuren of medische situatie (impliciet) blootleggen.</li>
<li><strong>Strafrechtelijke risico’s:</strong> in de Verenigde Staten zagen en zien we dat aankoopdata en locatiegegevens (en social media gegevens) gebruikt kunnen worden in (strafrechtelijke) onderzoeken, bijvoorbeeld rond abortus<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a> en visa<a href="#_ftn4" name="_ftnref4">[4]</a>.</li>
<li><strong>Regimeverandering:</strong> gegevens die in het huidige politieke klimaat onschuldig lijken, kunnen onder een ander regime ineens tegen burgers worden ingezet. Wat vandaag marketingdata is, kan morgen bewijsstuk zijn.</li>
<li><strong>Datalekken en chantage:</strong> het datalek bij Ashley Madison<a href="#_ftn5" name="_ftnref5">[5]</a> liet zien hoe verstrekkend de gevolgen kunnen zijn wanneer gevoelige informatie openbaar wordt. Mensen verloren hun baan, hun relatie, sommigen pleegden zelfs zelfmoord. Moreel kun je van overspel iets vinden, maar het is niet strafbaar. Publiekelijk werden mensen wel veroordeeld via gelekte data.</li>
<li><strong>Onjuiste koppelingen:</strong> soms worden e-mailadressen of gegevens gebruikt waarvan niet zeker is dat ze correct zijn. Bij een datalek kunnen gegevens ten onrechte aan iemand worden gekoppeld met reputatieschade tot gevolg.</li>
<li><strong>Minderjarigen:</strong> als dit soort tracking ook minderjarigen raakt, zijn de risico’s nog ernstiger.</li>
</ul>
<p>Dit is geen abstract privacydebat. Dit gaat over machtsverhoudingen, over controle, over kwetsbaarheid.</p>
<h2><strong>Wie moet de consumenten beschermen?</strong></h2>
<p>Niet de consument zelf. Het idee dat je “veilig” bent door cookies te weigeren is achterhaald. In eerste instantie zijn online drogisterijen zelf verantwoordelijk voor het (laten) plaatsen van de trackers. Zij bepalen welke trackers op hun website staan. De grote platforms zijn medeverantwoordelijk. Hun pixels en advertentienetwerken maken deze tracking mogelijk en winstgevend. Zij zijn ook herhaaldelijk op de vingers getikt. Toch blijven deze praktijken bestaan, vaak verscholen achter complexe technische infrastructuren. Tot slot moet de AP toezicht (blijven) houden, voorlichten en handhaven. De AP heeft voldoende degelijke instrumenten om dit te kunnen doen. Het instrumentarium strekt zich van onderzoeken doen, waarschuwen of berispen tot aan boetes opleggen, verwerkingen stilleggen en gegevens laten wissen.</p>
<p>Afgelopen jaren heeft de AP veel informatie gedeeld over cookies en zegt strenger te controleren. De boete voor Kruidvat laat zien dat optreden mogelijk en nodig is. Maar handhaving is vaak achteraf en versnipperd. Tegen de tijd dat er een boete ligt, zijn er al duizenden, zo niet miljoenen profielen gemaakt en verspreid.</p>
<p>Bovendien vindt Privacy First dat cookiebanners niet de echte oplossing zijn. Ze zijn vaak onduidelijk of misleidend. Mensen zijn “cookiemoe” en klikken snel op “accepteren”, zonder enig overzicht van wat er met hun gegevens gebeurt of in welke databases ze belanden. Je weet als consument niet in welk profiel je zit, welke labels aan je zijn geplakt, of wie daar toegang toe heeft.</p>
<h2><strong>Hoe moet dit worden opgelost? </strong></h2>
<p>Privacy First vindt dat de tijd van “nuance en coulance” voorbij is. Bedrijven verzamelen elke dag meer data omdat het winst oplevert, totdat ze worden teruggefloten. Als maatschappij moeten we duidelijker aangeven waar de grens ligt.</p>
<ul>
<li>De oplossing begint bij dat bedrijven zich aan de wet moeten houden. <strong><em>Privacy by design</em> moet de norm zijn</strong>, zeker bij gevoelige producten.</li>
<li>Techbedrijven moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Er moet <strong>geen tracking plaatsvinden op basis van bijzondere persoonsgegevens</strong>. Punt.</li>
<li><strong>Strengere en snellere handhaving</strong> is nodig, ondanks dat de AP een beweging wil maken naar een helpende, ondersteunende organisatie en boetetrajecten als zwaar en tijdrovend ervaart. De AP heeft de bevoegdheden en die moeten ook stevig worden ingezet.</li>
<li><strong>Meer transparantie</strong> over cookies en <strong>bewustwording</strong> blijft een aandachtspunt. Als in een cookiebanner staat dat aankopen van koffie worden gedeeld met partners, dan geldt dat ook voor zwangerschapstesten en medicatie. Dat besef moet indalen. Verder moeten mensen kunnen zien in welk profiel zij zijn ingedeeld en welke labels aan hen zijn toegekend. Zonder inzicht geen effectieve uitoefening van rechten.</li>
<li>Tot slot moeten we serieus blijven nadenken over <strong>een verbod op tracking</strong> van gevoelige persoonsgegevens en praktische implementatie ervan. Zeker als het gaat om gezondheid en seksualiteit.</li>
</ul>
<h2><strong>Conclusie</strong></h2>
<p>We kunnen niet langer doen alsof dit een technisch detail is. Het doorspelen van gevoelige gezondheidsdata aan advertentieplatforms is een fundamentele aantasting van de persoonlijke levenssfeer.</p>
<p>Consumenten beschermen tegen dit soort datadoorgifte is geen individuele verantwoordelijkheid maar een collectieve opdracht. Voor webwinkels en drogisterijen. Voor techplatforms. Voor de toezichthouder. En uiteindelijk voor de wetgever. Gevoelige gezondheidsdata horen niet thuis in advertentieprofielen. Dat zou geen discussie meer mogen zijn.</p>
<p><em><br />
Bekijk <a href="https://radar.avrotros.nl/artikel/fragment-online-drogisterijen-delen-gezondheidsdata-met-google-en-meta-62392" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> de televisiereportage en lees <a href="https://radar.avrotros.nl/artikel/online-drogisterijen-en-webshops-delen-gevoelige-gezondheidsdata-met-big-tech-62391" target="_blank" rel="noopener">HIER</a> het bijbehorende artikel bij Radar.  </em></p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> <a href="https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/documenten/besluit-boete-as-watson-kruidvat" target="_blank" rel="noopener">https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/documenten/besluit-boete-as-watson-kruidvat</a></p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> <a href="https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/documenten/besluit-op-bezwaar-as-watson-kruidvat" target="_blank" rel="noopener">https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/documenten/besluit-op-bezwaar-as-watson-kruidvat</a></p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> <a href="https://www.americanprogress.org/article/stopping-the-abuse-of-tech-in-surveilling-and-criminalizing-abortion/" target="_blank" rel="noopener">https://www.americanprogress.org/article/stopping-the-abuse-of-tech-in-surveilling-and-criminalizing-abortion/</a></p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4">[4]</a> <a href="https://www.bbc.com/news/articles/c1dz0g2ykpeo" target="_blank" rel="noopener">https://www.bbc.com/news/articles/c1dz0g2ykpeo</a></p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5">[5]</a> <a href="https://www.reuters.com/article/technology/two-people-may-have-committed-suicide-after-ashley-madison-hack-police-idUSKCN0QT1O6/" target="_blank" rel="noopener">https://www.reuters.com/article/technology/two-people-may-have-committed-suicide-after-ashley-madison-hack-police-idUSKCN0QT1O6/</a></p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
                <item>
                        <title>International exchange of tax information and fundamental rights</title>
                        <link><![CDATA[https://privacyfirst.nl/en/articles/international-exchange-of-tax-information-and-fundamental-rights/]]></link>
                        <pubdate>Wed, 18 Feb 2026 09:23:50 +0000</pubdate>
                                                <featured_image>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/EU_Have_Your_Say.jpg</featured_image><article_description><![CDATA[<p><strong>Ook bij uitwisseling van financiële persoonsgegevens moeten de Europese grondrechten worden gerespecteerd, schrijft Privacy First in Europese consultatiereactie.</strong></p>
]]></article_description><flexible_image1>https://privacyfirst.nl/wp-content/uploads/EU_Have_Your_Say.jpg</flexible_image1><flexible_content2><![CDATA[<p>De Europese Commissie hield recent een consultatie over de internationale uitwisseling van financiële persoonsgegevens, ook wel bekend als ‘<em>EU-regels voor administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen</em>’ of als ‘DAC’. Het doel van deze regels is om gegevens uit te wisselen ten behoeve van belastingheffing en witwasbestrijding. De aankondiging van de Europese consultatie is <a href="https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/15112-EU-regels-voor-administratieve-samenwerking-op-het-gebied-van-de-belastingen-herschikking_nl" target="_blank" rel="noopener">hier</a> te vinden. Op dit moment is DAC voornamelijk gericht op het verhogen van de inkomsten van de EU-lidstaten, waardoor de inkomsten van de EU (indirect) kunnen stijgen, en op doelstellingen op het gebied van misdaadbestrijding. Er wordt daarbij te weinig aandacht besteed aan de mensenrechten en andere grondrechten die zijn verankerd in het Europees Handvest en overige Europese wetgeving.</p>
<p>Privacy First heeft aan de consultatie deelgenomen, zie <a href="https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/15112-EU-rules-on-administrative-cooperation-in-the-field-of-taxation-recast/F33372496_en" target="_blank" rel="noopener">deze pagina</a> waar naar een Engelstalige pdf met ons commentaar kan worden doorgeklikt.</p>
<p>In ons commentaar leggen we uit dat bij internationale financiële uitwisseling aandacht moet worden besteed aan de grondrechten van burgers. Als op Europees niveau de EU-regels inzake administratieve samenwerking op belastinggebied worden verduidelijkt, vereenvoudigd en verbeterd, kan ook worden gezorgd voor een betere bescherming van de financiële mensenrechten van EU-burgers.</p>
<p>Privacy First heeft er in de consultatiereactie op gewezen dat de internationale uitwisseling van persoonsgegevens voor belasting- en andere overheidsdoeleinden aanzienlijke schade aan burgers kan toebrengen. Dergelijke schade doet zich reeds voor, bijvoorbeeld in de praktijken van de EU-lidstaten met betrekking tot <a href="https://privacyfirst.nl/artikelen/zorgt-nieuw-regime-vs-voor-einde-aan-financiele-discriminatie-van-europeanen/">FATCA</a> en de FATCA-verdragen, en door misbruik door derde landen (waaronder de VS) van sanctiewetgeving en antiwitwaswetgeving als alibi om politieke tegenstanders aan te pakken.</p>
<p>Momenteel ontbreekt het zowel in de DAC als in de nieuwe antiwitwaswetgeving van de EU aan mechanismen om EU-ingezetenen te beschermen tegen praktijken van derde landen die de grondrechten van burgers schenden. Het kan daarom niet als vanzelfsprekend worden beschouwd dat de internationale uitwisseling van persoonlijke financiële gegevens zal plaatsvinden in overeenstemming met de grondrechten en met de nodige zorgvuldigheid.</p>
<p>De herziening van de DAC is een goede gelegenheid om financiële mensenrechten in het Europees financieel recht op te nemen. Privacy First verzoekt de Europese Commissie en de andere betrokken Europese autoriteiten om dit te doen in het kader van de herziening van de DAC en heeft daartoe enkele suggesties gedaan. Hieronder onze voornaamste voorstellen:</p>
<ul>
<li>Het algemene kader voor uitwisseling onder CRS en FATCA wordt onderdeel van DAC, met passende waarborgen.</li>
<li>In DAC wordt een expliciet verbod op uitwisseling van financiële persoonsgegevens opgenomen als die uitwisseling tot schending van grondrechten zou leiden.</li>
<li>De uitwisseling met landen buiten de EU wordt strikt gereguleerd, met duidelijke standaarden op het gebied van grondrechten en rechtsbescherming.</li>
<li>Uitwisseling met derde landen vindt alleen plaats als die derde landen grondig zijn geaudit door deskundigen op naleving van het Europees Handvest, de AVG en andere relevante regels.</li>
<li>Personen die een bijzonder risico lopen worden in staat gesteld om uitwisseling met een derde land te laten blokkeren.</li>
<li>Iedere persoon wiens gegevens aan een ander land wordt verstrekt, wordt daarover door de autoriteiten geïnformeerd.</li>
<li>Alleen onder strenge voorwaarden worden bedrijven verplicht om persoonsgegevens aan de autoriteiten te leveren (&#8216;renseignering&#8217; of &#8217;third-party reporting&#8217;), dit ter voorkoming van gegevensbeschermingsrisico&#8217;s.</li>
<li>In DAC wordt een noodrem opgenomen, die het mogelijk maakt om alle uitwisseling met een derde land of renseignering stop te zetten op grond van bijzondere omstandigheden.</li>
</ul>
<p>Wordt vervolgd.</p>
]]></flexible_content2> 
                </item>
</channel>
</rss>