Terugblik op publieksevenement over “slimme” deurbellen
Op 24 maart jl. organiseerde het Slimme Deurbellen Consortium in Amsterdam een openbare bijeenkomst met diverse sprekers. Hieronder volgt een impressie van een enerverende middag.
“We kijken steeds meer met deurbellen naar elkaar, maar kijken we ook nog naar elkaar om?” Met die woorden werd de bijeenkomst “De ‘Slimme’ Deurbel?!” door Marieke Beekers (gemeente Breda) geopend op de vroegere kantoorlocatie van Privacy First: het Volkshotel in Amsterdam. De middag was georganiseerd door het Slimme Deurbellen Consortium, een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Groningen en Breda, Privacy First, VNG, TU Delft en het AMS Institute. De afgelopen 2 jaar hebben zij onderzoek gedaan naar de beleving over de slimme deurbel in het straatbeeld van Nederland. Wat vinden Nederlanders van deze deurbel? Hoe veilig gaan we met de deurbel om? Hoe kun je hierover het gesprek met je buren aangaan? Heeft een gemeente de mogelijkheid tot handhaven als de deurbel teveel de openbare ruimte filmt? Hoe zit het in andere landen met de inzet en betrokkenheid bij slimme deurbellen? En zijn er mogelijkheden om de deurbel dusdanig anders te ontwerpen dat hij alleen nog doet waarvoor hij bedoeld is: laten zien wie er voor je deur staat?
Al deze vragen kwamen deze middag aan de orde. De bijeenkomst begon met een presentatie van het consortium door Fenna Peper (gemeente Amsterdam). Zij vertelde over wat het consortium de afgelopen periode had gedaan en wat de bevindingen waren. Ook toonde ze een alternatieve cameralens die de omgeving minder scherp in beeld brengt, waardoor je privacy beter geborgd is. Ze vertelde ook over een flyercampagne om in gesprek te gaan met je buren. De belangrijkste bevinding was dat veel Nederlanders zich vooralsnog niet echt druk lijken te maken over slimme deurbellen, althans niet zolang het die van henzelf betreft. Onder de bevolking is relatief weinig kennis en betrokkenheid bij het onderwerp; een andere fabrieksinstelling van de deurbellen zou in die zin al veel privacyvoordelen kunnen opleveren. De gehele presentatie van het consortium vindt u HIER (pdf).
Marc Schuilenburg, hoogleraar Digitale Surveillance aan de Erasmus School of Law, stelde dat we met al die luxe surveillance, niet alleen de deurbel maar ook de fitbit, Apple watch of Meta-bril, ons eigen persoonlijke toezicht aan het organiseren zijn. Wat daar de gevolgen van zijn voor ons dagelijks leven krijgt in wetenschappelijk onderzoek te weinig aandacht. Wat hij wel ziet, is dat Nederland de kant op lijkt te gaan van de VS. Daar spelen de tech-bedrijven een steeds grotere rol in surveillance en kunnen ze op afstand al toegang krijgen tot particuliere deurbellen. Dit gebeurde in de VS reeds in relatie tot de immigratiepolitie ICE. Zo zorgt de slimme deurbel ervoor dat we in plaats van iedereen als onschuldige burger te beschouwen, iedereen een potentiële verdachte wordt. Er is steeds meer sprake van ‘informele surveillance’: doordat je alles kunt zien, krijg je juist last van angst en paranoia in plaats van dat je je veiliger voelt. Het zorgt ook voor een versplintering van de politiefunctie, waarbij techbedrijven een steeds grotere rol spelen. Dit raakt niet alleen privacy, maar ook waarden zoals digitale soevereiniteit. Let daarom op met wat je in huis haalt: het is niet zo onschuldig als het lijkt.
Daarna kwam Sander Flight op het podium. Sander is al twintig jaar actief als onderzoeker en adviseur voor de (semi) overheid. Zijn specialisme is cameratoezicht & privacy. Hij gebruikte de metafoor van de grote SUV voor zijn vergelijking met de slimme deurbel. Zo’n auto kan heerlijk zijn voor de eigenaar, lekker hoog, groot en veilig, maar alles behalve dat voor de omgeving. Ze zorgen niet alleen voor veel uitstoot en nemen veel (parkeer)ruimte in, ze veroorzaken ook veel meer (dodelijke) ongelukken vanwege hun bumperhoogte. Hij ziet een parallel met de deurbel: prettig voor de gebruiker, maar de nadelen zijn veel groter. De deurbel wordt slimmer, maar worden wij dat ook? Mensen hebben steeds meer het gevoel dat ze worden gefilmd of afgeluisterd in de publieke ruimte. De deurbel raakt ook aan wat er met sensoren is gebeurd: gemeenten wilden deze in kaart brengen, maar enerzijds bleken de sensoren vaak niet in bezit van de gemeente en ook was er geen handhaving geregeld. Dat leidde ertoe dat er geen tegenkracht kwam.
Renske Heijungs, directeur Toezicht en Onderzoek bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) was de laatste spreker van de middag. De AP is de onafhankelijke Nederlandse toezichthouder op het gebied van privacy en bescherming van persoonsgegevens, waaronder de slimme deurbel. De AP ziet erop toe dat organisaties zorgvuldig omgaan met persoonlijke data, handhaaft de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en kan boetes opleggen bij overtredingen. Daarnaast adviseert de AP over nieuwe wetgeving en informeert burgers en organisaties over privacyrechten. De AP ziet een toename van klachten over de slimme deurbel. De AP gebruikt zelf overigens niet de term “slimme deurbellen”, maar “deurbelcamera’s”. Als deurbellen echt slim waren zouden ze niet filmen of langer bewaren dan wat is toegestaan. Bij vele klachten bij de AP over deurbellen blijken burenruzies de achterliggende oorzaak. Wanneer blijkt dat de indiener van de klacht wordt vermeld, trekken veel klagers hun klacht vervolgens weer in. Elke klacht wordt onderzocht, maar dit vergt veel tijd van de AP. Alleen de AP kan de AVG handhaven, gemeenten kunnen dit niet. Gemeenten kunnen alleen handhaven voorzover de openbare orde in het geding zou zijn. Vaak blijkt dat particulieren teveel vertrouwen op de kennis van wijkagenten en installateurs – terwijl die lang niet altijd over de benodigde kennis beschikken. De AP constateert ook dat de politie een tegenstrijdige boodschap uitdraagt inzake de inzet van de deurbellen en kan zich voorstellen dat dit tot verwarring leidt. Ook de AP ziet een sterke toename van massa-surveillance in het publieke en private domein. Dit is een groot maatschappelijk vraagstuk dat je met veel meer partijen moet aanpakken; ook om burgers meer weerbaar te maken en kennis te vergroten. Renske nodigt het consortium dan ook graag uit om verder te praten hierover. De gehele presentatie van Renske is HIER te bekijken (pdf).
De middag werd afgesloten met een panelgesprek met alle sprekers, Vincent Böhre (Privacy First) en Thijs Turèl (AMS Institute) namens het consortium. Belangrijkste conclusie uit dat gesprek was de oproep van zowel Marc als Sander om, als het gaat om inwoners en privacy, je meer op drones en de Meta-bril te gaan richten. Die kennen immers nog niet zo’n hoge bezettingsgraad in Nederland, terwijl de gevolgen ervan heel groot kunnen worden. De slimme deurbel is in die zin al een ‘verloren strijd’: inwoners die er een hebben hangen, zullen die niet snel wegdoen. Tegelijkertijd benadrukte Vincent het belang van privacy-by-design en Europese alternatieven. Thijs zag ook potentie om met de fabrikanten en importeurs van de deurbellen in gesprek te gaan: andere, meer op privacy gerichte basisinstellingen kunnen al veel voordelen hebben. Daarnaast zal vanuit het consortium de samenwerking worden opgezocht met andere, meer op veiligheid gerichte samenwerkingsverbanden.
Met bevlogenheid en betrokkenheid werd er daarna bij de borrel verder gepraat. Dank aan allen die er waren!
Fotografie: Mina Yee