NRC Next, 11 juni 2013: ‘Aantasting van privacy voel je niet. Niet in je maag, niet in je portemonnee.’


Over privacy is niet zo snel publieke ophef. Het begrip is te abstract. Het veel concretere begrip veiligheid wint het in het debat altijd.

Een overheid die al haar burgers bespiedt, elke e-mail kan lezen. Burgers zijn boos. Maar waarover gaat die woede nu precies? Over de oneerlijkheid van Obama? Over de omvang, de allesomvattendheid van het spionageprogramma? Of maakt de burger zich echt druk over zijn eigen privacy?

Ophef over privacy is er niet zo snel, zegt Corien Prins, hoogleraar recht en technologie aan de Universiteit van Tilburg. Daarvoor is het begrip te abstract. Aantasting van privacy voel je niet, niet in je maag, niet in je portemonnee. En iedereen verstaat er wat anders onder. Wat maakt het uit, ik heb niets te verbergen, hoort Prins vaak bij haar lezingen over privacy.

,,Totdat het je zelf raakt.” Ze illustreert dat altijd met een voorbeeld uit Amerika, waar het bij sollicitaties steeds normaler is om de kandidaat als laatste vraag te stellen: mogen we de inlogcode van je Facebookaccount? ,,Pas dan denken mijn luisteraars: dat gaat mij te ver.”

Omdat ‘privacy’ zo abstract is, leidt het al jaren een sluimerend bestaan. Het College Bescherming Persoonsgegevens is in de ogen van velen een tandeloze waakhond die hooguit soms wat blaft. De wetgeving over privacy staat nog altijd in de kinderschoenen, omdat weinig bedrijven, laat staan burgers, behoefte hebben privacyschending aan te kaarten in rechtszaken – die de jurisprudentie weer verder helpen. En ook politiek is het privacydossier zwevend: je kunt er als politicus niet echt mee scoren.

Een beetje Nederlands is die houding wel. In Duitsland, zegt Prins, staan burgers kritischer tegenover staatsbemoeienis, vanwege het verleden. ,,Wetten kunnen daar, anders dan hier, door de rechter worden getoetst aan de grondwet. Een wet die het de overheid toestond bel- en surfgedrag van burgers te verzamelen, is er zo niet doorheen gekomen.” Ook in de Verenigde Staten, dat zich pas relatief kort geleden losmaakte van de Britten, hechten burgers veel belang aan onafhankelijkheid en privacy.
(…)
Zo zijn in de VS wetten in voorbereiding die de gegevensverzameling door sociale netwerken als Facebook en Twitter inperken. En ook in Nederland zijn burgerrechteninitiatieven als Bits of Freedom en PrivacyFirst steeds zichtbaarder in het publieke debat. Vraagstukken rondom onder meer de ov-chipkaart, Google Street View en het Elektronisch PatiĆ«ntendossier kwamen mede door hen prominent op de agenda. (…)”

Bron: NRC Next, 11 juni 2013: ‘En waarom geven wij zo weinig om zijn lek?’