Rechtbank houdt verbod op Amerikaanse overname van DigiD-leverancier Solvinity in stand
In november 2025 werd bekend dat de Nederlandse DigiD-leverancier Solvinity zou worden overgenomen door het Amerikaanse tech-bedrijf Kyndryl. Onder Amerikaanse wetgeving zou daardoor de Nederlandse vitale infrastructuur achter DigiD (en daarmee gevoelige persoonsgegevens van de gehele Nederlandse bevolking) binnen het bereik van de Amerikaanse overheid komen. Deze overname werd vervolgens terecht verboden door de staatssecretaris van Economische Zaken. In een rechtszaak van Solvinity tegen dit overnameverbod waarin o.a. The Firewall en Privacy First intervenieerden, besloot de rechtbank Rotterdam vandaag dat het overnameverbod vooralsnog in stand dient te blijven.
Reeds in januari 2026 had de nieuwe stichting The Firewall samen met een groep wetenschappers, journalisten, opiniemakers en Privacy First een verzoek ingediend bij het Bureau Toetsing Investeringen (BTI) en de verantwoordelijke minister van Economische Zaken om de overname van Solvinity door Kyndryl te stoppen en als belanghebbende partijen te worden erkend. Een reactie van het Bureau Toetsing Investeringen en de minister bleef in eerste instantie echter uit. Begin maart stelden de advocaten van onze coalitie daarom de minister in gebreke. Ook een reactie daarop bleef uit en daartegen tekende de coalitie vervolgens bestuursrechtelijk beroep aan bij de rechtbank Rotterdam. Onze coalitie wist zich daarbij gesteund door het feit dat de politieke en maatschappelijke weerstand tegen een Amerikaanse overname van Solvinity inmiddels massale vormen had aangenomen in alle geledingen van de Nederlandse samenleving. In mei vond onze eerste rechtszitting bij de rechtbank Rotterdam plaats. Een week later was er een positieve doorbraak: de overname van Solvinity door Kyndryl werd door de staatssecretaris van Economische Zaken verboden. Dit ter bescherming van het publieke belang (privacy en staatsveiligheid).
Vervolgens besloot Solvinity om het overnameverbod bij de rechter aan te vechten. Solvinity had daartoe (samen met het Luxemburgse bedrijf Host Lux) bezwaar ingediend bij de staatssecretaris en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de rechtbank Rotterdam. De rechtszitting in die zaak vond vorige week plaats en was deels openbaar (toegankelijk voor het publiek). Op uitnodiging van de rechtbank hebben stichting Firewall, Privacy First en stichting Human Rights in Finance als derde-belanghebbenden aan deze rechtszitting deelgenomen. Vandaag volgde het kritische vonnis: de rechtbank stelt Solvinity in het ongelijk en laat het overnameverbod vooralsnog in stand. De rechter erkent de wettelijke grondslag voor het verbod en oordeelt onder andere dat “de overname van Solvinity door Kyndryl een bedreiging kan vormen voor het publieke belang”, in lijn met de standpunten van de staatssecretaris, Firewall en Privacy First c.s. De rechter oordeelt hierover als volgt:
“Solvinity heeft diepgaande toegang tot veel en (overwegend zeer) vertrouwelijke overheidsinformatie, waaronder (bijzondere) persoonsgegevens en gevoelige informatie uit de strafrechtketen en van de rechtspraak. Het risico bestaat dat deze informatie aan de moedermaatschappij van Kyndryl Nederland kan worden opgevraagd vanwege de toepasselijkheid van Amerikaanse extraterritoriale wetgeving. De mogelijkheid en bereidheid van Kyndryl om zich daartegen te verzetten heeft de staatssecretaris, mede gelet op het feit dat Kyndryl het bevel kan krijgen van de Amerikaanse overheid om haar informatievorderingen volledig geheim te houden, onvoldoende kunnen achten om het risico weg te nemen. Ook als dat risico in de praktijk wellicht beperkt is, heeft de staatssecretaris zich op het standpunt kunnen stellen dat ook een beperkt risico onaanvaardbaar is vanwege de grote gevolgen die het verwezenlijken van ook een beperkt risico kan hebben voor het publiek belang.” (ro. 47)
Opvallend aan het vonnis is dat de staatssecretaris desondanks wordt veroordeeld in alle proceskosten; dit wegens de eerdere tegenwerking door de staatssecretaris c.q. de landsadvocaat bij de deelname en (gedeeltelijke) kennisname van de processtukken door de drie stichtingen. De rechter noemt deze proceshouding van de staatssecretaris “weinig rechtsstatelijk” (zie ro. 33).
Hoger beroep tegen dit voorlopige vonnis is niet mogelijk. Een parallelle bezwaarprocedure van Solvinity loopt nog; in die procedure willen Firewall, Privacy First en Human Rights in Finance eveneens als derde-belanghebbenden interveniëren.
Het overnameverbod is volgens Privacy First het enige juiste besluit dat de Nederlandse regering had kunnen nemen. Elke andere uitkomst was in onze optiek onverantwoord en onrechtmatig geweest. Privacy First hoopt dat dit besluit een precedent schept om ook kritisch te kijken naar het gebruik van andere diensten van buiten Europa. Dit kan een positieve kentering in de geschiedenis vormen.
Naast stichting Firewall en Privacy First bestond onze coalitie uit initiatiefnemer Eric Smit, Esther van Egerschot, Maxim Februari, Felienne Hermans, Bert Hubert, Joris Luyendijk, Caroline Nevejan, Reijer Passchier, Jelle Postma, Sander Schimmelpenninck, Karin Spaink, Marleen Stikker en Kees Verhoeven. Deze zaak werd (en wordt) gevoerd door Roland Mans (Corten De Geer Advocaten) en Matthijs Kaaks (Boekx Advocaten).
Lees hier het hele vonnis op rechtspraak.nl.
Steunt u ons in deze zaak? Word dan donateur!